← België

ECLI:BE:CASS:2004:ARR.20041207.6

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 07 december 2004 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2

Art.257

,§1 Vrije woorden: DOUANE EN ACCIJNZEN Douane en accijnzenwet Artikel 257, ,§ 1, Douane en accijnzenwet Niet-aanzuivering of wederoverlegging van douane- of accijnsdocumenten Communautair douanevervoer Onttrekking aan de doorvoer in andere lidstaat deze van het kantoor van uitreiking Samenhangende misdrijven Territoriale bevoegdheid Wettelijke bepalingen:

Art.257

,§1 Thesaurus CAS: BEVOEGDHEID EN AANLEG - STRAFZAKEN - Bevoegdheid Vrije woorden: BEVOEGDHEID EN AANLEG - STRAFZAKEN - Bevoegdheid Territoriale bevoegdheid Douane en accijnzenwet Artikel 257, ,§ 1, Douane en accijnzenwet Niet-aanzuivering of wederoverlegging van douane- of accijnsdocumenten Communautair douanevervoer Onttrekking aan de doorvoer in andere lidstaat deze van het kantoor van uitreiking Samenhangende misdrijven Wettelijke bepalingen:

Art.257,§1 Fiches 4 - 5 Artikel 257, ,§ 1, A.W.D.A.

legt de titularis of de cessionaris van een douane- of accijnsdocument, waarvan de aanzuivering of de wederoverlegging ten kantore van uitreiking is voorgeschreven, de wettelijke verplichting op erop toe te zien en ervoor in te staan dat de aanzuivering of de wederoverlegging wordt verricht, zodat het feit zelf van de niet-aanzuivering of de niet-overlegging inhoudt dat de titularis of de cessionaris van het document wetens en willens aan de hem opgelegde wettelijke verplichting is tekort gekomen; hij is alleen dan niet strafbaar, wanneer hij geloofwaardig maakt dat zijn nalaten het gevolg was van overmacht of onoverwinnelijke dwaling

(1).
(1)Zie Cass., 19 nov. 1997, AR P.97.1077.F ECLI:BE:CASS:1997:ARR.19971119.8, nr 490; 29 april 2003, AR P.02.1461.N ECLI:BE:CASS:2003:ARR.20030429.9, nr
  1. Thesaurus CAS: DOUANE EN ACCIJNZEN Vrije woorden: DOUANE EN ACCIJNZEN Douane en accijnzenwet Niet-aanzuivering of wederoverlegging van douane- of accijnsdocumenten Artikel 257, ,§ 1, Douane en accijnzenwet Moreel bestanddeel Thesaurus CAS: MISDRIJF - ALGEMEEN. BEGRIP. MATERIEEL EN MOREEL BESTANDDEEL. EENHEID VAN OPZET Vrije woorden: MISDRIJF - ALGEMEEN. BEGRIP. MATERIEEL EN MOREEL BESTANDDEEL. EENHEID VAN OPZET Moreel bestanddeel Douane en accijnzen Douane en accijnzenwet Niet-aanzuivering of wederoverlegging van douane- of accijnsdocumenten Artikel 257, ,§ 1, Douane en accijnzenwet Tekst van de beslissing Nr. P.04.1154.N
  2. R. R. A., eiser, beklaagde,
  3. GERLACH ZOLLDIENSTE GmbH, met zetel te Schwalbach (Duitsland), Am Kronberger Hang 3, die woonplaats kiest bij gerechtsdeurwaarder Jan De Meuter, reeds vermeld, eiseres, civielrechtelijk aansprakelijke partij, met als raadslieden Mr. Caroline De Baets en Mr. Raf Verstraeten, advocaten bij de balie te Brussel, tegen FEDERALE OVERHEIDSDIENST FINANCIËN, met kabinet te Brussel, Wetstraat 14, op vervolging en vordering van de directeur der douane en accijnzen te Antwerpen, met kantoor te Antwerpen, Kattendijkdok-Oostkaai 22, verweerder, vervolgende partij. I. Bestreden beslissing De cassatieberoepen zijn gericht tegen het arrest, op 23 juni 2004 gewezen door het Hof van Beroep te Antwerpen, correctionele kamer. II. Rechtspleging voor het Hof Raadsheer Luc Huybrechts heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Patrick Duinslaeger heeft geconcludeerd. III. Cassatiemiddelen De eisers stellen in een memorie twee middelen voor. Die memorie is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. IV. Beslissing van het Hof A. Onderzoek van de middelen
  4. Eerste middel Overwegende dat het arrest de medebeklaagden van eiser tot straf veroordeelt wegens feit 1, overtreding van de artikelen 56 tot en met 58, 70/2 en 257 AWDA, "onttrekking aan de doorvoer in België van suiker van oorsprong uit Tsjechië", en feit 3, overtreding van artikel 257, ,§ 3, AWDA, "gebruikmaking van een gestolen communautaire stempel en van valse naamstempels ter aanzuivering van de Tsjechische documenten evenals het opmaken van valse CMR's, een en ander (...) met opzet gebruikt om de Tsjechische en Belgische douaneautoriteiten te misleiden"; dat het arrest eiser tot straf veroordeelt wegens feit 2, overtreding van artikel 257, ,§ 1, AWDA "de niet-zuivering van Tsjechische T1-documenten"; dat het arrest de medebeklaagden en eiser solidair veroordeelt tot betaling van de ontdoken invoerrechten en aanvullende invoerrechten met de nalatigheidsintresten; dat het arrest eiseres civielrechtelijk en hoofdelijk aansprakelijk verklaart voor de ontdoken invoerrechten en aanvullende invoerrechten, met de nalatigheidsintresten ten laste van eiser gelegd; Overwegende dat krachtens artikel 36.1 Verordening EEG nummer 222/77 van de Raad van 13 december 1976, wanneer bij communautair douanevervoer in een bepaalde Lid-Staat een overtreding of onregelmatigheid is begaan, de actie tot invordering van de eventueel opeisbare rechten en andere heffingen, onverminderd eventuele strafvervolging, door deze Lid-Staat wordt ingesteld volgens zijn wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen; Overwegende dat het aan eiser ten laste gelegde misdrijf bepaald in artikel 257, ,§ 1, AWDA, zoals van kracht vóór en na de wijziging bij koninklijk besluit van 20 juli 2000, volgens de tekst zelf, plaatsvindt op het kantoor van uitreiking, te deze Ceske Budejovice in Tsjechië; dat dit evenwel geen afbreuk doet aan de bevoegdheid van de Lid-Staat, hier België, waar de onttrekking aan de doorvoer is gepleegd, om kennis te nemen van alle samenhangende misdrijven met betrekking tot het bepaalde douanevervoer; Overwegende dat op deze grond de beslissing van het arrest naar recht is verantwoord; Dat het middel niet kan worden aangenomen;
  5. Tweede middel Overwegende dat artikel 257, ,§ 1, AWDA strafbaar stelt de titularis of de cessionaris van een douaneof accijnsdocument, waarvan de aanzuivering of de wederoverlegging ten kantore van uitreiking is voorgeschreven, dat niet binnen de gestelde termijn wordt weder overgelegd of gezuiverd of wel aldaar wordt overgelegd zonder de vereiste afschrijving of zonder een gelijkwaardige aantekening; Overwegende dat deze wetsbepaling de titularis of de cessionaris de wettelijke verplichting oplegt erop toe te zien en ervoor in te staan dat de aanzuivering of de wederoverlegging wordt verricht; dat dan ook het feit zelf van de niet-overlegging of de niet-aanzuivering inhoudt dat de titularis of de cessionaris van het document wetens en willens aan de hem door artikel 257, ,§ 1, AWDA opgelegde verplichting is tekort gekomen; dat hij alleen dan niet strafbaar is wanneer hij geloofwaardig maakt dat zijn nalaten het gevolg was van overmacht of onoverwinnelijke dwaling; Dat het middel faalt naar recht; B. Ambtshalve onderzoek van de beslissing op de strafvordering Overwegende dat de substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen in acht zijn genomen en de beslissing overeenkomstig de wet is gewezen; OM DIE REDENEN, HET HOF, Verwerpt het cassatieberoep; Veroordeelt de eisers in de kosten. Gezegde kosten begroot op de som van honderd achtendertig euro drieënzestig cent verschuldigd. Aldus geoordeeld door het Hof van Cassatie, tweede kamer, te Brussel, door raadsheer Ghislain Dhaeyer, waarnemend voorzitter, en de raadsheren Luc Huybrechts, Jean-Pierre Frère, Paul Maffei, Luc Van hoogenbemt, en uitgesproken in openbare terechtzitting van zeven december tweeduizend en vier, door raadsheer Ghislain Dhaeyer, waarnemend voorzitter, in aanwezigheid van advocaat-generaal Patrick Duinslaeger, met bijstand van griffier Frank Adriaensen. PDF document ECLI:BE:CASS:2004:ARR.20041207.6 Gerelateerde publicatie(s) geciteerd door: ECLI:BE:CASS:2015:CONC.20150213.2 precedenten: ECLI:BE:CASS:1997:ARR.19971119.8 ECLI:BE:CASS:2002:ARR.20020219.40 ECLI:BE:CASS:2003:ARR.20030429.8 ECLI:BE:CASS:2003:ARR.20030429.9 zie ook recenter: ECLI:BE:CASS:2005:ARR.20050614.7 ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20080226.5 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.