id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 06 september 2005 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2005:ARR.20050906.7 Rolnummer: P.05.0462.N Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Overige - Strafrecht Invoerdatum: 2005-12-16 Raadplegingen: 566 - laatst gezien 2026-07-04 00:27 Versie(s): Vertaling FR Fiches 1 - 2 Wanneer op het enkel hoger beroep van de beklaagde, de appèlrechters het door het beroepen vonnis voor een bewezen verklaarde telastlegging opgelegde verval van het recht tot sturen van alle motorvoertuigen van de categorie B uitbreiden tot alle categorieën van voertuigen zoals bepaald in artikel 2, ,§1, van het koninklijk besluit van 23 maart 1998, en aldus ten onrechte de toestand van de beklaagde hebben verzwaard, vernietigt het Hof de bestreden beslissing in zoverre deze voor die telastlegging een straf oplegt en verwijst het de zaak naar een vonnisgerecht zitting houdend in hoger beroep
(1).
(1)Cass., 15 maart 2000, AR P.99.1419.F ECLI:BE:CASS:2000:ARR.20000315.15, nr 178; Cass., 21 maart 2000, AR P.98.0605.N ECLI:BE:CASS:2000:ARR.20000321.17, nr
- Thesaurus CAS: CASSATIE - VERNIETIGING. OMVANG - Strafzaken - Strafvordering - Beklaagde en verdachte Vrije woorden: CASSATIE - VERNIETIGING. OMVANG - Strafzaken - Strafvordering - Beklaagde en verdachte Verval van het recht tot sturen Onwettigheid Wettelijke bepalingen: Koninklijk Besluit - 23-03-1998 - Art.2,§1 Thesaurus CAS: STRAF - ANDERE STRAFFEN Vrije woorden: STRAF - ANDERE STRAFFEN Verval van het recht tot sturen Onwettigheid Vernietiging Omvang Wettelijke bepalingen: Koninklijk Besluit - 23-03-1998 - Art.2,§1 Tekst van de beslissing Nr. P.05.0462.N P D F, eiser, beklaagde, met als raadsman Mr. Willem Van Betsbrugge, advocaat bij de balie te Leuven. I. Bestreden beslissing Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis, op 24 februari 2005 in hoger beroep gewezen door de Correctionele Rechtbank te Leuven. II. Rechtspleging voor het Hof Afdelingsvoorzitter Edward Forrier heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Marc Timperman heeft geconcludeerd. III. Cassatiemiddelen Eiser stelt in een memorie twee middelen voor. Die memorie is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. IV. Beslissing van het Hof A. Onderzoek van de middelen
- Eerste middel 1.
- Eerste grief Overwegende dat de grief niet preciseert welke onwettigheid het bestreden vonnis bevat; Dat de grief wegens onnauwkeurigheid niet ontvankelijk is; 1.
- Tweede grief Overwegende dat het beroepen vonnis eiser voor de bewezen verklaarde telastlegging B (vluchtmisdrijf) vervallen verklaart van het recht alle motorvoertuigen van de categorie B te besturen voor een termijn van 45 dagen; Overwegende dat het openbaar ministerie tegen dit vonnis geen hoger beroep heeft ingesteld; Overwegende dat op het enkel hoger beroep van eiser, het beroepen vonnis het opgelegde verval van het recht tot sturen uitbreidt tot alle categorieën van voertuigen zoals bepaald in artikel 2, ,§ 1, van het koninklijk besluit van 23 maart 1998; Dat de appèlrechters aldus onterecht de toestand van eiser hebben verzwaard; Dat de grief gegrond is;
- Tweede middel Overwegende dat het tweede middel dat niet tot ruimere cassatie kan leiden, geen antwoord behoeft; B. Ambtshalve onderzoek van het overige van de beslissingen op de strafvordering Overwegende dat de substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen in acht zijn genomen en de beslissing overeenkomstig de wet is gewezen; OM DIE REDENEN, HET HOF, Vernietigt het bestreden vonnis in zoverre dit uitspraak doet over de aan eiser op te leggen straf voor de telastlegging B; Verwerpt het cassatieberoep voor het overige; Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het gedeeltelijk vernietigde vonnis; Veroordeelt eiser in negen tiende van de kosten en laat het overige tiende ten laste van de Staat; Verwijst de aldus beperkte zaak naar de Correctionele Rechtbank te Brussel, zitting houdend in hoger beroep. Gezegde kosten begroot op de som van eenennegentig euro achttien cent verschuldigd. Aldus geoordeeld door het Hof van Cassatie, tweede kamer, te Brussel, door Edward Forrier, afdelingsvoorzitter, en de raadsheren Ghislain Dhaeyer, Etienne Goethals, Paul Maffei, Luc Van hoogenbemt, en uitgesproken in openbare terechtzitting van zes september tweeduizend en vijf, door Edward Forrier, afdelingsvoorzitter, in aanwezigheid van advocaat-generaal Marc Timperman, met bijstand van griffier Frank Adriaensen. PDF document ECLI:BE:CASS:2005:ARR.20050906.7 Gerelateerde publicatie(s) geciteerd door: ECLI:BE:CASS:2011:CONC.20110301.2 precedenten: ECLI:BE:CASS:2000:ARR.20000315.15 ECLI:BE:CASS:2000:ARR.20000321.17 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div