← België

ECLI:BE:CASS:2005:ARR.20050913.40

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 13 september 2005 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2005:ARR.20050913.40 Rolnummer: P.05.0522.N Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2006-02-10 Raadplegingen: 591 - laatst gezien 2026-07-04 09:36 Versie(s): Vertaling FR Fiche 1 Uit artikel 99, ,§ 1, eerste lid, 4°, Stedenbouwdecreet 1999 dat bepaalt dat niemand zonder voorafgaande stedenbouwkundige vergunning het reliëf van de bodem aanmerkelijk mag wijzigen en artikel 99, ,§ 1, vijfde lid, dat bepaalt dat als aanmerkelijke reliëfwijziging onder meer beschouwd wordt elke aanvulling, ophoging, uitgraving of uitdieping die de aard of de functie van het terrein wijzigt, volgt dat niet de omvang van de hoogte- of dieptewijziging op zich, maar wel de invloed van deze wijziging op de bestemming, het feitelijk gebruik of het uitzicht van het terrein voor de vereiste van een voorafgaande vergunning determinerend is

(1).
(1)Memorie van Toelichting, Parl. St., Vl. Parl., 1998-1999, nr 1332/1, 53-54; BOUCKAERT B. en DE WAELE T., Ruimtelijke ordening en Stedenbouw in het Vlaamse Gewest, (C.D.P.K., nr 6), nr 127; HUBEAU B. en VANDEVYVERE W., (ed), Handboek ruimtelijke ordening en stedenbouw, Die Keure, 2004, p. 533, nr 27. Thesaurus CAS: STEDENBOUW - ALLERLEI Vrije woorden: STEDENBOUW - ALLERLEI Artikel 99, ,§ 1, Stedenbouwdecreet 1999, zoals gewijzigd bij decreet van 4 juni 2003 Aanmerkelijke reliëfwijziging van de bodem Begrip Criterium Fiche 2 De bepaling van artikel 149, ,§ 1, Stedenbouwdecreet 1999, volgens welke de rechtbank naast de straf, op vordering van de stedenbouwkundig inspecteur of van het college van burgemeester en schepenen, kan bevelen de plaats in de oorspronkelijke toestand te herstellen of het strijdige gebruik te staken en/of bouw- of aanpassingswerken uit te voeren en/of een geldsom te betalen gelijk aan de meerwaarde die het goed door het misdrijf heeft verkregen, moet zo worden verstaan dat de rechter verplicht is het herstel te bevelen, zodra dit noodzakelijk is om de gevolgen van de overtreding te doen verdwijnen; hieruit volgt dat herstellen in de vorige staat niet betekent dat de plaats moet hersteld worden in een materiële toestand die identiek is aan de toestand die vóór de bouwovertreding bestond, maar dat het herstellen van de plaats in de vorige toestand ook kan inhouden dat grondwerken en aanplantingen moeten worden verricht om het terrein in overeenstemming te brengen met zijn bestemming of omgeving, ook al stelt de rechter niet vast dat vóór de bouwovertreding daarop een identieke begroeiing bestond
(1).
(1)Zie Cass., 4 april, 2000, AR P.98.0697.N ECLI:BE:CASS:2000:ARR.20000404.23, nr 221; 5 juni 2001, AR P.99.1455.N ECLI:BE:CASS:2001:ARR.20010605.4, nr 331; 13 sept. 2005, AR P.05.0479.N ECLI:BE:CASS:2005:ARR.20050913.39, nr ... Thesaurus CAS: STEDENBOUW - HERSTEL VAN PLAATS IN DE VORIGE STAAT. BETALING VAN EEN MEERWAARDE Vrije woorden: STEDENBOUW - HERSTEL VAN PLAATS IN DE VORIGE STAAT. BETALING VAN EEN MEERWAARDE Bevel om de plaats in de vorige staat te herstellen Vorige staat Tekst van de beslissing Nr. P.05.0522.N V. L. S. E. G., eiser, beklaagde, vertegenwoordigd door Mr. Johan Verbist, advocaat bij het Hof van Cassatie. I. Bestreden beslissing Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest, op 9 maart 2005 gewezen door het Hof van Beroep te Antwerpen, correctionele kamer. II. Rechtspleging voor het Hof Raadsheer Etienne Goethals heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Patrick Duinslaeger heeft geconcludeerd. III. Cassatiemiddelen Eiser stelt in een memorie twee middelen voor. Die memorie is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. IV. Beslissing van het Hof A. Onderzoek van de middelen
  1. Eerste middel Overwegende dat artikel 99, ,§ 1, eerste lid, 4°, Stedenbouwdecreet 1999 bepaalt dat niemand zonder voorafgaande stedenbouwkundige vergunning het reliëf van de bodem aanmerkelijk mag wijzigen; dat overeenkomstig het vijfde lid, als aanmerkelijke reliëfwijziging zoals bedoeld in het eerste lid, 4°, onder meer wordt beschouwd elke aanvulling, ophoging, uitgraving of uitdieping die de aard of de functie van het terrein wijzigt; Overwegende dat uit deze bepaling volgt dat niet de omvang van hoogte- of dieptewijziging, maar wel de invloed van deze wijziging op de bestemming, het feitelijk gebruik of het uitzicht van het terrein voor de vereiste van een voorafgaande vergunning determinerend is; Overwegende dat de appèlrechters oordelen "dat in een bosgebied in de regel geen plaats is voor een met steen verharde parkeerplaats met dergelijke omvang en nooduitweg/brandweg zodat de aldaar door (eiser) aldus aangelegde parking wel degelijk als een aanmerkelijke reliëfwijziging dient aangezien (te worden) in de zin van artikel 99 ,§ 1 4° van het Decreet van 18 mei 1999, los van de bewering als zou het slechts om enkele centimeters gaan, nu het aanmerkelijke karakter van dergelijke reliëfwijziging geen kwantitatief criterium uitmaakt doch dient beoordeeld (te worden) in het licht van de aard en functie van het terrein waarmee de bestemming, het feitelijk gebruik en het uitzicht ervan bedoeld worden"; Dat zij met die motivering hun beslissing naar recht verantwoorden; Dat het middel niet kan worden aangenomen;
  2. Tweede middel Overwegende dat volgens artikel 149, ,§ 1, Stedenbouwdecreet 1999, de rechtbank naast de straf, op vordering van de stedenbouwkundig inspecteur of van het college van burgemeester en schepenen, kan bevelen de plaats in de oorspronkelijke toestand te herstellen of het strijdige gebruik te staken en/of bouw- of aanpassingswerken uit te voeren en/of een geldsom te betalen gelijk aan de meerwaarde die het goed door het misdrijf heeft verkregen; dat die bepaling zo moet worden verstaan dat de rechter verplicht is het herstel te bevelen, zodra dit noodzakelijk is om de gevolgen van de overtreding te doen verdwijnen; Dat hieruit volgt dat herstellen in de vorige staat niet betekent dat de plaats moet hersteld worden in een materiële toestand die identiek is aan de toestand die vóór de bouwovertreding bestond; dat het herstellen van de plaats in de vorige toestand ook kan inhouden dat grondwerken en aanplantingen moeten worden verricht om het terrein in overeenstemming te brengen met zijn bestemming of zijn omgeving, ook al stelt de rechter niet vast dat vóór de bouwovertreding daarop een identieke begroeiing bestond; Dat het middel faalt naar recht; B. Ambtshalve onderzoek van de beslissing op de strafvor-dering Overwegende dat de substantiële of op straffe van nietigheid voorge-schreven rechtsvormen in acht zijn genomen en de beslissing overeenkomstig de wet is gewezen; OM DIE REDENEN, HET HOF, Verwerpt het cassatieberoep; Veroordeelt eiser tot de kosten. Gezegde kosten begroot op de som van tweeëntachtig euro twintig cent verschuldigd. Aldus geoordeeld door het Hof van Cassatie, tweede kamer, te Brussel, door Edward Forrier, afdelingsvoorzitter, en de raadsheren Ghislain Dhaeyer, Etienne Goethals, Paul Maffei, Luc Van hoogenbemt, en uitgesproken in openbare terechtzitting van dertien september tweeduizend en vijf, door afdelingsvoorzitter Edward Forrier, in aanwezigheid van advocaat-generaal Patrick Duinslaeger, met bijstand van afgevaardigd griffier Véronique Kosynsky. PDF document ECLI:BE:CASS:2005:ARR.20050913.40 Gerelateerde publicatie(s) geciteerd door: ECLI:BE:CASS:2016:ARR.20161121.2 precedenten: ECLI:BE:CASS:2000:ARR.20000404.23 ECLI:BE:CASS:2001:ARR.20010605.4 zie ook recenter: ECLI:BE:CASS:2005:ARR.20050913.39 ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20090908.3 ECLI:BE:CASS:2022:ARR.20221004.2N.5 ECLI:BE:CASS:2024:ARR.20240917.2N.7 ECLI:BE:CASS:2026:ARR.20260113.2N.17 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.