id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 13 oktober 2005 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2005:ARR.20051013.33 Rolnummer: F.03.0066.N Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Belastingrecht - Bestuursrecht Invoerdatum: 2006-09-20 Raadplegingen: 174 - laatst gezien 2026-07-03 11:04 Versie(s): Vertaling FR Fiches 1 - 3 Het bewijs van het volume en de samenstelling van de vuilvracht van het geloosde afvalwater kan voor de toepassing van de in artikel 35quinquies, ,§ 1, van de Wet Verontreiniging Oppervlaktewateren aangegeven berekeningsmethode enkel geleverd worden door de wettelijk voorgeschreven meet- en bemonsteringsresultaten verkregen via de wettelijk voorgeschreven procedure van monsterneming in het jaar voorafgaand aan het heffingsjaar, en niet door middel van vermoedens afgeleid uit meet- en bemonsteringsresultaten verkregen in een ander jaar dan het jaar voorafgaand aan het heffingsjaar. Thesaurus CAS: BELASTING Vrije woorden: BELASTING Gemeenschaps- en Gewestbelastingen Vlaams Gewest Heffing op de lozing van afvalwater Vuilvracht Berekeningsmethode Wettelijke bepalingen: Wet - 26-03-1971 - Artt.35ter,Artt.35ter,§1,3 Thesaurus CAS: GEMEENSCHAPS- EN GEWESTBELASTINGEN Vrije woorden: GEMEENSCHAPS- EN GEWESTBELASTINGEN Vlaams Gewest Heffing op de lozing van afvalwater Vuilvracht Berekeningsmethode Wettelijke bepalingen: Wet - 26-03-1971 - Artt.35ter,§1,3 Thesaurus CAS: WATERS Vrije woorden: WATERS Vlaams Gewest Heffing op de lozing van afvalwater Vuilvracht Berekeningsmethode Wettelijke bepalingen: Wet - 26-03-1971 - Artt.35ter,§1,3 Tekst van de beslissing Nr. F.03.0066.N VLEESVERWERKINGSBEDRIJF VAN MAELE, naamloze vennootschap, met zetel te 8600 Diksmuide, Schoorbakkestraat 67, bus 2, ingeschreven in het handelsregister te Veurne, nummer 101.357, eiseres, vertegenwoordigd door Mr. Bruno Van Dorpe, advocaat bij de balie te Kortrijk, kantoor houdende te 8500 Kortrijk, Loofstraat 39, tegen VLAAMSE MILIEUMAATSCHAPPIJ, publiekrechtelijke vereniging met rechtspersoonlijkheid, met zetel te 9320 Erembodegem, Alfons Van De Maelestraat 96, verweerster, vertegenwoordigd door Mr. Huguette Geinger, advocaat bij het Hof van Cassatie, kantoor houdende te 1000 Brussel, Quatre Brasstraat 6, alwaar keuze van woonplaats wordt gedaan. I. Bestreden beslissing Het cassatieberoep is gericht tegen een arrest, op 23 september 2003 gewezen door het Hof van Beroep te Gent. II. Rechtspleging voor het Hof Raadsheer Ghislain Londers heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Dirk Thijs heeft geconcludeerd. III. Middel Eiseres voert in haar verzoekschrift een middel aan. Het verzoekschrift is aan dit arrest gehecht en maakt er deel van uit. IV. Beslissing van het Hof Overwegende dat, krachtens artikel 35ter, ,§1, van de wet van 26 maart 1971 op de bescherming van de oppervlaktewateren tegen verontreiniging, hierna genoemd Oppervlaktewaterenwet, het bedrag van de heffing op de waterverontreiniging als volgt wordt vastgesteld : H=N x T waarin : H= het bedrag van de verschuldigde heffing voor waterverontreiniging ; N= de vuilvracht uitgedrukt in vervuilingseenheden berekend volgens één van de in afdelingen 3, 4, 5 en 6 van de wet bepaalde berekeningsmethoden, veroorzaakt in het jaar voorafgaand aan het heffingsjaar ; T= het in ,§2 van de in dit artikel vermelde bedrag van het eenheidstarief van de heffing ; Dat, overeenkomstig het te dezen toepasselijke artikel 35quinquies, Oppervlaktewaterenwet, de vuilvracht N op basis van meet- en bemonsteringsresultaten berekend wordt als volgt N= (k1 x N1) + (k2 x N2) + (k3 x N3) + Nk ; Dat N1 berekend wordt volgens de formule : N1 = Qd/180 x (a + 0,35 x Zs/500 + 0,45 (2 x BZV + CVZ)/1350 x (0,40 + 0,60 x d), waarin N1 de vuilvracht is veroorzaakt door de lozing van zuurstofbindende stoffen en de zwevende stoffen uitgedrukt in vervuilingseenheden, en waarin Qd het volume is uitgedrukt in liter, van het afvalwater geloosd in een etmaal tijdens de maand van grootste bedrijvigheid van het jaar voorafgaand aan het heffingsjaar ; Dat met betrekking tot component N1, artikel 35quinquies, ,§1, tweede lid, Oppervlaktewaterenwet, bepaalt dat indien er in het jaar voorafgaand aan het beschouwde heffingsjaar gedurende verschillende etmalen metingen zijn gebeurd van het dagdebiet en de samenstelling van het geloosd afvalwater, dan als N1 het rekenkundig gemiddelde van de op dagbasis berekende N1-componenten wordt genomen ; Dat, krachtens artikel 35quinquies, ,§2, Oppervlaktewaterenwet, de bemonstering en de analyses van de in ,§1 bedoelde parameters moeten worden uitgevoerd door een door de regering erkend laboratorium, zoals bepaald in het besluit van 6 februari 1991 houdende vaststelling van het Vlaams reglement betreffende de milieuvergunning ; Dat, krachtens artikel 35quinquies, ,§3, Oppervlaktewaterenwet, de regering de nadere regels kan vaststellen aangaande de wijze waarop de gegevens met betrekking tot het geloosde afvalwater kunnen worden bepaald voor de toepassing van de in ,§1 aangegeven berekeningsmethode ; Dat die regels werden vastgesteld in het besluit van de Vlaamse Executieve van 16 februari 1993 ; Overwegende dat, krachtens het te dezen toepasselijke artikel 35septies, eerste lid, Oppervlaktewaterenwet, voor zover de gegevens met betrekking tot het geloosde afvalwater die nodig zijn voor de toepassing van de in artikel 35quinquies, ,§1, aangegeven berekeningsmethode voor het heffingsjaar niet of onvolledig voorhanden zijn, de vuilvracht wordt berekend op basis van omzettingscoëfficiënten, waarbij meer bepaald de vuilvracht voor één of meer van de termen N1, N2 en N3 wordt berekend volgens de formule N= (k1 x N1) + (k2 x N2) + (k3 x N3) + Nk ; Overwegende dat uit het geheel van voormelde wettelijke bepalingen volgt dat, anders dan het middel aanvoert, het bewijs van het volume en de samenstelling van de vuilvracht van het geloosde afvalwater, voor de toepassing van de in artikel 35quinquies, ,§1, Oppervlaktewaterenwet, aangegeven berekeningsmethode enkel kan geleverd worden door de wettelijk voorgeschreven meet- en bemonsteringsresultaten verkregen via de wettelijk voorgeschreven procedure van monsterneming en dus niet door middel van vermoedens afgeleid uit meet- en bemonsteringsresultaten verkregen en in een ander jaar dan het jaar voorafgaand aan het heffingsjaar ; Dat het middel faalt naar recht ; OM DIE REDENEN, HET HOF, Verwerpt het cassatieberoep ; Veroordeelt eiseres in de kosten. De kosten begroot op de som van honderd achttien euro eenendertig cent jegens de eisende partij. Aldus geoordeeld door het Hof van Cassatie, eerste kamer, te Brussel, door voorzitter Ivan Verougstraete, afdelingsvoorzitter Edward Forrier, de raadsheren Luc Huybrechts, Ghislain Londers en Paul Maffei, en in openbare terechtzitting van dertien oktober tweeduizend en vijf uitgesproken door voorzitter Ivan Verougstraete, in aanwezigheid van advocaat-generaal Dirk Thijs, met bijstand van griffier Philippe Van Geem. PDF document ECLI:BE:CASS:2005:ARR.20051013.33 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.