← België

ECLI:BE:CASS:2005:ARR.20051108.22

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 08 november 2005 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2005:ARR.20051108.22 Rolnummer: P.05.1126.N Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Strafrecht Invoerdatum: 2006-09-20 Raadplegingen: 166 - laatst gezien 2026-07-03 10:44 Versie(s): Vertaling FR Fiche Artikel 42, Wegverkeerswet verleent de rechter niet de macht, wanneer hij een tijdelijke vervallenverklaring tot het besturen van een motorvoertuig wegens lichamelijke ongeschiktheid uitspreekt, na het verstrijken van de termijn van die tijdelijke vervallenverklaring alsnog te oordelen over de lichamelijke (on)geschiktheid van de schuldige

(1).
(1)Zie Cass., 12 juni 1979, AR 5473, A.C. 1978-79, 1213. Thesaurus CAS: WEGVERKEER - WEGVERKEERSWET - WETSBEPALINGEN - Artikel 42 Vrije woorden: WEGVERKEER - WEGVERKEERSWET - WETSBEPALINGEN - Artikel 42 Tijdelijk verval van het recht tot sturen wegens lichamelijke ongeschiktheid Bevoegdheid van de rechter na het verstrijken van de termijn van vervallenverklaring Tekst van de beslissing Nr. P.05.1126.N PROCUREUR DES KONINGS BIJ DE RECHTBANK VAN EERSTE AANLEG TE IEPER, eiser, vervolgende partij, tegen P. C. G., verweerster, beklaagde. I. Bestreden beslissing Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis, op 26 mei 2005 in hoger beroep gewezen door de Correctionele Rechtbank te Ieper. II. Rechtspleging voor het Hof Raadsheer Luc Van hoogenbemt heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Patrick Duinslaeger heeft geconcludeerd. III. Cassatiemiddelen Eiser stelt in een verzoekschrift een middel voor. Dit verzoekschrift is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. IV. Beslissing van het Hof A. Onderzoek van het middel Overwegende dat artikel 42 Wegverkeerswet bepaalt: "Verval van het recht tot sturen moet uitgesproken worden wanneer, naar aanleiding van een veroordeling wegens een overtreding van de politie over het wegverkeer of wegens een verkeersongeval te wijten aan het persoonlijk toedoen van de dader, de schuldige lichamelijk ongeschikt wordt bevonden tot het besturen van een motorvoertuig; in dat geval wordt het verval uitgesproken, hetzij voorgoed, hetzij voor een termijn gelijk aan de waarschijnlijke duur van de ongeschiktheid al naar gelang deze blijvend of voorlopig blijkt te zijn"; Overwegende dat deze wetsbepaling de rechter niet de macht verleent, wanneer hij een tijdelijke vervallenverklaring uitspreekt, na het verstrijken van de termijn van die tijdelijke vervallenverklaring alsnog te oordelen over de lichamelijke geschiktheid van de schuldige; Overwegende dat het bestreden vonnis beslist dat verweerster tijdelijk ongeschikt is tot het besturen van alle motorvoertuigen met ingang van 17 mei 2004 en geschikt is tot het besturen van alle motorvoertuigen met ingang van 16 mei 2006, wat een vervallenverklaring van twee jaar betekent, zich de macht toeëigent te beslissen over de geschiktheid van verweerster om motorvoertuigen te besturen met ingang van 16 mei 2006 en de alsnog te nemen beslissing afhankelijk maakt van het deskundigenonderzoek dat het beveelt; Dat het aldus artikel 42 Wegverkeerswet schendt; B. Ambtshalve onderzoek van de beslissing op de strafvordering Overwegende dat, voor het overige, de substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen in acht zijn genomen en de beslissing overeenkomstig de wet is gewezen; OM DIE REDENEN, HET HOF, Vernietigt het bestreden vonnis in zoverre het uitspraak doet over de vervallenverklaring op grond van artikel 42 Wegverkeerswet; Verwerpt het cassatieberoep voor het overige; Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het gedeeltelijk vernietigde vonnis; Laat de kosten ten laste van de Staat; Verwijst de aldus beperkte zaak naar de Correctionele Rechtbank te Veurne, zitting houdend hoger beroep. Gezegde kosten begroot op de som van zevenennegentig euro vierenzeventig cent verschuldigd. Aldus geoordeeld door het Hof van Cassatie, tweede kamer, te Brussel, door Edward Forrier, afdelingsvoorzitter, en de raadsheren Luc Huybrechts, Jean-Pierre Frère, Paul Maffei, Luc Van hoogenbemt, en uitgesproken in openbare terechtzitting van acht november tweeduizend en vijf, door afdelingsvoorzitter Edward Forrier, in aanwezigheid van advocaat-generaal Patrick Duinslaeger, met bijstand van afgevaardigd griffier Véronique Kosynsky. PDF document ECLI:BE:CASS:2005:ARR.20051108.22 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.