← België

ECLI:BE:CASS:2005:ARR.20051110.9

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 10 november 2005 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2005:ARR.20051110.9 Rolnummer: C.05.0493.N Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Overige Invoerdatum: 2006-09-20 Raadplegingen: 159 - laatst gezien 2026-07-03 10:39 Versie(s): Vertaling FR Fiche Wanneer de voorzitter van de rechtbank van eerste aanleg verzoekt een zaak waarbij hij zelf partij is wegens gewettigde verdenking te onttrekken aan die rechtbank, dient hij voor het stellen van de verklaring als bedoeld in art. 656, vierde lid, 1°, b) Ger.W. te worden vervangen

(1).
(1)Zie J.V. noot bij Cass., 13 okt. 1975, A.C. 1976, 181. Thesaurus CAS: VERWIJZING VAN EEN RECHTBANK NAAR EEN ANDERE - BURGERLIJKE ZAKEN Vrije woorden: VERWIJZING VAN EEN RECHTBANK NAAR EEN ANDERE - BURGERLIJKE ZAKEN Verzoekschrift tot onttrekking Gewettigde verdenking Zaak waarbij de voorzitter van de rechtbank partij is Verklaring op de uitgifte van het arrest Verhindering Algemeen rechtsbeginsel dat niemand in dezelfde zaak rechter en partij mag zijn Tekst van de beslissing Nr. C.05.0493.N S.G., vertegenwoordigd door Mr. Jacques Tremmery, advocaat, kantoor houdende te 8930 Menen, Ieperstraat 116, verzoeker tot onttrekking van de zaak aan de rechter, in de zaak S.G., vertegenwoordigd door Mr. Jacques Tremmery, advocaat, kantoor houdende te 8930 Menen, Ieperstraat 116, eiser, tegen D.N., verweerster. I. Rechtspleging voor het Hof Verzoeker heeft op 2 november 2005 een verzoekschrift tot onttrekking van de zaak nr. 05/335/A aan de Rechtbank van Eerste Aanleg te Ieper neergelegd wegens gewettigde verdenking. Voorzitter Ivan Verougstraete heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Guido Bresseleers heeft geconcludeerd. II. Beslissing van het Hof Het verzoek is niet kennelijk onontvankelijk. OM DIE REDENEN, HET HOF, Beveelt dat van het arrest, het verzoekschrift en de bijgevoegde stukken mededeling wordt gedaan aan de Voorzitter van de Rechtbank van Eerste Aanleg te Ieper, teneinde ten laatste op 1 december 2005, met toepassing van artikel 319 van het Gerechtelijk Wetboek, en na overleg met de leden van de rechtbank van eerste aanleg die met naam worden vermeld en deze verklaring mede ondertekenen, de verklaring bedoeld bij artikel 656, vierde lid, van het Gerechtelijk Wetboek, onderaan op de uitgifte van het arrest te stellen ; Beveelt dat van het arrest, het verzoekschrift en de bijgevoegde stukken mededeling wordt gemaakt aan N.D. ; zegt dat deze ten laatste op 8 december 2005 haar conclusie zal neerleggen ter griffie van het Hof van Cassatie ; Houdt de kosten aan. Stelt de zaak vast op de terechtzitting van 15 december 2005 waarop voorzitter Ivan Verougstraete verslag zal uitbrengen. Aldus geoordeeld door het Hof van Cassatie, eerste kamer, te Brussel, door voorzitter Ivan Verougstraete, afdelingsvoorzitter Ernest Waûters, de raadsheren Ghislain Londers, Eric Dirix en Albert Fettweis, en in openbare terechtzitting van tien november tweeduizend en vijf uitgesproken door voorzitter Ivan Verougstraete, in aanwezigheid van advocaat-generaal Guido Bresseleers, met bijstand van griffier Philippe Van Geem. PDF document ECLI:BE:CASS:2005:ARR.20051110.9 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.