id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 09 december 2005 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2005:ARR.20051209.9 Rolnummer: C.05.0516.N Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Overige - Strafrecht Invoerdatum: 2006-04-05 Raadplegingen: 621 - laatst gezien 2026-07-04 12:36 Versie(s): Vertaling FR Fiches 1 - 2 In burgerlijke zaken behoort het tot de opdracht en de bevoegdheid van het Hof, buiten het geval bedoeld in artikel 1113 van het Gerechtelijk Wetboek, op de niet betekende vordering van zijn procureur-generaal, een arrest waarbij het Hof de zaak naar een bepaalde rechtbank verwijst in te trekken indien de beslissing berust op een vergissing
(1).
(1)Zie Cass., 7 juni 1988, AR 2501, nr 611 (op vordering van de procureur-generaal trekt het Hof in strafzaken een arrest in dat berust op een materiële vergissing); zie Cass., 24 jan. 1991, AR 8944 en 9164, nr 277 (het Hof werd door een partij verzocht om in tuchtzaken een arrest in te trekken); zie Cass., 21 juni 2001, AR C.01.0161.N ECLI:BE:CASS:2001:ARR.20010621.23, nr 392, met concl. adv.-gen. DUBRULLE (de verzoekschriften van een partij om in burgerlijke zaken een arrest in te trekken dan wel te verbeteren werden op grond van niet-betekening als niet ontvankelijk afgewezen); Cass., 16 juni 2003, AR S.03.0031.F ECLI:BE:CASS:2003:ARR.20030616.6, nr 355 (op de niet-betekende vordering van de procureur-generaal verbetert het Hof in burgerlijke zaken een verschrijving in het zittingsblad). Thesaurus CAS: CASSATIE - ALGEMEEN. OPDRACHT EN BESTAANSREDEN VAN HET HOF. AARD VAN HET CASSATIEGEDING Vrije woorden: CASSATIE - ALGEMEEN. OPDRACHT EN BESTAANSREDEN VAN HET HOF. AARD VAN HET CASSATIEGEDING Opdracht Vernietiging Verwijzing Vergissing Vordering van de procureur-generaal Wettelijke bepalingen: Wet - 10-10-1967 - Art.1113 Thesaurus CAS: OPENBAAR MINISTERIE Vrije woorden: OPENBAAR MINISTERIE Burgerlijke zaken Hof van Cassatie Opdracht Vernietiging Verwijzing Vergissing Vordering van de procureur-generaal Wettelijke bepalingen: Wet - 10-10-1967 - Art.1113 Tekst van de beslissing Nr. C.05.0516.N PROCUREUR-GENERAAL BIJ HET HOF VAN CASSATIE, verzoeker tot verbetering van arrest, in de zaak VANDENAVENNE OOIGEM, naamloze vennootschap, met zetel te 8710 Wielsbeke, Oostrozebeeksestraat 160, eiseres, vertegenwoordigd door Mr. Johan Verbist, advocaat bij het Hof van Cassatie, kantoor houdende te 1000 Brussel, Brederodestraat 13, alwaar keuze van woonplaats wordt gedaan, tegen H.Y., verweerder. I. Rechtspleging voor het Hof De procureur-generaal heeft op 16 november 2005 een verzoekschrift neergelegd ter griffie van het Hof van Cassatie waarbij gevraagd wordt het arrest van het Hof van 22 september 2005, in de zaak C.03.0427.N ECLI:BE:CASS:2005:ARR.20050922.6, te verbeteren. Dit verzoekschrift luidt als volgt : "Ondergetekende procureur-generaal heeft de eer U hierbij kenbaar te maken dat het Hof, voltallige kamer, bij arrest nr. C.03.0427.N ECLI:BE:CASS:2005:ARR.20050922.6 van 22 september 2005, uitspraak heeft gedaan op de voorziening van Vandenavenne Ooigem naamloze vennootschap tegen het vonnis op 27 november 2002 in hoger beroep gewezen door de Rechtbank van Eerste Aanleg te Oudenaarde, in de zaak van H.Y. tegen Vandenavenne Ooigem naamloze vennootschap. Dat het arrest van Uw hof in het beschikkend gedeelte, per vergissing stelt "verwijst de zaak naar de Rechtbank van Koophandel te Gent" terwijl uit de context van de ontwikkelde redenering blijkt dat bedoeld wordt "verwijst de zaak naar de Rechtbank van Koophandel te Oudenaarde". Dat Uw hof immers, met wijziging van zijn voorgaande rechtspraak, expliciet toepassing heeft gemaakt van artikel 660, eerste lid, van het Gerechtelijk Wetboek. Dat onderliggende ratio impliceert dat de zaak behandeld wordt door de Rechtbank van Koophandel te Oudenaarde, in welk rechtsgebied verweerder in cassatie bovendien woonachtig is. Dat er aanleiding toe bestaat die verschrijving te verbeteren. OM DIE REDENEN, Verzoekt ondergetekende procureur-generaal dat het aan het Hof moge behagen de tekst van het arrest nr. C.03.0427.N ECLI:BE:CASS:2005:ARR.20050922.6 van 22 september 2005 te verbeteren en te zeggen dat in het beschikkend gedeelte, pagina 8, alinea 4, 1é regel het woord "Gent" dient vervangen te worden door het woord "Oudenaarde". Te bevelen dat van het tussen te komen arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het arrest van 22 september 2005". Voorzitter Ivan Verougstraete heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Marc Timperman heeft geconcludeerd. II. Beslissing van het Hof Overwegende dat het behoort tot de opdracht en bevoegdheid van het Hof buiten het geval bedoeld in artikel 1113 van het Gerechtelijk Wetboek, een arrest waarbij het Hof van Cassatie de zaak verwijst naar een bepaalde rechtbank, in te trekken, indien de beslissing berust op een vergissing ; Overwegende dat het arrest van 22 september 2005 het bestreden vonnis vernietigt dat in hoger beroep op 27 november 2002 door de Rechtbank van Eerste Aanleg te Oudenaarde is gewezen ; Dat het arrest de zaak verwijst naar de Rechtbank van Koophandel te Gent zitting houdende in hoger beroep ; Dat, om de redenen uiteengezet in het verzoekschrift, die verwijzing het gevolg is van een vergissing ; OM DIE REDENEN, HET HOF, Trekt het arrest in in zoverre het de zaak naar de Rechtbank van Koophandel te Gent verwijst ; Verwijst de zaak naar de Rechtbank van Koophandel te Oudenaarde, zitting houdende in hoger beroep ; Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het arrest van het Hof van 22 september 2005 (in de zaak C.03.0427.N ECLI:BE:CASS:2005:ARR.20050922.6) en op de kant van het vonnis van 27 november 2002 van de Rechtbank van Eerste Aanleg te Oudenaarde, zitting houdende in hoger beroep ; Laat de kosten ten laste van de Staat. De kosten begroot op de som van nul euro. Aldus geoordeeld door het Hof van Cassatie, eerste kamer, te Brussel, door voorzitter Ivan Verougstraete, de afdelingsvoorzitters Claude Parmentier en Ernest Waûters, raadsheer Greta Bourgeois, afdelingsvoorzitter Philippe Echement, de raadsheren Christian Storck, Didier Batselé, Paul Maffei en Albert Fettweis, en in openbare en voltallige terechtzitting van negen december tweeduizend en vijf uitgesproken door voorzitter Ivan Verougstraete, in aanwezigheid van advocaat-generaal Marc Timperman, met bijstand van griffier Marie-Jeanne Massart. PDF document ECLI:BE:CASS:2005:ARR.20051209.9 Gerelateerde publicatie(s) citeert: ECLI:BE:CASS:2005:ARR.20050922.6 geciteerd door: ECLI:BE:CASS:2026:CONC.20260219.1N.1 precedenten: ECLI:BE:CASS:2001:ARR.20010621.23 ECLI:BE:CASS:2003:ARR.20030616.6 zie ook recenter: ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20090220.15 ECLI:BE:CASS:2020:ARR.20200109.1N.7 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div