id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 02 maart 2006 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2006:ARR.20060302.10 Rolnummer: C.05.0059.N Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Overige Invoerdatum: 2006-06-16 Raadplegingen: 529 - laatst gezien 2026-07-04 06:27 Versie(s): Vertaling FR Fiche De verweerder moet tegelijkertijd in een enkele memorie van antwoord alle opmerkingen naar voren brengen die hij zinnens is in zijn antwoord op het cassatieberoep uiteen te zetten
(1).
(1)Cass., 29 sept. 2003, AR S.01.0134.F ECLI:BE:CASS:2003:ARR.20030929.3, nr
- Thesaurus CAS: CASSATIEBEROEP - BURGERLIJKE ZAKEN - Vormen - Vorm en termijn voor memories en stukken Vrije woorden: CASSATIEBEROEP - BURGERLIJKE ZAKEN - Vormen - Vorm en termijn voor memories en stukken Vorm Memorie van antwoord Tekst van de beslissing Nr. C.05.0059.N GASELWEST, coöperatieve intercommunale vereniging, met zetel te 8800 Roeselare, Stadhuis, Grote Markt 1, eiseres, vertegenwoordigd door mr. Ludovic De Gryse, advocaat bij het Hof van Cassatie, kantoor houdende te 1060 Brussel, Henri Wafelaertsstraat 47-51, alwaar keuze van woonplaats wordt gedaan, tegen
- LAMEIRE GEBROEDERS, naamloze vennootschap, in vereffening, met zetel te 8340 Sijsele, Oedelemse Steenweg 33a, verweerster, vertegenwoordigd door mr. Huguette Geinger, advocaat bij het Hof van Cassatie, kantoor houdende te 1000 Brussel, Quatre Brasstraat 6, alwaar keuze van woonplaats wordt gedaan,
- HOLVOET BOUWMATERIALEN, naamloze vennootschap, met zetel te 8580 Avelgem, Huttegemstraat 56, verweerster, vertegenwoordigd door mr. Johan Verbist, advocaat bij het Hof van Cassatie, kantoor houdende te 1000 Brussel, Brederodestraat 13, alwaar keuze van woonplaats wordt gedaan, en door mr. Lucien Simont, advocaat bij het Hof van Cassatie, kantoor houdende te 1050 Brussel, Louizalaan 149, bus 20, alwaar keuze van woonplaats wordt gedaan, en ten aanzien van
- GRONDWERKEN MAES HENDRIK, besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid, met zetel te 8553 Otegem, Zwevegemstraat 74,
- FEDERALE VERZEKERINGEN, coöperatieve vennootschap met beperkte aansprakelijkheid, met zetel te 1000 Brussel, Stoofstraat 12, in bindendverklaring opgeroepen partijen. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen een vonnis, op 25 juni 2004 in hoger beroep gewezen door de Rechtbank van Eerste Aanleg te Kortrijk. De eiseres voert in haar verzoekschrift aan dit arrest gehecht, twee middelen aan. Raadsheer Greta Bourgeois heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Guy Dubrulle heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Eerste middel Eerste onderdeel
- Het onderdeel gaat ervan uit de raadplegingsplicht van de aannemer die werken uitvoert op plaatsen waar kabels liggen, niet mag worden verengd tot het aanvragen van plannen.
- Het onderdeel geeft echter niet aan waarin in concreto de ruimere raadplegingsplicht bestaat die het bestreden vonnis had dienen te onderzoeken als deeluitmakend van de aangevoerde schending van de raadplegingsplicht die rust op de eerste verweerster.
- Bij gebrek aan nauwkeurigheid is het onderdeel niet ontvankelijk. Tweede onderdeel
- Het onderdeel gaat, zoals het eerste onderdeel, uit van een door het bestreden vonnis aangenomen te eng begrip van de op de aannemer rustende raadplegingplicht, maar legt ook hier niet uit hoe en waardoor dit in concreto het geval is.
- Het onderdeel is bij gebrek aan nauwkeurigheid niet ontvankelijk. Derde onderdeel
- Anders dan het onderdeel aanvoert, beoordeelt het bestreden vonnis de aansprakelijkheid van de eerste verweerster als aannemer niet enkel in het licht van de zorgvuldigheidsnorm, maar in het licht van de in het onderdeel aangewezen andere wettelijke bepalingen dan artikel 1382 en 1383 van het Burgerlijk Wetboek waarvan het de daarin opgenomen verplichtingen beoordeelt als de zorgvuldigheidsnorm.
- Het bestreden vonnis beantwoordt aldus eveneens het verweer van eiseres.
- Het onderdeel mist feitelijke grondslag. Tweede middel
- Het middel gaat ervan uit dat de bovenmatige hinder door de eerste verweerster veroorzaakt, aan de tweede verweerster toerekenbaar is vermits deze laatste de eerste verweerster de mogelijkheid geboden heeft om ten aanzien van haar erf op te treden, wat de verwijderde oorzaak van de bovenmatige hinder vormt.
- Het bestreden vonnis oordeelt dat de eerste verweerster een fout heeft begaan door geen liggingsplan van de ondergrondse kabels op te vragen, maar oordeelt niet dat de eerste verweerster bovenmatige hinder heeft veroorzaakt.
- Het middel mist feitelijke grondslag. Vordering tot bindendverklaring
- Gelet op de uit te spreken verwerping van het cassatieberoep, vertoont de vordering tot bindendverklaring geen belang. Memorie van 9 mei 2005 van de tweede verweerster
- Uit het dossier van de rechtspleging blijkt dat de tweede verweerster een memorie van antwoord ter griffie heeft neergelegd op 7 april 2005 en op 9 mei
- De verwerende partij moet terzelfdertijd in een enkele memorie van antwoord alle opmerkingen naar voren brengen die zij zinnens is in haar antwoord op het cassatieberoep uiteen te zetten.
- Het Hof vermag derhalve geen acht slaan op de memorie van de tweede verweerster die op de griffie van het Hof is neergelegd op 9 mei
- Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep en de vordering tot bindendverklaring. Veroordeelt de eiseres in de kosten, behoudens deze van de memorie van antwoord van de tweede verweerster neergelegd ter griffie van het Hof op 9 mei
- De kosten zijn begroot op de som van 1118,11 euro jegens de eisende partij, op de som van 237,65 euro jegens de verwerende partij sub 1, op de som van 109,67 euro voor wat betreft de memorie ingediend op 7 april 2005 en op de som van 237,65 euro voor wat betreft de memorie ingediend op 9 mei 2005 jegens de verwerende partij sub
- Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Robert Boes, als voorzitter, afdelingsvoorzitter Ernest Waûters en de raadsheren Greta Bourgeois, Jean-Pierre Frère en Ghislain Londers, en in openbare terechtzitting van 2 maart 2006 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Robert Boes, in aanwezigheid van advocaat-generaal Guy Dubrulle, met bijstand van griffier Philippe Van Geem. PDF document ECLI:BE:CASS:2006:ARR.20060302.10 Gerelateerde publicatie(s) precedenten: ECLI:BE:CASS:2003:ARR.20030929.3 zie ook recenter: ECLI:BE:CASS:2006:ARR.20061214.11 ECLI:BE:CASS:2006:CONC.20061214.11 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div