id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 07 maart 2006 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2006:ARR.20060307.3 Rolnummer: P.06.0094.N Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Strafrecht Invoerdatum: 2006-12-20 Raadplegingen: 177 - laatst gezien 2026-07-03 09:04 Versie(s): Vertaling FR Fiches 1 - 2 Artikel 38, ,§ 2, vijfde en zesde lid, Wegverkeerswet dat bepaalt dat indien de rechter tegelijkertijd veroordeelt wegens een overtreding van artikel 420bis van het Strafwetboek en wegens een overtreding van de artikelen 36 of 37bis, ,§ 2, Wegverkeerswet, het verval van het recht tot sturen zal worden uitgesproken voor een periode van tenminste 6 maanden en het herstel in het recht tot sturen afhankelijk is van het slagen voor de vier examens en onderzoeken bepaalt in artikel 38, ,§ 3, eerste lid, Wegverkeerswet, betekent dat het bedoelde rijverbod slechts kan worden opgelegd indien de rechter wegens de overtreding van die inbreuken slechts één straf uitspreekt. Thesaurus CAS: WEGVERKEER - WEGVERKEERSWET - WETSBEPALINGEN - Artikel 38 Vrije woorden: WEGVERKEER - WEGVERKEERSWET - WETSBEPALINGEN - Artikel 38 Strafbare alcoholopname en dronkenschap Gebruik van andere stoffen die de rijvaardigheid beïnvloeden Herhaling Onopzettelijk toebrengen van lichamelijk letsel Weggebruiker Veroordeling tegelijkertijd Betekenis Wettelijke bepalingen: Wet - 16-03-1968 - Art.38,§2,vi Thesaurus CAS: STRAF - SAMENLOOP - Eéndaadse Vrije woorden: STRAF - SAMENLOOP - Eendaadse Wegverkeerswet Artikel 38 Strafbare alcoholopname en dronkenschap Gebruik van andere stoffen die de rijvaardigheid beïnvloeden Herhaling Onopzettelijk toebrengen van lichamelijk letsel Weggebruiker Veroordeling tegelijkertijd Wettelijke bepalingen: Wet - 16-03-1968 - Art.38,§2,vi Tekst van de beslissing Nr. P.06.0094.N PROCUREUR DES KONINGS BIJ DE RECHTBANK VAN EERSTE AANLEG TE LEUVEN, eiser, tegen S N J, beklaagde, verweerster. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis in hoger beroep van de Correctionele Rechtbank te Leuven van 15 december
- De eiser voert in een verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, een middel aan. Afdelingsvoorzitter Edward Forrier heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Marc Timperman heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling
- Artikel 38, ,§ 2, vijfde en zesde lid, Wegverkeerswet bepaalt dat indien de rechter tegelijkertijd veroordeelt wegens een overtreding van artikel 420bis Strafwetboek en wegens een overtreding van de artikelen 36 of 37bis, ,§ 2, Wegverkeerswet, het verval van het recht tot sturen zal worden uitgesproken voor een periode van ten minste 6 maanden. Het herstel in het recht tot sturen is afhankelijk van het slagen voor de vier examens en onderzoeken bepaald in artikel 38, ,§ 3, eerste lid, Wegverkeerswet. De in artikel 38, ,§ 3, eerste lid, Wegverkeerswet opgesomde examens en onderzoeken zijn een theoretisch examen, een praktisch examen, een geneeskundig onderzoek en een psychologisch onderzoek.
- Voor de toepassing van artikel 38, ,§ 2, vijfde en zesde lid, Wegverkeerswet is dus vereist dat de veroordeling "tegelijkertijd" geschiedt. Dit betekent dat het bedoelde rijverbod slechts kan worden opgelegd indien de rechter wegens de overtreding van artikel 420bis Strafwetboek en wegens de overtreding van de artikelen 36 of 37bis, ,§ 2, Wegverkeerswet slechts één straf uitspreekt.
- De appelrechters veroordelen de verweerster voor de feiten van de telastleggingen A (inbreuk op artikel 420bis Strafwetboek) en B (inbreuk op artikel 8.3, lid 2, Wegverkeersreglement) tot één straf. Zij veroordelen de verweerster voor de feiten van de telastleggingen C (inbreuk op artikel 34, ,§ 2, 1°, Wegverkeerswet dit in staat van herhaling) en D (inbreuk op artikel 35 Wegverkeerswet dit in staat van herhaling) eveneens tot één straf. Voor die inbreuken veroordelen ze de verweerster tevens tot een verval van het recht alle motorrijtuigen te besturen gedurende een termijn van 3 maanden. Het herstel van het recht tot sturen maken ze afhankelijk van het slagen in "een medisch psychologisch onderzoek".
- De appelrechters veroordelen de verweerster dus niet tegelijkertijd wegens een overtreding van artikel 420bis Strafwetboek en wegens een overtreding van de artikelen 36 of 37bis, ,§ 2, Wegverkeerswet.
- Hieruit volgt dat de appelrechters terecht geen toepassing maken van artikel 38, ,§ 2, vijfde en zesde lid, Wegverkeerswet.
- Het middel kan niet worden aangenomen. Ambtshalve onderzoek van de beslissing op de strafvordering De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Laat de kosten ten laste van de Staat. Begroot de kosten op 80,83 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Edward Forrier, als voorzitter, en de raadsheren Luc Huybrechts, Jean-Pierre Frère, Dirk Debruyne, Luc Van hoogenbemt, en op de openbare terechtzitting van 7 maart 2006 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Edward Forrier, in aanwezigheid van advocaat-generaal Marc Timperman, met bijstand van griffier Frank Adriaensen. PDF document ECLI:BE:CASS:2006:ARR.20060307.3 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div