← België

ECLI:BE:CASS:2006:ARR.20060912.5

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 12 september 2006 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2006:ARR.20060912.5 Rolnummer: P.06.1240.N Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Strafrecht Invoerdatum: 2006-12-19 Raadplegingen: 198 - laatst gezien 2026-07-03 07:41 Versie(s): Vertaling FR Fiche 1 Artikel 16, ,§ 5, Wet Voorlopige Hechtenis vereist niet dat in het bevel tot aanhouding de ernstige aanwijzingen van schuld nader worden omschreven; de vaststelling ervan volstaat

(1).
(1)R. Verstraeten, Strafvordering, 2005, nr 1042; R. Declercq, Onderzoeksgerechten, A.P.R., nr 713; H.D. Bosly - D. Vandermeersch, Procédure pénale, 2005, 874; R. Declercq, Strafrechtspleging, 2003, nr
  1. Thesaurus CAS: VOORLOPIGE HECHTENIS - BEVEL TOT AANHOUDING Vrije woorden: VOORLOPIGE HECHTENIS - BEVEL TOT AANHOUDING Ernstige aanwijzingen van schuld Vaststelling Fiches 2 - 3 De kamer van inbeschuldigingstelling vermag bij de handhaving van de voorlopige hechtenis wettig de gegevens van het bevel tot aanhouding aan te vullen op grond van de artikelen 21, ,§ 5, 23, ,§ 4 en 30, ,§ 4, Wet Voorlopige Hechtenis. Thesaurus CAS: VOORLOPIGE HECHTENIS - HANDHAVING Vrije woorden: VOORLOPIGE HECHTENIS - HANDHAVING Kamer van inbeschuldigingstelling Bevel tot aanhouding Aanvulling der gegevens Thesaurus CAS: ONDERZOEKSGERECHTEN Vrije woorden: ONDERZOEKSGERECHTEN Voorlopige hechtenis Bevel tot aanhouding Kamer van inbeschuldigingstelling Aanvulling der gegevens Tekst van de beslissing Nr. P.06.1240.N L F E M, inverdenkinggestelde, eiser, met als raadsman mr. Hans Van Bavel, advocaat bij de balie te Brussel. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van Hof van Beroep te Gent, kamer van inbeschuldigingstelling, van 29 augustus
  2. De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan. Raadsheer Ghislain Dhaeyer heeft verslag uitgebracht. Procureur-generaal Marc De Swaef heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Eerste middel
  3. Het middel voert schending aan van artikel 16, ,§ 5, Wet Voorlopige Hechtenis omdat volgens de eiser de appelrechters enerzijds de sanctie van zijn invrijheidstelling hadden moeten toepassen en zij anderzijds niet vermochten de gegevens van het bevel tot aanhouding met betrekking tot de ernstige aanwijzingen van schuld aan te vullen.
  4. Dit artikel 16, ,§ 5 vereist niet dat in het bevel tot aanhouding de ernstige aanwijzingen van schuld nader worden omschreven. De vaststelling ervan volstaat.
  5. De appelrechters stellen vast dat alle wettelijke verplichtingen aan dit artikel 16 in het bevel tot aanhouding werden opgenomen. Het middel kan in zoverre niet worden aangenomen.
  6. De appelrechters vermochten bij de handhaving van de voorlopige hechtenis wettig de gegevens van het bevel tot aanhouding aan te vullen op grond van de artikelen 21, ,§ 5, 23, ,§ 4 en 30, ,§ 4, Wet Voorlopige Hechtenis. Het middel faalt in zoverre naar recht. Tweede middel
  7. In zoverre het middel is afgeleid uit het tevergeefs aangevoerde eerste middel is het niet ontvankelijk.
  8. In zoverre het middel miskenning aanvoert van de bewijskracht van het bevel tot aanhouding mist het feitelijke grondslag, daar de appelrechters van die akte geen uitlegging geven die ermede niet verenigbaar is. Ambtshalve onderzoek van de beslissing op de strafvordering
  9. De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser in de kosten. Begroot de kosten op 63,39 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Edward Forrier, als voorzitter, en de raadsheren Ghislain Dhaeyer, Luc Huybrechts, Jean-Pierre Frère en Dirk Debruyne, en op de openbare terechtzitting van 12 september 2006 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Edward Forrier, in aanwezigheid van procureur-generaal Marc De Swaef, met bijstand van griffier Frank Adriaensen. PDF document ECLI:BE:CASS:2006:ARR.20060912.5 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.