← België

ECLI:BE:CASS:2006:ARR.20061107.3

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 07 november 2006 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2006:ARR.20061107.3 Rolnummer: P.06.0784.N Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Overige Invoerdatum: 2006-12-06 Raadplegingen: 330 - laatst gezien 2026-07-03 07:13 Fiche Thesaurus CAS: HOGER BEROEP Vrije woorden: HOGER BEROEP Tekst van de beslissing Nr. P.06.0784.N G P, beklaagde, eiser, met als raadsman mr. Bernard Veys, advocaat bij de balie te Antwerpen, tegen V R P, burgerlijke partij, verweerder. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het Hof van Beroep te Brussel, correctionele kamer, op 25 april 2006 op verwijzing gewezen ingevolge arrest van het Hof van 24 mei

  1. De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, vier middelen aan. Raadsheer Etienne Goethals heeft verslag uitgebracht. Procureur-generaal Marc De Swaef heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Eerste middel
  2. Het middel voert miskenning van de bewijskracht van de stukken van het strafdossier aan. In zoverre het die stukken vermeldt, preciseert het niet van welke bewoordingen van die akten het arrest een uitlegging geeft, die daarmee onverenigbaar is. In zoverre is het middel bij gebrek aan nauwkeurigheid niet ontvankelijk.
  3. Het enkele feit dat de rechter de bewijswaarde van de stukken van het strafdossier beoordeelt, houdt niet in dat hij daarvan de bewijskracht miskent. Het feit dat de rechter op grond van de feitelijke gegevens die hij vaststelt met opgave van redenen oordeelt dat het verweer van de beklaagde ongeloofwaardig is en een beklaagde schuldig is aan de hem ten laste gelegde feiten, legt geen bewijslast op en levert evenmin een miskenning van het vermoeden van onschuld op. In zoverre faalt het middel naar recht.
  4. Voor het overige komt het middel op tegen het onaantastbare oordeel dat de eiser zich als bestuurder van Polidur nv en zaakvoerder van de later opgerichte New Polidur bvba met het bestuur en de werking van deze vennootschappen heeft ingelaten en in die hoedanigheid wettelijke verplichtingen heeft opgenomen, dit ongeacht het feit dat in het kader van de concrete taakverdeling binnen de vennootschap zijn vader een belangrijke rol zou gespeeld hebben. In zoverre is het middel evenmin ontvankelijk. Tweede middel Eerste onderdeel
  5. De appelrechters oordelen dat het bedrieglijk opzet van de eiser bestond in het oogmerk goederen aan de vennootschap te onttrekken en deze derhalve te benadelen teneinde zich persoonlijk te verrijken en nadien nieuwe handelsactiviteiten te kunnen ontplooien in het kader van de werking van de onmiddellijk na de faillietverklaring opgerichte vennootschap New Polidur bvba. Het onderdeel dat opkomt tegen die feitelijke vaststelling, is niet ontvankelijk. Tweede onderdeel
  6. Het onderdeel, dat gericht is tegen het openbaar ministerie en niet tegen de bestreden beslissing, is niet ontvankelijk. Derde onderdeel
  7. Het onderdeel komt geheel op tegen het onaantastbare oordeel van de bewijswaarde van voorgebrachte gegevens door de rechter, en is niet ontvankelijk. Vierde en vijfde onderdeel
  8. Met de redenen die zij vermelden, oordelen de appelrechters onaantastbaar dat in de gegeven omstandigheden geen sprake kan zijn van loutere onopzettelijke onachtzaamheid of nalatigheid in hoofde van de eiser. De onderdelen zijn niet ontvankelijk. Derde middel
  9. Het middel voert aan dat, aangezien de eiser zijn hoger beroep beperkte tot een deel van de telastlegging B en de eraan verbonden veroordeling op de burgerlijke rechtsvordering, de verweerder, burgerlijke partij, geen ruimer incidenteel hoger beroep kon instellen. Het middel dat uitgaat van een andere rechtsopvatting, faalt naar recht.
  10. De geïntimeerde kan, ongeacht het beperkt hoger beroep van de partij die het instelde, opkomen tegen alle beschikkingen van het beroepen vonnis die hem nadeel berokkenen, ook tegen beslissingen waartegen het hoofdberoep niet opkomt. Dit heeft tot gevolg dat wanneer de beklaagde op burgerlijk gebied alleen hoger beroep instelt tegen de beslissing voor die onderdelen van de telastlegging van verduistering van activa waarvoor hij door de eerste rechter veroordeeld werd, de curator ook voor de overige bestanddelen waarvoor de beklaagde werd vrijgesproken incidenteel beroep kan instellen. Het middel dat een andere rechtsopvatting aanvoert, faalt naar recht. Vierde middel
  11. Bij de beoordeling van de bewijswaarde van de stukken kan de rechter de voorkeur geven aan het verslag van de ene deskundige boven de andere. Het middel faalt in zoverre naar recht.
  12. Voor het overige blijkt niet dat de eiser voor de appelrechters heeft aangevoerd dat bij ontstentenis van mogelijkheid om nog tijdens het vooronderzoek het verslag van de gerechtsdeskundige te betwisten, hij daardoor zijn recht van verdediging niet ten volle kon uitoefenen. Het middel is in zoverre nieuw, en bijgevolg niet ontvankelijk. Ambtshalve onderzoek van de beslissing op de strafvordering
  13. De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser in de kosten. Begroot de kosten op 97,88 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Edward Forrier, als voorzitter, en de raadsheren Ghislain Dhaeyer, Etienne Goethals, Paul Maffei en Dirk Debruyne, en op de openbare terechtzitting van 7 november 2006 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Edward Forrier, in aanwezigheid van procureur-generaal Marc De Swaef, met bijstand van afgevaardigd griffier Véronique Kosynsky. PDF document ECLI:BE:CASS:2006:ARR.20061107.3 Gerelateerde publicatie(s) geciteerd door: ECLI:BE:CASS:2022:CONC.20220118.2N.8 zie ook recenter: ECLI:BE:CASS:2013:ARR.20131105.14 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.