← België

ECLI:BE:CASS:2006:ARR.20061114.3

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 14 november 2006 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2006:ARR.20061114.3 Rolnummer: P.06.0775.N Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Strafrecht Invoerdatum: 2007-02-13 Raadplegingen: 481 - laatst gezien 2026-07-04 06:33 Versie(s): Vertaling FR Fiche De bestuurder die naar links wil afslaan om de rijbaan te verlaten moet zich krachtens artikel 19.1 Wegverkeersreglement vooraf ervan vergewissen of hij dit kan doen zonder gevaar voor de andere weggebruikers, in het bijzonder rekening houdende met de vertragingsmogelijkheden van de achterliggers; die verplichting houdt evenwel op te bestaan als de bestuurder, na zijn voornemen tijdig genoeg kenbaar te hebben gemaakt, zich daadwerkelijk naar links heeft begeven

(1).
(1)Zie Cass., 27 mei 1998, AR P.97.1712.F ECLI:BE:CASS:1998:ARR.19980527.9, nr 275; 14 maart 2001, AR P.00.1737.F ECLI:BE:CASS:2001:ARR.20010314.11, nr 132; 20 april 2005, AR P.04.1615.F ECLI:BE:CASS:2005:ARR.20050420.7, nr
  1. Thesaurus CAS: WEGVERKEER - WEGVERKEERSREGLEMENT VAN 01-12-1975 - REGLEMENTSBEPALINGEN - Artikel 19 - Artikel 19.1 Vrije woorden: WEGVERKEER - WEGVERKEERSREGLEMENT VAN 01-12-1975 - REGLEMENTSBEPALINGEN - Artikel 19 - Artikel 19.1 Richtingsverandering Links afslaan Verplichting van de bestuurder Draagwijdte Tekst van de beslissing Nr. P.06.0775.N
  2. M E A M, beklaagde, eiseres, vertegenwoordigd door mr. Antoine De Bruyn, advocaat bij het Hof van Cassatie, tegen W E, burgerlijke partij, verweerder,
  3. B A M, burgerlijke partij, eiseres, tegen W J D, beklaagde, verweerder. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF De cassatieberoepen zijn gericht tegen het vonnis in hoger beroep van de Correctionele Rechtbank te Tongeren van 3 mei
  4. De eiseres 1 voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan. De eiseres 2 voert geen middel aan. Raadsheer Paul Maffei heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Patrick Duinslaeger heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Ontvankelijkheid van het cassatieberoep van de eiseres 2
  5. Het bestreden vonnis willigt volledig de schadevordering van de eiseres in. Het cassatieberoep is bij gebrek aan belang niet ontvankelijk. Middel
  6. De bestuurder die naar links wil afslaan om de rijbaan te verlaten moet zich krachtens artikel 19.1 Wegverkeerreglement vooraf ervan vergewissen of hij dit kan doen zonder gevaar voor de andere weggebruikers, in het bijzonder rekening houdende met de vertragingsmogelijkheden van de achterliggers. Die verplichting houdt evenwel op te bestaan als de bestuurder, na zijn voornemen tijdig genoeg kenbaar te hebben gemaakt, zich daadwerkelijk naar links heeft begeven.
  7. Het bestreden vonnis stelt vast dat de eiseres 1 haar voornemen om links af te slaan tijdig genoeg kenbaar gemaakt heeft en zich voldoende naar links heeft begeven om naar links af te slaan. Het oordeelt vervolgens dat de eiseres 1 die daarna naar links is afgeslagen, het voertuig van de verweerder 1 dat aan het inhalen was had moeten zien en doorlaten. Op die grond verklaart het bestreden vonnis de eiseres 1 schuldig aan de telastlegging A, zijnde overtreding van artikel 19.Wegverkeerreglement en veroordeelt haar tot straf en schadevergoeding. Aldus zijn die beslissingen niet naar recht verantwoord. Het middel is gegrond. Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden vonnis in zoverre het de eiseres 1 wegens de telastlegging A schuldig verklaart en tot straf veroordeelt en uitspraak doet over de tegen die eiseres ingestelde burgerlijke rechtsvordering. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het gedeeltelijk vernietigde vonnis. Verwerpt het cassatieberoep van de eiseres
  8. Veroordeelt de eiseres 2 in de helft van de kosten van de cassatieberoepen en laat de overige kosten ten laste van de Staat. Verwijst de aldus beperkte zaak naar de Correctionele Rechtbank te Hasselt, zitting houdend in hoger beroep. Begroot de kosten op 140,09 euro, waarvan 110,09 euro verschuldigd is en 30 euro betaald. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Edward Forrier, als voorzitter, en de raadsheren Ghislain Dhaeyer, Etienne Goethals, Paul Maffei en Dirk Debruyne, en op de openbare terechtzitting van 14 november 2006 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Edward Forrier, in aanwezigheid van advocaat-generaal Patrick Duinslaeger, met bijstand van griffier Frank Adriaensen. PDF document ECLI:BE:CASS:2006:ARR.20061114.3 Gerelateerde publicatie(s) precedenten: ECLI:BE:CASS:1998:ARR.19980527.9 ECLI:BE:CASS:2001:ARR.20010314.11 ECLI:BE:CASS:2005:ARR.20050420.7 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.