← België

ECLI:BE:CASS:2006:ARR.20061128.5

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 28 november 2006 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2006:ARR.20061128.5 Rolnummer: P.06.1177.N Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Strafrecht Invoerdatum: 2007-02-13 Raadplegingen: 426 - laatst gezien 2026-07-04 03:31 Versie(s): Vertaling FR Fiche Thesaurus CAS: FAILLISSEMENT, FAILLISSEMENTSAKKOORD EN GERECHTELIJK AKKOORD - MISDRIJVEN IN VERBAND MET FAILLISSEMENT, BEDRIEGLIJK ONVERMOGEN Vrije woorden: FAILLISSEMENT,FAILLISSEMENTSAKKOORD EN GERECHTELIJK AKKOORD Wettelijke bepalingen: Wet - 08-06-1867 - Artt.489bis,4a Tekst van de beslissing Nr. P.06.1177.N I. D J Y, beklaagde, eiser, met als raadsman mr. André van Droogenbroeck, advocaat bij de balie te Brussel. II. V F M L, beklaagde, eiseres, vertegenwoordigd door mr. Ludovic De Gryse, advocaat bij het Hof van Cassatie, beide cassatieberoepen tegen

  1. W A, burgerlijke partij,
  2. L D, burgerlijke partij,
  3. BODY STYLING SINT-TRUIDEN bvba, met zetel te 3800 Sint-Truiden, Diesterstraat 44/4, burgerlijke partij,
  4. BODYSTYLING HASSELT nv, met zetel te 3500 Hasselt, Toekomststraat 58, burgerlijke partij,
  5. BODYSTYLING OUDENAARDE nv, met zetel te 9700 Oudenaarde, Stationstraat 4, burgerlijke partij,
  6. DE RIDDER August, advocaat, kantoorhoudende te 1081 Brussel, in zijn hoedanigheid van curator van het faillissement van de nv Donato, met zetel te 1080 Sint-Agatha-Berchem, Gentsesteenweg 323, burgerlijke partij, verweerders. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF De cassatieberoepen zijn gericht tegen het arrest van het Hof van Beroep te Gent, correctionele kamer, van 27 juni
  7. De eiser I voert in een verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan. De eiseres II voert geen middel aan. Zij doet zonder berusting afstand van haar cassatieberoep in zoverre het bestreden arrest haar op civielrechtelijk gebied veroordeelt tot het betalen van een euro voorschot aan de derde, de vierde en de vijfde verweerder en de zaak voor verdere afhandeling van deze vergoedingen onbepaald uitstelt. Raadsheer Luc Huybrechts heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Patrick Duinslaeger heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Ontvankelijkheid van het cassatieberoep van de eiser I
  8. In zoverre het cassatieberoep gericht is tegen de beslissingen van het bestreden arrest waarbij de eiser op civielrechtelijk gebied werd veroordeeld tot het betalen van een euro voorschot aan de derde, de vierde en de vijfde verweerder en de zaak voor verdere afhandeling van deze vergoedingen onbepaald wordt uitgesteld, is het bij toepassing van artikel 416 Wetboek van Strafvordering niet ontvankelijk. Eerste middel
  9. In zoverre het middel opkomt tegen de beoordeling van de feiten door het bestreden arrest of van het Hof een onderzoek van feiten vraagt waarvoor het geen bevoegdheid heeft, is het niet ontvankelijk.
  10. Ook vóór de faillissementswet van 8 augustus 1997, in werking getreden op 1 januari 1998, waren ontdraging van activa en niet-tijdige aangifte van faillissement strafbaar en ze zijn dit nog steeds. Het middel dat uitgaat van een andere rechtsopvatting, faalt in zoverre naar recht. Tweede middel
  11. In zoverre het middel opkomt tegen de beoordeling van de feiten door het bestreden arrest of van het Hof een onderzoek van feiten vraagt waarvoor het geen bevoegdheid heeft, is het niet ontvankelijk.
  12. Anders dan het middel aanvoert stelt het bestreden arrest vast dat de eiser op het ogenblik dat hij de hem verweten medewerking aan de ontdraging van activa heeft verleend, gehandeld heeft met bedrieglijk opzet. Het middel dat berust op een onnauwkeurige lezing van het bestreden arrest, mist in zoverre feitelijke grondslag. Ambtshalve onderzoek van de beslissing op de strafvordering
  13. De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Verleent de eiseres II akte van de gedeeltelijke afstand van haar cassatieberoep. Verwerpt het cassatieberoep van de eiseres II voor het overige. Verwerpt het cassatieberoep van de eiser I. Veroordeelt de eisers in de kosten van hun cassatieberoep. Begroot de kosten in het geheel op 243,74 euro waarvan elke eiser 121,87 euro verschuldigd is. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Edward Forrier, als voorzitter, en de raadsheren Luc Huybrechts, Jean-Pierre Frère, Dirk Debruyne en Luc Van hoogenbemt, en op de openbare terechtzitting van 28 november 2006 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Edward Forrier, in aanwezigheid van advocaat-generaal Patrick Duinslaeger, met bijstand van afgevaardigd griffier Véronique Kosynsky. PDF document ECLI:BE:CASS:2006:ARR.20061128.5 Gerelateerde publicatie(s) precedenten: ECLI:BE:CASS:2000:ARR.20000104.8 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.