id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 05 december 2006 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2006:ARR.20061205.7 Rolnummer: P.06.1305.N Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Overige - Strafrecht Invoerdatum: 2006-12-18 Raadplegingen: 177 - laatst gezien 2026-07-03 07:09 Versie(s): Vertaling FR Fiches 1 - 2 De appelrechter naar dewelke een zaak bij een arrest van het Hof gewezen op het cassatieberoep van een partij, verwezen is, is bevoegd kennis te nemen van de zaak binnen de perken van de vernietiging en eigent zich niet de bevoegdheid toe van een andere rechter
(1).
(1)Zie Cass., 8 maart 1988, AR 2214, nr 429. Thesaurus CAS: VERWIJZING NA CASSATIE - STRAFZAKEN Vrije woorden: Strafvordering - Rechter op verwijzing - Bevoegdheid Thesaurus CAS: RECHTBANKEN - STRAFZAKEN - Strafvordering Vrije woorden: Hof van beroep - Arrest - Cassatieberoep - Vernietiging - Verwijzing na cassatie - Rechter op verwijzing - Bevoegdheid Fiche 3 Wanneer het Hof overeenkomstig artikel 427, Wetboek van Strafvordering de zaak verwijst naar een hof of een rechtbank van een ander rechtsgebied, onttrekt het de zaak aan het rechtsgebied van het gerecht dat de vernietigde beslissing heeft uitgesproken om ze toe te vertrouwen aan het gerecht van het rechtsgebied naar dewelke de zaak verwezen is; dit geldt ook wanneer het Hof de zaak verwijst naar een onderzoeksgerecht
(1).
(1)Voor de historiek van de voorliggende zaak: zie de conclusie van het openbaar ministerie bij Cass., 6 sept. 2005, AR P.05.0659.N ECLI:BE:CASS:2005:ARR.20050906.5, nr ... Thesaurus CAS: VERWIJZING NA CASSATIE - STRAFZAKEN Vrije woorden: Strafvordering - Verwijzing naar een hof of rechtbank van een ander rechtsgebied - Draagwijdte - Gevolg - Toepassing Wettelijke bepalingen: Wetboek van Strafvordering - 17-11-1808 - Art. 427 - 30 ELI link Pub nr 1808111701 Fiche 4 Uit artikel 432, Wetboek van Strafvordering, dat een algemene draagwijdte heeft en eveneens van toepassing is in correctionele en politiezaken, volgt dat wanneer het onderzoeksgerecht de rechtspleging regelt, het de inverdenkinggestelde enkel kan verwijzen naar een vonnisgerecht van zijn eigen rechtsgebied. Thesaurus CAS: ONDERZOEKSGERECHTEN Vrije woorden: Strafvordering - Regeling van de rechtspleging - Verwijzing Wettelijke bepalingen: Wetboek van Strafvordering - 17-11-1808 - Artt. 129, 130, 427 en 432 - 30 ELI link Pub nr 1808111701 Tekst van de beslissing Nr. P.06.1305.N I. L S C A, beklaagde, met als raadsman mr. Jan Van Leuven, advocaat bij de balie te Antwerpen, II. H P N J, beklaagde, III. M H P R, beklaagde, eisers, de drie eisers tegen M D, burgerlijke partij, verweerder. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Bij zijn arrest van 6 september 2005, vernietigt het Hof het arrest van 31 maart 2005 van het Hof van beroep te Antwerpen, correctionele kamer, alsmede het arrest van hetzelfde hof van beroep van 27 november 2003, het beroepen vonnis van de Correctionele Rechtbank te Antwerpen van 22 oktober 2002 en de verwijzingsbeschikking van de Raadkamer te Antwerpen van 29 oktober (lees: november)
- Het voormelde arrest verwijst de zaak naar het Hof van Beroep te Brussel, kamer van inbeschuldigingstelling. De cassatieberoepen zijn gericht tegen het arrest, op verwijzing gewezen door het Hof van Beroep te Brussel, kamer van inbeschuldigingstelling, van 21 september
- De eiser I voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan. De eisers II en III voeren geen middel aan. Raadsheer Paul Maffei heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Marc Timperman heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Ontvankelijkheid van het cassatieberoep
- Het arrest oordeelt dat het onderzoek volledig is, dat de telastlegging C dient te worden geherkwalificeerd en dat er ten laste van de eisers voldoende bezwaar bestaat. Dit zijn geen eindbeslissingen en het arrest doet aldus geen uitspraak in een der gevallen bepaald in artikel 416, tweede lid, Wetboek van Strafvordering. In zoverre het cassatieberoep tegen die beslissingen is gericht, is het niet ontvankelijk. Eerste middel
- In zoverre het middel gericht is tegen het arrest van het Hof van 6 september 2005 en de conclusie van de advocaat-generaal bij het Hof genomen naar aanleiding van dit arrest, is het niet gericht tegen het bestreden arrest en is het bijgevolg niet ontvankelijk.
- Het bestreden arrest oordeelt dat het Hof van Beroep te Brussel, kamer van inbeschuldigingstelling krachtens het arrest van het Hof van 6 september 2005 bevoegd is. Aldus onderzoeken de appelrechters hun bevoegdheid en beantwoorden zij eisers desbetreffende verweer. In zoverre mist het middel feitelijke grondslag.
- De appelrechter naar dewelke een zaak bij een arrest van het Hof gewezen op het cassatieberoep van een partij, verwezen is, is bevoegd kennis te nemen van de zaak binnen de perken van de vernietiging en eigent zich niet de bevoegdheid toe van een andere rechter. In zoverre faalt het middel naar recht. Tweede middel
- Wanneer het Hof overeenkomstig artikel 427 Wetboek van Strafvordering de zaak verwijst naar een hof of een rechtbank van een ander rechtsgebied, onttrekt het de zaak aan het rechtsgebied van het gerecht dat de vernietigde beslissing heeft uitgesproken om ze toe te vertrouwen aan het rechtsgebied van het gerecht naar dewelke de zaak verwezen is. Dit geldt ook wanneer het Hof de zaak verwijst naar een onderzoeksgerecht. Artikel 432 Wetboek van Strafvordering bepaalt: "Het hof van beroep waarnaar verwezen is, herstelt, wat hem betreft, de gebreken van het onderzoek en wijst binnen zijn rechtsgebied het hof van assisen aan dat over de zaak uitspraak doet". Deze bepaling heeft een algemene draagwijdte en is eveneens van toepassing in correctionele en politiezaken. Hieruit volgt dat wanneer dit onderzoeksgerecht de rechtspleging regelt, het de inverdenkinggestelde enkel kan verwijzen naar een vonnisgerecht van zijn eigen rechtsgebied.
- Het arrest oordeelt dat de bevoegdheid van het Hof van Beroep te Brussel, kamer van inbeschuldigingstelling, ingevolge de verwijzing door het arrest van het Hof van 6 september 2005, geen afbreuk doet aan de territoriale bevoegdheid van de Correctionele Rechtbank te Antwerpen als feitenrechter. Op die grond verwijst het, na te hebben geoordeeld dat er ten laste van de eisers voldoende bezwaar bestaat, de eiser naar die rechtbank. Aldus schendt het artikel 432 Wetboek van Strafvordering. Het middel is in zoverre gegrond. Ambtshalve middel wat de eisers II en III betreft Geschonden wettelijke bepaling - artikel 432 Wetboek van Strafvordering
- Op grond van de redenen vermeld in het antwoord op het tweede middel van de eiser I, is de beslissing van het arrest dat de eisers verwezen worden naar een andere correctionele rechtbank dan deze van het rechtsgebied van het Hof van Beroep te Brussel, met name de Correctionele Rechtbank te Antwerpen, niet naar recht verantwoord. Ambtshalve onderzoek van de overige beslissingen op de strafvordering
- De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissingen zijn overeenkomstig de wet gewezen. Dictum, Het Hof, Vernietigt het bestreden arrest, enkel in zoverre het verwijst naar de Correctionele Rechtbank te Antwerpen. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het gedeeltelijk vernietigde arrest. Verwerpt de cassatieberoepen voor het overige. Veroordeelt de eisers in de helft van de kosten van hun cassatieberoep en laat de overige kosten ten laste van de Staat. Verwijst de aldus beperkte zaak naar het Hof van Beroep te Brussel, kamer van inbeschuldigingstelling, anders samengesteld. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Edward Forrier, als voorzitter, en de raadsheren Ghislain Dhaeyer, Etienne Goethals, Paul Maffei en Luc Van hoogenbemt, en op de openbare terechtzitting van 5 december 2006 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Edward Forrier, in aanwezigheid van advocaat-generaal Marc Timperman, met bijstand van griffier Frank Adriaensen. PDF document ECLI:BE:CASS:2006:ARR.20061205.7 Gerelateerde publicatie(s) precedenten: ECLI:BE:CASS:2005:ARR.20050906.5 zie ook recenter: ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20080429.4 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div