id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 19 januari 2007 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2007:ARR.20070119.7 Rolnummer: C.06.0133.N Kamer: 1N + Eerste Kamer + Rechtsgebied: Overige Invoerdatum: 2007-03-02 Raadplegingen: 475 - laatst gezien 2026-07-03 19:25 Versie(s): Vertaling FR Fiche Een eindvonnis waarin uitspraak wordt gedaan over de gegrondheid van het hoger beroep en dat niet werd gewezen door dezelfde rechters die in een tussenvonnis hebben geoordeeld over de ontvankelijkheid van het hoger beroep en het verzoek tot voorlopige tenuitvoerlegging, schendt de regel dat een vonnis enkel kan worden gewezen door het voorgeschreven aantal rechters die alle zittingen over de zaak hebben bijgewoond niet, doordat het niet steunt op een voortzetting van het debat dat het tussenvonnis voorafging
(1)Zie Cass., 21 maart 2003, AR C.01.0091.N ECLI:BE:CASS:2003:ARR.20030321.9, nr 189, R.W., 2003-04, 183, met noot B. ALLEMEERSCH, "De samenstelling van de zetel na een heropening van het debat"; Cass., 15 april 2005, AR C.03.0285.N ECLI:BE:CASS:2005:ARR.20050415.6, nr
- Thesaurus CAS: RECHTERLIJKE ORGANISATIE - BURGERLIJKE ZAKEN Vrije woorden: Samenstelling van het rechtscollege - Rechtspleging in hoger beroep - Uitspraak over de ontvankelijkheid van het hoger beroep - Uitspraak over de gegrondheid van het hoger beroep - Wijziging van de zetel Wettelijke bepalingen: Gerechtelijk Wetboek - 10-10-1967 - Art. 779, eerste lid Tekst van de beslissing Nr. C.06.0133.N PROVINCIE OOST-VLAANDEREN, vertegenwoordigd door de Bestendige Deputatie, met zetel te 9000 Gent, Gouvernementstraat 1, eiseres, vertegenwoordigd door mr. Paul Lefebvre, advocaat bij het Hof van Cassatie, kantoorhoudende te 1050 Brussel, Louizalaan 480/9, alwaar keuze van woonplaats wordt gedaan, tegen
- V.D.B. A.,
- H.L.,
- D. B. R.,
- S.W.,
- B.H.,
- D'H. R.,
- D. C.,
- C.P.,
- D.J.,
- H. W.,
- S.R.,
- V.N.G.,
- V.G.D.,
- D'H. J.,
- J.M.,
- K.L., verweerders, allen met keuze van woonplaats bij mr. Michel Du Tré, advocaat bij de balie te Dendermonde, kantoor houdende te 9200 Dendermonde, Franz Courtensstraat 2, I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis, op 9 september 2005 gewezen door de Rechtbank van Eerste Aanleg te Gent zetelend in hoger beroep. Raadsheer Eric Dirix heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Christian Vandewal heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDELEN De eiseres voert in het verzoekschrift twee middelen aan. Het verzoekschrift is aan dit arrest gehecht en maakt er deel van uit. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Eerste middel
- Artikel 779, eerste lid, van het Gerechtelijk Wetboek bepaalt dat het vonnis enkel kan worden gewezen door het voorgeschreven aantal rechters die alle zittingen over de zaak hebben bijgewoond.
- Uit de stukken waarop het Hof vermag acht te slaan, blijkt dat: - de tussenvonnissen van 12 november 2004 werden gewezen door de rechters: C. Nemegheer, H. De Wildeman en I. Vandenbroucke; - het debat tussen de partijen voor deze tussenvonnissen met hun instemming uitsluitend de voorlopige tenuitvoerlegging van het beroepen vonnis tot voorwerp had; - de tussenvonnissen de hogere beroepen van de eiseres ontvankelijk verklaren en de incidentele beroepen, strekkende tot de voorlopige tenuitvoerlegging van het beroepen vonnis, ongegrond verklaren en vervolgens het debat heropenen alvorens te oordelen over de gegrondheid van de principale hogere beroepen; - het eindvonnis van 9 september 2005 werd gewezen door de rechters: C. Nemegheer, H. De Wildeman en A. Van Mol; - dit eindvonnis de principale hogere beroepen ongegrond verklaart.
- Een eindvonnis waarin uitspraak wordt gedaan over de gegrondheid van de hogere beroepen en dat niet werd gewezen door dezelfde rechters die in de tussenvonnissen hebben geoordeeld over de ontvankelijkheid van de hogere beroepen en de verzoeken tot voorlopige tenuitvoerlegging, schendt artikel 779 van het Gerechtelijke Wetboek niet, doordat het niet steunt op een voortzetting van het debat dat aan de tussenvonnissen voorafging. Het middel kan niet worden aangenomen. Tweede middel
- De appelrechters nemen als het in artikel 1347 van het burgerlijk Wetboek bedoelde vermoeden, ter aanvulling van het begin van bewijs met geschrift, het akkoord aan van de verweerders met de inhoud van de vermeldingen op het uithangbord en op de website van de eiseres, op de wijze waarop een normaal vooruitziend en redelijk kandidaat-huurder deze inhoud mocht opvatten. Het middel dat berust op een onvolledige lezing van het bestreden vonnis mist feitelijke grondslag. Derde middel
- Met hun oordeel dat de verweerders "zich precies aan de hand van de vermeldingen (op het ingangsbord en op de website van de eiseres) nader geïnformeerd hebben over de precieze modaliteiten van de huurovereenkomst" en dat de verweerders er in redelijkheid op mochten vertrouwen dat de tussen de partijen gesloten overeenkomst ook deze modaliteiten omvat, verwerpen en beantwoorden de appelrechters het bedoelde verweer. Het middel mist feitelijke grondslag Dictum Het Hof, eenparig beslissend, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiseres in de kosten. De kosten zijn begroot op de som van 3039,97 euro jegens de eisende partij. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Ernest Waûters, als voorzitter, en de raadsheren Eric Dirix en Beatrijs Deconinck, en in openbare terechtzitting van 19 januari 2007 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Ernest Waûters, in aanwezigheid van advocaat-generaal Christian Vandewal, met bijstand van adjunct-griffier Johan Pafenols. PDF document ECLI:BE:CASS:2007:ARR.20070119.7 Gerelateerde publicatie(s) precedenten: ECLI:BE:CASS:2003:ARR.20030321.9 ECLI:BE:CASS:2005:ARR.20050415.6 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div