id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 18 mei 2007 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2007:ARR.20070518.5 Rolnummer: C.06.0581.N Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2007-07-17 Raadplegingen: 191 - laatst gezien 2026-07-03 06:39 Versie(s): Vertaling FR Fiche Zo vaststaat dat een korting is opgenomen in een regelmatig en tijdig ingediende offerte en geen fraude is vastgesteld, is de loutere omstandigheid dat de voorzitter van de zitting waarop de offertes worden geopend, nalaat deze korting bekend te maken en op te nemen in het proces-verbaal, niet van aard de regelmatigheid van de gunningsprocedure aan te tasten en de regelmatigheid van de offerte, met inbegrip van de erin opgenomen korting, in het gedrang te brengen
(1).
(1)Art. 106, K.B. 8 jan. 1996, zoals van toepassing vóór de wijziging ervan door het K.B. van 18 feb.
- Thesaurus CAS: OVERHEIDSOPDRACHTEN (WERKEN. LEVERINGEN. DIENSTEN) UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - OVERHEIDSOPDRACHTEN - Aanneming werken - Gunningswijze PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - OVERHEIDSOPDRACHTEN - Algemene uitvoeringsbepalingen overheidsopdrachten - Aanneming van werken (overheidsopdracht) Vrije woorden: Offerte - Korting - Openingszitting - Geen bekendmaking of vermelding van de korting Wettelijke bepalingen: Wet - 24-12-1993 - Art. 15, eerste lid Koninklijk Besluit - 08-01-1996 - Artt. 106 en 107 Tekst van de beslissing Nr. C.06.0581.N GEMEENTE AS, publiekrechtelijk rechtspersoon, vertegenwoordigd door haar college van burgemeester en schepenen, met zetel te 3665 As, Dorpsstraat 1, bus 1, eiseres, vertegenwoordigd door mr. Bruno Maes, advocaat bij het Hof van Cassatie, kantoor houdende te 1000 Brussel, Central Plaza, Loksumstraat 25, alwaar keuze van woonplaats wordt gedaan, tegen GEMOCO, naamloze vennootschap, met zetel te 3740 Bilzen, Vossenkuilstraat 20, verweerster, vertegenwoordigd door mr. Huguette Geinger, advocaat bij het Hof van Cassatie, kantoor houdende te 1000 Brussel, Quatre Brasstraat 6, alwaar keuze van woonplaats wordt gedaan. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen een arrest, op 23 mei 2006 gewezen door het Hof van Beroep te Antwerpen. Raadsheer Alain Smetryns heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Christian Vandewal heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDEL De eiseres voert in haar verzoekschrift een middel aan. Geschonden wettelijke bepalingen - artikel 15 van de Wet van 24 december 1993 betreffende de overheidsopdrachten en sommige opdrachten voor aanneming van werken, leveringen en diensten (B.S., 22 januari 1994); - de artikelen 106, vóór zijn wijziging door het koninklijk besluit van 18 februari 2004, en 107 van het koninklijk besluit van 8 januari 1996 betreffende de overheidsopdrachten voor aanneming van werken, leveringen en diensten en de concessies voor openbare werken (B.S., 26 januari 1996). Aangevochten beslissingen Tot staving van zijn beslissing om de vordering van de verweerster ¿gegrond¿ te verklaren en dienvolgens de eiseres te veroordelen tot betaling aan de verweerster van de som van 55.568,26 euro, te vermeerderen met de vergoedende intresten vanaf 22 november 2000, de gerechtelijke intresten en de kosten, heeft het aangevochten arrest o.a. wat volgt geoordeeld (arrest, p. 5-7, nr. 2.2, 2.3 en 2.5.): ¿Het wordt niet betwist dat (de verweerster) bij de opening van de offertes als laagste regelmatige inschrijver werd afgelezen. Zelfs na verbetering van de vastgestelde rekenfout voor post 3.7.
- waardoor het inschrijvingsbedrag van (de verweerster) verhoogd werd tot 27.123.632 BEF bleef zij de laagste inschrijver. (De eiseres), hierin gevolgd door de eerste rechter, stelt dat uit de offerte van de NV SEGHERS blijkt dat op drie plaatsen werd vermeld dat een korting van 3 pct. zou gegeven worden op alle eenheidsprijzen, waardoor het inschrijvingsbedrag van de NV SEGHERS gewijzigd werd van 27.876.593 BEF naar 27.037.190 BEF, zodat zij de laagste inschrijver werd en de opdracht aan haar werd gegund. Uit de voorgelegde inschrijving van de NV SEGHERS blijkt inderdaad dat op drie plaatsen in deze offerte een korting van 3 pct. werd vermeld, met name: - op bladzijde 1 onderaan bij de opgave van de totale inschrijvingsprijs: een met de hand geschreven vermelding gedateerd 4 oktober 2000 en ondertekend door gedelegeerd bestuurder W. S. ¿alle eenheidsprijzen zijn nog de verminderen met 3 pct. (drie procent)'; - op het laatste blad onderaan: een met de hand geschreven vermelding gedateerd 4 oktober 2000 en ondertekend door gedelegeerd bestuurder W. S. ¿alle eenheidsprijzen zijn nog te verminderen met 3 pct. (drie procent)'; - aan het einde van de samenvattende opmetingsstaat die als bijlage bij de inschrijving gevoegd is: een met de hand geschreven vermelding gedateerd 4 oktober 2000 en ondertekend door gedelegeerd bestuurder W. S. ¿alle eenheidsprijzen zijn nog te verminderen met 3 pct. (drie procent)'. Alle bladzijden van de offerte van de NV S. , met inbegrip van voormelde bladzijden waarop melding wordt gemaakt van de korting, zijn geparafeerd door de burgemeester van de gemeente As, door een vertegenwoordiger van de technische dienst van de gemeente As en door een vertegenwoordiger van het studiebureau Belgroma, waaruit blijkt dat de korting vermeld stond op de inschrijving op het ogenblik van de opening van de biedingen/inschrijvingen. Het is aan een inschrijver niet verboden om op de door hem aangeboden prijzen kortingen toe te staan. De aanbestedende overheid is dan verplicht om met de op regelmatige wijze aangegeven kortingen rekening te houden. De korting op de aangeboden prijs dient ondertekend te worden door de inschrijver of zijn gemachtigde, en dit uiterlijk voor de opening van de zitting waarop de inschrijvingen worden geopend. Zoals uiteengezet onder 2.
- blijkt dat de door de NV SEGHERS toegestane korting vermeld stond op de inschrijving op het ogenblik van de opening van de inschrijvingen. Nadat de voorzitter en de door de aanbestedende overheid aangewezen bijzitter de offertes blad per blad hebben ondertekend, waarbij de door de NV SEGHERS (op drie plaatsen vermelde) toegestane korting hen niet kan ontgaan zijn, had de voorzitter deze korting moeten bekend maken, zodat van deze korting melding zou zijn gemaakt in het proces-verbaal van de opening van de offertes. Het wordt niet betwist dat dit te dezen niet is gebeurd en dat de voorzitter de korting niet heeft bekendgemaakt en dat er evenmin melding van is gemaakt in het proces-verbaal van opening van de offertes. (De NV Gemoco) voert dan ook terecht aan dat zij de laagste regelmatige inschrijver was aan wie de werken hadden moeten toegewezen worden, op straffe van een schadevergoeding van 10 pct. van haar inschrijvingsbedrag¿. Grieven Schending van artikel 15 van de Wet van 24 december 1993 betreffende de overheidsopdrachten en sommige opdrachten voor aanneming van werken, leveringen en diensten (B.S., 22 januari 1994) en van de artikelen 106, vóór zijn wijziging door het koninklijk besluit van 18 februari 2004, en 107 van het koninklijk besluit van 8 januari 1996 betreffende de overheidsopdrachten voor aanneming van werken, leveringen en diensten en de concessies voor openbare werken (B.S., 26 januari 1996).
- Artikel 15 van de wet van 24 december 1993 bepaalt wat volgt: ¿Indien de bevoegde overheid beslist de opdracht toe te wijzen dient deze bij openbare en beperkte aanbesteding toegewezen te worden aan de inschrijver die de laagste regelmatige offerte indiende, op straffe van een forfaitaire schadeloosstelling vastgesteld op 10 pct. van het bedrag zonder belasting op de toegevoegde waarde van deze offerte¿. Wat de opening van offertes betreft, bepaalt artikel 106 van het koninklijk besluit van 8 januari 1996, vóór zijn wijziging door het koninklijk besluit van 18 februari 2004, wat volgt: ¿De offertes worden geopend op de plaats, de datum en het uur bepaald in de aankondiging van de opdracht of in het bestek. De verrichtingen verlopen in volgende orde: 1° alvorens het publiek tot het aangeduide lokaal toe te laten, (plaatst de voorzitter van de zitting er de reeds ontvangen niet elektronische verzonden offertes). Bij beperkte procedure worden alleen de inschrijvers of hun vertegenwoordigers tot het lokaal toegelaten; 2° zodra het lokaal voor het publiek toegankelijk is, worden de meegebrachte offertes aan de voorzitter overhandigd; 3° de voorzitter opent de zitting; vanaf dat ogenblik mag geen enkele offerte nog worden aanvaard; 4° daarna wordt inzage genomen van alle ontvangen offertes. 5° de offertes, de op straffe van nietigheid voorgeschreven bijhorende documenten, de bescheiden tot wijziging en de intrekkingen worden blad per blad door de voorzitter of een bijzitter geparafeerd. De voorzitter leest de naam van de inschrijvers, hun woonplaats en de intrekkingen voor. Bij openbare of beperkte aanbesteding leest de voorzitter eveneens de aangeboden prijzen voor, ook voor de eventuele varianten en de prijswijzigingen. Indien de aanbesteding evenwel op een groot aantal percelen betrekking heeft, kan de voorlezing van de prijzen door een ander middel van openbaarmaking vervangen worden, waarvan de aard en de vorm in het bestek worden bepaald¿. Ten slotte bepaalt artikel 107 van voormeld koninklijk besluit wat volgt: ¿De gegevens voorgelezen door de voorzitter bij toepassing van artikel 106, 5°, alsook de incidenten die zich tijdens het verloop van de zitting voor de opening van de offertes voordeden worden in een proces-verbaal opgenomen, dat zonder verwijl wordt ondertekend door de voorzitter en door een bijzitter aangewezen door de aanbestedende overheid alsook door de aanwezigen die zulks verlangen¿.
- Het bestreden arrest stelt daarover in feite vast dat ¿na verbetering van de vastgestelde rekenfout voor post 3.7.1.¿, ¿het inschrijvingsbedrag van (de verweerster) tot 27.123.632 BEF (werd verhoogd) ¿ (aangevochten arrest, p. 5, nr. 2.2.). De appelrechter stelt daarnaast in feite vast dat ¿uit de voorgelegde inschrijving van de NV SEGHERS inderdaad (blijkt) dat op drie plaatsen in deze offerte een korting werd vermeld¿, dat het ¿een met de hand geschreven vermelding gedateerd 4 oktober 2000 en ondertekend door gedelegeerd bestuurder W. S. ¿ is en dat ¿de korting vermeld stond op de inschrijving op het ogenblik van de opening van de biedingen/inschrijvingen¿ (aangevochten arrest, p. 5-6, nrs. 2.
- en 2.5.). Ten slotte betwist het arrest niet dat ¿het inschrijvingsbedrag van de NV SEGHERS (met de korting rekening gehouden) van 27.826.593 BEF naar 27.037.190 BEF (gewijzigd zou zijn)¿ (aangevochten arrest, p. 5, nr. 2.2., derde lid). Uit deze feitelijke vaststellingen heeft het arrest niet wettelijk afgeleid dat de verweerster ¿terecht¿ aanvoert ¿dat zij de laagste regelmatige inschrijver was aan wie de werken hadden moeten toegewezen worden, op straffe van een schadevergoeding van 10 pct. van haar inschrijvingsbedrag¿ (aangevochten arrest, p. 7, nr. 2.5.).
- Zoals erkend in het aangevochten arrest, is de toekenning van een korting inderdaad geoorloofd (R.v.St., NV Entreprises Louis de Waele, 1 april 1987, nr. 27.764) in zoverre het aanbod van korting op het tijdstip van de opening van de biedingen/inschrijvingen ondertekend is (R.v.St., S.P.R.L. Entreprises Hons et Cie / Etat belge, 22 januari 1986, nr. 26.094). De Raad van State is daarnaast de mening toegedaan dat de niet-voorlezing van de prijzen van varianten geen substantiële onregelmatigheid oplevert wanneer niet blijkt dat daardoor de basisdoelstelling van de voorlezing, nl. de bescherming tegen de aanvaarding van laattijdige inschrijvingen, in het gedrang is gebracht (R.v.St., Vennootschap naar Frans Recht Tunzini Nessi en Spie Batignolles, 3 maart 1993, nr. 42.129; D. D'Hooghe, De gunning van overheidsopdrachten en overheidsopdrachten, Brugge, Die Keure, 1997, p. 452, nr. 1183, voetnoot nr. 1549). Bovendien is de voorlezing van de prijzen - of wijzigingen van de prijzen - alleen maar indicatief in zoverre de definitieve rangschikking van de biedingen afhangt van hun onderzoek naargelang de regelmatigheid, de eventuele rectificatie van vergissingen in de aritmetische operaties, de eventuele correctie van de hoeveelheden of nog van het eenvoudig materieel herstel van verzuimen (D. Batselé e.a., Initiation aux marchés publics, Bruxelles, Bruylant, 2001, p. 236). In zoverre het arrest te dezen, enerzijds, niet vaststelt dat de niet-voorlezing en de niet-inschrijving van de korting in het proces-verbaal van opening van de biedingen, de bescherming tegen de aanvaarding van laattijdige inschrijvingen in het gedrang hebben gebracht, en, anderzijds, daarentegen in feite vaststelt dat ¿de korting op de inschrijving op het ogenblik van de opening van de biedingen/inschrijvingen (vermeld stond)¿ (arrest, p. 5-6, nrs 2.
- en 2.5.), heeft het arrest niet wettelijk kunnen oordelen dat de verweerster ¿de laagste regelmatige inschrijver was aan wie de werken hadden moeten toegewezen worden¿. Zodoende heeft het arrest immers impliciet maar zeker het aanbod van korting van de NV SEGHERS niet wettig als onregelmatig beschouwd en derhalve de wetsbepalingen vermeld in het middel geschonden.
- D. D'Hooghe ( ¿De gunning van overheidscontracten en overheidsopdrachten¿, Die Keure 1997, nrs. 1173 en 1550) benadrukt dat de openbare opening van de offertes in de eerste plaats bedoeld is als waarborg voor de regelmatigheid van de gunningsprocedure, zodat, wanneer de mogelijkheid bestaat dat fraude werd gepleegd, tot een nieuwe gunningsprocedure zal dienen te worden overgegaan. Zelfde auteur benadrukt evenwel dat, indien in feite komt vast te staan dat geen bedrog heeft kunnen plaatshebben, een soepeler opstelling wellicht gerechtvaardigd is. In het ¿Praktische Commentaar bij de Reglementering van de Overheidsopdrachten¿, zesde uitgave, p. 1038, wordt door M.A. Flamme, Ph. Matheï, Ph. Flamme, A. Delvaux en C. Dardenne benadrukt dat zo ¿met zekerheid bewezen was dat de overgeslagen variant te gepasten tijde werd ingediend, vermits ze ingeschreven stond op hetzelfde formulier als een ander variant van dezelfde inschrijver dat wel genoteerd werd in het proces-verbaal¿ een verbetering van het proces-verbaal mogelijk moet zijn. Tenslotte kan verwezen worden naar het arrest van de Raad van Staat van 3 maart 1993 nr. 42.129, weliswaar gewezen in het kader van een offerte-aanvraag. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling
- Overeenkomstig artikel 15, eerste lid, van de Wet van 24 december 1993 betreffende de overheidsopdrachten en sommige opdrachten voor aanneming van werken, leveringen en diensten, dient, bij openbare of beperkte aanbesteding, de opdracht, indien de bevoegde overheid beslist de opdracht toe te wijzen, op straffe van forfaitaire schadeloosstelling, te worden toegewezen aan de inschrijver die de laagste regelmatige offerte indiende.
- Artikel 106 van het koninklijk besluit van 8 januari 1996 betreffende de overheidsopdrachten voor aanneming van werken, leveringen en diensten en de concessies voor openbare werken, zoals van toepassing voor de wijziging door het koninklijk besluit van 18 februari 2004, bepaalt dat: - de offertes worden geopend op de plaats, de datum en het uur bepaald in de aankondiging van de opdracht of in het bestek; - nadat de voorzitter van de openingszitting deze heeft geopend, geen enkele offerte nog mag worden aanvaard; - vervolgens inzage wordt genomen van alle ontvangen offertes; - de offertes, de op straffe van nietigheid voorgeschreven bijhorende documenten, de bescheiden tot wijziging en de intrekkingen blad per blad door de voorzitter of een bijzitter worden geparafeerd; - de voorzitter de naam van de inschrijvers, hun woonplaats en de intrekkingen voorleest; - bij openbare of beperkte aanbesteding, de voorzitter ook de aangeboden prijzen, met inbegrip van deze voor de varianten, alsmede de prijswijzigingen voorleest. Ingevolge artikel 107 van dit koninklijk besluit worden de aldus door de voorzitter van de zitting voorgelezen gegevens, alsook de incidenten die zich tijdens het verloop van de zitting voor de opening van de offertes voordeden, opgenomen in een proces-verbaal. Deze bepalingen strekken ertoe fraude te verhinderen en aldus de regelmatigheid van de gunningsprocedure te waarborgen.
- Zo vaststaat dat een korting is opgenomen in een regelmatig en tijdig ingediende offerte en geen fraude is vastgesteld, is de loutere omstandigheid dat de voorzitter van de zitting nalaat deze korting bekend te maken en op te nemen in het proces-verbaal, niet van aard de regelmatigheid van de gunningsprocedure aan te tasten. De regelmatigheid van de offerte, met inbegrip van de erin opgenomen korting, kan hierdoor evenmin in het gedrang komen.
- Door de appelrechter werd in het arrest vastgesteld dat: - de verweerster de tweede laagste offerte indiende; - de opdracht door de eiseres werd gegund aan de aannemer die, ingevolge de door hem toegestane korting, de laagste offerte indiende; - ingevolge de feitelijke elementen van de zaak moet worden aangenomen dat deze korting reeds vermeld stond in de offerte van zelfde aannemer op het ogenblik van de opening ervan. Op grond van de enkele vaststelling dat de voorzitter de korting niet bekend maakte tijdens de openingszitting en hiervan geen melding maakte in het proces-verbaal van de opening van de offertes, heeft de appelrechter, die als vaststaand aanzag dat de korting was opgenomen in de offerte op het ogenblik van de opening ervan en die geen fraude heeft vastgesteld, niet zonder schending van artikel 15, eerste lid, van de Wet van 24 december 1993, kunnen beslissen dat de werken, op straffe van schadevergoeding, aan de verweerster hadden dienen te worden toegewezen. Het middel is in zoverre gegrond. Overige grieven
- De overige grieven kunnen niet tot ruimere cassatie leiden. Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden arrest, behalve in zoverre dit het hoger beroep ontvankelijk verklaart. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het gedeeltelijk vernietigde arrest. Houdt de kosten aan en laat de beslissing daaromtrent aan de feitenrechter over. Verwijst de aldus beperkte zaak naar het Hof van Beroep te Gent. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Ernest Waûters, als voorzitter, en de raadsheren Etienne Goethals, Eric Dirix, Beatrijs Deconinck en Alain Smetryns, en in openbare terechtzitting van 18 mei 2007 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Ernest Waûters, in aanwezigheid van advocaat-generaal Christian Vandewal, met bijstand van griffier Philippe Van Geem. PDF document ECLI:BE:CASS:2007:ARR.20070518.5 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div