id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 29 mei 2007 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2007:ARR.20070529.2 Rolnummer: P.07.0084.N Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Burgerlijk recht Invoerdatum: 2007-07-16 Raadplegingen: 223 - laatst gezien 2026-07-03 06:37 Versie(s): Vertaling FR Fiche Het is niet omdat het recht op een rust- of overlevingspensioen vreemd is aan de verplichting van diegene die een onrechtmatige daad heeft begaan de schade volledig te vergoeden dat het verschil tussen het gezinspensioen en het pensioen voor een alleenstaande na het overlijden van de echtgenote geen schade kan zijn die het gevolg is van de onrechtmatige daad
(1).
(1)Zie: Cass, 16 jan. 1991, A.R. 8542, nr.
- Thesaurus CAS: AANSPRAKELIJKHEID BUITEN OVEREENKOMST - SCHADE - Materiële schade. Elementen en grootte UTU-thesaurus: BURGERLIJK RECHT - VERBINTENIS UIT ONRECHTMATIGE DAAD - Algemeen (verbintenis uit onrechtmatige daad) Vrije woorden: Verschil tussen het gezinspensioen en het pensioen voor alleenstaande Wettelijke bepalingen: oud Burgerlijk Wetboek - Artt. 1382 en 1383 Tekst van de beslissing Nr. P.07.0084.N J. P., burgerlijke partij, eiser, vertegenwoordigd door mr. Huguette Geinger, advocaat bij het Hof van Cassatie, tegen
- A. C. L. B., beklaagde,
- ING INSURANCE ANTWERPEN nv, vrijwillig tussengekomen partij, verweersters. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis in hoger beroep van de Correctionele Rechtbank te Antwerpen van 1 december 2006, op verwijzing gewezen ingevolge arrest van het Hof van 22 november
- De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan. Raadsheer Luc Huybrechts heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Marc Timperman heeft geconcludeerd. II. BEOORDELING
- Het middel heeft kritiek op het bestreden vonnis daar dit oordeelt dat het niet langer genieten van een gezinspensioen geen vergoedbare schade is en dat de onderhoudskosten van het slachtoffer, berekend op het gezinsinkomen en niet op het gezinsinkomen vermeerderd met de econmische waarde van de huishoudelijke arbeid van het overleden slachtoffer, enkel in mindering van het schadebedrag van die economische waarden moeten gebracht worden.
- Het middel voert aan dat het verlies wegens de overschakeling van een gezinspensioen naar een lager pensioen voor alleenstaande wel een vergoedbare schade is en dat de aftrek wegens besparing van onderhoudskosten, berekend op het gezinsinkomen vermeerderd met de economische waarde van de huishoudelijke arbeid van het slachtoffer, in de regel in mindering dient te worden gebracht van het totaalbedrag van de schade uit inkomstenverlies en verlies van de economische waarde van huishoudelijke arbeid. Het voert verder aan dat wanneer de besparing van onderhoudskosten gecompenseerd wordt door het pensioenverlies, zodat wegens dit verlies geen vergoeding wordt gevorderd, deze kosten niet kunnen worden afgetrokken van het bedrag van de huishoudelijke schade, daar dit zou neerkomen op een tweede aftrek wegens diezelfde besparing.
- Krachtens de artikelen 1382 en 1383 Burgerlijk Wetboek moet degene die door zijn schuld aan een ander schade veroorzaakt, deze schade vergoeden.
- Het recht op een rust- of overlevingspensioen is vreemd aan de verplichting van degene die een onrechtmatige daad heeft begaan, de schade volledig te vergoeden. Dit houdt echter niet in dat het verschil tussen het gezinspensioen en het pensioen voor een alleenstaande na het overlijden van de echtgenote, geen schade kan zijn die het gevolg is van de onrechtmatige daad. Dit verschil vindt, ook al is het mede het gevolg van de pensioenwetgeving, immers zijn oorzaak in de onrechtmatige daad.
- De appelrechters oordelen: ¿Dat [de eiser] niet langer een gezinspensioen geniet maar wel een pensioen als alleenstaande, staat los van de economische waarde huishoudelijke arbeid en is geen vergoedbare schade in oorzakelijk verband met het ongeval¿. Aldus schenden ze de artikelen 1382 en 1383 Burgerlijk Wetboek. Het middel is gegrond. Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden vonnis in zoverre het oordeelt over ¿de aftrek eigen onderhoud¿. Verwerpt het cassatieberoep voor het overige. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het gedeeltelijk vernietigde vonnis. Veroordeelt de eiser in de helft van de kosten en de verweersters in de overige helft. Verwijst de aldus beperkte zaak naar de Correctionele Rechtbank te Turnhout, zitting houdend in hoger beroep. Begroot de kosten op 135,60 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit raadsheer Luc Huybrechts, als waarnemend voorzitter, en de raadsheren Etienne Goethals, Jean-Pierre Frère, Paul Maffei en Luc Van hoogenbemt, en op de openbare terechtzitting van 29 mei 2007 uitgesproken door raadsheer Luc Huybrechts, in aanwezigheid van advocaat-generaal Marc Timperman, met bijstand van griffier Frank Adriaensen. PDF document ECLI:BE:CASS:2007:ARR.20070529.2 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div