id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 22 juni 2007 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2007:ARR.20070622.1 Rolnummer: C.07.0265.N Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Overige Invoerdatum: 2007-07-11 Raadplegingen: 443 - laatst gezien 2026-07-03 22:02 Versie(s): Vertaling FR Fiche 1 De mogelijkheid voor een partij of voor de Procureur-generaal bij het hof van beroep om de onttrekking van de zaak aan de rechter te vorderen wanneer deze gedurende meer dan zes maanden verzuimt de zaak te berechten die hij in beraad heeft genomen, is ook toepasselijk in strafzaken
(1)Zie Cass., 22 juni 2006, AR nr C.06.0221.N ECLI:BE:CASS:2006:ARR.20060622.6, www.cass.be Thesaurus CAS: VERWIJZING VAN EEN RECHTBANK NAAR EEN ANDERE - STRAFZAKEN UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - BEVOEGDHEID - Onttrekking van de zaak - Algemeen Vrije woorden: Verzuim meer dan zes maanden de zaak te berechten - Verzoek van de Procureur-generaal bij het Hof van Beroep - Ontvankelijkheid Wettelijke bepalingen: Gerechtelijk Wetboek - 10-10-1967 - Artt. 648, 4°, en 652 Fiche 2 Wanneer het Hof ingevolge een verzoek tot onttrekking vaststelt dat de rechter reeds meer dan zes maanden verzuimd heeft de zaak te berechten die hij in beraad genomen heeft, terwijl de zaak zelf geen bijzondere kenmerken vertoont die zouden kunnen verantwoorden dat de zaak zo lang in beraad werd gehouden, en de persoonlijke toestand van de betrokkene die van zittingen ontlast werd, evenmin dit uitstel kan verantwoorden, onttrekt het de zaak aan de rechter en verwijst het de zaak naar dezelfde rechtbank, anders samengesteld, nu de beslissing over het geschil in het belang van een goede rechtsbedeling niet langer mag uitblijven. Thesaurus CAS: VERWIJZING VAN EEN RECHTBANK NAAR EEN ANDERE - STRAFZAKEN UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - BEVOEGDHEID - Onttrekking van de zaak - Algemeen Vrije woorden: Verzuim meer dan zes maanden de zaak te berechten - Onttrekking van de zaak aan de rechter - Persoonlijke toestand van de rechter Wettelijke bepalingen: Gerechtelijk Wetboek - 10-10-1967 - Artt. 648, 4°, en 652 Tekst van de beslissing Nr. C.07.0265.N PROCUREUR-GENERAAL BIJ HET HOF VAN BEROEP TE GENT, met kabinet te 9000 Gent, Koophandelsplein 23, verzoeker tot onttrekking van de zaak aan de rechter, in de zaak S/643/2000 van ARBEIDSAUDITEUR BIJ HET ARBEIDSAUDITORAAT TE BRUGGE, te 8000 Brugge, Kazernevest 3, tegen
- D.M., vertegenwoordigd door mr. Luc Vanheeswijck, advocaat bij de balie te Brussel, kantoor houdende te 1000 Brussel, Verenigingstraat 57-59,
- V.P., vertegenwoordigd door mr. Jan Debusscher, advocaat bij de balie te Brugge, kantoor houdende te 8000 Brugge, Witteleertouwerstraat 7,
- V.K., vertegenwoordigd door mr. Bruno Blanpain, advocaat bij de balie te Brussel, kantoor houdende te 1150 Brussel, Tervurenlaan 270,
- ARPLAM, naamloze vennootschap, met zetel te 8000 Brugge, Pathoekeweg 130, vertegenwoordigd door mr. Clive Van Aerde, advocaat bij de balie te Brugge, kantoor houdende te 8200 Brugge, Rijselstraat 274,
- C.R.. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF De verzoeker heeft op 8 juni 2007 een verzoek neergelegd tot onttrekking van de zaak met nr. S/643/2000 aan de rechters wegens verzuim van meer dan zes maanden om de zaak te berechten. Op 15 juni 2007 heeft de griffie van het Hof opmerkingen ontvangen van de voorzitter van het gerecht en op 18 juni 2007 opmerkingen van de voorzitter van de 17e correctionele kamer van de Rechtbank van Eerste Aanleg te Brugge. De tussenkomende partijen Arplam en V. hebben opmerkingen gemaakt. Voorzitter Ivan Verougstraete heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Dirk Thijs heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling
- Het verzoekschrift is gebaseerd op de omstandigheid dat op de terechtzitting van 8 november 2006 de zaak door de rechter in beraad werd genomen en dat de rechters reeds meer dan zes maanden verzuimd hebben de zaak te berechten die zij in beraad hebben genomen.
- Anders dan de tussenkomende partij P.V. betoogt is de onttrekking op grond van verzuim uit te spreken toepasselijk in strafzaken.
- De korpschef van de magistraten verklaart dat er geen rechtvaardiging is voor de laattijdigheid. Rechter V. verklaart dat hij het uitblijven van een uitspraak wijt aan de aard van de zaak en aan zijn persoonlijke toestand.
- De zaak zelf vertoont geen bijzondere kenmerken die zouden kunnen verantwoorden dat de zaak zo lang in beraad werd gehouden. De persoonlijke toestand van rechter V. die voor het inhalen van zijn achterstand reeds met minder zittingen werd belast, kan dit evenmin verantwoorden.
- De beslissing over het geschil mag in het belang van een goede rechtsbedeling niet langer uitblijven. Dictum Het Hof, Onttrekt de zaak met nr. S/643/2000, ingeschreven op de rol van de Rechtbank van Eerste Aanleg te Brugge, aan de rechters P. V., L. M. en C. D. Verwijst de zaak naar de Rechtbank van Eerste Aanleg te Brugge, anders samengesteld. Veroordeelt de Belgische Staat in de kosten. De kosten zijn begroot op de som van nul euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit voorzitter Ivan Verougstraete als voorzitter, afdelingsvoorzitter Edward Forrier, en de raadsheren Luc Huybrechts, Christine Matray en Beatrijs Deconinck, en op de openbare terechtzitting van 22 juni 2007 uitgesproken door voorzitter Ivan Verougstraete, in aanwezigheid van advocaat-generaal Dirk Thijs, met bijstand van griffier Philippe Van Geem. PDF document ECLI:BE:CASS:2007:ARR.20070622.1 Gerelateerde publicatie(s) precedenten: ECLI:BE:CASS:2006:ARR.20060622.6 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div