← België

ECLI:BE:CASS:2007:ARR.20071120.4

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 20 november 2007 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2007:ARR.20071120.4 Rolnummer: P.07.1528.N Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Internationaal publiekrecht - Overige - Strafrecht Invoerdatum: 2007-12-06 Raadplegingen: 683 - laatst gezien 2026-07-03 05:59 Versie(s): Vertaling FR Fiches 1 - 4 De artikelen 6.1, E.V.R.M., en 14, I.V.B.P.R., zijn niet van toepassing op de strafuitvoeringsrechtbank

(1).
(1)De rechtspraak van het Hof is gevestigd in de zin dat artikel 6, E.V.R.M., niet geldt in de strafuitvoering nu in deze procesfase immers reeds uitspraak over de gegrondheid van de vervolgingen werd gedaan. (Cass., 10 okt. 2007, AR P.07.1362.F ECLI:BE:CASS:2007:ARR.20071010.5 en 6 nov. 2007, AR P.07.1463.N ECLI:BE:CASS:2007:ARR.20071106.6). Indien in het kader van de strafuitvoering disciplinaire sancties werden opgelegd, die aan het criterium van strafvervolging beantwoorden, zou er wel ruimte voor toepassing van artikel 6, E.V.R.M., kunnen zijn (C. VAN DEN WYNGAERT, Strafrecht, strafprocesrecht & internationaal strafrecht, Antwerpen, Maklu, 2006, 625). Deze auteur stelt dat, waar artikel 6, E.V.R.M., geen toepassing vindt op de commissies VI, hetzelfde zal gelden voor de strafuitvoeringsrechtbanken (C. VAN DEN WIJNGAERT, o.c., 626; Cass., 7 maart 2000, AR P.99.1894.N ECLI:BE:CASS:2000:ARR.20000307.8, nr 159). Volgens A. MASSET is de toepassing van artikel 6, E.V.R.M., voor de strafuitvoeringsrechtbanken evenmin een uitgemaakte zaak (La publicité du prononcé des jugements du tribunal de l'application des peines; l'impossible solution, noot onder Cass., 24 juli 2007, J.L.M.B., 2007, 1503). De gevallen waarin strafuitvoeringsmaatregelen of strafuitvoeringsmodaliteiten aan de orde blijken te zijn geweest in de rechtspraak van het E.H.R.M., betreffen in feite de interne rechtspositie van de gedetineerde doch niet de externe rechtspositie. Dit is het geval in E.H.R.M., 11 jan. 2005, Musumeci t. Italië en E.H.R.M., 30 okt. 2003, Ganci t. Italië. In de mate waarin het E.H.R.M., beslist dat artikel 6, ook van toepassing is in de uitvoeringsfase, bleek dat enkel om burgerlijke zaken te gaan (zie daarover ook: J. MEESE, De duur van het strafproces. Onderzoek naar de termijn waarbinnen een strafprocedure moet of mag worden afgehandeld, Brussel, Larcier, 2006, nr 368, die wél een opening laat voor de strafuitvoeringsrechtbanken). Ook KUTY komt tot een vergelijkbaar besluit (F. KUTY, Justice pénale et procès équitable, Vol. I, Brussel, Larcier, 2006, 72-73). Hij verwijst bovendien naar een arrest van het Hof van cassatie van 24 feb. 2004 (P.03.1652.N ECLI:BE:CASS:2004:ARR.20040224.20, nr 99) waarin werd beslist dat ten gevolge van de vordering van de procureur des Konings, bedoeld in artikel 10, van de Wet van 23 mei 1990, inzake de overbrenging tussen Staten van de gevonniste personen, en strekkende tot het zien aanpassen van de in het buitenland uitgesproken straf aan die welke in de Belgische wet is bepaald voor een misdrijf van dezelfde aard, de rechtbank niet oordeelt over de gegrondheid van een ingestelde strafvervolging in de zin van artikel 6, E.V.R.M., maar enkel over de eventuele aanpassing van een reeds in het buitenland uitgesproken straf of maatregel met het oog op een verdere uitvoering ervan in België. Thesaurus CAS: RECHTEN VAN DE MENS - VERDRAG RECHTEN VAN DE MENS - Artikel 6 - Artikel 6.1 UTU-thesaurus: GRENSOVERSCHRIJDEND RECHT - MENSENRECHTEN - EVRM - Rechten - vrijheden - Vrijheid, veiligheid - art. 5 - Rechten gearresteerde/gevangen gehoudene: schadeloosstelling Vrije woorden: Strafuitvoeringsrechtbank - Toepassing Thesaurus CAS: RECHTEN VAN DE MENS - INTERNATIONAAL VERDRAG BURGERRECHTEN EN POLITIEKE RECHTEN UTU-thesaurus: GRENSOVERSCHRIJDEND RECHT - MENSENRECHTEN - EVRM - Rechten - vrijheden - Vrijheid, veiligheid - art. 5 - Rechten gearresteerde/gevangen gehoudene: schadeloosstelling Vrije woorden: Artikel 14 - Strafuitvoeringsrechtbank - Toepassing Thesaurus CAS: RECHTBANKEN - STRAFZAKEN - Allerlei UTU-thesaurus: GRENSOVERSCHRIJDEND RECHT - MENSENRECHTEN - EVRM - Rechten - vrijheden - Vrijheid, veiligheid - art. 5 - Rechten gearresteerde/gevangen gehoudene: schadeloosstelling Vrije woorden: Strafuitvoeringsrechtbank - Artikel 6.1, E.V.R.M. - Artikel 14, I.V.B.P.R. - Toepassing Thesaurus CAS: STRAFUITVOERING UTU-thesaurus: GRENSOVERSCHRIJDEND RECHT - MENSENRECHTEN - EVRM - Rechten - vrijheden - Vrijheid, veiligheid - art. 5 - Rechten gearresteerde/gevangen gehoudene: schadeloosstelling Vrije woorden: Strafuitvoeringsrechtbank - Artikel 6.1, E.V.R.M. - Artikel 14, I.V.B.P.R. - Toepassing Tekst van de beslissing Nr. P.07.1528.N M. B., veroordeelde tot een vrijheidsstraf, eiser, met als raadsman mr. Jürgen Millen, advocaat bij de balie te Tongeren. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis van de Strafuitvoeringsrechtbank te Gent, van 19 oktober 2007. De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan. Raadsheer Koen Mestdagh heeft verslag uitgebracht. Eerste advocaat-generaal Marc De Swaef heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Eerste middel 1. Het middel voert schending aan van de artikelen 6.1 EVRM en 14 IVBPR: zowel ter rechtszitting als in het vonnis geeft de strafuitvoeringsrechtbank blijk van vooringenomenheid en miskent zij de subjectieve onpartijdigheidsplicht. 2. De artikelen 6.1 EVRM en 14 IVBPR zijn van toepassing op de gerechten die uitspraak doen over de burgerlijke rechten en verplichtingen van de burger of over de gegrondheid van de tegen hem ingestelde strafvordering. De strafuitvoeringsrechtbank doet daarover geen uitspraak. In zoverre het middel schending van de artikelen 6 EVRM en 14 IVBPR aanvoert, faalt het naar recht. 3. Een strafuitvoeringsrechtbank geeft geen blijk van vooringenomenheid door de enkele omstandigheid dat zij op grond van het verleden van de veroordeelde en de feitelijke omstandigheden op het ogenblik van haar vonnis, een oordeel uitspreekt over de vermoedelijke toekomst van de strafuitvoering en de plannen van de veroordeelde niet geloofwaardig acht. In zoverre kan het middel niet worden aangenomen. 4. Voor het overige vraagt het middel een onderzoek van feiten waarvoor het Hof niet bevoegd is. In zoverre is het middel niet ontvankelijk. Tweede middel 5. Het middel dat formeel een motiveringsgebrek aanvoert, komt in werkelijkheid geheel op tegen de feitelijke beoordeling van het bestaan van tegenaanwijzingen door de rechter. Het middel is niet ontvankelijk. Ambtshalve onderzoek van de beslissing 6. De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser in de kosten. Begroot de kosten op 5,31 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Edward Forrier, als voorzitter, en de raadsheren Luc Huybrechts, Etienne Goethals, Jean-Pierre Frère en Koen Mestdagh, en op de openbare rechtszitting van 20 november 2007 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Edward Forrier, in aanwezigheid van eerste advocaat-generaal Marc De Swaef, met bijstand van afgevaardigd adjunct-griffier Conny Van de Mergel. PDF document ECLI:BE:CASS:2007:ARR.20071120.4 Gerelateerde publicatie(s) geciteerd door: ECLI:BE:CASS:2020:CONC.20200722.VAK.3 precedenten: ECLI:BE:CASS:2000:ARR.20000307.8 ECLI:BE:CASS:2004:ARR.20040224.20 ECLI:BE:CASS:2007:ARR.20071010.5 ECLI:BE:CASS:2007:ARR.20071106.6 zie ook recenter: ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20101228.1 ECLI:BE:CASS:2015:ARR.20150623.4 ECLI:BE:CASS:2016:ARR.20160113.3 ECLI:BE:CASS:2016:ARR.20161122.4 ECLI:BE:CASS:2022:ARR.20220126.2F.10 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.