← België

ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20080318.3

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 18 maart 2008 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2008

Art. 159Decreet Vlaamse Raad - 18-05-1999 - Artt.

4 en 149 Fiche 2 Wanneer de wettigheid van de vordering tot herstel van de plaats in de oorspronkelijke toestand wordt aangevochten, gaat de rechter niet alleen na of de beslissing van de stedenbouwkundig inspecteur om die bepaalde herstelmaatregel te vorderen uitsluitend met het oog op de goede ruimtelijke ordening is genomen, hij moet bovendien in het bijzonder nagaan of deze vordering niet kennelijk onredelijk is en hij moet afwegen of geen andere herstelmaatregel noodzakelijk is, dit onder meer op grond van de aard van de overtreding, de omvang en de aantasting van de goede ruimtelijke ordening en het voordeel dat voor de ruimtelijke ordening ontstaat door het herstel van de plaats in de oorspronkelijke toestand tegenover de last die daaruit voor de overtreder voortvloeit

(1).
(1)Zie Cass., 4 feb. 2003, AR P.01.1462.N ECLI:BE:CASS:2003:ARR.20030204.2, A.C., 2003, nr. 80. Thesaurus CAS: STEDENBOUW - HERSTEL VAN PLAATS IN DE VORIGE STAAT. BETALING VAN EEN MEERWAARDE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RUIMTELIJKE ORDENING - Vlaams Gewest - Verordeningen - Stedenbouwkundige verordeningen Vrije woorden: Herstelvordering - Beoordeling door de rechter Wettelijke bepalingen:

Art. 159Decreet Vlaamse Raad - 18-05-1999 - Artt.

4 en 149 Fiche 3 Artikel 149, § 1, eerste lid, Stedenbouwdecreet 1999 laat niet toe dat de rechter op grond van de enkele vaststelling, dat de gevorderde maatregel van herstel van de plaats in de oorspronkelijke toestand leidt tot een onevenredige last voor de overtreder in vergelijking tot het voordeel voor de ruimtelijke ordening, zou oordelen dat geen herstel van de aantasting van de goede ruimtelijke ordening noodzakelijk is; om het gevorderde herstel van de plaats in de oorspronkelijke toestand te kunnen afwijzen moet de rechter vaststellen dat ook met een minder ingrijpende maatregel de goede ruimtelijke ordening kan worden hersteld. Thesaurus CAS: STEDENBOUW - HERSTEL VAN PLAATS IN DE VORIGE STAAT. BETALING VAN EEN MEERWAARDE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RUIMTELIJKE ORDENING - Vlaams Gewest - Verordeningen - Stedenbouwkundige verordeningen Vrije woorden: Herstelvordering - Vordering tot herstel van de plaats in de oorspronkelijke toestand - Beoordeling door de rechter - Artikel 149, § 1, eerste lid, Stedenbouwdecreet Wettelijke bepalingen:

Art. 159Decreet Vlaamse Raad - 18-05-1999 - Art.

149, § 1 Tekst van de beslissing Nr. P.07.1509.N GEWESTELIJK STEDENBOUWKUNDIG INSPECTEUR VAN OOST-VLAANDEREN, met kantoor te 9000 Gent, Gebroeders Van Eyckstraat 2-6, eiser tot herstel, eiser, vertegenwoordigd door mr. Huguette Geinger, advocaat bij het Hof van Cassatie, tegen

  1. S G R B, beklaagde, met als raadslieden mr. Bert Roelandts en mr. Hans Van Landeghem, advocaten bij de balie te Gent,
  2. M-H M G V V, beklaagde, met als raadslieden mr. Bert Roelandts en mr. Hans Van Landeghem, advocaten bij de balie te Gent,
  3. G A L C M G D M D H, beklaagde, ter rechtszitting bijgestaan door mr. Koenraad Van de Sijpe, advocaat bij de balie te Dendermonde, loco mr. Wim De Cuyper, advocaat bij de balie te Dendermonde,
  4. MABEMO nv, met zetel te 8700 Tielt, Felix D'Hoopstraat 175, beklaagde, verweerders. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van 21 september 2007 van het Hof van Beroep te Gent, correctionele kamer. De eiser voert in een memorie die aan dit arrest wordt gehecht, één middel aan. Raadsheer Etienne Goethals heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Marc Timperman heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Middel Eerste onderdeel
  5. Het onderdeel voert schending aan van de artikelen 99, § 1, 145, § 1, eerste lid, en 4°, 146 en 149, § 1, eerste lid, Stedenbouwdecreet 1999, artikel 1 van de planologische voorschriften van het bij KB 14 september 1997 definitief vastgesteld gewestplan Gentse en Kanaalzone, en artikel 159 Grondwet.
  6. Het onderdeel voert aan dat de appelrechters op grond van hun vaststellingen en de overige vaststaande gegevens zoals die blijken uit het definitief vonnis van de Correctionele Rechtbank te Gent van 17 januari 2003 niet vermochten te oordelen dat de vordering van de eiser tot het herstel in de oorspronkelijke staat, met toekenning van een dwangsom, steunde op een opvatting van de ruimtelijke ordening die kennelijk onredelijk is.
  7. Sinds het arrest van het Grondwettelijk Hof nr. 14/2005 van 19 januari 2005 bepaalt artikel 149, § 1, eerste lid, Stedenbouwdecreet 1999: "Naast de straf kan de rechtbank bevelen de plaats in de oorspronkelijke toestand te herstellen of het strijdige gebruik te staken, en/of bouw- of aanpassingswerken uit te voeren en/of een geldsom te betalen gelijk aan de meerwaarde die het goed door het misdrijf heeft verkregen. Dit gebeurt op de vordering van de stedenbouwkundig inspecteur of van het college van burgemeester en schepenen op wier grondgebied de werken, handelingen of wijzigingen, bedoeld in artikel 146, werden uitgevoerd. Indien deze inbreuken dateren van [...] is voorafgaand een eensluidend advies van de Hoge Raad voor het Herstelbeleid vereist."
  8. De rechter gaat na of de beslissing van de stedenbouwkundig inspecteur om een bepaalde herstelmaatregel te vorderen, uitsluitend met het oog op de goede ruimtelijke ordening is genomen. Hij moet de vordering die steunt op motieven die vreemd zijn aan de ruimtelijke ordening of op een opvatting van een goede ruimtelijke ordening die kennelijk onredelijk is, zonder gevolg laten. Wanneer de wettigheid van de vordering tot herstel van de plaats in de oorspronkelijke toestand wordt aangevochten, gaat de rechter bovendien in het bijzonder na of deze vordering niet kennelijk onredelijk is. Hij moet afwegen of geen andere herstelmaatregel noodzakelijk is, dit onder meer op grond van de aard van de overtreding, de omvang en de aantasting van de goede ruimtelijke ordening en het voordeel dat voor de ruimtelijke ordening ontstaat door het herstel van de plaats in de oorspronkelijke toestand tegenover de last die daaruit voor de overtreder voortvloeit.
  9. Artikel 149, § 1, eerste lid, Stedenbouwdecreet 1999 laat evenwel niet toe dat de rechter op grond van de enkele vaststelling dat de gevorderde maatregel leidt tot een onevenredige last voor de overtreder in vergelijking tot het voordeel voor de ruimtelijke ordening, zou oordelen dat geen herstel van de aantasting van de goede ruimtelijke ordening noodzakelijk is. Om het gevorderde herstel van de plaats in de oorspronkelijke toestand te kunnen afwijzen, moet de rechter vaststellen dat ook met een minder ingrijpende maatregel de goede ruimtelijke ordening kan worden hersteld.
  10. Te dezen oordelen de appelrechters op grond van een aantal gegevens dat de herstelvordering tot verwijdering van het zwembad steunt op een opvatting van de goede ruimtelijke ordening die kennelijk onredelijk is, namelijk: - de gunstige adviezen van het schepencollege van de gemeente Destelbergen en van de afdelingen land van de administratie milieu-, natuur, land- en waterbeheer van het departement Leefmilieu en Infrastructuur van het ministerie van de Vlaamse Gemeenschap, naar aanleiding van een aanvraag tot het regulariseren van de uitbreiding van het zwembad; - de feitelijke vaststellingen die door de eerste rechter werden verricht naar aanleiding van een plaatsbezoek; - de door de verweerders overgemaakte fotoreportage van de inplanting van het zwembad en de omgeving, en luchtfoto's. Naar het oordeel van de appelrechters brengen deze gegevens, samen beschouwd, mee "dat zo de uitvoering van het gevorderd herstel al enig voordeel voor de goede ordening van de ruimte zou meebrengen, dit voordeel duidelijk niet zou opwegen tegen de last die er voor de (verweerders) ongetwijfeld uit zou voortvloeien". Afgezien van de vaststaande overtreding van de toepasselijke stedenbouwkundige en planologische voorschriften waarvoor de verweerders werden veroordeeld, sluiten de appelrechters aldus een mogelijke aantasting van de goede ruimtelijke ordening door het niet verwijderen van het zwembad niet uit. Zij stellen evenwel de mogelijkheid van een minder ingrijpende en wettelijk toegelaten maatregel dan het gevorderde herstel in de oorspronkelijke toestand, voor het herstel van deze aantasting niet vast. Zij verantwoorden aldus hun beslissing dat deze vordering kennelijk onredelijk is, niet naar recht. Het onderdeel is gegrond. Tweede onderdeel
  11. Het tweede onderdeel kan niet tot een ruimere cassatie leiden en behoeft dus geen antwoord. Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden arrest. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het vernietigde arrest. Veroordeelt de verweerders tot de kosten. Verwijst de zaak naar het Hof van Beroep te Brussel. Begroot de kosten op 572,94 euro waarvan 251,26 euro verschuldigd is en 321,68 euro betaald werd. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Edward Forrier, als voorzitter, en de raadsheren Luc Huybrechts, Etienne Goethals, Paul Maffei en Luc Van hoogenbemt, en op de openbare rechtszitting van 18 maart 2008 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Edward Forrier, in aanwezigheid van advocaat-generaal Marc Timperman, met bijstand van afgevaardigd griffier Véronique Kosynsky. PDF document ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20080318.3 Gerelateerde publicatie(s) geciteerd door: ECLI:BE:CAMON:2018:ARR.20180420.2 ECLI:BE:CASS:2011:CONC.20111004.3 ECLI:BE:CASS:2013:CONC.20130208.1 precedenten: ECLI:BE:CASS:2003:ARR.20030204.2 ECLI:BE:CASS:2004:ARR.20040615.14 ECLI:BE:CASS:2004:ARR.20041012.6 ECLI:BE:CASS:2004:ARR.20041103.14 ECLI:BE:CASS:2005:ARR.20050603.30 zie ook recenter: ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20090210.14 ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20090210.20 ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20090217.10 ECLI:BE:CASS:2011:ARR.20110325.4 ECLI:BE:CASS:2011:ARR.20110517.6 ECLI:BE:CASS:2012:ARR.20120111.7 ECLI:BE:CASS:2012:ARR.20120327.7 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.