← België

ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20080429.3

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 29 april 2008 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20080429.3 Rolnummer: P.08.0404.N Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Strafrecht Invoerdatum: 2008-05-27 Raadplegingen: 309 - laatst gezien 2026-07-03 11:04 Versie(s): Vertaling FR Fiche Wanneer de correctionele rechtbank zich onbevoegd heeft verklaard om kennis te nemen van de strafvordering op grond dat de raadkamer een misdaad niet heeft gecorrectionaliseerd, hoewel de raadkamer had gecorrectionaliseerd met overname van de beweegredenen van de vordering van de procureur des Konings die onder meer betrekking hadden op de voor die misdaad in aanmerking te nemen verzachtende omstandigheden, vernietigt het Hof dat beslist tot regeling van rechtsgebied, het vonnis van de correctionele rechtbank en verwijst het de zaak naar dezelfde, anders samengestelde rechtbank

(1).
(1)Cass., 9 jan. 2001, AR P.00.1629.N ECLI:BE:CASS:2001:ARR.20010109.7, A.C., 2001, nr.
  1. Thesaurus CAS: REGELING VAN RECHTSGEBIED - STRAFZAKEN - Tussen onderzoeksgerecht en vonnisgerecht - Aard van het misdrijf UTU-thesaurus: STRAFRECHT - VERWIJZING VAN EEN RECHTBANK NAAR EEN ANDERE (STRAFZAKEN) - Regeling van rechtsgebied Vrije woorden: Regeling der rechtspleging - Raadkamer - Misdaad - Verzachtende omstandigheden - Overname der beweegredenen van de vordering van de procureur des Konings - Verwijzing naar de correctionele rechtbank wegens gecorrectionaliseerde misdaad - Beslissing van het vonnisgerecht - Beslissing van onbevoegdverklaring - Beslissing niet naar recht verantwoord - Vernietiging van het vonnis van de correctionele rechtbank - Verwijzing naar dezelfde, anders samengestelde rechtbank Wettelijke bepalingen: Wetboek van Strafvordering - 17-11-1808 - Artt. 525, 527bis en 528 - 30 ELI link Pub nr 1808111701 Tekst van de beslissing Nr. P.08.0404.N PROCUREUR DES KONINGS BIJ DE RECHTBANK VAN EERSTE AANLEG TE BRUSSEL, verzoeker tot regeling van rechtsgebied, inzake
  2. S C, beklaagde,
  3. B S, beklaagde,
  4. D V, beklaagde,
  5. M P M C, beklaagde. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het verzoek tot regeling van rechtsgebied heeft betrekking op: - de beschikking van de raadkamer van de Rechtbank van Eerste Aanleg te Brussel van 18 april 2006; - het vonnis van de Correctionele Rechtbank te Brussel van 8 november
  6. De verzoeker licht in zijn verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, het verzoek toe. Raadsheer Luc Huybrechts heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Marc Timperman heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling
  7. De hoger vermelde, eerste, tweede en derde beklaagden werden bij beschikking van de raadkamer bij de Rechtbank van Eerste Aanleg te Brussel van 18 april 2006 naar de correctionele rechtbank aldaar verwezen wegens mededaderschap aan onder meer A. een drugsmisdrijf, met de omstandigheid dat het gepleegd werd ten opzichte van een minderjarige ouder dan zestien jaar, feit omschreven en als misdaad strafbaar gesteld bij: - de artikelen 2bis, § 1, 2a en 5, Drugswet; - de artikelen 1.15, 11, 26bis en 28 van het koninklijk besluit van 31 december 1930 houdende regeling van de slaapmiddelen en de verdovende middelen en betreffende risicobeperking en therapeutisch advies; - de artikelen 2, 3, § 1, en 45 van het koninklijk besluit van 22 januari 1998 houdende regeling van sommige psychotrope stoffen en betreffende risicobeperking en therapeutisch advies.
  8. In zijn op tegenspraak gewezen vonnis van 8 november 2006 overweegt de Correctionele Rechtbank te Brussel: "Bij beschikking van 18 april 2006 verwees de raadkamer de vier beklaagden naar de correctionele rechtbank, echter zonder melding te maken van de verzachtende omstandigheden. De feiten sub A zijn als misdaden gekwalificeerd; de rechtbank is onbevoegd". Hierop verklaarde de rechtbank zich onbevoegd om van de gehele zaak kennis te nemen.
  9. Tegen de beschikking van de raadkamer staat vooralsnog geen rechtsmiddel open en het vonnis van de correctionele rechtbank heeft kracht van gewijsde. De tegenstrijdigheid van de beschikking en het vonnis doen een geschil van rechtsmacht ontstaan dat de verdere rechtspleging belemmert.
  10. De rechtsvordering van de procureur des Konings bij de rechtbank van eerste aanleg strekkende tot verwijzing van de beklaagden naar de correctionele rechtbank vorderde het aannemen van verzachtende omstandigheden wat betreft de telastlegging A. De beschikking van de raadkamer vermeldt: "De beweegredenen van de vordering overnemende". Aldus heeft de raadkamer voor de telastlegging A waarvoor de eerste, de tweede en de derde verweerder naar de correctionele rechtbank verwezen worden, wel verzachtende omstandigheden aangenomen. De beslissing van onbevoegdheid van de correctionele rechtbank is derhalve niet naar recht verantwoord. Dictum Het Hof, Regelt het rechtsgebied, Vernietigt het vonnis van de Correctionele Rechtbank te Brussel van 8 november
  11. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het vernietigde vonnis. Verwijst de zaak naar de Correctionele Rechtbank te Brussel, anders samengesteld. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Edward Forrier, als voorzitter, en de raadsheren Luc Huybrechts, Paul Maffei, Luc Van hoogenbemt en Koen Mestdagh, en op de openbare rechtszitting van 29 april 2008 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Edward Forrier, in aanwezigheid van advocaat-generaal Marc Timperman, met bijstand van griffier Frank Adriaensen. PDF document ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20080429.3 Gerelateerde publicatie(s) geciteerd door: ECLI:BE:CASS:2026:CONC.20260211.2F.2 precedenten: ECLI:BE:CASS:2001:ARR.20010109.7 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.