id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 13 mei 2008 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20080513.4 Rolnummer: P.08.0167.N Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Strafrecht - Overige Invoerdatum: 2008-06-04 Raadplegingen: 706 - laatst gezien 2026-07-03 17:18 Versie(s): Vertaling FR Fiches 1 - 2 Nu de artikelen 193, 196, 197, 213 en 214 Strafwetboek het gebruik van de valse akte of het valse stuk of de wijze van gebruik niet nader bepalen is gebruik de materiële gedraging van het zich bedienen van de akte of het stuk om er een bepaald doel mee te bereiken; de feitenrechter oordeelt onaantastbaar of de materiële gedraging die de beklaagde ten laste wordt gelegd, dergelijk gebruik uitmaakt en het Hof kan alleen toetsen of de rechter bij zijn beoordeling de gewone betekenis van het woord niet miskent
(1).
(1)S. Van Dyck, Valsheid in geschriften en gebruik van valse geschriften, Intersentia, Antwerpen, 2007, nr. 333 tot 338. Thesaurus CAS: VALSHEID EN GEBRUIK VAN VALSE STUKKEN UTU-thesaurus: STRAFRECHT - MISDRIJVEN EN HUN STRAFFEN - Misdrijven tegen openbare trouw - Valsheid - In geschriften Vrije woorden: Gebruik van valse stukken Thesaurus CAS: ONAANTASTBARE BEOORDELING DOOR DE FEITENRECHTER UTU-thesaurus: STRAFRECHT - MISDRIJVEN EN HUN STRAFFEN - Misdrijven tegen openbare trouw - Valsheid - In geschriften Vrije woorden: Gebruik van valse stukken Fiche 3 Hij die, wanneer het stuk of de akte zelf het voorwerp is van een vordering of een tenlastelegging, zich enkel verweert tegen de aantijging van de valsheid van een akte of een stuk, maakt zich niet schuldig aan een strafbaar gebruik ervan
(1).
(1)Cass., 18 maart 1980, A.C., 1979-1980, nr. 451; Cass., 16 juni 1987, AR nr. 9893, A.C., 1986-1987, nr. 628. Thesaurus CAS: VALSHEID EN GEBRUIK VAN VALSE STUKKEN UTU-thesaurus: STRAFRECHT - MISDRIJVEN EN HUN STRAFFEN - Misdrijven tegen openbare trouw - Valsheid - In geschriften Vrije woorden: Strafbaar gebruik - Verweer tegen aantijging van de valsheid Fiche 4 Het expliciet of impliciet steunen op een valse akte of een vals stuk tot staving van een vordering kan de materiële gedraging uitmaken waaruit de rechter een strafbaar gebruik daarvan wettig kan afleiden; zo is het gebruik van een valse akte of van een vals stuk in een procedure tegen de Belgische Staat, teneinde opheffing van een inhouding van BTW te verkrijgen geen louter verweer, maar strekt ertoe alsnog het oogmerk van de valsheid te verzekeren
(1).
(1)Cass., 19 april 1994, AR nr. 6902, A.C., 1994, nr. 186; Cass., 13 juni 2006, AR P.06.0306.N ECLI:BE:CASS:2006:ARR.20060613.4, A.C., 2006, nr. 327; Cass., 7 feb. 2007, AR P.06.1491.F ECLI:BE:CASS:2007:ARR.20070207.6, A.C., 2007, nr. ... Thesaurus CAS: VALSHEID EN GEBRUIK VAN VALSE STUKKEN UTU-thesaurus: STRAFRECHT - MISDRIJVEN EN HUN STRAFFEN - Misdrijven tegen openbare trouw - Valsheid - In geschriften Vrije woorden: Strafbaar gebruik - Materiële gedraging door het steunen op een valse akte of een vals stuk tot staving van een vordering Tekst van de beslissing Nr. P.08.0167.N
- A. J. A., beklaagde,
- W. A. E., beklaagde, eisers, vertegenwoordigd door mr. Johan Verbist, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1000 Brussel, Brederodestraat 13, alwaar de eisers woonplaats kiezen, tegen BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de minister van Financiën, voor wie optreedt de administratie van de BTW, registratie en domeinen, die voorheen woonplaats heeft gekozen bij advocaat. A. van Lidth de Jeude, met kantoor te 2018 Antwerpen, Van Bréestraat 21, burgerlijke partij, verweerder. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF De cassatieberoepen zijn gericht tegen het arrest van het Hof van Beroep te Antwerpen, correctionele kamer, van 20 december
- De eisers voeren in een memorie die aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan. Raadsheer Luc Huybrechts heeft verslag uitgebracht. Eerste advocaat-generaal Marc De Swaef heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Eerste middel Eerste onderdeel
- Het onderdeel voert schending aan van de artikelen 1319, 1320 en 1322 Burgerlijk Wetboek: door te oordelen dat de eisers, in de stellingen die zij hebben ontwikkeld in synthesebesluiten in een procedure voor de Rechtbank van Eerste Aanleg te Hasselt (stukken 1165-1199 en 1201-1237), onmiskenbaar steunen op de van valsheid betichte boekhoudkundige stukken en de stelling ontwikkeld in deze synthesebesluiten telkens gebaseerd is op de afwezigheid van een waarheidsvermomming in deze facturen, boekhoudkundige documenten en overige geschriften, miskennen de appelrechters de bewijskracht van de betrokken synthesebesluiten.
- Met de in het middel aanhaalde overwegingen geeft het bestreden arrest een uitlegging van de impliciete aanname waarop deze besluiten berusten. Deze uitlegging is niet onverenigbaar met de inhoud van deze besluiten. Het onderdeel mist feitelijke grondslag. Tweede onderdeel
- Het onderdeel voert schending aan van de artikelen 193, 196, 197, 213 en 214 Strafwetboek: het gebruik van een vals stuk vergt een materiële gedraging die bestaat uit het zich bedienen van het geschrift of het aanwenden ervan; de loutere omstandigheid dat de door de eisers in een burgerlijke procedure verdedigde stelling impliciet zou steunen op de van valsheid betichte stukken of dat deze stelling zou gebaseerd zijn op de afwezigheid van een waarheidsvermomming in deze facturen, volstond niet om te oordelen dat dergelijk vals geschrift is gebruikt.
- De artikelen 193, 196, 197, 213 en 214 Strafwetboek bepalen niet nader het gebruik van de valse akte of het valse stuk of de wijze van gebruik. Het woord moet dus in zijn gewone betekenis worden verstaan. In die gewone betekenis is gebruik de materiële gedraging van het zich bedienen van de akte of het stuk om er een bepaald doel mee te bereiken. De feitenrechter oordeelt onaantastbaar of de materiële gedraging die de beklaagde ten laste wordt gelegd, dergelijk gebruik uitmaakt. Het Hof kan alleen toetsen of de rechter bij zijn beoordeling de gewone betekenis van het woord niet miskent.
- Hij die, wanneer het stuk of de akte zelf het voorwerp is van een vordering of een tenlastelegging, zich enkel verweert tegen de aantijging van de valsheid van een akte of een stuk, maakt zich niet schuldig aan een strafbaar gebruik ervan. Daarentegen kan het expliciet of impliciet steunen op een valse akte of een vals stuk tot staving van een vordering de materiële gedraging uitmaken waaruit de rechter een strafbaar gebruik daarvan wettig kan afleiden. Het middel faalt naar recht. Derde onderdeel
- Het onderdeel voert miskenning aan van het algemeen rechtsbeginsel houdende eerbiediging van het recht van verdediging en schending van artikel 6 EVRM: de door de eisers tegen de Belgische Staat, betreffende de inhouding van een BTW-tegoed ingestelde procedure, was de enige wijze waarop de eisers hun recht van verdediging ten aanzien van de administratie konden vrijwaren.
- Het gebruik van een valse akte of van een vals stuk in een procedure tegen de Belgische Staat, ten einde opheffing van een inhouding van BTW te verkrijgen is geen louter verweer, maar strekt ertoe alsnog het oogmerk van de valsheid te verzekeren. Het onderdeel kan niet worden aangenomen. Vierde onderdeel
- Het onderdeel voert schending aan van de artikelen 1319, 1320 en 1322 Burgerlijk Wetboek: uit de omschrijving van de telastleggingen naar dewelke de appelrechters verwijzen, blijkt dat in de telastleggingen F.I en F.II geen gewag wordt gemaakt van valse stukken of valse facturen.
- De telastleggingen F.I en F.II verwijzen uitdrukkelijk naar de omstandigheden vermeld in de telastleggingen C. I en C.II, in hun oorspronkelijke omschrijving en latere heromschrijving, die de opsomming geven van de van valsheid betichte facturen. Het onderdeel mist feitelijke grondslag. Tweede middel
- Het middel voert schending aan van de artikelen 21, 21bis en 24 Voorafgaande Titel Wetboek van Strafvordering: de appelrechters steunen hun oordeel dat de verjaring van de strafvordering tegen de eisers nog niet aan de orde is, op hun onwettige beoordeling van het gebruik van de valse geschriften.
- Het middel berust op de aanname dat het eerste middel gegrond is. Het middel is niet ontvankelijk. Ambtshalve onderzoek van de beslissingen op de strafvordering
- De substantiële of op straffe van nietigheid voorge¬schreven rechts¬vormen zijn in acht genomen en de beslissingen zijn overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Verwerpt de cassatieberoepen. Veroordeelt de eisers in de kosten. Begroot de kosten op 163,71 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Edward Forrier, als voorzitter, en de raadsheren Luc Huybrechts, Etienne Goethals, Jean-Pierre Frère en Paul Maffei, en op de openbare rechtszitting van 13 mei 2008 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Edward Forrier, in aanwezigheid van eerste advocaat-generaal Marc De Swaef, met bijstand van afgevaardigd adjunct-griffier Conny Van de Mergel. PDF document ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20080513.4 Gerelateerde publicatie(s) geciteerd door: ECLI:BE:CASS:2020:CONC.20200324.1N.1 precedenten: ECLI:BE:CASS:2006:ARR.20060613.4 ECLI:BE:CASS:2007:ARR.20070207.6 zie ook recenter: ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20090113.4 ECLI:BE:CASS:2016:ARR.20160928.3 ECLI:BE:CASS:2020:ARR.20200311.2F.3 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div