← België

ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20080612.1

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 12 juni 2008 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20080612.1 Rolnummer: C.07.0081.N Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Overige Invoerdatum: 2008-07-01 Raadplegingen: 667 - laatst gezien 2026-07-03 15:24 Versie(s): Vertaling FR Fiche 1 De aanwijzing in een cassatiemiddel, van een wettelijke bepaling, zonder verdere vermeldingen, verwijst naar die bepaling zoals zij is gewijzigd of vervangen

(1).
(1)Cass., 30 mei 2003, AR C.00.0670.N ECLI:BE:CASS:2003:ARR.20030530.3, A.C., 2003, nr. 327. Thesaurus CAS: CASSATIEMIDDELEN - BURGERLIJKE ZAKEN - Vereiste vermeldingen UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - RECHTSMIDDELEN - GERECHTELIJK RECHT EN CASSATIE - Cassatiemiddelen in burgerlijke zaken Vrije woorden: Wettelijke bepaling - Aanwijzing Wettelijke bepalingen: Gerechtelijk Wetboek - 10-10-1967 - Art. 1080 Fiche 2 Niet ontvankelijk is het middel dat de schending aanvoert van een wetsbepaling, zoals gewijzigd in een op het geschil niet toepasselijke versie
(1).
(1)Zie Cass., 30 mei 2003, AR C.00.0670.N ECLI:BE:CASS:2003:ARR.20030530.3, A.C., 2003, nr.
  1. Thesaurus CAS: CASSATIEMIDDELEN - BURGERLIJKE ZAKEN - Vereiste vermeldingen UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - RECHTSMIDDELEN - GERECHTELIJK RECHT EN CASSATIE - Cassatiemiddelen in burgerlijke zaken Vrije woorden: Wettelijke bepaling - Wijziging - Geschil - Ontoepasselijkheid - Ontvankelijkheid Wettelijke bepalingen: Gerechtelijk Wetboek - 10-10-1967 - Art. 1080 Tekst van de beslissing Nr. C.07.0081.N K.M., eiser, vertegenwoordigd door mr. Paul Wouters, advocaat bij het Hof van Cassatie, kantoor houdende te 1050 Brussel, Vilain XIIII-straat 17, alwaar keuze van woonplaats wordt gedaan, tegen PROCUREUR-GENERAAL BIJ HET HOF VAN BEROEP TE ANTWERPEN, met kantoor op het parket-generaal te 2000 Antwerpen, Waalse Kaai, verweerder. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen een arrest, op 8 maart 2006 gewezen door de het Hof van Beroep te Antwerpen. Afdelingsvoorzitter Ernest Waûters heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal met opdracht André Van Ingelgem heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDEL De eiser voert in zijn verzoekschrift een middel aan. Het verzoekschrift is aan dit arrest gehecht en maakt er deel van uit. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling
  2. Artikel 1080 van het Gerechtelijk Wetboek bepaalt dat het verzoekschrift tot cassatie, op straffe van nietigheid, de vermelding bevat van de wettelijke bepalingen waarvan de schending wordt aangevoerd. De aanwijzing, in een cassatiemiddel, van een wettelijke bepaling, zonder verdere vermeldingen, verwijst naar die bepaling zoals zij is gewijzigd of vervangen.
  3. Het middel voert de schending aan van artikel 12bis, §§2 en 3, van de wet van 28 juni 1984 betreffende sommige aspecten van de toestand van de vreemdelingen en houdende invoering van een wetboek van de Belgische nationaliteit, zonder verdere precisering. Het middel voert derhalve schending aan van artikel 12, §§2 en 3, van voormelde wet zoals van toepassing ingevolge de vervanging ervan bij artikel 338, 3°, 4° en 5°, van de wet van 27 december 2006 houdende diverse bepalingen. Die bepalingen zijn krachtens artikel 338 van die wet in werking getreden op 28 december
  4. De aangewezen gewijzigde bepalingen hebben niet dezelfde inhoud als het middel aanvoert. Die wetsbepalingen zijn derhalve niet van toepassing op het geschil tussen de partijen dat beslecht werd bij het bestreden arrest van 8 maart
  5. Het middel dat niet de te dezen toepasselijke versie van artikel 12, §§2 en 3, van voormelde wet als geschonden aanwijst, is niet ontvankelijk. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser in de kosten. De kosten zijn begroot op de som van 481,59 euro jegens de eisende partij. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit eerste voorzitter Ghislain Londers, als voorzitter, de afdelingsvoorzitter Robert Boes en Ernest Waûters, en de raadsheren Eric Stassijns en Beatrijs Deconinck, en in openbare terechtzitting van 12 juni 2008 uitgesproken door eerste voorzitter Ghislain Londers, in aanwezigheid van advocaat-generaal met opdracht André Van Ingelgem met bijstand van adjunct-griffier Johan Pafenols. PDF document ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20080612.1 Gerelateerde publicatie(s) geciteerd door: ECLI:BE:CASS:2010:CONC.20100903.2 ECLI:BE:CASS:2011:CONC.20110407.2 ECLI:BE:CASS:2022:CONC.20221128.3F.4 ECLI:BE:CASS:2024:CONC.20240229.1N.9 precedenten: ECLI:BE:CASS:2003:ARR.20030530.3 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.