← België

ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20080612.3

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 12 juni 2008 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20080612.3 Rolnummer: C.07.0236.N Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Overige Invoerdatum: 2008-07-01 Raadplegingen: 621 - laatst gezien 2026-07-03 10:20 Versie(s): Vertaling FR Fiches 1 - 2 Wanneer de rechter termijnen bepaalt om conclusie te nemen, moeten telkens zowel de neerlegging van de conclusie ter griffie als de gelijktijdige toezending ervan aan de tegenpartij binnen de bepaalde termijn plaatsvinden

(1).
(1)Cass., 9 dec. 2005, voltallige zitting, AR C.04.0135.F ECLI:BE:CASS:2005:ARR.20051209.5, A.C., 2005, nr. 654, met concl. adv.-gen. WERQUIN in Pas. Thesaurus CAS: RECHTBANKEN - BURGERLIJKE ZAKEN - Algemeen UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - RECHTSPLEGING - Behandeling van de zaak - Conclusie Vrije woorden: Conclusietermijnen - Rechterlijke bepaling Wettelijke bepalingen: Gerechtelijk Wetboek - 10-10-1967 - Artt. 745, eerste lid, en 747, § 2, vijfde en zesde lid Thesaurus CAS: VONNISSEN EN ARRESTEN - BURGERLIJKE ZAKEN - Algemeen UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - RECHTSPLEGING - Behandeling van de zaak - Conclusie Vrije woorden: Conclusietermijnen - Rechterlijke bepaling Wettelijke bepalingen: Gerechtelijk Wetboek - 10-10-1967 - Artt. 745, eerste lid, en 747, § 2, vijfde en zesde lid Fiches 3 - 4 De neerlegging van de conclusie ter griffie en de gelijktijdige toezending ervan aan de tegenpartij zijn proceshandelingen in de zin van artikel 48 van het Gerechtelijk Wetboek, zodat de door de rechter bepaalde termijn om conclusie te nemen, die verstrijkt op een zaterdag, een zondag of een wettelijke feestdag, overeenkomstig artikel 53 van dit Wetboek wordt verplaatst op de eerstvolgende werkdag. Thesaurus CAS: RECHTBANKEN - BURGERLIJKE ZAKEN - Algemeen UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - RECHTSPLEGING - Behandeling van de zaak - Conclusie Vrije woorden: Neerlegging en toezending van conclusies - Aard - Rechterlijk bepaalde termijn - Vervaldag Wettelijke bepalingen: Gerechtelijk Wetboek - 10-10-1967 - Artt. 48 en 53 Thesaurus CAS: VONNISSEN EN ARRESTEN - BURGERLIJKE ZAKEN - Algemeen UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - RECHTSPLEGING - Behandeling van de zaak - Conclusie Vrije woorden: Neerlegging en toezending van conclusies - Aard - Rechterlijk bepaalde termijn - Vervaldag Wettelijke bepalingen: Gerechtelijk Wetboek - 10-10-1967 - Artt. 48 en 53 Tekst van de beslissing Nr. C.07.0236.N 1. D.K.L, en, 2. K.R., eisers, vertegenwoordigd door mr. Bruno Maes, advocaat bij het Hof van Cassatie, kantoor houdende te 1000 Brussel, Central Plaza, Loksumstraat 25, alwaar keuze van woonplaats wordt gedaan, tegen 1. V. B.B., 2. ECHELLES PIRET, naamloze vennootschap, met zetel te 1420 Eigenbrakel, Petite rue de la Gare 13, verweerders, vertegenwoordigd door mr. Huguette Geinger, advocaat bij het Hof van Cassatie, kantoor houdende te 1000 Brussel, Quatre Brasstraat 6, alwaar keuze van woonplaats wordt gedaan. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen een vonnis, op 19 december 2006 in hoger beroep gewezen door de Rechtbank van Eerste Aanleg te Mechelen. Raadsheer Beatrijs Deconinck heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal met opdracht André Van Ingelgem heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDEL De eisers voeren in hun verzoekschrift een middel aan. Geschonden wettelijke bepalingen - artikel 149 van de Grondwet; - de artikelen 53, 745, eerste lid, 747, §2, en 1042 van het Gerechtelijk Wetboek. Aangevochten beslissingen De rechtbank van eerste aanleg wijst eisers' hoger beroep af als ongegrond en bevestigt het beroepen vonnis na de op 17 juli 2006 ter griffie neergelegde ‘beroepsconclusies' van de eisers uit het debat te hebben geweerd op volgende gronden: "(De verweerster) vraagt de wering uit de debatten van de op 18 juli 2006 medegedeelde beroepsconclusie wegens laattijdigheid. Krachtens een beschikking op grond van artikel 747, §2, van het Gerechtelijk Wetboek van 30 mei 2006, diende(
  1. n)(de eisers hun) conclusie neer te leggen uiterlijk op 15 juli 2006. Voormelde conclusie werd echter op 17 juli 2006 neergelegd ter griffie, en op 18 juli 2006 aan (de verweerster) overgelegd. Conclusies die ter griffie worden neergelegd na het verstrijken van de termijnen, dienen -zelfs ambtshalve - uit het debat te worden geweerd. De rechtbank heeft dienaangaande geen appreciatiebevoegdheid. De betrokken conclusie wordt geweerd, aldus wegens laattijdigheid". (p. 6, nr. 2.1.1.). Grieven Eerste onderdeel Artikel 747, §2, vijfde lid, van het Gerechtelijk Wetboek bepaalt dat de voorzitter of de door hem aangewezen rechter de termijnen bepaalt om conclusie te nemen en de rechtsdag. Het zesde lid van dezelfde wetsbepaling luidt als volgt: onverminderd de toepassing van de uitzonderingen bedoeld in artikel 748, §§1 en 2, - te dezen niet van toepassing - worden de conclusies die zijn overgelegd na het verstrijken van de termijnen en bedoeld in het voorgaande lid, ambtshalve uit de debatten geweerd. Naar luid van artikel 745, eerste lid, van het Gerechtelijk Wetboek, worden alle conclusies aan de tegenpartij of aan haar advocaat gezonden terzelfder tijd als zij ter griffie worden neergelegd. Wanneer de voorzitter of de door hem aangewezen rechter de termijnen bepaalt om conclusie te nemen, dienen de neerlegging van die conclusies ter griffie en de gelijktijdige toezending ervan aan de tegenpartij beide te gebeuren binnen de vastgestelde termijn. Naar luid van artikel 53 van het Gerechtelijk Wetboek, dat van toepassing is op voormelde door de rechter bepaalde conclusietermijnen die ‘termijnen van rechtspleging' zijn bepaald voor het stellen van een proceshandeling, is de vervaldag in de termijn begrepen, maar wordt de vervaldag, indien het een zaterdag is, verplaatst op de eerstvolgende werkdag. Aangezien 15 juli 2006 een zaterdag was, diende deze vervaldag van de aan de eisers toegekende conclusietermijn te worden verplaatst op maandag 17 juli 2006 en volstond het voor de eisers om hun conclusie op die dag ter griffie neer te leggen en toe te zenden aan de tegenpartijen. Te dezen stelt de rechtbank vast dat: 1. krachtens een beschikking op grond van artikel 747, §2, van het Gerechtelijk Wetboek van 30 mei 2006, de eisers hun conclusie dienden neer te leggen uiterlijk op 15 juli 2006; 2. voormelde conclusie op 17 juli 2006 werd neergelegd ter griffie; 3. deze conclusie op 18 juli 2006 aan de verweerster werd overgelegd. Door aldus, enerzijds, rekening te houden met de datum van zaterdag 15 juli 2006 als vervaldag i.p.v. maandag 17 juli 2006, met schending van de artikelen 53, 747, §2, en 1042 van het Gerechtelijk Wetboek, en, anderzijds, niet na te gaan noch vast te stellen op welke datum eisers hun conclusie aan de tegenpartijen hadden toegezonden (schending van de artikelen 745, eerste lid, 747, §2 en 1042 van het Gerechtelijk Wetboek), heeft de rechtbank van eerste aanleg niet wettig eisers' conclusie wegens laattijdigheid geweerd uit het debat. Minstens is het, door laatstgenoemde nalatigheid van de rechtbank, voor het Hof onmogelijk de wettigheid na te gaan van de aangevochten beslissing (schending van artikel 149 van de Grondwet). Tweede onderdeel Zoals aangegeven in het eerste onderdeel, is voor de naleving van de door de voorzitter of de door hem aangewezen rechter bepaalde termijnen om conclusie te nemen vereist doch voldoende - bij toepassing van de artikelen 745, eerste lid, en 747, §2, van het Gerechtelijk Wetboek - dat de conclusie binnen de vastgestelde termijn wordt neergelegd ter griffie en terzelfdertijd toegezonden aan de tegenpartij. Bovendien wordt, naar luid van artikel 53 van het Gerechtelijk Wetboek, dat van toepassing is op voormelde door de rechter bepaalde conclusietermijnen die ‘termijnen van rechtspleging' zijn bepaald voor het stellen van een proceshandeling, de vervaldag van deze termijnen, indien het een zaterdag is, verplaatst op de eerstvolgende werkdag. Te dezen was de vervaldag dus niet zaterdag 15 juli 2006, maar maandag 17 juli 2006. De rechtbank stelt verder vast dat eisers' conclusie op 17 juli 2006 werd neergelegd ter griffie. Uit de stukken waarop het Hof vermag acht te slaan blijkt dat eisers' bedoelde conclusie wel degelijk op maandag 17 juli 2006 aan de tegenpartijen hebben toegezonden (zie de copies van de brieven van de raadsman van de eisers en de ‘aanvullende beroepsconclusie & syntheseconclusie" van 22 augustus 2006 van de verweerster, p. 2, I). Aangezien eisers' conclusie aldus tijdig werd neergelegd ter griffie én toegezonden aan de tegenpartijen, heeft de rechtbank niet wettig deze conclusie wegens laattijdigheid uit het debat geweerd (schending van de in het middel aangeduide wetsbepalingen, met uitzondering van artikel 149 van de Grondwet). III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Eerste onderdeel 1. Krachtens het toepasselijke artikel 745, eerste lid, van het Gerechtelijk Wetboek worden alle conclusies aan de tegenpartij of aan haar advocaat gezonden tezelfdertijd als zij ter griffie worden neergelegd. Krachtens het toepasselijke artikel 747, §2, vijfde lid, van het Gerechtelijk Wetboek, bepaalt de voorzitter of de door hem aangewezen rechter de termijnen om conclusie te nemen en de rechtsdag. Krachtens het toepasselijke zesde lid van diezelfde bepaling worden, onverminderd de toepassing van de uitzonderingen bedoeld in artikel 748, §§1 en 2, de conclusies die zijn overgelegd na het verstrijken van de termijnen in het voorgaande lid, ambtshalve uit het debat geweerd. 2. Wanneer de rechter bij toepassing van voormelde bepaling termijnen bepaalt om conclusie te nemen, moeten telkens zowel de neerlegging van de conclusie ter griffie als de gelijktijdige toezending ervan aan de tegenpartij binnen de bepaalde termijn plaatsvinden. 3. Krachtens artikel 53 van het Gerechtelijk Wetboek wordt de vervaldag van de termijnen voor het verrichten van proceshandelingen verplaatst op de eerstvolgende werkdag, wanneer de vervaldag een zaterdag, een zondag of een wettelijke feestdag is. 4. De neerlegging van de conclusie ter griffie en de gelijktijdige toezending ervan aan de tegenpartij zijn proceshandelingen in de zin van artikel 48 van het Gerechtelijk Wetboek, zodat de door de rechter bepaalde termijn die verstrijkt op een zaterdag, een zondag of een wettelijke feestdag overeenkomstig artikel 53 van dit Wetboek wordt verplaatst op de eerstvolgende werkdag. 5. De appelrechters stellen vast dat: - de overeenkomstig artikel 747, §2, van het Gerechtelijk Wetboek bepaalde termijn voor de eisers om conclusie te nemen verstreek op 15 juli 2006; - de eisers hun conclusie pas op 17 juli 2006 ter griffie hebben neergelegd; - de eisers hun conclusie op 18 juli 2006 aan de tegenpartij(
  2. en)hebben overgelegd. De appelrechters beslissen deze conclusie, omdat ze naar hun oordeel laattijdig ter griffie werd neergelegd, uit het debat te weren. 6. De appelrechters die aldus de datum voor de neerlegging van de conclusie van de eisers niet verplaatsen op maandag 17 juli 2006, verantwoorden hun beslissing niet naar recht. Het onderdeel is in zoverre gegrond. Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden vonnis. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het vernietigde vonnis. Houdt de kosten aan en laat de beslissing daaromtrent aan de feitenrechter over. Verwijst de zaak naar de Rechtbank van Eerste Aanleg te Turnhout, zitting houdende in hoger beroep. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit eerste voorzitter Ghislain Londers, als voorzitter, afdelingsvoorzitter Ernest Waûters, en de raadsheren Eric Stassijns, Beatrijs Deconinck en Alain Smetryns, en in openbare terechtzitting van 12 juni 2008 uitgesproken door eerste voorzitter Ghislain Londers, in aanwezigheid van advocaat-generaal met opdracht André Van Ingelgem, met bijstand van adjunct-griffier Johan Pafenols. PDF document ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20080612.3 Gerelateerde publicatie(
  3. s)geciteerd door: ECLI:BE:CABRL:2011:ARR.20110127.1 ECLI:BE:CASS:2017:CONC.20170421.1 precedenten: ECLI:BE:CASS:2005:ARR.20051209.5 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.