id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 19 juni 2008 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20080619.2 Rolnummer: F.06.0122.N Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Belastingrecht Invoerdatum: 2008-07-01 Raadplegingen: 192 - laatst gezien 2026-07-03 04:09 Versie(s): Vertaling FR Fiche Een onroerend goed dat op het ogenblik van de overdracht ervan uit zijn aard niet bestemd was voor bewoning of huisvesting, kan niet in aanmerking komen voor de verlaging van het registratierecht tot 6 pct. voor verkopingen van bescheiden woningen. Thesaurus CAS: REGISTRATIE (RECHT VAN) UTU-thesaurus: FISCAAL RECHT - REGISTRATIERECHT - Vaststelling registratierechten - Overdracht onroerende goederen Vrije woorden: Bescheiden woningen - Overdracht - Toepassing van het verminderd registratierecht - Voorwaarden - Aard van het goed Wettelijke bepalingen: Wetboek der registratie-, hypotheek- en griffierechten - 30-11-1939 - Art. 53, aanhef, 2°, eerste en tweede lid Annotaties Publicaties: T.Not. - Jan GRILLET; Noot - 2009, 116-118 T.F.R. - JAECQUES Didier; MALFAIT Elke - 2009/371 - p. 928-931 Tekst van de beslissing Nr. F.06.0122.N
- V. B. H., en,
- V. R. M., eisers, met als raadsman mr. Peter Van Boxelaere, advocaat bij de balie te Gent, met kantoor te 9000 Gent, Tweebruggenstraat 9, waar de eisers woonplaats kiezen, tegen BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de minister van Financiën, met kantoor te 1000 Brussel, Wetstraat 12, voor wie optreedt de gewestelijk directeur van de Registratie en Domeinen te Gent, met kantoor te 9000 Gent, Savaanstraat 11, verweerder, vertegenwoordigd door mr. Ignace Claeys Bouuaert, advocaat bij het Hof van Cassatie, kantoor houdende te 9000 Gent, Paul Fredericqstraat 13, waar de verweerder woonplaats kiest. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen een arrest, op 5 september 2006 gewezen door het Hof van Beroep te Antwerpen. Voorzitter Ivan Verougstraete heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Dirk Thijs heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDEL De eisers voeren in hun verzoekschrift een middel aan. Het verzoekschrift is aan dit arrest gehecht en maakt er deel van uit. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Eerste onderdeel
- Krachtens artikel 53, aanhef, 2°, eerste lid, van het Wetboek van Registratierechten, wordt het bij artikel 44 van datzelfde wetboek vastgesteld recht tot 6 pct. verlaagd voor de verkopingen van de eigendom van woningen waarvan het gebouwd of ongebouwd kadastraal inkomen een bij koninklijk besluit vast te stellen maximum niet overschrijdt.
- Met woning in de gebruikelijke betekenis van het woord dient in essentie een voor bewoning en huisvesting bestemd goed te worden begrepen.
- Het artikel 53, aanhef, 2°, tweede lid, van dit wetboek bepaalt welke woningen voor de toepassing van de bedoelde verlaging van recht in aanmerking komen, te weten het huis of het geheel of het gedeelte van een verdieping van een gebouw, dat dient of zal dienen tot huisvesting van een gezin of één persoon.
- Uit deze bepaling kan niet worden afgeleid dat de Koning zou hebben willen afwijken van de gebruikelijke betekenis van het woord woning en dat een goed dat op het ogenblik van de overdracht uit zijn aard niet bestemd was voor bewoning of huisvesting in aanmerking zou kunnen komen voor de toepassing van de verlaging van het registratierecht.
- Ingevolge de niet-betwiste vaststellingen van de appelrechters betrof het overgedragen goed een deel van een industrieel complex bestaande uit werkhuizen met grond en oprit, dat op het ogenblik van de overdracht niet vatbaar was voor bewoning. Door te oordelen dat het aldus op het ogenblik van de overdracht niet voor bewoning vatbaar goed, ook al was het de bedoeling dit tot een woning te verbouwen, niet voor de verlaging van recht in aanmerking kwam, schenden de appelrechters niet het artikel 53 van het Wetboek van Registratierechten. Het onderdeel kan in zoverre niet worden aangenomen.
- De overige grieven zijn volledig afgeleid van de vergeefs aangevoerde schending van dit artikel en zijn mitsdien niet ontvankelijk. Tweede onderdeel
- De appelrechters oordelen dat de overdracht van een deel van een industrieel complex, bestemd om tot woning te worden verbouwd, onder het toepassingsveld van het artikel 57 van het Wetboek van Registratierechten kan vallen, omdat dergelijke overdracht impliceert dat grond wordt overgedragen, welke tot bouwplaats voor een woning moet dienen.
- Door aldus te oordelen schenden de appelrechters dat artikel 57 niet. Het onderdeel kan niet worden aangenomen. Derde onderdeel
- Het onderdeel is volledig afgeleid uit de vergeefs aangevoerde schending van het artikel 53 van het Wetboek van Registratierechten en is mitsdien niet ontvankelijk. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eisers in de kosten. De kosten zijn begroot op de som van 108,64 euro jegens de eisende partijen en op de som van 122,40 euro jegens de verwerende partij. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit voorzitter Ivan Verougstraete, als voorzitter, afdelingsvoorzitter Edward Forrier, en de raadsheren Luc Huybrechts, Etienne Goethals en Eric Stassijns, en in openbare terechtzitting van 19 juni 2008 uitgesproken door voorzitter Ivan Verougstraete, in aanwezigheid van advocaat-generaal Dirk Thijs, met bijstand van adjunct-griffier Johan Pafenols. PDF document ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20080619.2 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div