← België

ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20080626.8

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 26 juni 2008 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2008:

Art. 80, derde lid Wet - 20-07-2005 - Art.

10 Thesaurus CAS: FAILLISSEMENT, FAILLISSEMENTSAKKOORD EN GERECHTELIJK AKKOORD - GEVOLGEN (PERSONEN, GOEDEREN, VERBINTENISSEN) UTU-thesaurus: BURGERLIJK RECHT - ZEKERHEDEN - Persoonlijke zekerheid - Borgtocht - Algemeen HANDELS-, ECONOMISCH EN FINANCIEEL RECHT - INSOLVENTIE - Faillissement - Gevolgen - Goederen Vrije woorden: Persoonlijke zekerheidsstelling - Bevrijding Wettelijke bepalingen:

Art. 80, derde lid Wet - 20-07-2005 - Art.

10 Fiches 3 - 4 De kosteloze aard van de persoonlijke zekerheidsstelling is het ontbreken van enig economisch voordeel, zowel rechtstreeks als onrechtstreeks, dat de persoonlijke zekerheidssteller kan genieten van de zekerheidsstelling

(1).
(1)Zelfde oplossing als gepreciseerd in Cass., 26 juni 2008, AR C.07.0596.N ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20080626.9, infra, nr ... Thesaurus CAS: BORGTOCHT UTU-thesaurus: BURGERLIJK RECHT - ZEKERHEDEN - Persoonlijke zekerheid - Borgtocht - Algemeen HANDELS-, ECONOMISCH EN FINANCIEEL RECHT - INSOLVENTIE - Faillissement - Gevolgen - Goederen Vrije woorden: Persoonlijke zekerheidsstelling - Kosteloze aard Wettelijke bepalingen:

Art. 80, derde lid Wet - 20-07-2005 - Art.

10 Thesaurus CAS: FAILLISSEMENT, FAILLISSEMENTSAKKOORD EN GERECHTELIJK AKKOORD - GEVOLGEN (PERSONEN, GOEDEREN, VERBINTENISSEN) UTU-thesaurus: BURGERLIJK RECHT - ZEKERHEDEN - Persoonlijke zekerheid - Borgtocht - Algemeen HANDELS-, ECONOMISCH EN FINANCIEEL RECHT - INSOLVENTIE - Faillissement - Gevolgen - Goederen Vrije woorden: Persoonlijke zekerheidsstelling - Kosteloze aard Wettelijke bepalingen:

Art. 80, derde lid Wet - 20-07-2005 - Art.

10 Fiche 5 De omstandigheid dat de zekerheidssteller van de gefailleerde uit de vennootschap waarvan hij bestuurder is, vergoedingen betrekt in een andere hoedanigheid dan persoonlijk zekerheidssteller, sluit niet uit dat de feitenrechter kan vaststellen dat deze vergoedingen een economisch voordeel uitmaken dat de zekerheidssteller kan genieten als gevolg van de zekerheidsstelling voor de vennootschap. Thesaurus CAS: BORGTOCHT UTU-thesaurus: BURGERLIJK RECHT - ZEKERHEDEN - Persoonlijke zekerheid - Borgtocht - Algemeen HANDELS-, ECONOMISCH EN FINANCIEEL RECHT - INSOLVENTIE - Faillissement - Gevolgen - Goederen Vrije woorden: Zekerheidsstelling - Bestuurder van een vennootschap - Vergoeding in een andere hoedanigheid dan persoonlijk zekerheidssteller - Beoordeling door de feitenrechter Wettelijke bepalingen: Wet - 20-07-2005 - Art. 10 Fiche 6 Om tot het kosteloos karakter van de zekerheidsstelling te besluiten, is het niet voldoende om vast te stellen dat geen concrete vergoeding als tegenprestatie voor de zekerheidsstelling werd bedongen. Thesaurus CAS: BORGTOCHT UTU-thesaurus: BURGERLIJK RECHT - ZEKERHEDEN - Persoonlijke zekerheid - Borgtocht - Algemeen HANDELS-, ECONOMISCH EN FINANCIEEL RECHT - INSOLVENTIE - Faillissement - Gevolgen - Goederen Vrije woorden: Zekerheidsstelling - Kosteloos karakter Wettelijke bepalingen: Wet - 20-07-2005 - Art. 10 Fiche 7 Voor de beoordeling van de kosteloosheid van de borgstelling dient de rechter zich te plaatsen op het ogenblik waarop de zekerheidsstelling werd verleend. Thesaurus CAS: BORGTOCHT UTU-thesaurus: BURGERLIJK RECHT - ZEKERHEDEN - Persoonlijke zekerheid - Borgtocht - Algemeen HANDELS-, ECONOMISCH EN FINANCIEEL RECHT - INSOLVENTIE - Faillissement - Gevolgen - Goederen Vrije woorden: Kosteloosheid - Beoordeling door de rechter - Tijdstip Fiches 8 - 14 Concl. adv.-gen. VAN INGELGEM, Cass., 26 juni 2008, AR C.07.0546.N, A.C., 2008, nr ... Thesaurus CAS: BORGTOCHT UTU-thesaurus: BURGERLIJK RECHT - ZEKERHEDEN - Persoonlijke zekerheid - Borgtocht - Algemeen HANDELS-, ECONOMISCH EN FINANCIEEL RECHT - INSOLVENTIE - Faillissement - Gevolgen - Goederen Vrije woorden: Faillissement - Persoonlijke zekerheidsstelling - Bevrijding Thesaurus CAS: FAILLISSEMENT, FAILLISSEMENTSAKKOORD EN GERECHTELIJK AKKOORD - GEVOLGEN (PERSONEN, GOEDEREN, VERBINTENISSEN) UTU-thesaurus: BURGERLIJK RECHT - ZEKERHEDEN - Persoonlijke zekerheid - Borgtocht - Algemeen HANDELS-, ECONOMISCH EN FINANCIEEL RECHT - INSOLVENTIE - Faillissement - Gevolgen - Goederen Vrije woorden: Persoonlijke zekerheidsstelling - Bevrijding Thesaurus CAS: BORGTOCHT UTU-thesaurus: BURGERLIJK RECHT - ZEKERHEDEN - Persoonlijke zekerheid - Borgtocht - Algemeen HANDELS-, ECONOMISCH EN FINANCIEEL RECHT - INSOLVENTIE - Faillissement - Gevolgen - Goederen Vrije woorden: Persoonlijke zekerheidsstelling - Kosteloze aard Thesaurus CAS: FAILLISSEMENT, FAILLISSEMENTSAKKOORD EN GERECHTELIJK AKKOORD - GEVOLGEN (PERSONEN, GOEDEREN, VERBINTENISSEN) UTU-thesaurus: BURGERLIJK RECHT - ZEKERHEDEN - Persoonlijke zekerheid - Borgtocht - Algemeen HANDELS-, ECONOMISCH EN FINANCIEEL RECHT - INSOLVENTIE - Faillissement - Gevolgen - Goederen Vrije woorden: Persoonlijke zekerheidsstelling - Kosteloze aard Thesaurus CAS: BORGTOCHT UTU-thesaurus: BURGERLIJK RECHT - ZEKERHEDEN - Persoonlijke zekerheid - Borgtocht - Algemeen HANDELS-, ECONOMISCH EN FINANCIEEL RECHT - INSOLVENTIE - Faillissement - Gevolgen - Goederen Vrije woorden: Zekerheidsstelling - Bestuurder van een vennootschap - Vergoeding in een andere hoedanigheid dan persoonlijk zekerheidssteller - Beoordeling door de feitenrechter Zekerheidsstelling - Kosteloos karakter Kosteloosheid - Beoordeling door de rechter - Tijdstip Tekst van de beslissing Nr. C.07.0546.N G. P., eiser, vertegenwoordigd door mr. Michel Mahieu, advocaat bij het Hof van Cassatie, kantoor houdende te 1050 Brussel, Louizalaan 523, waar de eiser woonplaats kiest, tegen BROUWERIJEN ALKEN-MAES, naamloze vennootschap, met zetel te 2550 Kontich, Waarloosveld 10, verweerster, vertegenwoordigd door mr. Huguette Geinger, advocaat bij het Hof van Cassatie, kantoor houdende te 1000 Brussel, Quatre Brasstraat 6, waar de verweerster woonplaats kiest. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen een arrest, op 8 maart 2007 gewezen door het Hof van Beroep te Antwerpen. Raadsheer Eric Dirix heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal met opdracht André Van Ingelgem heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDEL De eiser voert in zijn verzoekschrift een middel aan. Het verzoekschrift is aan dit arrest gehecht en maakt er deel van uit. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Eerste onderdeel

  1. Krachtens artikel 80, derde lid, van de Faillissementswet, zoals ingevoerd bij artikel 7, 2°, van de wet van 20 juli 2005 tot wijziging van de faillissementswet van 8 augustus 1997 en houdende diverse fiscale bepalingen, evenals artikel 10, 4°, tweede lid, van deze wet van 20 juli 2005, bevrijdt de rechtbank geheel of gedeeltelijk elke natuurlijke persoon die zich kosteloos persoonlijk zeker stelde voor de gefailleerde, wanneer zij vaststelt dat diens verbintenis niet in verhouding staat tot zijn inkomsten en tot zijn patrimonium, tenzij deze natuurlijke persoon zijn onvermogen frauduleus organiseerde. Uit de parlementaire voorbereiding blijkt de bedoeling van de wetgever om enkel de natuurlijke personen te bevrijden die door hun bereidwilligheid verplicht zijn om de schulden van de gefailleerde te delgen, terwijl zij geen persoonlijk belang hebben bij de betaling van die schulden.
  2. De kosteloze aard van de persoonlijke zekerheidsstelling is het ontbreken van enig economisch voordeel, zowel rechtstreeks als onrechtstreeks, dat de persoonlijke zekerheidssteller kan genieten ten gevolge van de zekerheidsstelling.
  3. Het onderdeel dat ervan uitgaat dat een persoonlijke zekerheidsstelling slechts kosteloos is wanneer voor de zekerheidsstelling geen concrete tegenprestatie werd bedongen, berust op een onjuiste opvatting. Het onderdeel faalt naar recht. Tweede onderdeel
  4. Uit het antwoord op het eerste onderdeel blijkt dat voor het bepalen van het kosteloos karakter van een persoonlijke zekerheid moet worden nagegaan of de zekerheidssteller niet enig economisch voordeel, zowel rechtstreeks als onrechtstreeks, geniet ten gevolge van de zekerheidsstelling.
  5. De omstandigheid dat de eiser uit de vennootschap waarvan hij de bestuurder is, vergoedingen betrekt in een andere hoedanigheid dan persoonlijk zekerheidssteller, sluit niet uit dat de feitenrechter kan vaststellen dat deze vergoedingen een economisch voordeel uitmaken dat de zekerheidssteller kan genieten als gevolg van de zekerheidsstelling voor de vennootschap. Het onderdeel kan niet worden aangenomen. Derde onderdeel
  6. Uit het antwoord op de vorige onderdelen blijkt dat om tot het kosteloos karakter van de zekerheidsstelling te besluiten, het niet voldoende is om vast te stellen dat geen concrete vergoeding als tegenprestatie voor de zekerheidsstelling werd bedongen.
  7. De appelrechters stellen vast dat: - de eiser de oprichter, enige aandeelhouder en zaakvoerder van de gefailleerde vennootschap is; - het krediet waarvoor de eiser zich persoonlijk borg heeft gesteld, werd aangegaan met het oog op investeringen in de verwachting hiermee de vennootschap winstgevend te maken; - de eiser zich heeft borg gesteld voor het krediet met de verwachting de vennootschap winstgevend te maken. Zij vermochten op grond hiervan wettig te beslissen dat de borgstelling niet kosteloos was. Het onderdeel kan in zoverre niet worden aangenomen.
  8. Voor de beoordeling van de kosteloosheid van de borgstelling, dient de rechter zich te plaatsen op het ogenblik waarop de zekerheidsstelling werd verleend.
  9. Aldus vermochten de appelrechters wettig te beslissen dat "de omstandigheid dat deze verwachting (tot het plukken van voordelen) van (de eiser) niet gerealiseerd is geworden en de vennootschap (...) nooit winstgevend is geworden, (...) de vaststelling niet in de weg (staat) dat hij (...) een persoonlijk financieel en economisch voordeel nastreefde". Het onderdeel kan in zoverre niet worden aangenomen. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser in de kosten. De kosten zijn begroot op de som van 536,55 euro jegens de eisende partij en op de som van 165,79 euro jegens de verwerende partij. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit voorzitter Ivan Verougstraete, als voorzitter, de afdelingsvoorzitters Robert Boes en Ernest Waûters, en de raadsheren Eric Dirix en Eric Stassijns, en in openbare terechtzitting van 26 juni 2008 uitgesproken door voorzitter Ivan Verougstraete, in aanwezigheid van advocaat-generaal met opdracht André Van Ingelgem, met bijstand van adjunct-griffier Johan Pafenols. PDF document ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20080626.8 Gerelateerde publicatie(s) Conclusie O.M.: ECLI:BE:CASS:2008:CONC.20080626.8 geciteerd door: ECLI:BE:CABRL:2010:ARR.20101029.1 ECLI:BE:CAMON:2017:ARR.20171207.2 ECLI:BE:CASS:2021:CONC.20210520.1F.3 ECLI:BE:GHCC:2010:ARR.075 ECLI:BE:HBGNT:2008:ARR.20081006.3 ECLI:BE:HBGNT:2008:ARR.20081117.9 ECLI:BE:HBGNT:2009:ARR.20090202.6 ECLI:BE:HBGNT:2009:ARR.20090225.7 ECLI:BE:HBGNT:2009:ARR.20090309.12 ECLI:BE:HBGNT:2009:ARR.20090610.17 ECLI:BE:HBGNT:2009:ARR.20090930.13 precedenten: ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20080626.9 zie ook recenter: ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20081114.5 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.