id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 16 september 2008 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20080916.2 Rolnummer: P.08.0620.N Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Strafrecht Invoerdatum: 2008-10-06 Raadplegingen: 652 - laatst gezien 2026-07-03 10:59 Versie(s): Vertaling FR Fiches 1 - 3 De enkele vermelding dat andere onderzoeksdaden niet volstaan, voldoet niet aan de bijzondere motiveringsvereiste van artikel 90quater, § 1, tweede lid, Wetboek van Strafvordering, dat bepaalt dat de beschikking van de onderzoeksrechter, op straffe van nietigheid, de redenen vermeldt waarom de maatregel onontbeerlijk is om de waarheid aan de dag te brengen; waar de beschikking bijgevolg moet vermelden waarom de maatregel concreet onontbeerlijk is, is de naleving van deze motiveringsplicht evenwel niet aan bepaalde wettelijke voorgeschreven of uitdrukkelijke bewoordingen onderworpen, maar kan zij blijken uit de samenhang van de bewoordingen van de beschikking
(1).
(1)Zie Cass., 5 okt. 2005, AR P.05.1056.F ECLI:BE:CASS:2005:ARR.20051005.16, A.C., 2005, nr. 483; Cass., 26 dec. 2006, AR P.06.1621.F ECLI:BE:CASS:2006:ARR.20061226.1, A.C., 2006, nr. ... Thesaurus CAS: BEWIJS - STRAFZAKEN - Bewijsvoering UTU-thesaurus: STRAFRECHT - OPSPORING - ONDERZOEK - Gerechtelijk onderzoek - Taak onderzoeksrechter STRAFRECHT - BEWIJS (STRAFRECHT) Vrije woorden: Afluistermaatregel - Met redenen omklede beschikking - Bijzondere motiveringsvereiste - Onontbeerlijke maatregel om de waarheid aan de dag te brengen - Redengeving Thesaurus CAS: ONDERZOEK IN STRAFZAKEN UTU-thesaurus: STRAFRECHT - OPSPORING - ONDERZOEK - Gerechtelijk onderzoek - Taak onderzoeksrechter STRAFRECHT - BEWIJS (STRAFRECHT) Vrije woorden: Bewijsvoering - Afluistermaatregel - Met redenen omklede beschikking - Bijzondere motiveringsvereiste - Onontbeerlijke maatregel om de waarheid aan de dag te brengen - Redengeving Thesaurus CAS: ONDERZOEKSRECHTER UTU-thesaurus: STRAFRECHT - OPSPORING - ONDERZOEK - Gerechtelijk onderzoek - Taak onderzoeksrechter STRAFRECHT - BEWIJS (STRAFRECHT) Vrije woorden: Bewijsvoering - Afluistermaatregel - Met redenen omklede beschikking - Bijzondere motiveringsvereiste - Onontbeerlijke maatregel om de waarheid aan de dag te brengen - Redengeving Annotaties Publicaties: R.W. - VANNESTE Filip - 2009-2010/20 - p. 834-837 Tekst van de beslissing Nr. P.08.0620.N I. L., inverdenkinggestelde, eiser, met als raadslieden mr. Filiep Deruyck en mr. Kris Beirnaert, advocaten bij de balie te Antwerpen. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het Hof van Beroep te Antwerpen, kamer van inbeschuldigingstelling, van 10 maart
- De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan. Raadsheer Paul Maffei heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Patrick Duinslaeger heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Ontvankelijkheid van het cassatieberoep
- Het arrest verklaart het hoger beroep niet ontvankelijk in zoverre het gericht is tegen de beslissingen van de beroepen verwijzingsbeschikking over de volledigheid van het gerechtelijk onderzoek en over het verzoek tot inperking van de telastlegging witwassen. Met die beslissingen bevat het arrest geen eindbeslissing en doet het geen uitspraak in een der gevallen bepaald in artikel 416, tweede lid, Wetboek van Strafvordering. In zoverre daartegen gericht, is het cassatieberoep niet ontvankelijk. Middel
- Het middel voert schending aan van de artikelen 90quater, § 1, tweede lid, en 235bis, § 6, Wetboek van Strafvordering: het arrest oordeelt ten onrechte dat de beschikkingen van de onderzoeksrechter die machtiging verleent voor de afluistermaatregel, de redenen aangeven waarom de maatregel onontbeerlijk is.
- Artikel 90quater, § 1, tweede lid, 2°, Wetboek van Strafvordering bepaalt dat de beschikking op straffe van nietigheid de redenen vermeldt waarom de maatregel onontbeerlijk is om de waarheid aan de dag te leggen.
- De enkele vermelding dat andere onderzoeksdaden niet volstaan, voldoet niet aan de bijzondere motiveringsvereiste. De beschikking moet vermelden waarom de maatregel concreet onontbeerlijk is. De naleving van de motiveringsplicht is evenwel niet aan bepaalde wettelijke voorgeschreven of uitdrukkelijke bewoordingen onderworpen. Ze kan blijken uit de samenhang van de bewoordingen van de beschikking.
- De beschikkingen van de onderzoeksrechter ter verantwoording van de afluistermaatregel vermelden onder meer de volgende redenen voor de machtiging: "Overwegende dat uit het tot op heden gevoerde onderzoek er ernstige aanwijzingen naar voren komen dat verdachten zich bezig houden met het witwassen van criminele inkomsten; dat hun aankopen van onroerende goederen die zij de laatste jaren gedaan hebben, buiten verhouding staan met hun legale inkomsten. Overwegende dat een afluistermaatregel noodzakelijk is ten einde na te gaan wie betrokken is bij de feiten en ten einde de herkomst van de mogelijk witgewassen gelden na te gaan; dat de klassieke middelen om dit misdrijf vast te stellen in casu niet volstaan; dat de toepassing van onderhavige bewakingsmaatregel onontbeerlijk is om de waarheid aan het licht te brengen".
- Het arrest oordeelt: "De onderzoeksrechter heeft verder ook, op de wijze vereist door artikel 90quater, § 1, tweede lid, 2°, Wetboek van Strafvordering, gemotiveerd waarom de bevolen maatregelen onontbeerlijk waren om de waarheid aan de dag te leggen. Inzonderheid heeft hij aangegeven dat de maatregelen onontbeerlijk waren om uit te maken wie in voorkomend geval bij de witwasmisdrijven betrokken was en van waar de eventueel witgewassen gelden afkomstig waren. Hij heeft hierbij vastgesteld dat de klassieke middelen van onderzoek niet volstonden om het onderzochte misdrijf vast te stellen". Aldus geeft het arrest te kennen dat de beschikkingen van de onderzoeksrechter zich niet beperken tot de loutere vaststelling dat de andere onderzoeksdaden niet volstaan. Het onderzoekt de bewoordingen van de beschikkingen van de onderzoeksrechter in hun onderlinge samenhang en oordeelt dat de onderzoeksrechter met het geheel van de redenen vermeld in zijn beschikkingen de feitelijke gegevens aangeeft waarom volgens hem de bevolen maatregel concreet onontbeerlijk is om de waarheid aan het licht te brengen. Hierdoor is de beslissing naar recht verantwoord. In zoverre kan het middel niet worden aangenomen.
- De aangevoerde schending van artikel 235bis, § 6, Wetboek van Strafvordering is geheel afgeleid uit de hierboven vergeefs aangevoerde onwettigheid. In zoverre is het middel niet ontvankelijk. Ambtshalve onderzoek voor het overige
- De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser in de kosten. Begroot de kosten op 157,44 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Edward Forrier, als voorzitter, en de raadsheren Luc Huybrechts, Paul Maffei, Luc Van hoogenbemt en Koen Mestdagh, en op de openbare rechtszitting van 16 september 2008 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Edward Forrier, in aanwezigheid van advocaat-generaal Patrick Duinslaeger, met bijstand van afgevaardigd adjunct-griffier Conny Van de Mergel. PDF document ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20080916.2 Gerelateerde publicatie(s) precedenten: ECLI:BE:CASS:2005:ARR.20051005.16 ECLI:BE:CASS:2006:ARR.20061226.1 zie ook recenter: ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20100727.3 ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20101026.3 ECLI:BE:CASS:2011:ARR.20110518.16 ECLI:BE:CASS:2012:ARR.20120320.3 ECLI:BE:CASS:2012:ARR.20121106.2 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div