id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 21 oktober 2008 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20081021.12 Rolnummer: P.08.0561.N Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Burgerlijk recht - Strafrecht - Overige Invoerdatum: 2009-04-24 Raadplegingen: 620 - laatst gezien 2026-07-03 08:31 Versie(s): Vertaling FR Fiches 1 - 3 In geval van samenloop van fouten oordeelt de rechter onaantastbaar in welke mate ieders fout heeft bijgedragen tot het veroorzaken van de schade en bepaalt hij op grond daarvan ieders aandeel in de schadeloosstelling in hun onderlinge verhouding
(1).
(1)Cass., 29 jan. 1988, AR 5630, A.C., 1987-1988, nr 327; Cass., 4 feb. 2008, AR C.06.0236.F ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20080204.7, A.C., 2008, nr 81; Zie: Cass., 5 sept. 2003, AR C.01.0602.F ECLI:BE:CASS:2003:ARR.20030905.5 - C.01.0604.F, A.C., 2003, nr 416. Thesaurus CAS: AANSPRAKELIJKHEID BUITEN OVEREENKOMST - DAAD - Fout UTU-thesaurus: STRAFRECHT - BEVOEGDHEID - RECHTSPLEGING - RECHTSMIDDELEN STRAFGERECHTEN - Correctionele rechtbank - Gerechtskosten GERECHTELIJK RECHT - RECHTSMIDDELEN - GERECHTELIJK RECHT EN CASSATIE - Cassatie - Gevolgen - Omvang van cassatie - In strafzaken Vrije woorden: Samenloop van fouten - Schadeloosstelling - Beoordeling door de rechter Wettelijke bepalingen: oud Burgerlijk Wetboek - Artt. 1382 en 1383 Thesaurus CAS: AANSPRAKELIJKHEID BUITEN OVEREENKOMST - HERSTELPLICHT - Medeaansprakelijkheid van getroffene UTU-thesaurus: STRAFRECHT - BEVOEGDHEID - RECHTSPLEGING - RECHTSMIDDELEN STRAFGERECHTEN - Correctionele rechtbank - Gerechtskosten GERECHTELIJK RECHT - RECHTSMIDDELEN - GERECHTELIJK RECHT EN CASSATIE - Cassatie - Gevolgen - Omvang van cassatie - In strafzaken Vrije woorden: Samenloop van fouten - Schadeloosstelling - Beoordeling door de rechter Wettelijke bepalingen: oud Burgerlijk Wetboek - Artt. 1382 en 1383 Thesaurus CAS: ONAANTASTBARE BEOORDELING DOOR DE FEITENRECHTER UTU-thesaurus: STRAFRECHT - BEVOEGDHEID - RECHTSPLEGING - RECHTSMIDDELEN STRAFGERECHTEN - Correctionele rechtbank - Gerechtskosten GERECHTELIJK RECHT - RECHTSMIDDELEN - GERECHTELIJK RECHT EN CASSATIE - Cassatie - Gevolgen - Omvang van cassatie - In strafzaken Vrije woorden: Aansprakelijkheid buiten overeenkomst - Fout - Samenloop van fouten - Schadeloosstelling Wettelijke bepalingen: oud Burgerlijk Wetboek - Artt. 1382 en 1383 Fiche 4 Wanneer een rechter een verdeling van aansprakelijkheid heeft aangenomen en een partij cassatie verkrijgt van de gehele of gedeeltelijke beslissing over haar eigen aansprakelijkheid, wordt van de cassatie uitgesloten het gedeelte van de uitspraak waardoor de tegenpartij voor ten minste het door de rechter aangenomen percentage medeaansprakelijk wordt gesteld
(1).
(1)R., DECLERCQ, Beginselen van Strafrechtspleging, Mechelen, Kluwer, 2007, nr 3572. Thesaurus CAS: CASSATIE - VERNIETIGING. OMVANG - Strafzaken - Burgerlijke rechtsvordering - Burgerlijke partij UTU-thesaurus: STRAFRECHT - BEVOEGDHEID - RECHTSPLEGING - RECHTSMIDDELEN STRAFGERECHTEN - Correctionele rechtbank - Gerechtskosten GERECHTELIJK RECHT - RECHTSMIDDELEN - GERECHTELIJK RECHT EN CASSATIE - Cassatie - Gevolgen - Omvang van cassatie - In strafzaken Vrije woorden: Gedeelde aansprakelijkheid - Vernietiging van de beslissing over de eigen aansprakelijkheid van de burgerlijke partij - Gevolg t.a.v. de tegenpartij Fiche 5 In geval van gedeeltelijke cassatie van een vonnis of arrest over de verdeling van aansprakelijkheid is de verwijzingsrechter enkel gebonden door de beslissing dat de tegenpartij waarvan de beslissing over haar fout niet gecasseerd werd, ten minste voor het door het gedeeltelijk gecasseerde vonnis of arrest aangenomen gedeelte aansprakelijk is
(1).
(1)Zie: Cass., 11 mei 1982, A.C., 1981-1982, nr 534; Cass., 2 sept. 1986, AR 329, A.C., 1986-1987, nr 3; Cass., 9 okt. 1990, AR 2883, A.C., 1990-1991, nr 66. Thesaurus CAS: CASSATIE - VERNIETIGING. OMVANG - Strafzaken - Burgerlijke rechtsvordering - Burgerlijke partij UTU-thesaurus: STRAFRECHT - BEVOEGDHEID - RECHTSPLEGING - RECHTSMIDDELEN STRAFGERECHTEN - Correctionele rechtbank - Gerechtskosten GERECHTELIJK RECHT - RECHTSMIDDELEN - GERECHTELIJK RECHT EN CASSATIE - Cassatie - Gevolgen - Omvang van cassatie - In strafzaken Vrije woorden: Gedeelde aansprakelijkheid - Gedeeltelijke vernietiging - Gevolg t.a.v. de tegenpartij Fiche 6 Wanneer de verwijzingsrechter minder fouten in hoofde van een partij bewezen acht dan deze aangenomen door de rechter wiens beslissing over de verdeling van de aansprakelijkheid gedeeltelijk werd gecasseerd, is hij niet verplicht de tegenpartij te veroordelen tot een groter deel van de aansprakelijkheid dan in de gedeeltelijk gecasseerde beslissing. Thesaurus CAS: CASSATIE - VERNIETIGING. OMVANG - Strafzaken - Burgerlijke rechtsvordering - Burgerlijke partij UTU-thesaurus: STRAFRECHT - BEVOEGDHEID - RECHTSPLEGING - RECHTSMIDDELEN STRAFGERECHTEN - Correctionele rechtbank - Gerechtskosten GERECHTELIJK RECHT - RECHTSMIDDELEN - GERECHTELIJK RECHT EN CASSATIE - Cassatie - Gevolgen - Omvang van cassatie - In strafzaken Vrije woorden: Gedeelde aansprakelijkheid - Gedeeltelijke vernietiging - Verwijzingsrechter die in hoofde van de burgerlijke partij minder fouten bewezen acht dan de vernietigde beslissing - Gevolg t.a.v. de tegenpartij Fiche 7 De bijzondere aard van het cassatieberoep sluit uit dat de kosten van het cassatieberoep ook de rechtsplegingsvergoeding, bepaald in artikel 1022 Gerechtelijk Wetboek, omvatten
(1).
(1)Zie: Cass., 27 juni 2008, AR C.05.0328.F ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20080627.1, A.C., 2008, nr
- Thesaurus CAS: GERECHTSKOSTEN - STRAFZAKEN - Procedure in cassatie UTU-thesaurus: STRAFRECHT - BEVOEGDHEID - RECHTSPLEGING - RECHTSMIDDELEN STRAFGERECHTEN - Correctionele rechtbank - Gerechtskosten GERECHTELIJK RECHT - RECHTSMIDDELEN - GERECHTELIJK RECHT EN CASSATIE - Cassatie - Gevolgen - Omvang van cassatie - In strafzaken Vrije woorden: Kosten van het cassatieberoep Wettelijke bepalingen: Gerechtelijk Wetboek - 10-10-1967 - Art. 1111 Tekst van de beslissing Nr. P.08.0561.N C A, in eigen naam en als vertegenwoordigster haar minderjarige zoon, burgerlijke partij, eiseres, met als raadsman mr. Jacques De Ketelaere, advocaat bij de balie te Leuven, tegen D J M B L, beklaagde, verweerder, vertegenwoordigd door mr. Antoine De Bruyn, advocaat bij het Hof van Cassatie. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis in hoger beroep van de Correctionele Rechtbank te Brussel van 6 februari 2008, op verwijzing gewezen ingevolge het arrest van het Hof van 13 juni
- De eiseres voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan. Raadsheer Luc Van hoogenbemt heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Marc Timperman heeft geconcludeerd. II. VOORAFGAANDE RECHTSPLEGING Bij vonnis van de Correctionele Rechtbank van Leuven, in hoger beroep gewezen op 24 november 2005, werd de huidige verweerder D L op strafgebied veroordeeld wegens inbreuk op de artikelen 418 en 419 Strafwetboek en op artikel 12.4 Wegverkeerreglement en wegens deze vermengde feiten tot straf veroordeeld. Op civielrechtelijk gebied werd geoordeeld dat zowel D L als R G die naar het oordeel van de rechtbank een onaangepaste snelheid had gevoerd en een verboden inhaalmanoeuvre had uitgevoerd, aansprakelijk waren voor de schadelijke gevolgen van het ongeval en werd de aansprakelijkheid tussen hen bij helften verdeeld. Door de huidige eiseres en de huidige verweerder werd cassatieberoep ingesteld tegen dit vonnis. Bij arrest van 13 juni 2006, werd voormeld vonnis op het cassatieberoep van de huidige eiseres vernietigd in zoverre het uitspraak deed over de verdeling van aansprakelijkheid. Het cassatieberoep werd evenwel verworpen: - in zoverre het uitging van de huidige verweerder D L; - in zoverre het uitging van de huidige eiseres en gericht was tegen de beslissing van de appelrechters dat R G een onaangepaste snelheid voerde. De aldus beperkte zaak werd verwezen naar de Correctionele Rechtbank te Brussel, zitting houdend in hoger beroep, die dienvolgens het bestreden vonnis heeft uitgesproken. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Middel
- Het middel voert schending aan van de artikelen 8, 23 tot en met 28, en 577 Gerechtelijk Wetboek: door te oordelen dat de inbreuk van de verweerder op artikel 12.4 Wegverkeerreglement en de enkele inbreuk van wijlen R G op artikel 10.1.1 Wegverkeerreglement in gelijke mate hebben bijgedragen tot het ontstaan en de omvang van de schadelijke gevolgen van het ongeval en aldus de aansprakelijkheid tussen hen opnieuw bij helften te verdelen, schenden de appelrechters "de kracht van gewijsde" van het vonnis van 24 november 2005 van de Correctionele Rechtbank van Leuven.
- In geval van samenloop van fouten oordeelt de rechter onaantastbaar in welke mate ieders fout heeft bijgedragen tot het veroorzaken van de schade en bepaalt hij op grond daarvan ieders aandeel in de schadeloosstelling in hun onderlinge verhouding. Wanneer een rechter een verdeling van aansprakelijkheid heeft aangenomen en een partij cassatie verkrijgt van de gehele of gedeeltelijke beslissing over haar eigen aansprakelijkheid, wordt van de cassatie uitgesloten het gedeelte van de uitspraak waardoor de tegenpartij voor ten minste het door de rechter aangenomen percentage mede-aansprakelijk wordt gesteld. In geval van gedeeltelijke cassatie van een vonnis of arrest over de verdeling van aansprakelijkheid is de verwijzingsrechter enkel gebonden door de beslissing dat de tegenpartij waarvan de beslissing over haar fout niet gecasseerd werd, ten minste voor het door het gedeeltelijk gecasseerde vonnis of arrest aangenomen gedeelte aansprakelijk is.
- Wanneer de verwijzingsrechter evenwel minder fouten in hoofde van de eerste partij bewezen acht dan deze aangenomen door de rechter wiens beslissing gedeeltelijk werd gecasseerd is hij niet verplicht de tegenpartij te veroordelen tot een groter deel van de aansprakelijkheid dan in de gedeeltelijk gecasseerde beslissing. In zoverre het middel van het tegendeel uitgaat, faalt het naar recht.
- In zoverre het middel opkomt tegen het onaantastbare oordeel van de verwijzingsrechter binnen die perken over de verdeling van aansprakelijkheid, is het niet ontvankelijk.
- De verwijzingsrechters oordelen dat: - R G een onaangepaste snelheid heeft gevoerd en dat deze snelheid in oorzakelijk verband stond met het ongeval; - de fout van de huidige verweerder ingevolge de verwerping van diens cassatieberoep tegen het vonnis van 24 november 2005, vaststaat; - de samenlopende fouten, enerzijds, van de verweerder, "met name het niet verlenen van voorrang aan de andere weggebruikers bij het uitvoeren van een manoeuvre (artikel 12.4 Wegverkeerreglement) en onopzettelijk de dood te hebben veroorzaakt van de heer G, en, anderzijds, van wijlen de heer G, met name zijn snelheid niet te hebben geregeld zoals vereist door de omstandigheden (artikel 10.1.1 Wegverkeerreglement), in gelijke mate hebben bijgedragen tot het ontstaan en de omvang van de schadelijke gevolgen, zodat de aansprakelijkheid tussen de partijen bij helften dient te worden verdeeld".
- Aldus verantwoorden de verwijzingsrechters zonder miskenning van het gezag van gewijsde van het gedeeltelijk gecasseerde vonnis van 24 november 2005 hun beslissing naar recht. In zoverre kan het middel niet worden aangenomen. Rechtsplegingsvergoeding
- De eiseres verzoekt het Hof de verweerder te veroordelen tot de kosten van het cassatieberoep, inclusief de te indexeren rechtsplegingsvergoeding. De verweerder verzoekt subsidiair, in de veronderstelling dat de wet van 21 april 2007 en het koninklijk besluit van 26 oktober 2007 van toepassing zijn op de cassatieprocedure, om de kosten aan te houden, minstens om de rechtsplegingsvergoeding te verminderen tot het strikte minimumbedrag van 75 euro, bepaald in artikel 3 van het koninklijk besluit van 26 oktober 2007, en ingeval van verwerping van het cassatieberoep een rechtsplegingsvergoeding van 1200 euro toe te kennen aan de verweerder.
- De eiser wiens cassatieberoep wordt verworpen, wordt tot betaling van de kosten van zijn cassatieberoep veroordeeld. Ingevolge de verwerping van het cassatieberoep van de eiseres is haar verzoek ongegrond. Rekening houdende met de beperkte bevoegdheid van het Hof en met het specifieke voorwerp van het cassatieberoep dat verschillend is van het voorwerp van de bestreden beslissing, voorziet artikel 1111 Gerechtelijk Wetboek in een volledig en autonoom systeem dat het lot van de kosten van het cassatieberoep regelt. De bijzondere aard van het cassatieberoep sluit uit dat de kosten van het cassatieberoep ook de rechtsplegingsvergoeding, bepaald in artikel 1022 Gerechtelijk Wetboek, omvatten. Het verzoek is niet gegrond. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiseres in de kosten van haar cassatieberoep. Begroot de kosten op 57,26 euro waarvan 27,26 euro verschuldigd en 30 euro betaald is. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Edward Forrier, als voorzitter, en de raadsheren Luc Huybrechts, Paul Maffei, Luc Van hoogenbemt en Koen Mestdagh en op de openbare rechtszitting van 21 oktober 2008 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Edward Forrier, in aanwezigheid van advocaat-generaal Marc Timperman, met bijstand van afgevaardigd griffier Véronique Kosynsky. PDF document ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20081021.12 Gerelateerde publicatie(s) precedenten: ECLI:BE:CASS:2003:ARR.20030905.5 ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20080204.7 ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20080627.1 zie ook recenter: ECLI:BE:CASS:2015:ARR.20150310.1 ECLI:BE:CASS:2017:ARR.20170315.4 ECLI:BE:CASS:2020:ARR.20200526.2N.4 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div