← België

ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20081028.5

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 28 oktober 2008 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20081028.5 Rolnummer: P.08.0858.N Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2008-11-10 Raadplegingen: 470 - laatst gezien 2026-07-03 09:54 Versie(s): Vertaling FR Fiche Daar een stedenbouwvergunning kan worden geweigerd of voorwaardelijk verleend, alleen reeds op grond van dwingende vereisten van brandveiligheid, is het niet uit te sluiten dat ook de herstelvordering alleen op grond van brandveiligheid wordt gemotiveerd

(1).
(1)Zie Cass., 17 okt. 2006, AR P.06.0710.N ECLI:BE:CASS:2006:ARR.20061017.2, A.C., 2006, nr.
  1. Thesaurus CAS: STEDENBOUW - HERSTEL VAN PLAATS IN DE VORIGE STAAT. BETALING VAN EEN MEERWAARDE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RUIMTELIJKE ORDENING - Vlaams Gewest - Inbreuken en sancties - Strafbepalingen Vrije woorden: Herstelvordering - Motivering - Brandveiligheid - Toepassing Wettelijke bepalingen: Decreet Vlaamse Raad - 18-05-1999 - Artt. 54, 1°, 55, § 1 en 2, en 149, § 1, eerste lid Tekst van de beslissing Nr. P.08.0858.N
  2. GEWESTELIJK STEDENBOUWKUNDIG INSPECTEUR, aangesteld voor het grondgebied van het Vlaamse Gewest, met kantoor te 1210 Brussel, Koning Albert II - laan 19, bus 22,
  3. GEWESTELIJK STEDENBOUWKUNDIG INSPECTEUR, aangesteld voor het grondgebied van de Provincie Antwerpen, met kantoor te 2018 Antwerpen, Lange Kievitstraat 111/113, bus 55, eisers tot herstel, vertegenwoordigd door mr. Huguette Geinger, advocaat bij het Hof van Cassatie, tegen J. J., beklaagde, verweerder. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF De cassatieberoepen zijn gericht tegen het arrest van het Hof van Beroep te Antwerpen, correctionele kamer, van 24 april
  4. De eisers voeren in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan. Raadsheer Etienne Goethals heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Patrick Duinslaeger heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Middel
  5. Het middel voert schending aan van artikel 159 Grondwet en artikel 149, § 1, eerste lid, Stedenbouwdecreet 1999: de appelrechters oordelen ten onrechte dat de motivering van de herstelvordering, gesteund op redenen van brandveiligheid, geen verband houdt met een oogmerk van goede ruimtelijke ordening, en om die reden dit herstel niet kan worden bevolen.
  6. De artikelen 54, 1º en 55, § 1, en § 2, Stedenbouwdecreet 1999 bieden de mogelijkheid, respectievelijk aan de Vlaamse Regering, de provincieraad en de gemeenteraad om stedenbouwkundige verordeningen vast te stellen die de nodige stedenbouwkundige voorschriften kunnen bevatten om onder meer te zorgen voor "de gezondheid, de instandhouding, de stevigheid, de fraaiheid en de esthetische waarde van de bouwwerken, de installaties en hun omgeving, en ook hun veiligheid, met name de beveiliging tegen brand en overstroming".
  7. Daar een stedenbouwvergunning kan worden geweigerd of voorwaardelijk worden verleend, alleen reeds op grond van dwingende vereisten van brandveiligheid, is het aldus niet uit te sluiten dat ook de herstelvordering alleen op grond van brandveiligheid wordt gemotiveerd.
  8. Het bestreden arrest dat oordeelt dat de vordering strekkende tot herstel in de oorspronkelijke toestand genomen is op grond van brandveiligheidsmotieven, kon hieruit dan ook niet wettig afleiden dat de herstelvordering "niet genomen is op motieven die een goede ruimtelijke ordening aanbelangen". Het middel is gegrond. Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden arrest in zoverre dit beslist over de herstelvordering. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het gedeeltelijk vernietigde arrest. Veroordeelt de verweerder in de kosten. Verwijst de aldus beperkte zaak naar het Hof van Beroep te Gent. Begroot de kosten op 428,73 euro waarvan 150,58 euro verschuldigd is en 278,15 euro betaald werd. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit raadsheer Luc Huybrechts, als waarnemend voorzitter, en de raadsheren Etienne Goethals, Paul Maffei, Luc Van hoogenbemt en Koen Mestdagh en op de openbare rechtszitting van 28 oktober 2008 uitgesproken door waarnemend voorzitter Luc Huybrechts, in aanwezigheid van advocaat-generaal Patrick Duinslaeger, met bijstand van afgevaardigd adjunct-griffier Conny Van de Mergel. PDF document ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20081028.5 Gerelateerde publicatie(s) geciteerd door: ECLI:BE:CASS:2014:CONC.20141104.3 precedenten: ECLI:BE:CASS:2006:ARR.20061017.2 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.