← België

ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20081103.8

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 03 november 2008 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20081103.8 Rolnummer: S.08.0060.N Kamer: 3N - derde kamer Rechtsgebied: Overige - Strafrecht Invoerdatum: 2008-12-03 Raadplegingen: 555 - laatst gezien 2026-07-03 07:44 Versie(s): Vertaling FR Fiches 1 - 2 Ook al bevat de conclusie van een partij over het advies van het openbaar ministerie geen andere middelen dan die partij reeds in vroegere conclusies heeft aangevoerd, dan belet dit niet dat die conclusie argumenten kan bevatten die de beslissing van de rechter kunnen beïnvloeden, zodat het niet in aanmerking nemen van haar conclusie over het advies van het openbaar ministerie de processuele situatie van die partij kan verzwakken. Thesaurus CAS: RECHTBANKEN - BURGERLIJKE ZAKEN - Algemeen UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - GERECHTELIJK RECHT- ALGEMENE BEGINSELEN - Begrippen - Vonnis - arrest - Algemeen GERECHTELIJK RECHT - RECHTSPLEGING - Behandeling van de zaak - Vonnis - Algemeen STRAFRECHT - MISDRIJVEN EN HUN STRAFFEN - Misdrijven tegen openbare trouw - Valsheid - In geschriften GERECHTELIJK RECHT - GERECHTELIJK RECHT- ALGEMENE BEGINSELEN - Redenen van vonnissen en arresten Vrije woorden: Conclusies - Conclusie na het advies van het openbaar ministerie - Herhaling van reeds in eerdere conclusie ontwikkelde argumenten - Niet in aanmerking genomen conclusie - Processuele situatie van de conclusienemer Wettelijke bepalingen: Gerechtelijk Wetboek - 10-10-1967 - Art. 767 Thesaurus CAS: VONNISSEN EN ARRESTEN - BURGERLIJKE ZAKEN - Algemeen UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - GERECHTELIJK RECHT- ALGEMENE BEGINSELEN - Begrippen - Vonnis - arrest - Algemeen GERECHTELIJK RECHT - RECHTSPLEGING - Behandeling van de zaak - Vonnis - Algemeen STRAFRECHT - MISDRIJVEN EN HUN STRAFFEN - Misdrijven tegen openbare trouw - Valsheid - In geschriften GERECHTELIJK RECHT - GERECHTELIJK RECHT- ALGEMENE BEGINSELEN - Redenen van vonnissen en arresten Vrije woorden: Conclusies - Conclusie na het advies van het openbaar ministerie - Herhaling van reeds in eerdere conclusie ontwikkelde argumenten - Niet in aanmerking genomen conclusie - Processuele situatie van de conclusienemer Wettelijke bepalingen: Gerechtelijk Wetboek - 10-10-1967 - Art. 767 Fiche 3 De valsheidsvordering die ondergeschikt is ingesteld aan het aangevoerde middel, is gelet op de vernietiging op grond van dit middel, bij gebrek aan belang niet ontvankelijk. Thesaurus CAS: CASSATIEMIDDELEN - BURGERLIJKE ZAKEN - Belang UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - GERECHTELIJK RECHT- ALGEMENE BEGINSELEN - Begrippen - Vonnis - arrest - Algemeen GERECHTELIJK RECHT - RECHTSPLEGING - Behandeling van de zaak - Vonnis - Algemeen STRAFRECHT - MISDRIJVEN EN HUN STRAFFEN - Misdrijven tegen openbare trouw - Valsheid - In geschriften GERECHTELIJK RECHT - GERECHTELIJK RECHT- ALGEMENE BEGINSELEN - Redenen van vonnissen en arresten Vrije woorden: Valsheid en gebruik van valse stukken - Valsheidsvordering - Ondergeschiktheid aan het cassatiemiddel Wettelijke bepalingen: Gerechtelijk Wetboek - 10-10-1967 - Art. 907 Tekst van de beslissing Nr. S.08.0060.N P.L., eiser, vertegenwoordigd door mr. Caroline De Baets, advocaat bij het Hof van Cassatie, kantoor houdende te 1050 Brussel, Louizalaan 99, waar de eiser woonplaats kiest, tegen RIJKSINSTITUUT VOOR ZIEKTE- EN INVALIDITEITSVERZEKE-RING, met zetel te 1150 Sint-Pieters-Woluwe, Tervurenlaan 211, verweerder, vertegenwoordigd door mr. Willy van Eeckhoutte, advocaat bij het Hof van Cassatie, kantoor houdende te 9051 Gent, Driekoningenstraat 3, waar de verweerder woonplaats kiest. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen een arrest, op 14 december 2007 gewezen door het Arbeidshof te Gent. Bij afzonderlijke akte heeft de eiser voor het Hof ook een valsheidsvordering ingediend. Raadsheer Koen Mestdagh heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Ria Mortier heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDELEN De eiser voert in zijn verzoekschrift vier middelen aan. Het verzoekschrift is aan dit arrest gehecht en maakt er deel van uit. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Eerste middel Grond van niet-ontvankelijkheid

  1. De verweerder werpt op dat het middel bij gebrek aan belang niet ontvankelijk is, omdat de eiser in zijn conclusie over het advies van het openbaar ministerie geen andere middelen aanvoerde dan die welke hij al in zijn vroegere conclusies had aangevoerd en het arrest aldus ook, minstens impliciet, antwoordt op alle middelen die de eiser in zijn conclusie over het advies van het openbaar ministerie ontwikkelde en daarmee rekening houdt.
  2. Het middel is gericht tegen de beslissing van het arrest dat eisers conclusie over het schriftelijk advies van het openbaar ministerie niet in aanmerking wordt genomen.
  3. Ook al bevat de conclusie van een partij over het advies van het openbaar ministerie geen andere middelen dan die partij reeds in vroegere conclusies heeft aangevoerd, dan belet dit niet dat die conclusie argumenten kan bevatten die de beslissing van de rechter kunnen beïnvloeden, zodat het niet in aanmerking nemen van haar conclusie over het advies van het openbaar ministerie de processuele situatie van die partij kan verzwakken. De grond van niet-ontvankelijkheid kan niet worden aangenomen. Eerste onderdeel
  4. Uit de vermeldingen van het zittingsblad van de rechtszitting van 12 oktober 2007 blijkt dat de in artikel 766, eerste lid, van het Gerechtelijk Wetboek bepaalde termijn waarbinnen het advies van het openbaar ministerie moest worden uitgebracht, door het arbeidshof is bepaald op uiterlijk 31 oktober 2007 en de termijn waarover de partijen beschikten om conclusie neer te leggen met betrekking tot de inhoud van dat advies, op uiterlijk 8 november
  5. Het arrest stelt enerzijds vast dat eisers conclusie met betrekking tot de inhoud van het advies van het openbaar ministerie ter griffe van het arbeidshof werd neergelegd op 8 november
  6. Anderzijds stelt het arrest vast dat de conclusie over het schriftelijk advies door de eiser is neergelegd op 9 november 2007 en beslist het die conclusie niet in aanmerking te nemen.
  7. Het arrest bevat aldus tegenstrijdige vermeldingen die het Hof niet in staat stellen de wettigheid na te gaan van de beslissing eisers conclusie met betrekking tot de inhoud van het advies van het openbaar ministerie te weren. Het arrest is bijgevolg niet regelmatig met redenen omkleed en schendt zodoende artikel 149 van de Grondwet. Het onderdeel is gegrond. Valsheidsvordering
  8. De valsheidsvordering die ondergeschikt is ingesteld aan het tweede onderdeel van het eerste middel, is gelet op de vernietiging op grond van het eerste onderdeel, bij gebrek aan belang niet ontvankelijk. Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden arrest. Verwerpt de valsheidsvordering. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het vernietigde arrest. Houdt de kosten aan en laat de beslissing daaromtrent aan de feitenrechter over. Verwijst de zaak naar het Arbeidshof te Brussel. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, derde kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Robert Boes, als voorzitter, en de raadsheren Eric Stassijns, Beatrijs Deconinck, Alain Smetryns en Koen Mestdagh, en in openbare terechtzitting van 3 november 2008 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Robert Boes, als voorzitter, in aanwezigheid van advocaat-generaal Ria Mortier, met bijstand van griffier Philippe Van Geem. PDF document ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20081103.8 Gerelateerde publicatie(s) geciteerd door: ECLI:BE:CTBRL:2010:ARR.20100902.6 zie ook recenter: ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20090220.10 ECLI:BE:CASS:2009:CONC.20090220.10 ECLI:BE:CASS:2019:ARR.20190405.1 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.