id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 21 november 2008 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20081121.3 Rolnummer: C.07.0448.N Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Constitutioneel recht - Overige Invoerdatum: 2008-12-15 Raadplegingen: 752 - laatst gezien 2026-07-03 08:48 Versie(s): Vertaling FR Fiches 1 - 2 De machtiging van de gemeenteraad aan het college van burgemeester en schepenen om in rechte op te treden kan tot de sluiting van het debat worden gegeven
(1)Cass., 5 sept. 2003, AR C.02.0539.F ECLI:BE:CASS:2003:ARR.20030905.3, A.C., 2003, nr. 417; zie Cass., 4 mei 2001, AR C.98.0199.N ECLI:BE:CASS:2001:ARR.20010504.6, nr. 255, met concl. O.M. (hoger beroep) en 16 dec. 2004, AR C.03.0579.N ECLI:BE:CASS:2004:ARR.20041216.17, A.C., 2004, nr. 617 (cassatieberoep). De artikelen 123 en 270 Nieuwe Gemeentewet werden opgeheven bij art. 302, 117° en 166°, Decr. Vl. Parl. 15 juli 2005, B.S., 31 aug. 2005, inwerkingtreding: 1 jan. 2007 (art. 5 B. Vl. Reg. 24 nov. 2006, B.S., 30 nov. 2006). Thesaurus CAS: GEMEENTE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - GEMEENTE - Nieuwe Gemeentewet - Rechtsgedingen gemeente GERECHTELIJK RECHT - RECHTSMIDDELEN - GERECHTELIJK RECHT EN CASSATIE - Cassatie - Gevolgen - Omvang van cassatie Vrije woorden: College van burgemeester en schepenen - Optreden in rechte - Gemeenteraad - Machtiging Wettelijke bepalingen: Gemeentewet - 24-06-1988 - Artt. 123, 8° en 270 Thesaurus CAS: VORDERING IN RECHTE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - GEMEENTE - Nieuwe Gemeentewet - Rechtsgedingen gemeente GERECHTELIJK RECHT - RECHTSMIDDELEN - GERECHTELIJK RECHT EN CASSATIE - Cassatie - Gevolgen - Omvang van cassatie Vrije woorden: Gemeente - College van burgemeester en schepenen - Optreden in rechte - Gemeenteraad - Machtiging Wettelijke bepalingen: Gemeentewet - 24-06-1988 - Artt. 123, 8° en 270 Fiche 3 Ingevolge de beslissing dat de oorspronkelijke vordering van de eiser niet ontvankelijk is, had geen van de partijen een belang bij het aanvechten van de beslissing over de rechtsmacht van de burgerlijke rechter, zodat de cassatie tot deze beslissing dient te worden uitgebreid. Thesaurus CAS: CASSATIE - VERNIETIGING. OMVANG - Burgerlijke zaken UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - GEMEENTE - Nieuwe Gemeentewet - Rechtsgedingen gemeente GERECHTELIJK RECHT - RECHTSMIDDELEN - GERECHTELIJK RECHT EN CASSATIE - Cassatie - Gevolgen - Omvang van cassatie Vrije woorden: Beslissing dat de vordering niet ontvankelijk is - Vernietiging - Beslissing over de rechtsmacht - Belang Tekst van de beslissing Nr. C.07.0448.N STAD BILZEN, vertegenwoordigd door haar College van Burgemeester en Schepenen, met kantoor gevestigd op het Stadhuis te 3740 Bilzen, Klokkestraat 1, eiseres, vertegenwoordigd door mr. Huguette Geinger, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1000 Brussel, Quatre Brasstraat 6, waar de eiseres woonplaats kiest, tegen BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de minister van Justitie, met kantoor te 1040 Brussel, Handelsstraat 78-80, verweerder. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen een arrest, op 6 februari 2007 gewezen door het Hof van Beroep te Antwerpen. Raadsheer Alain Smetryns heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Guy Dubrulle heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDEL De eiseres voert in haar verzoekschrift een middel aan. Het verzoekschrift is aan dit arrest gehecht en maakt er deel van uit. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling
- Krachtens artikel 123, 8°, van de te dezen toepasselijke Nieuwe Gemeentewet van 24 juni 1988, is het College van burgemeester en schepenen belast met het voeren van de rechtsgedingen waarbij de gemeente hetzij als eiser, hetzij als verweerder betrokken is. Krachtens artikel 270, eerste lid, van die wet, stelt het College van burgemeester en schepenen de vorderingen in kort geding en de bezitsvorderingen in en verricht het alle handelingen tot bewaring van recht of tot stuiting van verjaring en van verval. Krachtens artikel 270, tweede lid, van die wet, mogen alle andere rechtsvorderingen waarbij de gemeente als eiser optreedt, slechts door het college worden ingesteld na machtiging van de gemeenteraad. Deze machtiging van de gemeenteraad aan het College van burgemeester en schepenen om in rechte op te treden, kan tot de sluiting van het debat worden gegeven.
- De appelrechter stelt vast dat: - de rechtsvordering van de eiseres ertoe strekkende de verweerder te doen veroordelen tot het betalen van een bedrag in hoofdsom van 9.838,73 euro, werd ingesteld bij dagvaarding betekend op 17 november 2004; - de gemeenteraad, in het vooruitzicht van de terechtzitting van 27 oktober 2005 van de Rechtbank van Eerste Aanleg te Tongeren, op 12 juli 2005 machtiging verleende aan het College van burgemeester en schepenen om dit rechtsgeding te voeren. Verder oordeelt hij dat de vordering van de eiseres als onontvankelijk dient te worden afgewezen, omdat zij werd ingesteld zonder voorafgaande machtiging van de gemeenteraad en de bedoelde rechtsvordering niet als een handeling tot bewaring van recht of tot stuiting van verjaring en van verval kan worden beschouwd.
- Door aldus te oordelen dat de vordering van de eiseres, die niet als handeling tot bewaring van recht of tot stuiting van verjaring en van verval kan worden beschouwd, als onontvankelijk dient te worden afgewezen bij gebrek aan voorafgaande machtiging door de gemeenteraad, terwijl hij vaststelt dat de gemeenteraad het College van burgemeester en schepenen machtiging verleende tot het instellen van die vordering vóór de sluiting van het debat in eerste aanleg, schendt de appelrechter de artikelen 123, 8°, en 270 van de te deze toepasselijke Nieuwe Gemeentewet. Het middel is gegrond. Omvang cassatie
- Ingevolge de beslissing dat de oorspronkelijke vordering van de eiseres niet ontvankelijk is, had geen van de partijen een belang bij het aanvechten van de beslissing over de rechtsmacht van de burgerlijke rechter, zodat de cassatie tot deze beslissing dient te worden uitgebreid. Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden arrest, behalve in zoverre dit het het hoger beroep ontvankelijk verklaart. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het gedeeltelijk vernietigde arrest. Houdt de kosten aan en laat de beslissing daaromtrent aan de feitenrechter over. Verwijst de aldus beperkte zaak naar het Hof van Beroep te Brussel. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Robert Boes, als voorzitter, afdelingsvoorzitter Ernest Waûters, en de raadsheren Eric Stassijns, Beatrijs Deconinck en Alain Smetryns, en in openbare terechtzitting van 21 november 2008 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Robert Boes, in aanwezigheid van advocaat-generaal Guy Dubrulle, met bijstand van adjunct-griffier Johan Pafenols. PDF document ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20081121.3 Gerelateerde publicatie(s) geciteerd door: ECLI:BE:CASS:2010:CONC.20101108.1 ECLI:BE:CASS:2012:CONC.20120524.6 ECLI:BE:CASS:2012:CONC.20120524.7 precedenten: ECLI:BE:CASS:2001:ARR.20010504.6 ECLI:BE:CASS:2003:ARR.20030905.3 ECLI:BE:CASS:2004:ARR.20041216.17 zie ook recenter: ECLI:BE:CASS:2007:ARR.20071107.6 ECLI:BE:CASS:2007:CONC.20071107.6 ECLI:BE:CASS:2011:ARR.20110218.2 ECLI:BE:CASS:2018:ARR.20180105.3 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div