id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 02 december 2008 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20081202.6 Rolnummer: P.08.0482.N Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Strafrecht - Overige Invoerdatum: 2008-12-26 Raadplegingen: 536 - laatst gezien 2026-07-03 07:55 Versie(s): Vertaling FR Fiche 1 Artikel 162bis, Wetboek van Strafvordering, laat niet toe dat de tussengekomen partij wordt veroordeeld tot betaling van de rechtsplegingsvergoeding aan de burgerlijke partij. Thesaurus CAS: GERECHTSKOSTEN - STRAFZAKEN - Procedure voor de feitenrechter UTU-thesaurus: STRAFRECHT - BEVOEGDHEID - RECHTSPLEGING - RECHTSMIDDELEN STRAFGERECHTEN - Correctionele rechtbank - Gerechtskosten Vrije woorden: Rechtsplegingsvergoeding - Tussenkomende partij - Veroordeling tot betaling van de rechtsplegingsvergoeding aan de burgerlijke partij Wettelijke bepalingen: Wetboek van Strafvordering - 17-11-1808 - Art. 162bis - 30 ELI link Pub nr 1808111701 Fiche 2 Wanneer de strafrechter de tussengekomen partij in solidum veroordeelt met de beklaagde om aan de burgerlijke partij de rechtsplegingsvergoeding als bedoeld in artikel 1022, van het Gerechtelijk Wetboek te betalen, vernietigt het Hof van Cassatie die veroordeling in zoverre ze de tussengekomen partij betreft, en zegt het dat er geen grond is tot verwijzing. Thesaurus CAS: CASSATIE - VERNIETIGING. OMVANG - Strafzaken - Burgerlijke rechtsvordering - Tussenkomende partij UTU-thesaurus: STRAFRECHT - BEVOEGDHEID - RECHTSPLEGING - RECHTSMIDDELEN STRAFGERECHTEN - Correctionele rechtbank - Gerechtskosten Vrije woorden: Rechtsplegingsvergoeding - Veroordeling tot betaling van de rechtsplegingsvergoeding aan de burgerlijke partij - Veroordeling in solidum van de tussengekomen partij met de beklaagde - Vernietiging zonder verwijzing Wettelijke bepalingen: Gerechtelijk Wetboek - 10-10-1967 - Art. 1022 Wetboek van Strafvordering - 17-11-1808 - Artt. 162bis en 429, laatste lid - 30 ELI link Pub nr 1808111701 Tekst van de beslissing Nr. P.08.0482.N GEMEENSCHAPPELIJK MOTORWAARBORGFONDS, met zetel te 1210 Sint-Joost-ten-Node, Liefdadigheidsstraat 33/1, vrijwillig tussengekomen partij, eiser, vertegenwoordigd door mr. Huguette Geinger, advocaat bij het Hof van Cassatie, tegen
- B V M, burgerlijke partij,
- S D S, burgerlijke partij, verweerders. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis in hoger beroep van de Correctionele Rechtbank te Mechelen van 13 februari
- De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan. Afdelingsvoorzitter Edward Forrier heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Marc Timperman heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Middel
- Het middel voert schending aan van de artikelen 2, 1017, 1018, 1021 en 1138, 2°, Gerechtelijk Wetboek, de artikelen 162bis, 194 en 211 Wetboek van Strafvordering, alsook miskenning van het algemeen rechtsbeginsel, beschikkingsbeginsel genaamd, dat de rechter verbiedt uitspraak te doen over niet-gevorderde zaken en van het algemeen rechtsbeginsel betreffende de eerbied van het recht van verdediging: de appelrechters hebben onterecht de eiser veroordeeld tot betaling van een rechtsplegingsvergoeding.
- Volgens artikel 194 Wetboek van Strafvordering wordt over de kosten beslist overeenkomstig de regels gesteld in artikel 162 Wetboek van Strafvordering en over de vergoeding bedoeld in artikel 1022 Gerechtelijk Wetboek, overeenkomstig artikel 162bis Wetboek van Strafvordering. Artikel 162bis, eerste lid, Wetboek van Strafvordering bepaalt: "Ieder veroordelend vonnis, uitgesproken tegen de beklaagde en tegen de personen die voor het misdrijf burgerrechtelijk aansprakelijk zijn, veroordeelt hen tot het betalen aan de burgerlijke partij van de rechtsplegingsvergoeding bedoeld in artikel 1022 Gerechtelijk Wetboek".
- Artikel 162bis Wetboek van Strafvordering laat aldus niet toe dat de tussengekomen partij wordt veroordeeld tot betaling van de rechtsplegingsvergoeding aan de burgerlijke partij. Het middel is gegrond. Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden vonnis in zoverre het de eiser veroordeelt tot betaling van een rechtsplegingsvergoeding aan de verweerders. Verwerpt het cassatieberoep voor het overige. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het gedeeltelijk vernietigde vonnis. Veroordeelt de verweerders in een twintigste van de kosten en de eiser in de overige negentien twintigsten. Zegt dat er geen grond is tot verwijzing. Begroot de kosten op 76,07 euro, waarvan 46,07 euro verschuldigd is. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Edward Forrier, als voorzitter, en de raadsheren Jean-Pierre Frère, Paul Maffei, Luc Van hoogenbemt en Koen Mestdagh en op de openbare rechtszitting van 2 december 2008 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Edward Forrier, in aanwezigheid van advocaat-generaal Marc Timperman, met bijstand van afgevaardigd griffier Véronique Kosynsky. PDF document ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20081202.6 Gerelateerde publicatie(s) geciteerd door: ECLI:BE:CASS:2010:CONC.20100120.5 ECLI:BE:GHCC:2010:ARR.019 ECLI:BE:GHCC:2010:ARR.078 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div