id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Conclusie van het Openbaar Ministerie van 24 oktober 2008 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2008:CONC.20081024.8 Rolnummer: C.07.0533.N Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Burgerlijk recht - Overige Invoerdatum: 2008-11-13 Raadplegingen: 275 - laatst gezien 2026-07-03 09:46 Vonnis/arrest: ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20081024.8 Fiches 1 - 2 Niet ontvankelijk, wegens het persoonlijk karakter van de vordering tot adoptie, is het verzoek tot hervatting van het geding en de vordering tot gedinghervatting die de partijen in hun hoedanigheid van rechtsopvolgers van de overleden adoptant hebben gedaan
(1).
(1)Zie de concl. van het O.M. Thesaurus CAS: ADOPTIE UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - RECHTSMIDDELEN - GERECHTELIJK RECHT EN CASSATIE - Cassatieberoep in burgerlijke zaken - Personen door of tegen wie cassatieberoep kan of moet worden ingesteld GERECHTELIJK RECHT - RECHTSMIDDELEN - GERECHTELIJK RECHT EN CASSATIE - Cassatieberoep in burgerlijke zaken - Vormen - Vorm en termijn voor memories en stukken Vrije woorden: Vordering - Aard - Cassatieberoep - Overlijden van de adoptant - Verzoek tot hervatting van het geding - Hoedanigheid van rechtsopvolger - Ontvankelijkheid Thesaurus CAS: CASSATIEBEROEP - BURGERLIJKE ZAKEN - Personen door of tegen wie cassatieberoep kan of moet worden ingesteld - Eisers en verweerders UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - RECHTSMIDDELEN - GERECHTELIJK RECHT EN CASSATIE - Cassatieberoep in burgerlijke zaken - Personen door of tegen wie cassatieberoep kan of moet worden ingesteld GERECHTELIJK RECHT - RECHTSMIDDELEN - GERECHTELIJK RECHT EN CASSATIE - Cassatieberoep in burgerlijke zaken - Vormen - Vorm en termijn voor memories en stukken Vrije woorden: Vordering tot adoptie - Overlijden van de adoptant - Verzoek tot hervatting van het geding - Hoedanigheid van rechtsopvolger - Ontvankelijkheid Fiches 3 - 4 Op het verzoek dat ertoe strekt de partijen akte te verlenen van de voortzetting van de procedure tot adoptie kan in het kader van de procedure voor het Hof geen acht worden geslagen wanneer het werd geformuleerd na het verstrijken van de termijn van artikel 1093 van het Gerechtelijk Wetboek
(1).
(1)Zie de concl. van het O.M. Thesaurus CAS: ADOPTIE UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - RECHTSMIDDELEN - GERECHTELIJK RECHT EN CASSATIE - Cassatieberoep in burgerlijke zaken - Personen door of tegen wie cassatieberoep kan of moet worden ingesteld GERECHTELIJK RECHT - RECHTSMIDDELEN - GERECHTELIJK RECHT EN CASSATIE - Cassatieberoep in burgerlijke zaken - Vormen - Vorm en termijn voor memories en stukken Vrije woorden: Voortzetting van de procedure - Cassatieberoep - Verzoek - Termijn Wettelijke bepalingen: Gerechtelijk Wetboek - 10-10-1967 - Artt. 1093 en 1231-20 Thesaurus CAS: CASSATIEBEROEP - BURGERLIJKE ZAKEN - Vormen - Vorm en termijn voor memories en stukken UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - RECHTSMIDDELEN - GERECHTELIJK RECHT EN CASSATIE - Cassatieberoep in burgerlijke zaken - Personen door of tegen wie cassatieberoep kan of moet worden ingesteld GERECHTELIJK RECHT - RECHTSMIDDELEN - GERECHTELIJK RECHT EN CASSATIE - Cassatieberoep in burgerlijke zaken - Vormen - Vorm en termijn voor memories en stukken Vrije woorden: Adoptie - Verzoek tot voortzetting van de procedure - Termijn - Artikel 1093 Ger.W. Wettelijke bepalingen: Gerechtelijk Wetboek - 10-10-1967 - Artt. 1093 en 1231-20 Fiches 5 - 8 Concl. adv.-gen. VAN INGELGEM, Cass., 24 okt. 2008, AR C.07.0533.N, A.C., 2007, nr ... Thesaurus CAS: ADOPTIE UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - RECHTSMIDDELEN - GERECHTELIJK RECHT EN CASSATIE - Cassatieberoep in burgerlijke zaken - Personen door of tegen wie cassatieberoep kan of moet worden ingesteld GERECHTELIJK RECHT - RECHTSMIDDELEN - GERECHTELIJK RECHT EN CASSATIE - Cassatieberoep in burgerlijke zaken - Vormen - Vorm en termijn voor memories en stukken Vrije woorden: Vordering - Aard - Cassatieberoep - Overlijden van de adoptant - Verzoek tot hervatting van het geding - Hoedanigheid van rechtsopvolger - Ontvankelijkheid Thesaurus CAS: CASSATIEBEROEP - BURGERLIJKE ZAKEN - Personen door of tegen wie cassatieberoep kan of moet worden ingesteld - Eisers en verweerders UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - RECHTSMIDDELEN - GERECHTELIJK RECHT EN CASSATIE - Cassatieberoep in burgerlijke zaken - Personen door of tegen wie cassatieberoep kan of moet worden ingesteld GERECHTELIJK RECHT - RECHTSMIDDELEN - GERECHTELIJK RECHT EN CASSATIE - Cassatieberoep in burgerlijke zaken - Vormen - Vorm en termijn voor memories en stukken Vrije woorden: Vordering tot adoptie - Overlijden van de adoptant - Verzoek tot hervatting van het geding - Hoedanigheid van rechtsopvolger - Ontvankelijkheid Thesaurus CAS: ADOPTIE UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - RECHTSMIDDELEN - GERECHTELIJK RECHT EN CASSATIE - Cassatieberoep in burgerlijke zaken - Personen door of tegen wie cassatieberoep kan of moet worden ingesteld GERECHTELIJK RECHT - RECHTSMIDDELEN - GERECHTELIJK RECHT EN CASSATIE - Cassatieberoep in burgerlijke zaken - Vormen - Vorm en termijn voor memories en stukken Vrije woorden: Voortzetting van de procedure - Cassatieberoep - Verzoek - Termijn Thesaurus CAS: CASSATIEBEROEP - BURGERLIJKE ZAKEN - Vormen - Vorm en termijn voor memories en stukken UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - RECHTSMIDDELEN - GERECHTELIJK RECHT EN CASSATIE - Cassatieberoep in burgerlijke zaken - Personen door of tegen wie cassatieberoep kan of moet worden ingesteld GERECHTELIJK RECHT - RECHTSMIDDELEN - GERECHTELIJK RECHT EN CASSATIE - Cassatieberoep in burgerlijke zaken - Vormen - Vorm en termijn voor memories en stukken Vrije woorden: Adoptie - Verzoek tot voortzetting van de procedure - Termijn - Artikel 1093 Ger.W. Tekst van de conclusie C.07.0533.N CONCLUSIE VAN DE HEER ADVOCAAT-GENERAL M.O. VAN INGELGEM.
- SITUERING 1.
- In het raam van een procedure tot homologatie van een adoptie (m.b.t. twee volwassen dochters van zijn echtgenote uit een vorig huwelijk) stelden eisers (d.w.z. twee zonen uit een eerste huwelijk) een voorziening in cassatie in tegen verweerder (hun vader) in verband met de beslissing van het hof van beroep te Gent (van 30 juli 2007) waarbij hun verzoek tot heropening van de debatten werd afgewezen en het beroepen vonnis tot homologatie werd bevestigd. 1.
- Verweerder is na de betekening (van 30 oktober 2007) van de voorziening in cassatie (die op de griffie van het Hof werd ingediend op 2 november 2007) op 4 november 2007 overleden. 1.
- Zijn echtgenote en haar beide dochters hebben hierop een verzoekschrift tot hervatting van het geding neergelegd (op 30 januari 2008) ter griffie van het Hof en hebben eveneens de eisers gedagvaard in gedwongen gedinghervatting (d.d. 22 januari 2008...). 1.
- Dit verloop van de procedure heeft aanleiding gegeven tot een memorie van antwoord uitgaande van voormelde echtgenote en haar beide dochters (in hun hoedanigheid van enerzijds rechtsopvolgers en van anderzijds in gemeenverklaring opgeroepen partijen) en tot een memorie in antwoord door de eisers (m.b.t. deze drie eerder vermelde procedurestukken en procedure-initiatieven van de andere partijen). 1.
- Op 5 maart 2008 werd door deze andere partijen nog een nota neergelegd (ter griffie van het Hof) met verzoek (voor zoveel als nodig) tot voortzetting van de procedure conform artikel 1231-20 van het Ger.W.
- PROCEDURE 2.
- In deze aangelegenheid stelt zich de vraag naar de deugdelijkheid van de gebezigde proceduremiddelen in het raam van de cassatieprocedure. Deze procedure voorziet (in de artikelen 1079,1093 en 1094 van het Ger.W.) in de middelen en de wijze waarop deze wordt gevoerd, waarbij expliciet melding wordt gemaakt van de voorziening in cassatie (door middel van een verzoekschrift), de memorie van antwoord en de memorie van wederantwoord (wanneer een middel van niet ontvankelijkheid van het cassatieberoep wordt opgeworpen), gekoppeld aan de termijnen op straffe van uitsluiting of verval. 2.
- Hoewel ingevolge voormelde bepalingen de vraag dient gesteld te worden of uw Hof derhalve acht kan slaan op de memorie in antwoord (van de eisers) op de akten tot gedinghervatting en de nota in reactie daarop (met verzoek tot voortzetting van de rechtspleging tot adoptie) van de andere partijen, komt het mij voor dat in deze aangelegenheid die bewuste stukken geen betrekking hebben op het cassatiemiddel zelf, maar wel op de eigenlijke procedure waardoor m.i. enerzijds rekening houdend met het verloop van de inzake genomen procedure-initiatieven (verzoek tot hervatting van het geding en de gedwongen gedinghervatting) en anderzijds de termijnen in acht nemend die daaraan binnen de procedure voor cassatie gekoppeld zijn, het aspect van het recht van verdediging op dat vlak eveneens in ogenschouw dient genomen te worden
(1). 2.3. Wanneer een voorziening bij het Hof van Cassatie aanhangig is en vóór het verstrijken van de termijn bepaald in de artikelen 1093 en 1094 van het Ger.W. een partij overleden is in het geval waarin het overlijden de rechtsvordering niet doet vervallen, bestaat er grond tot hervatting van het geding
(2). In toepassing van artikel 1094 van het Ger.W. wordt evenwel niet voorzien in de mogelijkheid tot indiening van een memorie in antwoord op een akte van gedinghervatting. Waar bovendien enerzijds de verweerder in zijn enige memorie van antwoord alle overwegingen tegelijkertijd moet naar voor brengen die hij zinnens is uiteen te zetten in zijn antwoord op het cassatieberoep
(3), is in burgerlijke zaken anderzijds de memorie van wederantwoord niet ontvankelijk wanneer de verweerder geen enkele grond van niet ontvankelijkheid tegen het cassatieberoep heeft aangevoerd
(4). 2.4. Op basis van al de hierboven vermelde afwegingen en rekening houdend met de belangen (van verdediging) van de respectievelijk betrokken partijen, ben ik nochtans de mening toegedaan dat binnen het kader van de thans voorliggende cassatieprocedure al de door de partijen aangevoerde stukken in overweging kunnen worden genomen, waarbij m.i. evenwel de vraag rijst naar de vereiste hoedanigheid van rechtsopvolger m.b.t. de partijen die het geding wensen te hervatten. Daarbij wordt uitgegaan van het principe dat de rechtspleging die door of tegen een partij wordt ingesteld, na haar overlijden in de regel wordt voortgezet door haar erfgenamen die in haar rechten en verplichtingen treden
(5). Deze erfgenamen treden evenwel enkel in de rechten van de overledene die overdraagbaar zijn
(6), waardoor het mij voorkomt dat een gedinghervatting bijgevolg niet mogelijk is wanneer er enkel sprake is van een persoonsgebonden recht, en het recht van adoptie is m.i. per definitie een persoonlijk recht dat enkel door de belanghebbende zelf kan worden uitgeoefend
(7). Vanuit die benadering blijkt m.i. dat de echtgenote van de overleden verweerder noch diens geadopteerde (stief)dochters de vereiste hoedanigheid hebben om als rechtsopvolgers het geding te hervatten. 2.
- Wanneer evenwel de geadopteerde dochters thans in eigen naam, overeenkomstig artikel 1231-20 van het Ger.W., in hun hoedanigheid van geadopteerden verzoeken tot de voortzetting van de procedure, ben ik de mening toegedaan dat dit verzoek niet meer kan worden toegelaten nu het is geformuleerd en werd neergelegd ter griffie van het Hof na het verstrijken van de termijn bepaald in artikel 1093 en 1094 van het Ger.W. 2.
- Op basis van al deze elementen ben ik dan ook van oordeel dat het verzoek tot hervatting van geding evenals de vordering tot gedwongen gedinghervatting (door de in die hoedanigheid als dusdanig optredende "rechtsopvolgers" van de oorspronkelijke verweerder), als niet ontvankelijk dient te worden afgewezen. Ook het verzoek tot voortzetting van de procedure tot adoptie (op grond van artikel 1231-20 van het Ger.W.) dient m.i. als dusdanig uit de debatten te worden gelaten, nu het werd geformuleerd na het verstrijken van de termijn bepaald door artikel 1093 van het Ger.W. 2.
- Voormelde beslissingen tot niet ontvankelijkheid i.v.m. de initiatieven tot de hervatting van het geding en de voortzetting van de procedure verhinderen m.i. evenwel niet dat deze kan worden verder gezet, vermits uw Hof gevat is door een, conform artikel 1093 en 1094 van het Ger.W. zonder twijfel regelmatige voorziening in cassatie en de memorie van antwoord daarop die mee uitgaat van de door eisers in gemeenverklaring opgeroepen (stief)dochters van de oorspronkelijke verweerder, zodat uw Hof alleszins t.a.v. deze in die hoedanigheid betrokken partijen uitspraak kan en zal moeten doen.
- BESPREKING VAN DE MIDDELEN (...)
- CONCLUSIE: VERWERPING. ____________________
(1)S. CNUDDE, "Tussengeschillen in verband met de onderbreking van de procedure: de hervatting van het geding" in Bestendig Handboek Burgerlijk Procesrecht, Kluwer, losbl., VII.6-16 en VII.6-17, 29230.
(2)F. DUMON, "Commentaar bij art. 1074 Ger.W." in Gerechtelijk recht. Artikelsgewijze commentaar met overzicht van rechtspraak en rechtsleer, Kluwer, losbl., Art. 1074-4 tot 1074-7, 14.
(3)Cass., 29 september 2003, A.R. S.01.0134.F ECLI:BE:CASS:2003:ARR.20030929.3, A.C., 2003, nr. 460.
(4)Cass., 14 oktober 1982, A.R. 6552, A.C., 1982-83, nr. 111.
(5)Cass., 5 december 2003, A.R. C.00.419.F ECLI:BE:CASS:2003:ARR.20031205.23, A.C., 2003, nr. 624.
(6)H. DE PAGE, Traité élémentaire de droit civil belge, IX, Bruylant, Brussel, 1946, 351, nr. 492.
(7)J. CANIVET, Aperçu sur l'adoption et la légitimation pour adoption contre Belges en Belgique après la loi du 21 mars 1969, Ann. Not. 1969, 201, nr. 13. Gerelateerde publicatie(s) Vonnis/arrest: ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20081024.8 citeert: ECLI:BE:CASS:2003:ARR.20030929.3 ECLI:BE:CASS:2003:ARR.20031205.23 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div