← België

ECLI:BE:CASS:2008:CONC.20081212.7

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Conclusie van het Openbaar Ministerie van 12 december 2008 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2008:CONC.20081212.7 Rolnummer: F.07.0035.N Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Overige - Belastingrecht Invoerdatum: 2009-01-08 Raadplegingen: 210 - laatst gezien 2026-07-03 01:45 Vonnis/arrest: ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20081212.7 Fiche 1 Zoals inzake inkomstenbelastingen mag inzake provincie- en gemeentebelastingen het verzoekschrift in cassatie van de belastingsplichtige door een advocaat worden ondertekend en neergelegd voor zover het cassatieberoep wordt ingesteld tegen een eindbeslissing die is gewezen over een geschil dat werd beslecht door de fiscale rechter als bedoeld inde artt. 569, 32° en 632 van het Ger. W.

(1).
(1)Zie de conclusie van het O.M.. Thesaurus CAS: CASSATIEBEROEP - BELASTINGZAKEN - Vormen - Vorm van het cassatieberoep en vermeldingen UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - RECHTSMIDDELEN - GERECHTELIJK RECHT EN CASSATIE - Cassatieberoep in belastingzaken - Vormen - Algemeen FISCAAL RECHT - LOKALE BELASTINGEN - Gemeentebelastingen FISCAAL RECHT - LOKALE BELASTINGEN - Vestiging, invordering en geschillen (lokale belastingen) Vrije woorden: Cassatieberoep vanwege de belastingplichtige - Ondertekening - Neerlegging Wettelijke bepalingen: Wetboek van Inkomstenbelastingen - 12-06-1992 - Art. 378 - 30 ELI link Pub nr 1992003455 Wet - 24-12-1996 - Artt. 11 en 12 Fiches 2 - 3 Zoals inzake inkomstenbelastingen mag inzake provincie- en gemeentebelastingen het verzoekschrift in cassatie van de belastingplichtige door een advocaat worden ondertekend en neergelegd voor zover het cassatieberoep wordt ingesteld tegen een eindbeslissing die is gewezen over een geschil dat werd beslecht door de fiscale rechter als bedoeld in de artt. 569, 32° en 632 van het Ger. W.
(1).
(1)Zie de conclusie van het O.M.. Thesaurus CAS: INKOMSTENBELASTINGEN - AANSLAGPROCEDURE - Allerlei UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - RECHTSMIDDELEN - GERECHTELIJK RECHT EN CASSATIE - Cassatieberoep in belastingzaken - Vormen - Algemeen FISCAAL RECHT - LOKALE BELASTINGEN - Gemeentebelastingen FISCAAL RECHT - LOKALE BELASTINGEN - Vestiging, invordering en geschillen (lokale belastingen) Vrije woorden: Cassatieberoep vanwege de belastingplichtige - Vormvereisten - Ondertekening - Neerlegging Wettelijke bepalingen: Wetboek van Inkomstenbelastingen - 12-06-1992 - Art. 378 - 30 ELI link Pub nr 1992003455 Wet - 24-12-1996 - Artt. 11 en 12 Thesaurus CAS: GEMEENTE-, PROVINCIE- EN PLAATSELIJKE BELASTINGEN - RECHTSPLEGING UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - RECHTSMIDDELEN - GERECHTELIJK RECHT EN CASSATIE - Cassatieberoep in belastingzaken - Vormen - Algemeen FISCAAL RECHT - LOKALE BELASTINGEN - Gemeentebelastingen FISCAAL RECHT - LOKALE BELASTINGEN - Vestiging, invordering en geschillen (lokale belastingen) Vrije woorden: Cassatieberoep vanwege de belastingplichtige - Vormvereisten - Ondertekening - Neerlegging Wettelijke bepalingen: Wetboek van Inkomstenbelastingen - 12-06-1992 - Art. 378 - 30 ELI link Pub nr 1992003455 Wet - 24-12-1996 - Artt. 11 en 12 Fiches 4 - 6 Concl. adv.-gen. Thijs, Cass., 12 dec. 2008, AR F.07.0035.N, A.C., 2008, nr. .... Thesaurus CAS: CASSATIEBEROEP - BELASTINGZAKEN - Vormen - Vorm van het cassatieberoep en vermeldingen UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - RECHTSMIDDELEN - GERECHTELIJK RECHT EN CASSATIE - Cassatieberoep in belastingzaken - Vormen - Algemeen FISCAAL RECHT - LOKALE BELASTINGEN - Gemeentebelastingen FISCAAL RECHT - LOKALE BELASTINGEN - Vestiging, invordering en geschillen (lokale belastingen) Vrije woorden: Cassatieberoep vanwege de belastingplichtige - Ondertekening - Neerlegging Thesaurus CAS: INKOMSTENBELASTINGEN - AANSLAGPROCEDURE - Allerlei UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - RECHTSMIDDELEN - GERECHTELIJK RECHT EN CASSATIE - Cassatieberoep in belastingzaken - Vormen - Algemeen FISCAAL RECHT - LOKALE BELASTINGEN - Gemeentebelastingen FISCAAL RECHT - LOKALE BELASTINGEN - Vestiging, invordering en geschillen (lokale belastingen) Vrije woorden: Cassatieberoep vanwege de belastingplichtige - Vormvereisten - Ondertekening - Neerlegging Thesaurus CAS: GEMEENTE-, PROVINCIE- EN PLAATSELIJKE BELASTINGEN - RECHTSPLEGING UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - RECHTSMIDDELEN - GERECHTELIJK RECHT EN CASSATIE - Cassatieberoep in belastingzaken - Vormen - Algemeen FISCAAL RECHT - LOKALE BELASTINGEN - Gemeentebelastingen FISCAAL RECHT - LOKALE BELASTINGEN - Vestiging, invordering en geschillen (lokale belastingen) Vrije woorden: Cassatieberoep vanwege de belastingplichtige - Vormvereisten - Ondertekening - Neerlegging Tekst van de conclusie F.07.0035.N Conclusie van advocaat-generaal Dirk THIJS:
  1. De brandweerdiensten van eiseres hebben op 6 januari 2005 een brandpreventieverslag opgemaakt naar aanleiding van de door verweerster ingediende bouwvergunning voor het vervangen van een bestaande carwash op haar terreinen gelegen te Oostende. Hiervoor werd haar door eiseres een factuur overgemaakt voor een bedrag van 576,10 euro overeenkomstig de ‘Retributieverordening op de door de Brandweer verrichte opdrachten van Brandpreventie'. Op 26 september 2005 ging verweerster over tot dagvaarding teneinde te horen zeggen voor recht dat de gevorderde heffing nietig is, minstens vast te stellen dat de heffing een belasting uitmaakt waarvoor verweerster is vrijgesteld krachtens artikel 14 van de Wet van 23 juli 1926 tot oprichting van de N.M.B.S.. Bij het thans bestreden vonnis van 7 november 2006 heeft de Vrederechter van het eerste kanton te Oostende de vordering van verweerster gegrond verklaard, oordelend dat er in casu sprake is van een belasting en verweerster van gemeentelijke belasting is vrijgesteld.
  2. In het tweede middel tot cassatie verwijt eiseres de Vrederechter te hebben geoordeeld in strijd met artikel 569, 32°, van het Gerechtelijk wetboek, welke bepaling voorziet dat de rechtbank van eerste aanleg exclusief kennis neemt van de geschillen betreffende de toepassing van een belastingwet. Eiseres wijst er in dit verband op dat de Vrederechter in het bestreden vonnis heeft geoordeeld dat de bestreden heffing het karakter heeft van een belasting, om vervolgens verder te oordelen over het geschil tussen partijen, in het bijzonder over de problematiek van de belastingvrijstelling van verweerster en de eerbiediging van het grondwettelijk gelijkheidsbeginsel. Zoals verweerster terecht stelt in haar memorie van antwoord, wordt de materiële bevoegdheid bepaald door het voorwerp van de eis, zoals dit uit de gedinginleidende akte blijkt (Cass., 13 oktober 1997, A.C., 1997, 401; Cass., 8 september 1978, A.C., 1978-79, 26). Verweerster kan evenwel niet worden gevolgd waar zij vaststelt dat de bewoordingen van de dagvaarding van 26 september 2005 nergens verwijzen naar de toepassing van een belastingwet. Blijkens de gedinginleidende dagvaarding vorderde verweerster om voor recht te horen zeggen dat de gevorderde heffing nietig is, minstens een belasting waarvoor zij is vrijgesteld overeenkomstig artikel 14 van de wet van 23 juli 1926 tot oprichting van de N.M.B.S.. Verweerster voerde aldus in wezen aan dat de formeel van haar gevorderde retributie in werkelijkheid een belasting is, en dat zij van belasting is vrijgesteld op grond van de door haar ingeroepen fiscale vrijstellingsbepaling. Alhoewel de betwiste heffing formeel een retributie uitmaakt, betreft het geschil niettemin de toepassing van een belastingwet ingevolge het voorwerp van verweersters vordering zoals die uit de gedinginleidende dagvaarding blijkt. Dat eiseres de litigieuze heffing formeel als een retributie heeft voorgesteld, kan op zichzelf niet voor gevolg hebben dat dit geschil geen betrekking kan hebben op de toepassing van een belastingwet. De rechter die geroepen wordt zich uit te spreken over de juridische aard van een gemeentelijke heffing, is immers niet gebonden door de kwalificatie "retributie" die het stadsbestuur op de heffing kleefde, maar moet zelf de werkelijke aard van de heffing nagaan (Luik, 17 februari 1995, J.L.M.B., 1996, 637). Ik meen dan ook dat de Vrederechter ten onrechte niet is ingegaan op het verzoek van eiseres om de zaak te verzenden naar de fiscale kamer van de Rechtbank van Eerste Aanleg te Brugge. Zulks is des te meer het geval nu de Vrederechter in het bestreden vonnis zelf tot de bevinding kwam dat de litigieuze heffing een belasting uitmaakt en geen retributie. Voorts heeft de Vrederechter uitspraak gedaan over de belastingvrijstelling waarin artikel 14 van de wet van 23 juli 1926 tot oprichting van de N.M.B.S. voorziet. Deze bepaling is, naar mijn mening, een belastingwet in de zin van artikel 569, 32° van het Gerechtelijk wetboek. De vrederechter heeft aldus door toch uitspraak te doen over het geschil artikel 569, 32° geschonden en aan eiseres de beoordeling door de gespecialiseerde fiscale rechter en de daarbij horende dubbele aanleg ontzegd. Het middel komt dan ook gegrond voor en leidt tot volledige cassatie van het bestreden vonnis.
  3. Mocht Uw Hof evenwel in een andere zin oordelen dat het geschil waarover het bestreden vonnis uitspraak deed, handelt over de verschuldigdheid van een door eiseres lastens verweerster gevestigde retributie, en aldus geen geschil uitmaakt betreffende de toepassing van een belastingwet, zal het noodzakelijkerwijze ambtshalve tot de bevinding moeten komen dat het cassatieberoep niet ontvankelijk is nu het verzoekschrift niet is ondertekend door een advocaat bij het Hof van Cassatie zoals voorgeschreven bij artikel 1080 van het Gerechtelijk wetboek. Ingevolge onderhavige schriftelijke conclusie worden de partijen meteen in de gelegenheid gesteld overeenkomstig artikel 1107 van het Gerechtelijk Wetboek hun opmerkingen te formuleren omtrent deze grond van onontvankelijkheid van het cassatieberoep. Besluit: VERNIETIGING. ARREST Gerelateerde publicatie(s) Vonnis/arrest: ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20081212.7 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.