id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 13 januari 2009 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20090113.2 Rolnummer: P.08.1456.N Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Strafrecht Invoerdatum: 2009-01-20 Raadplegingen: 565 - laatst gezien 2026-07-03 04:06 Versie(s): Vertaling FR Fiches 1 - 2 Wanneer de onderzoekers bij de uitvoering van een huiszoekingsbevel de perken ervan overschrijden, zijn enkel de vaststellingen en inbeslagnames welke niet beoogd zijn door het huiszoekingsbevel onregelmatig; die onregelmatigheid strekt zich niet uit tot de vaststellingen en inbeslagnames die het huiszoekingsbevel wel beoogt. Thesaurus CAS: ONDERZOEK IN STRAFZAKEN UTU-thesaurus: STRAFRECHT - BIJZONDERE RECHTSPLEGINGEN (STRAFZAKEN) - Huiszoeking - Algemeen Vrije woorden: Huiszoeking - Uitvoering die de perken van het huiszoekingsbevel overschrijdt - Gevolg voor de regelmatigheid van de vaststellingen en inbeslagnames Wettelijke bepalingen: Wetboek van Strafvordering - 17-11-1808 - Art. 89bis - 30 ELI link Pub nr 1808111701 Thesaurus CAS: STRAFVORDERING UTU-thesaurus: STRAFRECHT - BIJZONDERE RECHTSPLEGINGEN (STRAFZAKEN) - Huiszoeking - Algemeen Vrije woorden: Gerechtelijk onderzoek - Huiszoeking - Uitvoering die de perken van het huiszoekingsbevel overschrijdt - Gevolg voor de regelmatigheid van de vaststellingen en inbeslagnames Wettelijke bepalingen: Wetboek van Strafvordering - 17-11-1808 - Art. 89bis - 30 ELI link Pub nr 1808111701 Tekst van de beslissing Nr. P.08.1456.N H A L, eiser, met als raadsman mr. Jan Swennen, advocaat bij de balie te Hasselt, met kantoor te 3580 Beringen, Scheigoorstraat 5, waar de eiser woonplaats kiest. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het Hof van Beroep te Antwerpen, kamer van inbeschuldigingstelling, van 16 september
- De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan. Raadsheer Paul Maffei heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Patrick Duinslaeger heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Middel
- Het middel voert schending aan van de artikelen 6 en 8 EVRM, artikel 17 IVBPR en van artikel 89bis, tweede lid, Wetboek van Strafvordering.
- Geen enkel onderdeel van het middel preciseert hoe het arrest artikel 17 IVBPR schendt. In zoverre is het middel onnauwkeurig, mitsdien niet ontvankelijk. Eerste onderdeel
- Het onderdeel voert schending aan van artikel 89bis, tweede lid, Wetboek van Strafvordering: het huiszoekingsbevel is ontoereikend en onduidelijk gemotiveerd; het huiszoekingsbevel verwijst niet naar het rechtshulpverzoek en geeft niet aan welke bewijsstukken in beslag moeten worden genomen; wegens deze onduidelijkheid werd de huiszoeking veel ruimer uitgevoerd dan beoogd door het rechtshulpverzoek en is zij derhalve nietig.
- In zoverre het onderdeel de regelmatigheid van het huiszoekingsbevel, van de huiszoeking als dusdanig en van de inbeslagname aanvecht, is het niet gericht tegen het arrest en is het niet ontvankelijk.
- Het arrest stelt onaantastbaar vast dat een eventuele overschrijding van de grenzen van de in het huiszoekingsbevel bedoelde opdracht niet werd veroorzaakt door de door eiser voorgehouden onduidelijkheid van die opdracht. In zoverre het onderdeel opkomt tegen dit oordeel is het niet ontvankelijk. Tweede onderdeel
- Het onderdeel voert schending aan van de artikelen 6 en 8 EVRM: het arrest komt ten onrechte tot de vaststelling dat de eventuele overschrijding van de grenzen van het huiszoekingsmandaat de opsporing en inbeslagname van het boek "Mein Kampf" en de uitvoering ervan niet onregelmatig of onwettig maakt; die inbeslagname vond plaats op grond van een onregelmatige huiszoeking hetgeen iedere vorm van eerlijk proces onmogelijk maakt; daarenboven beantwoordt het arrest eisers verweer niet.
- In zoverre het onderdeel de regelmatigheid van het huiszoekingsbevel, van de huiszoeking als dusdanig en van het door de huiszoeking verkregen bewijsmateriaal aanvecht, is het niet gericht tegen het arrest en is het niet ontvankelijk.
- Wanneer de onderzoekers bij de uitvoering van een huiszoekingsbevel de perken ervan overschrijden, zijn enkel de vaststellingen en inbeslagnames welke niet beoogd zijn door het huiszoekingsbevel, onregelmatig; die onregelmatigheid strekt zich niet uit tot de vaststellingen en inbeslagnames die het huiszoekingsbevel wel beoogt. In zoverre het onderdeel uitgaat van een andere rechtsopvatting, faalt het naar recht.
- Met het oordeel dat de beweerde overschrijding van de perken van het huiszoekingsbevel de opsporing en de inbeslagname van het boek "Mein Kampf" niet onregelmatig of onwettig maakt, beantwoordt het arrest eisers aanvoering dat de uitvoering van de huiszoeking onregelmatig was. In zoverre mist het onderdeel feitelijke grondslag.
- In zoverre het onderdeel schending van de artikelen 6 en 8 EVRM aanvoert, is het afgeleid uit de hierboven vergeefs aangevoerde onwettigheden en is het bijgevolg niet ontvankelijk. Derde en vierde onderdeel
- De onderdelen voeren aan dat de beschikking tot huiszoeking onregelmatig is daar zij de redenen niet vermeldt waarop de delegatie van bevoegdheden steunt en een algemeen karakter vertoont; de beschikking bevat daarenboven geen vermelding over de identiteit van de persoon bij wie zij moet worden uitgevoerd.
- De onderdelen komen op tegen de regelmatigheid van het huiszoekingsbevel maar zijn niet gericht tegen het arrest. De onderdelen zijn niet ontvankelijk. Ambtshalve onderzoek
- De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser in de kosten. Begroot de kosten op 72,80 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Edward Forrier, als voorzitter, en de raadsheren Jean-Pierre Frère, Paul Maffei, Luc Van hoogenbemt en Koen Mestdagh, en op de openbare rechtszitting van 13 januari 2009 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Edward Forrier, in aanwezigheid van advocaat-generaal Patrick Duinslaeger, met bijstand van afgevaardigd griffier Véronique Kosynsky. PDF document ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20090113.2 Gerelateerde publicatie(s) geciteerd door: ECLI:BE:CASS:2013:CONC.20130424.3 ECLI:BE:CASS:2015:CONC.20150923.4 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div