← België

ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20090113.5

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 13 januari 2009 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20090113.5 Rolnummer: P.08.1453.N Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Overige Invoerdatum: 2009-01-20 Raadplegingen: 356 - laatst gezien 2026-07-03 01:24 Versie(s): Vertaling FR Fiches 1 - 2 Alhoewel in strafzaken hiervoor geen bijzondere vormvoorschriften gelden, moeten de grieven in de memorie of in het verzoekschrift derwijze geformuleerd zijn, dat het Hof daaruit kan opmaken welke miskenning van een rechtsvorm of welke wetschending de eiser aangeeft; een memorie die bestaat uit een doorlopende tekst die, afwisselend, feiten en daarmee vermengde opmerkingen en grieven vermeldt die geen van alle betrekking hebben op de bestreden beslissing, bevat geen kritiek die als een middel in de zin van artikel 420bis en 422 Wetboek van Strafvordering kan gelden en is niet ontvankelijk. Thesaurus CAS: CASSATIEMIDDELEN - STRAFZAKEN - Algemeen UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - RECHTSMIDDELEN - GERECHTELIJK RECHT EN CASSATIE - Cassatiemiddelen in strafzaken - Onduidelijk middel Vrije woorden: Formulering - Voorwaarden waaraan moet zijn voldaan Thesaurus CAS: CASSATIEMIDDELEN - STRAFZAKEN - Onduidelijk middel UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - RECHTSMIDDELEN - GERECHTELIJK RECHT EN CASSATIE - Cassatiemiddelen in strafzaken - Onduidelijk middel Vrije woorden: Doorlopende tekst met opsomming van feiten en opmerkingen zonder band met de bestreden beslissing - Ontvankelijkheid Tekst van de beslissing Nr. P.08.1453.N J W G, beklaagde, eiser. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het Hof van Beroep te Antwerpen, correctionele kamer, van 9 september

  1. De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, grieven aan. Raadsheer Jean-Pierre Frère heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Patrick Duinslaeger heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Ontvankelijkheid van de memorie
  2. Krachtens de artikelen 420bis en 422 Wetboek van Strafvordering geeft de eiser in cassatie die de zaak wenst te bepleiten zijn middelen aan in een memorie of een verzoekschrift. Dat geschrift bevat de grieven die de eiser aanvoert tegen de beslissing die hij aanvecht. Alhoewel in strafzaken hiervoor geen bijzondere vormvoorschriften gelden, moeten de grieven derwijze geformuleerd zijn dat het Hof daaruit kan opmaken welke miskenning van een rechtsvorm of welke wetsschending de eiser aangeeft.
  3. De memorie van de eiser bestaat uit een doorlopende tekst die, afwisselend, feiten en daarmee vermengde opmerkingen en grieven vermeldt die geen van alle betrekking hebben op het arrest.
  4. Ze bevat aldus geen kritiek die als een middel in de zin van de vermelde artikelen 420bis en 422 Wetboek van Strafvordering kan gelden. De memorie is niet ontvankelijk. Ambtshalve onderzoek van de beslissing op de strafvordering
  5. De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser in de kosten. Begroot de kosten op 69,66 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Edward Forrier, als voorzitter, en de raadsheren Jean-Pierre Frère, Paul Maffei, Luc Van hoogenbemt en Koen Mestdagh, en op de openbare rechtszitting van 13 januari 2009 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Edward Forrier, in aanwezigheid van advocaat-generaal Patrick Duinslaeger, met bijstand van afgevaardigd griffier Véronique Kosynsky. PDF document ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20090113.5 Gerelateerde publicatie(s) zie ook recenter: ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20100921.3 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.