id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 03 maart 2009 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20090303.10 Rolnummer: P.08.1478.N Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Overige Invoerdatum: 2009-05-07 Raadplegingen: 483 - laatst gezien 2026-07-03 00:28 Versie(s): Vertaling FR Fiche Wanneer het Hof vaststelt dat wegens afwezigheid van eenparigheid de schuldigverklaring in hoger beroep van de beklaagde aan één telastlegging waarvoor hij in eerste aanleg werd vrijgesproken alsmede de uitgesproken straf voor de andere vermengde feiten niet naar recht verantwoord zijn, terwijl de wettigheid van de schuldigverklaring aan die overige telastleggingen niet aangetast is, vernietigt het de bestreden beslissing in zoverre zij de beklaagde ook schuldig verklaart aan die ene telastlegging en hem voor de vermengde feiten tot straf veroordeelt; het zal de rechter op verwijzing behoren om eventueel, bij schuldigverklaring met eenparigheid van die telastlegging, te oordelen of de eenheid van opzet die reeds werd aanvaard voor de bewezen verklaarde andere telastleggingen, ook daarvoor geldt
(1).
(1)Zie Cass., 30 mei 2000, AR P.98.0405.N ECLI:BE:CASS:2000:ARR.20000530.14, A.C., 2000, nr 329; Cass., 25 nov. 2003, AR P.03.0482.N ECLI:BE:CASS:2003:ARR.20031125.26, A.C., 2003, nr
- Thesaurus CAS: CASSATIE - VERNIETIGING. OMVANG - Strafzaken - Strafvordering - Beklaagde en verdachte UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - RECHTSMIDDELEN - GERECHTELIJK RECHT EN CASSATIE - Cassatie - Gevolgen - Verwijzing na cassatie - In strafzaken Vrije woorden: Verschillende misdrijven - Vrijspraak voor een misdrijf - Veroordeling tot één straf voor de andere misdrijven - Hoger beroep - Veroordeling voor alle misdrijven - Geen eenparigheid - Behoud van één straf - Vernietiging - Gedeeltelijke vernietiging van de schuldigverklaring - Vernietiging van de straf - Rechter op verwijzing - Beoordeling van de eenheid van opzet Tekst van de beslissing Hof van Cassatie van België Arrest Nr. P.08.1478.N S G D, beklaagde, eiser, vertegenwoordigd door mr. Huguette Geinger, advocaat bij het Hof van Cassatie, tegen Joris De SMET, advocaat te 1180 Brussel, Winston Churchilllaan 118b, in zijn hoedanigheid van curator van het faillissement van FACET bvba, burgerlijke partij, verweerder. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Brussel, correctionele kamer, van 9 september
- De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan. Hij doet tevens zonder berusting afstand van zijn cassatieberoep voor zover het Hof zou oordelen dat de beslissing over de burgerlijke rechtsvordering geen eindbe-slissing is in de zin van artikel 416 Wetboek van Strafvordering. Raadsheer Luc Huybrechts heeft verslag uitgebracht. Eerste advocaat-generaal Marc De Swaef heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Afstand van het cassatieberoep
- In zover het bestreden arrest uitspraak doet over de bedragen van de ver-weerder toekomende schadevergoeding, andere dan deze gegrond op de telastleg-ging A. verduistering van de wagen Mercedes Sprinter is het geen eindbeslissing. Hiervoor kan akte van de afstand worden verleend. Ambtshalve middel Geschonden wettelijke bepaling - artikel 211bis Wetboek van Strafvordering
- Artikel 211bis Wetboek van Strafvordering bepaalt: "Is er een vrijsprekend vonnis of een beschikking tot buitenvervolgingstelling, dan kan het gerecht in ho-ger beroep geen veroordeling of verwijzing uitspreken dan met eenparige stem-men van zijn leden. Dezelfde eenstemmigheid is vereist voor het gerecht in hoger beroep om tegen beklaagde uitgesproken straffen te kunnen verzwaren. Dit geldt eveneens inzake voorlopige hechtenis om een voor de beklaagde gunstige be-schikking te kunnen wijzigen."
- Om bij verschillende misdrijven waarvoor slechts één straf werd uitgespro-ken, een feit meer bewezen te verklaren is eenparigheid vereist ook al wordt de straf voor het geheel verminderd.
- Wanneer eenparigheid is vereist moet het vonnis in hoger beroep of het ar-rest dit zelf uitdrukkelijk vaststellen. Een loutere vermelding van artikel 211bis Wetboek van Strafvordering volstaat niet.
- Het beroepen vonnis sprak de eiser vrij van de telastlegging A. verduistering van activa van een gefailleerde vennootschap, en veroordeelde hem voor de ge-zamenlijke telastleggingen B. doen verdwijnen van boekhouding van een gefail-leerde vennootschap, C. beroep op faillissementsuitstellende middelen, D. ver-zuim tijdige aangifte van faillissement, E. verzuim verstrekken van inlichtingen naar aanleiding van de aangifte van faillissement en F. verzuim gevolg geven aan de oproepingen van de rechter-commissaris of de curator, tot een hoofdgevange-nisstraf van zeven maanden met uitstel gedurende vijf jaar voor de helft en tot een geldboete van 500 euro gebracht op 2.750 euro met een vervangende gevangenis-straf van drie maanden, een beroepsverbod van vier jaar en tot een bijdrage van 25 euro en de kosten, hierin begrepen een vergoeding van 25 euro. Op het hoger beroep van zowel de eiser als het openbaar ministerie bevestigt het bestreden arrest het beroepen vonnis onder volgende wijzigingen: - de eiser wordt vrijgesproken van de feiten A voor wat betreft de andere goede-ren dan de wagen Mercedes Sprinter en B; - de eiser schuldig wordt verklaard aan de feiten A voor wat betreft de wagen Mercedes Sprinter, C, D, E en F; - de door de eerste rechter opgelegde bestraffing, wat de gevangenisstraf, de geldboete en het beroepsverbod, behouden blijft als bestraffing voor de thans bewezen verklaarde feiten samen; - uitstel van uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf wordt verleend voor het geheel van de opgelegde gevangenisstraf; - de door de eerste rechter opgelegde vergoeding wordt gebracht op 29,30 euro. Het bestreden arrest vermeldt wel artikel 211bis Wetboek van Strafvordering maar stelt niet uitdrukkelijk vast dat de schuldigverklaring voor het feit van de te-lastlegging A uitgesproken wordt met eenparige stemmen. Het bestreden arrest schendt derhalve artikel 211bis Wetboek van Strafvordering. Omvang van de cassatie
- Uit het hierboven vermelde volgt dat de schuldigverklaring van de eiser aan de telastlegging A. verduistering van de wagen Mercedes Sprinter, en de hele be-straffing moeten worden vernietigd. Het zal de verwijzingsrechter staan om even-tueel, mocht hij met eenparigheid de telastlegging A. verduistering van de wagen Mercedes Sprinter bewezen verklaren, te oordelen of de eenheid van opzet die reeds werd aanvaard voor de bewezen verklaarde telastleggingen C, D, E en F ook daarvoor geldt. Anderzijds brengt de vernietiging van de schuldigverklaring van de eiser aan de telastlegging A. verduistering van de wagen Mercedes Sprinter, de vernietiging mee van de beslissing op de tegen hem ingestelde burgerlijke rechtsvordering in zoverre deze op die telastlegging gegrond is. Middel
- Het aangevoerde middel betreft enkel eisers strafrechtelijke en civielrechte-lijke veroordeling betreffende de telastlegging A. verduistering van de wagen Mercedes Sprinter. Het behoeft geen antwoord meer. Ambtshalve onderzoek van de beslissing op de strafvordering voor het overige
- De substantiële of op straffe van nietigheid voorge¬schreven rechts¬vormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Verleent de eiser akte van de afstand van zijn cassatieberoep in zover het gericht is tegen de beslissing over de bedragen van de verweerder toekomende schade-vergoeding, behoudens in zover deze beslissing de schadevergoeding in verband met telastlegging A. verduistering van de wagen Mercedes Sprinter, betreft. Vernietigt het bestreden arrest in zover het de eiser schuldig verklaart aan de te-lastlegging A. verduistering van de wagen Mercedes Sprinter, en hem tot straf, in kosten en tot het betalen van een bijdrage veroordeelt, alsmede uitspraak doet over de burgerlijke rechtsvordering gesteund op die telastlegging. Verwerpt het cassatieberoep voor het overige. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het gedeel-telijk vernietigde arrest. Veroordeelt de eiser tot drie vierde van de kosten van zijn cassatieberoep en laat het overige vierde ten laste van de Staat. Verwijst de aldus beperkte zaak naar het hof van beroep te Antwerpen. Begroot de kosten op 126,72 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samen-gesteld uit afdelingsvoorzitter Edward Forrier, als voorzitter, en de raadsheren Luc Huybrechts, Paul Maffei, Luc Van hoogenbemt en Koen Mestdagh, en op de openbare rechtszitting van 3 maart 2009 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Edward Forrier, in aanwezigheid van eerste advocaat-generaal Marc De Swaef, met bijstand van griffier Frank Adriaensen. F. Adriaensen K. Mestdagh L. Van hoogenbemt P. Maffei L. Huybrechts E. Forrier PDF document ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20090303.10 Gerelateerde publicatie(s) precedenten: ECLI:BE:CASS:2000:ARR.20000530.14 ECLI:BE:CASS:2003:ARR.20031125.26 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div