← België

ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20090518.4

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 18 mei 2009 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20090518.4 Rolnummer: S.08.0113.N Kamer: 3N - derde kamer Rechtsgebied: Handelsrecht Invoerdatum: 2009-06-10 Raadplegingen: 183 - laatst gezien 2026-07-02 23:24 Versie(s): Vertaling FR Fiche Noch uit artikel 168 van de wet van 20 juli 1991, noch uit de overige als geschonden aangewezen bepalingen volgt dat het niet aanpassen van de statuten van een bestaande coöperatieve vennootschap met beperkte aansprakelijkheid aan het door de wet van 20 juli 1991 ingevoerd minimum bedrag van het vast gedeelte van het maatschappelijk kapitaal van dergelijke vennootschap, het verlies van het voordeel van de beperkte aansprakelijkheid tot gevolg heeft. Thesaurus CAS: VENNOOTSCHAPPEN - HANDELSVENNOOTSCHAPPEN - Cooperatieve vennootschappen UTU-thesaurus: HANDELS-, ECONOMISCH EN FINANCIEEL RECHT - VENNOOTSCHAPPEN - Coöperatieve vennootschap met beperkte aansprakelijkheid - Kapitaal Vrije woorden: Minimumkapitaal - Niet tijdige aanpassing van de statuten aan de bepalingen van de wet van 20 juli 1991 Wettelijke bepalingen: Wet - 20-07-1991 - Art. 168 Wet - 30-11-1935 - Art. 141, § 3 (nà de wijziging bij wet 13 april 1995) - 31 ELI link Pub nr 1935113051 Wet - 30-11-1935 - Art. 141, § 4 (vóór de wijziging bij wet 13 april 1995) - 31 ELI link Pub nr 1935113051 Wet - 30-11-1935 - Art. 147bis - 31 ELI link Pub nr 1935113051 Tekst van de beslissing Hof van Cassatie van België Arrest Nr. S.08.0113.N RIJKSDIENST VOOR SOCIALE ZEKERHEID, openbare instelling, met zetel te 1060 Brussel, Victor Hortaplein 11, eiser, vertegenwoordigd door mr. Antoine De Bruyn, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1000 Brussel, Dalstraat 67, waar de eiser woonplaats kiest, tegen V.R., verweerder. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen de arresten, op 17 december 2004 en 16 juni 2006 gewezen door het Arbeidshof te Antwerpen. Raadsheer Alain Smetryns heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Ria Mortier heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDEL De eiser voert in zijn verzoekschrift een middel aan. Het verzoekschrift is aan dit arrest gehecht en maakt er deel van uit. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Eerste onderdeel

  1. De verweerder stelde in zijn appelconclusie van 17 september 2004 dat het niet wijzigen van de statuten en het niet optrekken van het minimumkapitaal tot 750.000 frank niet tot gevolg kan hebben dat de vennootschap plots verandert van een vennootschap met beperkte aansprakelijkheid tot een vennootschap met onbeperkte aansprakelijkheid.
  2. In zoverre het onderdeel ervan uitgaat dat de appelrechters, door in het tussenarrest van 17 december 2004 te oordelen dat het nalaten de statuten aan te passen niet tot gevolg had dat de coöperatieve vennootschap met beperkte aansprakelijkheid er automatisch een werd met onbeperkte aansprakelijkheid en dat het niet naar recht aangetoond is dat de oorspronkelijke coöperatieve vennootschap rechtsgeldig werd verder gezet als een coöperatieve vennootschap met onbeperkte aansprakelijkheid, een betwisting opwierpen waarover tussen partijen geen geschil bestond, mist het feitelijke grondslag.
  3. In zoverre het onderdeel miskenning aanvoert van het algemeen rechtsbeginsel van het recht van verdediging en schending van het artikel 774, tweede lid, van het Gerechtelijk Wetboek, voert het geen zelfstandige grief aan maar is het volledig afgeleid uit de vergeefs aangevoerde miskenning van het beschikkingsbeginsel en van het artikel 1138, 2°, van het Gerechtelijk Wetboek. In zoverre is het onderdeel niet ontvankelijk.
  4. Krachtens artikel 168 van de wet van 20 juli 1991 houdende sociale en diverse bepalingen, worden, bij gebrek van aanpassing van de statuten voordat de in artikel 165 gestelde termijn is verstreken, de statutaire bepalingen die strijdig zijn met deze wet voor niet geschreven gehouden en zijn de bepalingen van dwingend recht van deze wet toepasselijk. Indien de werking van de vennootschap daardoor onmogelijk wordt, kan iedere belanghebbende in rechte de ontbinding vorderen. Noch uit dit artikel, noch uit de overige als geschonden aangewezen bepalingen van het Wetboek van Koophandel, volgt dat het niet aanpassen van de statuten van een bestaande coöperatieve vennootschap met beperkte aansprakelijkheid aan het door de wet van 20 juli 1991 ingevoerd minimum bedrag van het vast gedeelte van het maatschappelijk kapitaal van dergelijke vennootschap, het verlies van het voordeel van de beperkte aansprakelijkheid tot gevolg heeft.
  5. In zoverre het onderdeel van de tegenovergestelde rechtsopvatting uitgaat, faalt het naar recht. Tweede onderdeel
  6. Het onderdeel voert aan dat de appelrechters niet zonder schending van de bewijskracht van de in het onderdeel nader omschreven documenten hebben kunnen oordelen dat deze documenten "niet het bewijs kunnen verschaffen dat op een nuttig tijdstip de statuten van de oorspronkelijke cooperatieve vennoot-schappen DB Administratiekantoor werden aangepast aan de nieuwe wet van 20 juli 1991 en dat er in deze statuten werd geopteerd voor het verderzetten van de vennootschap als een CVOHA", zonder aan te voeren dat de appelrechters deze documenten uitleggen in die zin dat deze iets bevatten dat er niet in staat of iets niet bevatten dat er wel in staat. Dergelijke grief betreft geen miskenning van de bewijskracht van akten waarop de als geschonden aangewezen artikelen 1319, 1320 en 1322 van het Burgerlijk Wetboek, toepasselijk zijn. Het onderdeel is in zoverre niet ontvankelijk.
  7. De appelrechters oordelen dat geen nuttige stukken worden overgelegd, die het bewijs leveren dat de bestaande coöperatieve vennootschap met beperkte aansprakelijkheid op wettelijke wijze, met name met een statutenwijziging, is overgegaan in een coöperatieve vennootschap met onbeperkte aansprakelijkheid.
  8. In zoverre het onderdeel ervan uitgaat dat de appelrechters het bewijs van de statutenwijziging laten afhangen van de materiële overlegging van de akte houdende wijziging van de statuten, berust het op een verkeerde lezing van het arrest en mist het mitsdien feitelijke grondslag. Derde onderdeel
  9. Het onderdeel gaat er geheel van uit dat de door fusie tot stand gekomen vennootschap de vorm van een coöperatieve vennootschap met onbeperkte aansprakelijkheid heeft aangenomen.
  10. De appelrechters stellen dit niet vast, zodat het onderdeel het Hof noopt tot een onderzoek van feiten waarvoor het niet bevoegd is. Het onderdeel is niet ontvankelijk. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser in de kosten. De kosten begroot op de som van 109,72 euro jegens de eisende partij. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, derde kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Robert Boes, als voorzitter, afdelings-voorzitter Ernest Waûters, en de raadsheren Eric Dirix, Alain Smetryns en Koen Mestdagh, en in openbare terechtzitting van 18 mei 2009 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Robert Boes, in aanwezigheid van advocaat-generaal Ria Mortier, met bijstand van griffier Philippe Van Geem. Ph. Van Geem K. Mestdagh A. Smetryns E. Dirix E. Waûters R. Boes PDF document ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20090518.4 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.