id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 09 juni 2009 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20090609.6 Rolnummer: P.09.0140.N Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Overige Invoerdatum: 2009-06-19 Raadplegingen: 570 - laatst gezien 2026-07-02 23:01 Versie(s): Vertaling FR Fiches 1 - 2 Niet-ontvankelijk is het cassatieberoep van de rechtstreeks dagende partij die - na als beklaagde veroordeeld te zijn op de herstelvordering tot het betalen van een dwangsom voor iedere dag vertraging in de uitvoering van de hoofdveroordeling en na de vroegere burgerlijke partij rechtstreeks te hebben gedagvaard voor de strafrechter tot opheffing van de veroordeling tot het betalen van een dwangsom, wegens de onmogelijkheid om de hoofdveroordeling na te leven - dit cassatieberoep tegen de beslissing van de appelrechters, die het beroepen vonnis, waarbij de rechtstreekse dagvaarding ongegrond wordt verklaard, bevestigen, niet heeft doen betekenen aan de rechtstreeks gedaagde partij
(1).
(1)Cass., 6 maart 1990, AR 3597, A.C., 1989-90, nr.
- Thesaurus CAS: CASSATIEBEROEP - STRAFZAKEN - Vormen - Vorm en termijn van betekening en-of neerlegging UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - RECHTSMIDDELEN - GERECHTELIJK RECHT EN CASSATIE - Cassatieberoep in strafzaken GERECHTELIJK RECHT - DWANGSOM Vrije woorden: Stedenbouw - Herstelvordering - Beklaagde veroordeeld tot dwangsom - Rechtstreekse dagvaarding van de vroegere burgerlijke partij in opheffing van de dwangsom - Vordering tot opheffing van de dwangsom ongegrond verklaard - Hoger beroep van de rechtstreeks dagende partij - Bevestiging van het beroepen vonnis - Cassatieberoep van de rechtstreeks dagende partij - Cassatieberoep niet betekend aan de rechtstreeks gedaagde partij - Ontvankelijkheid Wettelijke bepalingen: Wetboek van Strafvordering - 17-11-1808 - Art. 418 - 30 ELI link Pub nr 1808111701 Thesaurus CAS: DWANGSOM UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - RECHTSMIDDELEN - GERECHTELIJK RECHT EN CASSATIE - Cassatieberoep in strafzaken GERECHTELIJK RECHT - DWANGSOM Vrije woorden: Strafzaken - Stedenbouw - Herstelvordering - Beklaagde veroordeeld tot dwangsom - Rechtstreekse dagvaarding van de vroegere burgerlijke partij in opheffing van de dwangsom - Vordering tot opheffing van de dwangsom ongegrond verklaard - Hoger beroep van de rechtstreeks dagende partij - Bevestiging van het beroepen vonnis - Cassatieberoep van de rechtstreeks dagende partij - Cassatieberoep niet betekend aan de rechtstreeks gedaagde partij - Ontvankelijkheid Wettelijke bepalingen: Wetboek van Strafvordering - 17-11-1808 - Art. 418 - 30 ELI link Pub nr 1808111701 Tekst van de beslissing Hof van Cassatie van België Arrest Nr. P.09.0140.N J A V, eiser, met als raadsman mr. Luc Savelkoul, advocaat bij de balie te Hasselt, tegen
- GEWESTELIJK STEDENBOUWKUNDIG INSPECTEUR, bevoegd voor het grondgebied van de provincie Limburg, met kantoor te 3500 Hasselt, Koningin Astridlaan 50 bus 1,
- GROUP GL INTERNATIONAL nv, met zetel te 3530 Houthalen-Helchteren, Industriepark Centrum Zuid 3053, verweerders. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Antwer-pen, correctionele kamer, van 17 december
- De eiser voert in een memorie één grief en drie middelen aan. Raadsheer Etienne Goethals heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Patrick Duinslaeger heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Ontvankelijkheid van het cassatieberoep
- Uit de stukken waarop het Hof vermag acht te slaan, blijkt niet dat het cas-satieberoep van de eiser, rechtstreeks dagende partij tot opheffing van een hem bij vonnis opgelegde dwangsom, werd betekend aan de verweerders. Het cassatieberoep is niet ontvankelijk. Grief en middelen
- Zowel de grief als de middelen betreffen niet de ontvankelijkheid van het cassatieberoep. Ze behoeven dus geen antwoord. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser in de kosten. Begroot de kosten op 76,07 euro waarvan 46,07 euro is verschuldigd en 30 euro betaald. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samen-gesteld uit afdelingsvoorzitter Edward Forrier, als voorzitter, en de raadsheren Luc Huybrechts, Etienne Goethals, Jean-Pierre Frère en Koen Mestdagh, en op de openbare rechtszitting van 9 juni 2009 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Edward Forrier, in aanwezigheid van advocaat-generaal Patrick Duinslaeger, met bijstand van afgevaardigd griffier Véronique Kosynsky. V. Kosynsky K. Mestdagh J.-P. Frère E. Goethals L. Huybrechts E. Forrier PDF document ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20090609.6 Gerelateerde publicatie(s) geciteerd door: ECLI:BE:CASS:2010:CONC.20101026.2 zie ook recenter: ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20100330.8 ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20101026.2 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div