← België

ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20090921.3

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 21 september 2009 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20090921.3 Rolnummer: S.09.0014.N Kamer: 3N - derde kamer Rechtsgebied: Burgerlijk recht Invoerdatum: 2009-10-22 Raadplegingen: 212 - laatst gezien 2026-07-02 22:11 Versie(s): Vertaling FR Fiche De schade staat slechts in oorzakelijk verband tot een fout indien deze schade zonder de fout niet zou zijn ontstaan, zodat de appelrechters die eiseres veroordelen tot vergoeding van schade wegens het betalen van bijdragen die de verweerder ook zonder de fout van de eiseres aan de R.S.Z. verschuldigd was, het wettelijk begrip van het oorzakelijk verband miskennen. Thesaurus CAS: VERBINTENIS UTU-thesaurus: BURGERLIJK RECHT - VERBINTENIS UIT ONRECHTMATIGE DAAD - Rechtstreekse aansprakelijkheid - Causaal verband Vrije woorden: Verbintenis uit onrechtmatige daad - Fout - Schade - Bestaan van oorzakelijk verband Wettelijke bepalingen: Algemeen rechtsbeginsel Tekst van de beslissing Nr. S.09.0014.N ACERTA SOCIAAL SECRETARIAAT, vereniging zonder winstoogmerk, met zetel te 3000 Leuven, Diestsevest 14, eiseres, vertegenwoordigd door mr. Willy van Eeckhoutte, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 9051 Gent, Driekoningenstraat 3, waar de eiseres woonplaats kiest, tegen A.J., verweerder. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen een arrest, op 20 maart 2008 gewezen door het arbeidshof te Antwerpen. Raadsheer Eric Dirix heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Ria Mortier heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDELEN De eiseres voert in haar verzoekschrift twee middelen aan. Het verzoekschrift is aan dit arrest gehecht en maakt er deel van uit. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Eerste middel in zijn geheel

  1. Het middel gaat ervan uit dat het arrest oordeelt dat de verweerder door de exoneratiebedingen niet gebonden is.
  2. Het arrest oordeelt dit niet. Met de in het middel weergegeven redenen geven de appelrechters te kennen dat de eiseres heeft nagelaten informatie te verstrekken dat zij krachtens haar wettelijke en contractuele opdracht verplicht was te verstrekken en dat de exoneratiebedingen op zulke tekortkoming niet van toepassing zijn. Het middel dat berust op een onjuiste lezing van het arrest, mist feitelijke grondslag. Tweede middel Tweede onderdeel, derde subonderdeel
  3. De schade staat slechts in oorzakelijk verband tot een fout indien deze schade zonder de fout niet zou zijn ontstaan.
  4. De appelrechters stellen vast dat de eiseres als sociaal secretariaat van de verweerder, deze laatste op foutieve wijze adviseerde om een vermindering van werkgeversbijdrage toe te passen terwijl deze vermindering niet van toepassing was en beslissen dat de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid ten laste van de verweerder aanspraak kan maken op de verschuldigde bijdragen en verhogingen. Zij veroordelen vervolgens de eiseres om de verweerder te vrijwaren "tegen alle veroordelingen die hij oploopt, zowel qua hoofdsom bijdragen en bijdragenopslagen als qua interesten en kosten".
  5. Door de eiseres aldus te veroordelen tot de vergoeding van schade wegens de betaling van bijdragen die de verweerder ook zonder de fout van de eiseres aan de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid verschuldigd was, miskennen de appelrechters het wettelijk begrip van het oorzakelijk verband. Het subonderdeel is gegrond. Overige grieven
  6. De overige grieven kunnen niet ruimere cassatie leiden. Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden arrest in zoverre het uitspraak doet over de vordering tot vrijwaring van de verweerder tegen de eiseres met betrekking tot de sociale zekerheidsbijdragen en over de kosten. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het gedeeltelijk vernietigde arrest. Houdt de kosten aan en laat de beslissing daaromtrent over aan de feitenrechter. Verwijst de aldus beperkte zaak naar het Arbeidshof te Gent. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, derde kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Robert Boes, als voorzitter, en de raadsheren Eric Dirix, Beatrijs Deconinck, Alain Smetryns en Koen Mestdagh, en in openbare terechtzitting van 21 september 2009 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Robert Boes, in aanwezigheid van advocaat-generaal Ria Mortier, met bijstand van griffier Philippe Van Geem. PDF document ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20090921.3 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.