id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 20 oktober 2009 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20091020.10 Rolnummer: P.09.0846.N Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Belastingrecht - Strafrecht Invoerdatum: 2009-11-10 Raadplegingen: 540 - laatst gezien 2026-07-03 00:53 Versie(s): Vertaling FR Conclusie O.M.: ECLI:BE:CASS:2009:CONC.20091020.10 Fiches 1 - 2 Blijft binnen de uitoefening van zijn ambt de fiscale ambtenaar die aan de belastingplichtige op diens adres of vermoedelijk adres brieven toezendt die betrekking hebben op de uitvoering van dit ambt; de omstandigheid dat de geadresseerde dit adres en daarbij zijn hoedanigheid van rijksinwoner betwist, doet daaraan niet af
(1).
(1)Zie conclusie O.M. Thesaurus CAS: INKOMSTENBELASTINGEN - ALLERLEI UTU-thesaurus: STRAFRECHT - MISDRIJVEN EN HUN STRAFFEN - Misdrijven tegen de persoon - Beroepsgeheim FISCAAL RECHT - INKOMSTENBELASTING - PERSONENBELASTING - Berekening personenbelasting - Algemeen Vrije woorden: Beroepsgeheim - Beroepsgeheim van hij die optreedt bij de toepassing van de belastingswetten - Fiscale ambtenaar die binnen de uitoefening van zijn ambt blijft - Toepassing Wettelijke bepalingen: Wetboek van Inkomstenbelastingen - 12-06-1992 - Art. 337, eerste lid - 30 ELI link Pub nr 1992003455 Thesaurus CAS: BEROEPSGEHEIM UTU-thesaurus: STRAFRECHT - MISDRIJVEN EN HUN STRAFFEN - Misdrijven tegen de persoon - Beroepsgeheim FISCAAL RECHT - INKOMSTENBELASTING - PERSONENBELASTING - Berekening personenbelasting - Algemeen Vrije woorden: Inkomstenbelastingen - Beroepsgeheim van hij die optreedt bij de toepassing van de belastingswetten - Fiscale ambtenaar die binnen de uitoefening van zijn ambt blijft - Toepassing Wettelijke bepalingen: Wetboek van Inkomstenbelastingen - 12-06-1992 - Art. 337, eerste lid - 30 ELI link Pub nr 1992003455 Fiches 3 - 4 Artikel 337, derde lid, WIB 1992 dat bepaalt dat de ambtenaren van de administratie der directe belastingen hun ambt eveneens uitoefenen wanneer zij met betrekking tot de fiscale toestand van een belastingplichtige een vraag om raadpleging, uitleg of mededeling inwilligen van de echtgenoot op wiens goederen de aanslag wordt ingevorderd, betreft enkel de erin vermelde raadpleging, uitleg of mededeling aan de echtgenoot van de belastingplichtige en stelt voor het overige geen bijkomende voorwaarde aan de uitvoering van de opdracht van de fiscale ambtenaar zoals bepaald in artikel 337, eerste lid, WIB 1992
(1).
(1)Zie conclusie O.M. Thesaurus CAS: INKOMSTENBELASTINGEN - ALLERLEI UTU-thesaurus: STRAFRECHT - MISDRIJVEN EN HUN STRAFFEN - Misdrijven tegen de persoon - Beroepsgeheim FISCAAL RECHT - INKOMSTENBELASTING - PERSONENBELASTING - Berekening personenbelasting - Algemeen Vrije woorden: Beroepsgeheim - Beroepsgeheim van hij die optreedt bij de toepassing van de belastingswetten - Fiscale ambtenaar die binnen de uitoefening van zijn ambt blijft - Artikel 337, derde lid, Wetboek van Inkomstenbelastingen 1992 Wettelijke bepalingen: Wetboek van Inkomstenbelastingen - 12-06-1992 - Art. 337, eerste en derde lid - 30 ELI link Pub nr 1992003455 Thesaurus CAS: BEROEPSGEHEIM UTU-thesaurus: STRAFRECHT - MISDRIJVEN EN HUN STRAFFEN - Misdrijven tegen de persoon - Beroepsgeheim FISCAAL RECHT - INKOMSTENBELASTING - PERSONENBELASTING - Berekening personenbelasting - Algemeen Vrije woorden: Inkomstenbelastingen - Beroepsgeheim van hij die optreedt bij de toepassing van de belastingswetten - Fiscale ambtenaar die binnen de uitoefening van zijn ambt blijft - Artikel 337, derde lid, Wetboek van Inkomstenbelastingen 1992 Wettelijke bepalingen: Wetboek van Inkomstenbelastingen - 12-06-1992 - Art. 337, eerste en derde lid - 30 ELI link Pub nr 1992003455 Fiches 5 - 6 Conclusie van advocaat-generaal TIMPERMAN. Thesaurus CAS: INKOMSTENBELASTINGEN - ALLERLEI UTU-thesaurus: STRAFRECHT - MISDRIJVEN EN HUN STRAFFEN - Misdrijven tegen de persoon - Beroepsgeheim FISCAAL RECHT - INKOMSTENBELASTING - PERSONENBELASTING - Berekening personenbelasting - Algemeen Vrije woorden: Beroepsgeheim - Beroepsgeheim van de fiscale ambtenaar die optreedt bij de toepassing van de belastingswetten - Fiscale ambtenaar die binnen de uitoefening van zijn ambt blijft - Artikel 337 Wetboek van Inkomstenbelastingen Thesaurus CAS: BEROEPSGEHEIM UTU-thesaurus: STRAFRECHT - MISDRIJVEN EN HUN STRAFFEN - Misdrijven tegen de persoon - Beroepsgeheim FISCAAL RECHT - INKOMSTENBELASTING - PERSONENBELASTING - Berekening personenbelasting - Algemeen Vrije woorden: Inkomstenbelastingen - Beroepsgeheim van de fiscale ambtenaar die optreedt bij de toepassing van de belastingswetten - Fiscale ambtenaar die binnen de uitoefening van zijn ambt blijft - Artikel 337 Wetboek van Inkomstenbelastingen Tekst van de beslissing Nr. P.09.0846.N E. S. eiser, vertegenwoordigd door mr. Johan Verbist, advocaat bij het Hof van Cassatie, kantoor houdend te 1000 Brussel, Brederodestraat 13, waar de eiser woonplaats kiest, tegen B. A. F. M. inverdenkinggestelde, verweerder. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Antwerpen, kamer van inbeschuldigingstelling, van 24 april
- De eiser doet afstand van een eerste memorie. Hij voert in een tweede memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan. Afdelingsvoorzitter Luc Huybrechts heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Marc Timperman heeft geconcludeerd. II. FEITELIJKE GEGEVENS De eiser deed op 31 maart 2008 bij de onderzoeksrechter te Tongeren tegen de verweerder klacht met burgerlijke partijstelling wegens feiten die in het bestreden arrest als volgt worden omschreven: "Te Genk en bij samenhang elders in het Rijk, tussen 1 november 2006 en 1 april 2008: A. Bij inbreuk op de artikelen 453, 457 §§ 1 en 2 en 458, tweede lid, Wetboek van Inkomstenbelastingen zich schuldig gemaakt te hebben aan schending van het bij artikel 337 bepaalde beroepsgeheim, door het blijven toesturen van administratieve akten betreffende het fiscaal dossier van [de verweerder] naar diens echtgenote van wie hij gescheiden leeft. B. Als ambtenaar of als openbare officier of terwijl hij drager of agent was van het openbaar gezag of van de openbare macht met name als fiscaal ambtenaar een andere daad van willekeur dan bedoeld bij art. 147-149 SW en die inbreuk maakte op de door de Grondwet gewaarborgde vrijheden, bevolen of uitgevoerd te hebben." De onderzoeksrechter deelde de klacht mede aan de procureur des Konings, maar deze nam geen vordering. De raadkamer bij de rechtbank wees op 7 november 2007 een beschikking van buitenvervolgingstelling. De eiser kwam van deze beschikking in hoger beroep. Bij het thans bestreden arrest verklaart de kamer van inbeschuldigingstelling eisers beroep ontvankelijk maar ongegrond en bevestigt ze de bestreden beschikking. De eiser wordt tevens veroordeeld om aan de verweerder een rechtsplegingsvergoeding van 1.200 euro te betalen. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Middel
- Het middel voert schending aan van de artikelen 337, 453, 457, §§ 1 en 2, en 458, tweede lid, WIB92 en artikel 458 Strafwetboek: niet eender welke mededeling door een fiscale ambtenaar die betrekking heeft op de fiscale toestand van een belastingplichtige, kan zomaar aan eender wie worden verricht zonder in strijd te komen met het door artikel 337 WIB92 voorgeschreven beroepsgeheim; slechts indien de wet zulks toelaat kan de fiscale ambtenaar dergelijke gegevens aan derden mededelen; de eiser heeft in conclusie bij de appelrechters laten gelden dat hij sedert 1977 van tafel en bed gescheiden en derhalve feitelijk gescheiden leefde van zijn echtgenote; de appelrechters gaan niet in op de vraag of de eiser nu al dan niet als rijksinwoner dient te worden beschouwd, maar oordelen dat de eventuele hoedanigheid van de eiser als rijksinwoner respectievelijk belastingplichtige hieraan niets afdoet; artikel 337, derde lid, WIB92, aangevuld bij artikel 12 van de wet van 15 maart 1999 bepaalt wel dat de ambtenaren van de administratie der directe belastingen eveneens hun ambt uitoefenen wanneer zij met betrekking tot de fiscale toestand van een belastingplichtige een vraag om raadpleging, uitleg of mededeling inwilligen van de echtgenoot op wiens goederen de aanslag wordt ingevorderd; de appelrechters stellen geenszins vast dat hier aan die wettelijke voorwaarden is voldaan zodat zij hun beslissing niet naar recht verantwoorden.
- Artikel 337, eerste lid, WIB92 bepaalt dat hij die, uit welken hoofde ook, optreedt bij de toepassing van de belastingwetten of die toegang heeft tot de ambtsvertrekken van de administratie der directe belastingen, buiten het uitoefenen van zijn ambt, verplicht is tot de meest volstrekte geheimhouding aangaande alle zaken waarvan hij wegens de uitvoering van zijn opdracht kennis heeft. Blijft binnen de uitoefening van zijn ambt de fiscale ambtenaar die aan de belastingplichtige op diens adres of vermoedelijk adres brieven toezendt die betrekking hebben op de uitvoering van dit ambt. De omstandigheid dat de geadresseerde dit adres en daarbij zijn hoedanigheid van rijksinwoner betwist, doet daaraan niet af.
- Artikel 337, derde lid, WIB92 bepaalt dat de ambtenaren van de administratie der directe belastingen eveneens hun ambt uitoefenen wanneer zij met betrekking tot de fiscale toestand van een belastingplichtige een vraag om raadpleging, uitleg of mededeling inwilligen van de echtgenoot op wiens goederen de aanslag wordt ingevorderd. Deze wetsbepaling betreft enkel de erin vermelde raadpleging, uitleg of mededeling aan de echtgenoot van de belastingplichtige. Ze stelt voor het overige geen bijkomende voorwaarde aan de uitvoering van de opdracht van de fiscale ambtenaar zoals bepaald in artikel 337, eerste lid, WIB
- De appelrechters die overeenkomstig deze regels beslissen, verantwoorden hun beslissing naar recht. Het middel kan niet worden aangenomen. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser in de kosten. Begroot de kosten op 82,34 euro waarvan 52,34 euro verschuldigd is. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Edward Forrier, als voorzitter, afdelingsvoorzitter Luc Huybrechts, en de raadsheren Etienne Goethals, Jean-Pierre Frère en Geert Jocqué, en op de openbare rechtszitting van 20 oktober 2009 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Edward Forrier, in aanwezigheid van advocaat-generaal Marc Timperman, met bijstand van afgevaardigd griffier Véronique Kosynsky. PDF document ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20091020.10 Gerelateerde publicatie(s) Conclusie O.M.: ECLI:BE:CASS:2009:CONC.20091020.10 geciteerd door: ECLI:BE:CASS:2015:CONC.20150109.1 zie ook recenter: ECLI:BE:CASS:2011:ARR.20110607.7 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div