← België

ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20091022.7

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 22 oktober 2009 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20091022.7 Rolnummer: C.09.0460.N Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Overige Invoerdatum: 2009-11-18 Raadplegingen: 190 - laatst gezien 2026-07-02 21:31 Versie(s): Vertaling FR Fiche Om na te gaan of een onttrekking vereist is, moeten alle gegevens in acht worden genomen, zoals de aard van de rechtspleging, de banden die structureel en feitelijk bestaan tussen de leden van de instelling van wie de onttrekking wordt gevraagd en de banden die bestaan tussen de partijen in het geding en de leden van de instelling. Thesaurus CAS: VERWIJZING VAN EEN RECHTBANK NAAR EEN ANDERE - BURGERLIJKE ZAKEN UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - BEVOEGDHEID - Onttrekking van de zaak - Gronden Vrije woorden: Onttrekking - Criteria Wettelijke bepalingen: Gerechtelijk Wetboek - 10-10-1967 - Art. 648, 2° Tekst van de beslissing Nr. C.09.0460.N PROCUREUR-GENERAAL BIJ HET HOF VAN BEROEP TE ANTWERPEN, verzoeker tot onttrekking van de zaak aan de rechter, in de zaak C.C., eiser, tegen RIJKSDIENST VOOR PENSIOENEN, openbare instelling, met zetel te 1060 Brussel, Zuidertoren, verweerder. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF De verzoeker heeft op grond van artikel 138bis van het Gerechtelijk Wetboek op 3 september 2009 een verzoek neergelegd tot onttrekking van de zaak aan het arbeidshof te Antwerpen in de zaak AR/2009-0279 op grond van gewettigde verdenking. Bij arrest van 10 september 2009 heeft het Hof het verzoek niet kennelijk onontvankelijk verklaard. De Eerste Voorzitter van het arbeidshof, een kamervoorzitter en twee raadsheren in sociale zaken hebben op 16 september 2009 onderaan het arrest een verklaring gesteld. Voorzitter Ivan Verougstraete heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Guy Dubrulle heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling

  1. Het verzoek is hierop gebaseerd dat het geschil betrekking heeft op het rustpensioen van de partij C. terwijl deze de partner is van L. B., raadsheer in het arbeidshof te Antwerpen.
  2. Om na te gaan of een onttrekking vereist is, moeten alle gegevens in acht worden genomen, zoals de aard van de rechtspleging, de banden die structureel en feitelijk bestaan tussen de leden van de instelling van wie de onttrekking wordt gevraagd en de banden die bestaan tussen de partijen in het geding en de leden van de instelling.
  3. Te dezen zijn de banden tussen de partner van een lid van het arbeidshof en het arbeidshof, van die aard dat zij, mede gelet op de aard van de zaak, bij de partijen en bij derden een gewettigde verdenking kunnen doen ontstaan over de strikte onpartijdigheid van de rechters die over de zaak uitspraak moeten doen. Het verzoek is gegrond. Dictum Het Hof, Beveelt dat de zaak nummer AR/2097279 ingeschreven op de algemene rol van het arbeidshof te Antwerpen, aan dat hof wordt onttrokken. Verwijst de zaak naar het arbeidshof te Brussel. Veroordeelt de Belgische Staat in de kosten. De kosten zijn begroot op de som van nul euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit voorzitter Ivan Verougstraete, als voorzitter, afdelingsvoorzitter Robert Boes, en de raadsheren Beatrijs Deconinck, Alain Smetryns en Geert Jocqué, en op de openbare terechtzitting van 22 oktober 2009 voorzitter Ivan Verougstraete, in aanwezigheid van advocaat-generaal Guy Dubrulle, met bijstand van griffier Johan Pafenols. PDF document ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20091022.7 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.