id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 27 oktober 2009 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20091027.4 Rolnummer: P.09.0939.N Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Bestuursrecht - Internationaal publiekrecht Invoerdatum: 2009-11-02 Raadplegingen: 522 - laatst gezien 2026-07-02 21:25 Versie(s): Vertaling FR Fiches 1 - 2 De omstandigheid dat de redelijke termijn voor de berechting van een bouwmisdrijf is overschreden, staat niet eraan in de weg dat er bijzondere wettelijke dwingende redenen kunnen bestaan om alsnog het herstel in de vorige staat te bevelen; wel moet de rechter die alsnog het herstel in de vorige staat beveelt, deze redenen opgeven. Thesaurus CAS: STEDENBOUW - HERSTEL VAN PLAATS IN DE VORIGE STAAT. BETALING VAN EEN MEERWAARDE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RUIMTELIJKE ORDENING - Vlaams Gewest - Gewestplanbestemming (bijzondere bepalingen) GRENSOVERSCHRIJDEND RECHT - MENSENRECHTEN - EVRM - Rechten - vrijheden - Eerlijk proces - art. 6 - Redelijke termijn Vrije woorden: Herstelvordering - Herstel van de plaats in de oorspronkelijke toestand - Redelijke termijn - Overschrijding Thesaurus CAS: RECHTEN VAN DE MENS - VERDRAG RECHTEN VAN DE MENS - Artikel 6 - Artikel 6.1 UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RUIMTELIJKE ORDENING - Vlaams Gewest - Gewestplanbestemming (bijzondere bepalingen) GRENSOVERSCHRIJDEND RECHT - MENSENRECHTEN - EVRM - Rechten - vrijheden - Eerlijk proces - art. 6 - Redelijke termijn Vrije woorden: Redelijke termijn - Overschrijding - Stedenbouw - Herstelvordering - Herstel van de plaats in de oorspronkelijke toestand Fiche 3 Behoudens toepassing van de regeling bepaald in artikel 172 Stedenbouwdecreet 1999, blijven de bestemmingsvoorschriften van de geldende gewestplannen van kracht zolang zij niet door een ruimtelijk uitvoeringsplan worden gewijzigd
(1).
(1)Zie DE ROO, K., "Krachtlijnen van het decreet, planningsregime en nieuwe administratieve organisatie", p. 14, in "Ruimtelijke ordening en stedenbouw op nieuwe wegen ?", referatenbundel samengesteld door het Vlaams Pleitgenootschap - Balie van Brussel, uitg. Larcier,
- Thesaurus CAS: STEDENBOUW - RUIMTELIJKE ORDENING. PLAN VAN AANLEG UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RUIMTELIJKE ORDENING - Vlaams Gewest - Gewestplanbestemming (bijzondere bepalingen) GRENSOVERSCHRIJDEND RECHT - MENSENRECHTEN - EVRM - Rechten - vrijheden - Eerlijk proces - art. 6 - Redelijke termijn Vrije woorden: Gewestplan - Bestemmingsvoorschriften - Geldigheidsduur Tekst van de beslissing Nr. P.09.0939.N M. E. D. B. beklaagde, eiser, met als raadsman mr. Jan Ghysels, advocaat bij de balie te Brussel, ter rechtszitting bijgestaan door mr. Yves Sacreas, advocaat bij de balie te Brussel, voor mr. Jan Ghysels. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Brussel, correctionele kamer, van 5 mei
- De eiser voert in een memorie die aan dit arrest wordt gehecht, drie middelen aan. Raadsheer Etienne Goethals heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Patrick Duinslaeger heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Eerste middel Eerste onderdeel
- Het onderdeel voert schending aan van artikel 6.1 EVRM en artikel 14.3.c IVBPR, artikel 149 Grondwet, artikel 21ter Voorafgaande Titel Wetboek van Strafvordering en de artikelen 146 en 149 Stedenbouwdecreet 1999: door na het arrest EHRM nr. 21861/03 van 27 november 2007 (H./België) te oordelen dat in verband met de eiser ten laste gelegde bouwmisdrijven de redelijke termijn is overschreden, niettemin zonder meer de afbraak te bevelen niet alleen van enkele houten tuinhuizen, een hondenhok met ren, verhardingen, vloer- en funderingsconstructies, een poortconstructie, maar tevens een woning, schenden de appelrechters de aangewezen bepalingen.
- De omstandigheid dat de redelijke termijn voor de berechting van een bouwmisdrijf overschreden is, staat niet eraan in de weg dat er bijzondere wettelijk dwingende redenen kunnen bestaan om alsnog het herstel in de vorige staat te bevelen. Wel moet de rechter die alsnog het herstel in de vorige staat beveelt, deze redenen opgeven.
- De appelrechters overwegen eerst betreffende de misdrijven: - "Het staat vast dat de constructies, die het voorwerp zijn van de verschillende telastleggingen, ten tijde van de geïncrimineerde periode gelegen waren in het natuurgebied volgens het verordenend gewestplan Aarschot-Diest vastgesteld bij koninklijk besluit van 28 december
- - Het feit dat zijn eigendom ‘misschien', bij uitvoering van het ruimtelijk structuurplan Vlaanderen, niet langer in natuurgebied zal behouden blijven en aldus een regularisatievergunning zou kunnen krijgen, brengt geenszins de onwettigheid van de afbakening van de natuurgebieden noch van de gevorderde herstelmaatregel mede. - Uit het ruimtelijk structuurplan Vlaanderen kan niet worden afgeleid dat de bestemming van het kwestieuze perceel tot natuurgebied in het nog steeds verordenend gewestplan, achterhaald zou zijn." Zij overwegen vervolgens betreffende de herstelvordering: - "De bestemming van het gebied in het gewestplan heeft onverminderd een verordenend karakter. - Noch het belang dat de gevolgen van het herstel voor de [eiser] kan hebben, noch het tijdsverloop doen afbreuk aan de interne wettigheid van de herstelvordering. - Het zijn evenmin elementen die de herstelvordering zouden aantasten door machtsoverschrijding of machtsafwending." Aldus oordelen de appelrechters dat het tijdsverloop eraan geen afbreuk doet dat omwille van het op het ogenblik van hun uitspraak geldende ruimtelijk structuurplan Vlaanderen op generlei wijze kan worden geregulariseerd zodat alsnog het herstel in de vorige staat moet worden bevolen. Hiermede verantwoorden de appelrechters hun beslissing naar recht. Het onderdeel kan niet worden aangenomen. Tweede onderdeel
- Het onderdeel voert schending aan van artikel 6.1 EVRM, artikel 14.3.c IVBPR, artikel 149 Grondwet, artikel 21ter Voorafgaande Titel Wetboek van Strafvordering en de artikelen 146 en 149 Stedenbouwdecreet 1999: met een verkeerde verwijzing naar het arrest H. laten de appelrechters het voorkomen dat voldaan is aan de in het EVRM vervatte beperkingsgronden, terwijl er wat betreft artikel 6.1 EVRM geen beperkingsgronden gelden.
- De appelrechters oordelen niet dat er beperkingsgronden gelden voor artikel 6.1 EVRM, zij beoordelen enkel de concrete gevolgen die te deze aan een schending van deze verdragsbepaling moet worden verleend. Het onderdeel mist feitelijke grondslag. Tweede middel
- Het middel voert schending aan van de artikelen 97, 161 en 191 Stedenbouwdecreet 1999: de appelrechters oordelen ten onrechte dat de verplichting tot inschrijving van de dagvaarding voor de correctionele rechtbank in het vergunningenregister van de gemeente waar het onroerend goed gelegen is, pas geldt vanaf het ogenblik dat er daadwerkelijk een vergunningenregister bestaat.
- Naast de motivering die het middel bekritiseert oordelen de appelrechters eveneens: "terecht oordeelde de eerste rechter dat de niet-inschrijving in het gemeentelijk vergunningenregister niet de onontvankelijkheid van de strafvordering meebracht bij gebreke aan sanctionering en bij gebreke aan schending van de rechten van de beklaagde daardoor." Deze motivering, die het middel niet bij zijn kritiek betrekt, schraagt de beslissing. Het middel dat opkomt tegen een overtollige reden, is niet ontvankelijk. Derde middel
- Het middel voert schending aan van artikel 26, § 2, 2°, tweede lid, Bijzondere Wet Arbitragehof en de artikelen 142 en 149 Grondwet: de appelrechters weigeren onterecht een prejudiciële vraag te stellen aan het Grondwettelijk Hof op grond van de onjuiste reden dat ondanks de verplicht op te stellen ruimtelijke uitvoeringsplannen de gewestplanbestemming niet achterhaald is; bijgevolg moet de prejudiciële vraag worden gesteld.
- Behoudens toepassing van de regeling bepaald in artikel 172 Stedenbouwdecreet 1999, blijven de bestemmingsvoorschriften van de geldende gewestplannen van kracht zolang zij niet door een ruimtelijk uitvoeringsplan worden gewijzigd. In zoverre het middel ervan uitgaat dat de bestemmingsvoorschriften van de gewestplannen geen rechtskracht meer hebben, faalt het naar recht.
- De appelrechters oordelen dat uit het ruimtelijk structuurplan Vlaanderen niet kan worden afgeleid dat de bestemming van het kwestieuze perceel tot natuurgebied in het nog steeds verordenend gewestplan achterhaald zou zijn. In zoverre het middel ervan uitgaat dat de appelrechters hun oordeel laten steunen op onjuiste en voorbijgestreefde feitelijke gegevens, komt het op tegen deze beoordeling in feite en vergt het een onderzoek van feiten waarvoor het Hof niet bevoegd is. In zoverre is het middel niet ontvankelijk. Prejudiciële vraag
- Daar de prejudiciële vraag deels steunt op een verkeerde rechtsopvatting, deels op een grond van niet ontvankelijkheid dat niet ontleend is aan een norm die zelf het onderwerp uitmaakt van het verzoek tot het stellen van de prejudiciële vraag, hoeft deze laatste niet te worden gesteld. Ambtshalve onderzoek van de beslissing over de strafvordering
- De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser tot de kosten. Begroot de kosten op 46,07 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Edward Forrier, als voorzitter, afdelingsvoorzitter Luc Huybrechts, en de raadsheren Etienne Goethals, Jean-Pierre Frère en Paul Maffei, en op de openbare rechtszitting van 27 oktober 2009 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Edward Forrier, in aanwezigheid van advocaat-generaal Patrick Duinslaeger, met bijstand van afgevaardigd griffier Véronique Kosynsky. PDF document ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20091027.4 Gerelateerde publicatie(s) geciteerd door: ECLI:BE:CALIE:2012:ARR.20120326.5 ECLI:BE:CASS:2012:CONC.20121212.7 ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.202.865 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div