id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 17 november 2009 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20091117.6 Rolnummer: P.09.1539.N Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Strafrecht Invoerdatum: 2009-12-02 Raadplegingen: 436 - laatst gezien 2026-07-02 21:03 Versie(s): Vertaling FR Fiche Behoudens de door de Koning bepaalde uitzonderingen is de strafuitvoeringsrechtbank bevoegd voor de veroordeelden die gedetineerd zijn in de strafinrichtingen in het rechtsgebied van het hof van beroep waarin hij gevestigd is, en blijft hij bevoegd voor elke beslissing tot op het ogenblik van de definitieve invrijheidstelling, wat inhoudt dat om bevoegd te blijven, de strafuitvoeringsrechtbank, overeenkomstig zijn op het ogenblik van de eerste adiëring geldende territoriale bevoegdheid, reeds uitspraak heeft gedaan over een strafuitvoeringsmodaliteit; indien dit niet het geval is, zal enkel die strafuitvoeringsrechtbank bevoegd zijn die op het ogenblik van het indienen van het verzoek van de veroordeelde of van het advies van de gevangenisdirecteur, territoriaal bevoegd is. Thesaurus CAS: STRAFUITVOERING UTU-thesaurus: STRAFRECHT - TENUITVOERLEGGING VAN DE STRAFFEN - Externe rechtspositie veroordeelden - Algemeen Vrije woorden: Strafuitvoeringsrechtbank - Territoriale bevoegdheid - Behoud van bevoegdheid tot bij de definitieve invrijheidstelling - Voorwaarde Wettelijke bepalingen: Gerechtelijk Wetboek - 10-10-1967 - Art. 635, eerste lid Tekst van de beslissing Nr. P.09.1539.N M. Z. veroordeelde tot een vrijheidsstraf, eiser, met als raadsman mr. Jürgen Millen, advocaat bij de balie te Tongeren. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis van de strafuitvoeringsrechtbank te Gent van 19 oktober
- De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan. Raadsheer Paul Maffei heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Marc Timperman heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Middel
- Het middel voert schending aan van artikel 1 van het koninklijk besluit van 12 december 2008 tot wijziging van het koninklijk besluit van 29 januari 2007 tot vaststelling van de territoriale bevoegdheid van de strafuitvoeringsrechtbanken: de eiser is aangehouden in de gevangenis te Hasselt zodanig dat de strafuitvoeringsrechtbank te Antwerpen bevoegd is.
- Artikel 635, eerste lid, Gerechtelijk Wetboek bepaalt dat de strafuitvoeringsrechtbanken bevoegd zijn voor de veroordeelden die gedetineerd zijn in de strafinrichtingen in het rechtsgebied van het hof van beroep waarin zij gevestigd zijn, behoudens de door de Koning bepaalde uitzonderingen. Hetzelfde artikel, eerste lid, bepaalt in fine dat die strafuitvoeringsrechtbank bevoegd blijft voor elke beslissing tot op het ogenblik van de definitieve invrijheidstelling. Die laatste bepaling houdt in dat om bevoegd te blijven, de strafuitvoeringsrechtbank overeenkomstig haar op het ogenblik van de eerste adiëring geldende territoriale bevoegdheid reeds uitspraak heeft gedaan over een strafuitvoeringsmodaliteit. Indien dit niet het geval is, zal enkel die strafuitvoeringsrechtbank bevoegd zijn die op het ogenblik van het indienen van het verzoek van de veroordeelde of van het advies van de gevangenisdirecteur, territoriaal bevoegd is.
- Artikel 1 van het voormelde koninlijk besluit van 29 januari 2007, in de hier toepasbare versie in werking getreden op 1 februari 2009, bepaalt dat de strafuitvoeringsrechtbank in het rechtsgebied van het hof van beroep te Antwerpen bevoegd is voor de veroordeelden die gedetineerd zijn in de strafinrichtingen te Antwerpen, Hoogstraten, Merksplas, Turnhout, Wortel, Hasselt en Mechelen.
- Zowel op het ogenblik dat de zaak aanhangig gemaakt is als op het ogenblik dat het bestreden vonnis is gewezen, was de eiser gedetineerd in de strafinrichting te Hasselt en was het voormelde koninklijk besluit in werking. De strafinrichting te Antwerpen is bijgevolg bevoegd.
- Het bestreden vonnis is gewezen door de strafuitvoeringsrechtbank te Gent en oordeelt dat die rechtbank bevoegd is. Aldus is de beslissing niet naar recht verantwoord. Het middel is gegrond. Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden vonnis. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het vernietigde vonnis. Laat de kosten ten laste van de Staat. Verwijst de zaak naar de strafuitvoeringsrechtbank te Antwerpen. Begroot de kosten op 42,50 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Edward Forrier, als voorzitter, afdelingsvoorzitter Luc Huybrechts, en de raadsheren Paul Maffei, Luc Van hoogenbemt en Geert Jocqué, en op de openbare rechtszitting van 17 november 2009 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Edward Forrier, in aanwezigheid van advocaat-generaal Marc Timperman, met bijstand van afgevaardigd griffier Véronique Kosynsky. PDF document ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20091117.6 Gerelateerde publicatie(s) geciteerd door: ECLI:BE:CASS:2015:CONC.20150902.8 ECLI:BE:CASS:2017:CONC.20170208.2 ECLI:BE:CASS:2018:CONC.20180425.2 zie ook recenter: ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20091201.1 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div