← België

ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20091124.9

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 24 november 2009 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2

Overschrijding van de redelijke termijn - Gevolg Thesaurus CAS: ONDERZOEKSGERECHTEN UTU-thesaurus: STRAFRECHT - OPSPORING - ONDERZOEK - Gerechtelijk onderzoek - Onderzoeksdaden - Algemeen STRAFRECHT - OPSPORING - ONDERZOEK - Gerechtelijk onderzoek - Toezicht door Kamer inbeschuldigingstelling GRENSOVERSCHRIJDEND RECHT - MENSENRECHTEN - EVRM - Rechten - vrijheden - Eerlijk proces - art. 6 - Redelijke termijn Vrije woorden:

Artikel 6.1 E.V.R.M.

- Redelijke termijn - Overschrijding - Gevolg Thesaurus CAS: ONDERZOEK IN STRAFZAKEN UTU-thesaurus: STRAFRECHT - OPSPORING - ONDERZOEK - Gerechtelijk onderzoek - Onderzoeksdaden - Algemeen STRAFRECHT - OPSPORING - ONDERZOEK - Gerechtelijk onderzoek - Toezicht door Kamer inbeschuldigingstelling GRENSOVERSCHRIJDEND RECHT - MENSENRECHTEN - EVRM - Rechten - vrijheden - Eerlijk proces - art. 6 - Redelijke termijn Vrije woorden: Onderzoeksgerechten -

Artikel 6.1 E.V.R.M.

- Redelijke termijn - Overschrijding - Gevolg Fiches 7 - 9 Het onderzoeksgerecht heeft niet de bevoegdheid om louter omwille van de overschrijding van de redelijke termijn het verval van de strafvordering uit te spreken waarbij de burgerlijke rechtsvordering zonder meer wordt ter zijde geschoven

(1).
(1)Zie conclusie O.M. Thesaurus CAS: RECHTEN VAN DE MENS - VERDRAG RECHTEN VAN DE MENS - Artikel 6 - Artikel 6.1 UTU-thesaurus: STRAFRECHT - OPSPORING - ONDERZOEK - Gerechtelijk onderzoek - Onderzoeksdaden - Algemeen STRAFRECHT - OPSPORING - ONDERZOEK - Gerechtelijk onderzoek - Toezicht door Kamer inbeschuldigingstelling GRENSOVERSCHRIJDEND RECHT - MENSENRECHTEN - EVRM - Rechten - vrijheden - Eerlijk proces - art. 6 - Redelijke termijn Vrije woorden: Redelijke termijn - Onderzoeksgerechten -

Overschrijding van de redelijke termijn - Verval van de strafvordering Thesaurus CAS: ONDERZOEKSGERECHTEN UTU-thesaurus: STRAFRECHT - OPSPORING - ONDERZOEK - Gerechtelijk onderzoek - Onderzoeksdaden - Algemeen STRAFRECHT - OPSPORING - ONDERZOEK - Gerechtelijk onderzoek - Toezicht door Kamer inbeschuldigingstelling GRENSOVERSCHRIJDEND RECHT - MENSENRECHTEN - EVRM - Rechten - vrijheden - Eerlijk proces - art. 6 - Redelijke termijn Vrije woorden:

Artikel 6.1 E.V.R.M.

- Redelijke termijn - Overschrijding - Verval van de strafvordering Thesaurus CAS: ONDERZOEK IN STRAFZAKEN UTU-thesaurus: STRAFRECHT - OPSPORING - ONDERZOEK - Gerechtelijk onderzoek - Onderzoeksdaden - Algemeen STRAFRECHT - OPSPORING - ONDERZOEK - Gerechtelijk onderzoek - Toezicht door Kamer inbeschuldigingstelling GRENSOVERSCHRIJDEND RECHT - MENSENRECHTEN - EVRM - Rechten - vrijheden - Eerlijk proces - art. 6 - Redelijke termijn Vrije woorden: Onderzoeksgerechten -

Artikel 6.1 E.V.R.M.

- Redelijke termijn - Overschrijding - Verval van de strafvordering Fiches 10 - 12 Wanneer het onderzoeksgerecht oordeelt dat de overschrijding van de redelijke termijn de bewijsvoering en het recht van verdediging van de verdachte ernstig en onherstelbaar heeft aangetast, zodat geen eerlijk strafproces en beoordeling van de burgerlijke rechtsvordering meer mogelijk is en hij van rechtsvervolging wordt ontslagen, moet het preciseren tegen welke bewijsmiddelen en waarom de verdachte zich niet meer behoorlijk zou kunnen verdedigen; deze motivering moet het Hof toelaten te toetsen of de kamer van inbeschuldigingstelling wettig heeft kunnen oordelen, zoals zij dat heeft gedaan

(1).
(1)Zie conclusie O.M. Thesaurus CAS: RECHTEN VAN DE MENS - VERDRAG RECHTEN VAN DE MENS - Artikel 6 - Artikel 6.1 UTU-thesaurus: STRAFRECHT - OPSPORING - ONDERZOEK - Gerechtelijk onderzoek - Onderzoeksdaden - Algemeen STRAFRECHT - OPSPORING - ONDERZOEK - Gerechtelijk onderzoek - Toezicht door Kamer inbeschuldigingstelling GRENSOVERSCHRIJDEND RECHT - MENSENRECHTEN - EVRM - Rechten - vrijheden - Eerlijk proces - art. 6 - Redelijke termijn Vrije woorden: Redelijke termijn - Onderzoeksgerechten -

Overschrijding van de redelijke termijn - Ontslag van rechtsvervolging - Voorwaarden - Motivering - Doel Thesaurus CAS: ONDERZOEKSGERECHTEN UTU-thesaurus: STRAFRECHT - OPSPORING - ONDERZOEK - Gerechtelijk onderzoek - Onderzoeksdaden - Algemeen STRAFRECHT - OPSPORING - ONDERZOEK - Gerechtelijk onderzoek - Toezicht door Kamer inbeschuldigingstelling GRENSOVERSCHRIJDEND RECHT - MENSENRECHTEN - EVRM - Rechten - vrijheden - Eerlijk proces - art. 6 - Redelijke termijn Vrije woorden:

Artikel 6.1 E.V.R.M.

- Redelijke termijn - Overschrijding - Ontslag van rechtsvervolging - Voorwaarden - Motivering - Doel Thesaurus CAS: ONDERZOEK IN STRAFZAKEN UTU-thesaurus: STRAFRECHT - OPSPORING - ONDERZOEK - Gerechtelijk onderzoek - Onderzoeksdaden - Algemeen STRAFRECHT - OPSPORING - ONDERZOEK - Gerechtelijk onderzoek - Toezicht door Kamer inbeschuldigingstelling GRENSOVERSCHRIJDEND RECHT - MENSENRECHTEN - EVRM - Rechten - vrijheden - Eerlijk proces - art. 6 - Redelijke termijn Vrije woorden: Onderzoeksgerechten -

Artikel 6.1 E.V.R.M.

- Redelijke termijn - Overschrijding - Ontslag van rechtsvervolging - Voorwaarden - Motivering - Doel Fiches 13 - 21 Conclusie van advocaat-generaal TIMPERMAN. Thesaurus CAS: RECHTEN VAN DE MENS - VERDRAG RECHTEN VAN DE MENS - Artikel 6 - Artikel 6.1 UTU-thesaurus: STRAFRECHT - OPSPORING - ONDERZOEK - Gerechtelijk onderzoek - Onderzoeksdaden - Algemeen STRAFRECHT - OPSPORING - ONDERZOEK - Gerechtelijk onderzoek - Toezicht door Kamer inbeschuldigingstelling GRENSOVERSCHRIJDEND RECHT - MENSENRECHTEN - EVRM - Rechten - vrijheden - Eerlijk proces - art. 6 - Redelijke termijn Vrije woorden: Redelijke termijn - Onderzoeksgerecht -

Overschrijding van de redelijke termijn - Gevolg Thesaurus CAS: ONDERZOEKSGERECHTEN UTU-thesaurus: STRAFRECHT - OPSPORING - ONDERZOEK - Gerechtelijk onderzoek - Onderzoeksdaden - Algemeen STRAFRECHT - OPSPORING - ONDERZOEK - Gerechtelijk onderzoek - Toezicht door Kamer inbeschuldigingstelling GRENSOVERSCHRIJDEND RECHT - MENSENRECHTEN - EVRM - Rechten - vrijheden - Eerlijk proces - art. 6 - Redelijke termijn Vrije woorden:

Artikel 6.1 E.V.R.M.

- Redelijke termijn - Overschrijding - Gevolg Thesaurus CAS: ONDERZOEK IN STRAFZAKEN UTU-thesaurus: STRAFRECHT - OPSPORING - ONDERZOEK - Gerechtelijk onderzoek - Onderzoeksdaden - Algemeen STRAFRECHT - OPSPORING - ONDERZOEK - Gerechtelijk onderzoek - Toezicht door Kamer inbeschuldigingstelling GRENSOVERSCHRIJDEND RECHT - MENSENRECHTEN - EVRM - Rechten - vrijheden - Eerlijk proces - art. 6 - Redelijke termijn Vrije woorden: Onderzoeksgerechten -

Artikel 6.1 E.V.R.M.

- Redelijke termijn - Overschrijding - Gevolg Thesaurus CAS: RECHTEN VAN DE MENS - VERDRAG RECHTEN VAN DE MENS - Artikel 6 - Artikel 6.1 UTU-thesaurus: STRAFRECHT - OPSPORING - ONDERZOEK - Gerechtelijk onderzoek - Onderzoeksdaden - Algemeen STRAFRECHT - OPSPORING - ONDERZOEK - Gerechtelijk onderzoek - Toezicht door Kamer inbeschuldigingstelling GRENSOVERSCHRIJDEND RECHT - MENSENRECHTEN - EVRM - Rechten - vrijheden - Eerlijk proces - art. 6 - Redelijke termijn Vrije woorden: Redelijke termijn - Onderzoeksgerechten -

Overschrijding van de redelijke termijn - Verval van de strafvordering Thesaurus CAS: ONDERZOEKSGERECHTEN UTU-thesaurus: STRAFRECHT - OPSPORING - ONDERZOEK - Gerechtelijk onderzoek - Onderzoeksdaden - Algemeen STRAFRECHT - OPSPORING - ONDERZOEK - Gerechtelijk onderzoek - Toezicht door Kamer inbeschuldigingstelling GRENSOVERSCHRIJDEND RECHT - MENSENRECHTEN - EVRM - Rechten - vrijheden - Eerlijk proces - art. 6 - Redelijke termijn Vrije woorden:

Artikel 6.1 E.V.R.M.

- Redelijke termijn - Overschrijding - Verval van de strafvordering Thesaurus CAS: ONDERZOEK IN STRAFZAKEN UTU-thesaurus: STRAFRECHT - OPSPORING - ONDERZOEK - Gerechtelijk onderzoek - Onderzoeksdaden - Algemeen STRAFRECHT - OPSPORING - ONDERZOEK - Gerechtelijk onderzoek - Toezicht door Kamer inbeschuldigingstelling GRENSOVERSCHRIJDEND RECHT - MENSENRECHTEN - EVRM - Rechten - vrijheden - Eerlijk proces - art. 6 - Redelijke termijn Vrije woorden: Onderzoeksgerechten -

Artikel 6.1 E.V.R.M.

- Redelijke termijn - Overschrijding - Verval van de strafvordering Thesaurus CAS: RECHTEN VAN DE MENS - VERDRAG RECHTEN VAN DE MENS - Artikel 6 - Artikel 6.1 UTU-thesaurus: STRAFRECHT - OPSPORING - ONDERZOEK - Gerechtelijk onderzoek - Onderzoeksdaden - Algemeen STRAFRECHT - OPSPORING - ONDERZOEK - Gerechtelijk onderzoek - Toezicht door Kamer inbeschuldigingstelling GRENSOVERSCHRIJDEND RECHT - MENSENRECHTEN - EVRM - Rechten - vrijheden - Eerlijk proces - art. 6 - Redelijke termijn Vrije woorden: Redelijke termijn - Onderzoeksgerechten -

Overschrijding van de redelijke termijn - Ontslag van rechtsvervolging - Voorwaarden - Motivering - Doel Thesaurus CAS: ONDERZOEKSGERECHTEN UTU-thesaurus: STRAFRECHT - OPSPORING - ONDERZOEK - Gerechtelijk onderzoek - Onderzoeksdaden - Algemeen STRAFRECHT - OPSPORING - ONDERZOEK - Gerechtelijk onderzoek - Toezicht door Kamer inbeschuldigingstelling GRENSOVERSCHRIJDEND RECHT - MENSENRECHTEN - EVRM - Rechten - vrijheden - Eerlijk proces - art. 6 - Redelijke termijn Vrije woorden:

Artikel 6.1 E.V.R.M.

- Redelijke termijn - Overschrijding - Ontslag van rechtsvervolging - Voorwaarden - Motivering - Doel Thesaurus CAS: ONDERZOEK IN STRAFZAKEN UTU-thesaurus: STRAFRECHT - OPSPORING - ONDERZOEK - Gerechtelijk onderzoek - Onderzoeksdaden - Algemeen STRAFRECHT - OPSPORING - ONDERZOEK - Gerechtelijk onderzoek - Toezicht door Kamer inbeschuldigingstelling GRENSOVERSCHRIJDEND RECHT - MENSENRECHTEN - EVRM - Rechten - vrijheden - Eerlijk proces - art. 6 - Redelijke termijn Vrije woorden: Onderzoeksgerechten -

Artikel 6.1 E.V.R.M.

- Redelijke termijn - Overschrijding - Ontslag van rechtsvervolging - Voorwaarden - Motivering - Doel Tekst van de beslissing Nr. P.09.1080.N I PROCUREUR-GENERAAL BIJ HET HOF VAN BEROEP TE GENT, eiser, tegen H. R. A. S inverdenkinggestelde, verweerder, met als raadslieden mr. Betty Hoste, advocaat bij de balie te Kortrijk en mr. Luc Arnou, advocaat bij de balie te Brugge. II

  1. BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de minister van Financiën, voor wie optreedt de BTW Brugge, met kantoor te 8000 Brugge, Katelijnestraat 7, burgerlijke partij,
  2. BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de minister van Financiën, voor wie optreedt de Directe Belastingen Brugge, met kantoor te 8000 Brugge, Diepestraat 4, burgerlijke partij, eisers, met als raadsman mr. Francis Werbrouck, advocaat bij de balie te Kortrijk, tegen H. R. A. S. inverdenkinggestelde, verweerder; met als raadsman mr. Betty Hoste, advocaat bij de balie te Kortrijk en mr. Luc Arnou, advocaat bij de balie te Brugge. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF De cassatieberoepen zijn gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Gent, kamer van inbeschuldigingstelling, van 2 juni
  3. De eiser I voert in een verzoekschrift drie middelen aan. De eisers II voeren geen middel aan. Afdelingsvoorzitter Luc Huybrechts heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Marc Timperman heeft geconcludeerd. II. VOORAFGAANDE RECHTSPLEGING De verweerder werd door de onderzoeksrechter te Kortrijk in verdenking gesteld voor: - A. valsheid in geschrifte en gebruik van valse stukken, - B. misbruik van vertrouwen, - C. witwassen, - D. namaak stempel en gebruik. Afgezien van het gebruik van valse stukken zouden alle feiten gepleegd zijn vóór
  4. De raadkamer van de rechtbank van eerste aanleg te Kortrijk verklaarde bij beschikking van 13 februari 2009 de strafvordering vervallen wegens overschrijding van de redelijke termijn. De procureur des Konings stelde hoger beroep in op 19 februari 2009 en de burgerlijke partijen op 2 maart
  5. Het bestreden arrest overweegt: "Overschrijding van de redelijke termijn. De onderzoeksgerechten zijn bevoegd om de redelijke termijn te onderzoeken, termijn die begint te lopen vanaf het ogenblik dat een verdachte op een ernstige wijze wordt betrokken bij een onderzoek van feiten die hem ten laste worden gelegd. Ter zake volgt uit het onderzoek door het hof, kamer van inbeschuldigingstelling, dat de inverdenkinggestelde minstens reeds naar aanleiding van diverse huiszoekingen einde 1996, onder meer bij hem thuis en in zijn aanwezigheid, wist dat er een onderzoek lastens hem werd gevoerd met betrekking tot de feiten die hem ten laste werden gelegd. Vanaf dit ogenblik begon de redelijke termijn ook te lopen gezien de inverdenkinggestelde vanaf dat ogenblik in het verweer werd geduwd. Vanaf de aanvang van het dossier eind 1996 tot eind 2000 kende het onderzoek een normaal en diligent verloop. Van 2001 tot 2004 lag het dossier volledig stil, buiten de wil van de onderzoeksrechter en volledig vreemd aan enige gedraging van de inverdenkinggestelde. Onbetwistbaar is er daardoor een abnormaal niet te verantwoorden vertraging in het dossier waardoor thans, anno 2009, dient vastgesteld dat de redelijke termijn manifest overschreden is. Deze overschrijding is van aard de normale rechten van verdediging van de inverdenkinggestelde op onherroepelijke wijze te schenden. De mogelijkheid voor de inverdenkinggestelde om een eerlijk en loyaal debat te voeren is zowel naar de elementen ten laste, als ten ontlaste totaal onmogelijk geworden. Dit geldt niet alleen voor het onderzoek met betrekking tot de feiten die het voorwerp zijn van inbreuken op de Belgische strafwetgeving maar des te meer met de gedenonceerde feiten. De abnormale lange duur om de denonciatie en de bijhorende stukken van een ‘deftige', zelfs begrijpbare vertaling te voorzien - wat slechts gebeurde naar aanleiding van de behandeling voor raadkamer - heeft tot gevolg dat de inverdenkinggestelde zich onmogelijk op een passende wijze over de tenlasteleggingen die uit de denonciatie volgen kon/kan verdedigen, laat staan zich er nog in rechte op kan verdedigen, en elementen ten ontlaste kan verzamelen (het betreft immers feiten bij samenhang te Slowakije in de periode van 1 januari 1993 tot en met 31 december 2000, laatste feit gebeurlijk reeds ruim 9 jaar geleden). Ook voor de feiten in België kan deze redenering grotendeels worden aangehouden. De overschrijding van de redelijke termijn brengt niet het verval van de strafvordering met zich, zoals de bestreden beschikking beslist doch laat die niet langer toe. Wat voorafgaat wordt weerlegd noch ontkracht door de hiermee strijdige argumenten ontwikkeld in de hier aangehechte schriftelijke vordering van de procureur-generaal en die niet van aard zijn het hof, kamer van inbeschuldigingstelling tot een andere beslissing te doen komen." Het bestreden arrest verklaart hierop de strafvordering niet langer toelaatbaar en gelast de onmiddellijke stopzetting ervan en verklaart zich onbevoegd op burgerlijk gebied. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Ambtshalve middel Geschonden wettelijke bepalingen - artikel 21ter Voorafgaande Titel Wetboek van Strafvordering; - de artikelen 128, eerste lid, artikel 129, eerste lid, en 130 Wetboek van Strafvordering.
  6. Overeenkomstig artikel 130 Wetboek van Strafvordering moet het onderzoeksgerecht dat geroepen wordt de rechtspleging te regelen, wanneer blijkt dat het misdrijf strafbaar is met correctionele straffen, de verdachte of inverdenkinggestelde naar de correctionele rechtbank verwijzen behoudens het geval bedoeld in artikel 129, eerste lid, van hetzelfde wetboek. Overeenkomstig die laatste wetsbepaling moet het onderzoeksgerecht, wanneer het van oordeel is dat het feit dat de verdachte of inverdenkingstelde wordt ten laste gelegd, slechts een overtreding of een van de in artikel 138 Wetboek van Strafvordering bedoelde wanbedrijven is, hem naar de politierechtbank verwijzen. Overeenkomstig artikel 128, eerste lid, van hetzelfde wetboek ten slotte verklaart de raadkamer, indien zij van oordeel is dat het feit noch een misdaad, noch een wanbedrijf, noch een overtreding oplevert, dat er geen reden is tot vervolging. Deze wetsbepalingen laten het onderzoeksgerecht toe vrij te oordelen of er bezwaren bestaan en of deze bezwaren al dan niet de verwijzing van de inverdenkinggestelde naar het vonnisgerecht of diens buitenvervolgingstelling verantwoorden.
  7. Geen enkele verdragrechtelijke of wettelijke bepaling stelt dat de overschrijding van de redelijke termijn bedoeld in artikel 6.1 EVRM de niet-ontvankelijkheid of het verval van de strafvordering voor gevolg heeft. De rechter beoordeelt welke het passende rechtsherstel is. Artikel 6.1 EVRM verhindert niet dat het interne recht de mogelijke gevolgen bepaalt welke een overschrijding van de redelijke termijn kan meebrengen, op voorwaarde dat die wettelijke gevolgen daadwerkelijk rechtsherstel voor de beklaagde kunnen inhouden. Het komt de rechter toe het bepaalde wettelijke gevolg te kiezen dat in de zaak passend is.
  8. In de interne Belgische rechtsorde regelt artikel 21ter Voorafgaande Titel Wetboek van Strafvordering de mogelijke gevolgen bij overschrijding van de redelijke termijn. Dit wetsartikel bepaalt dat bij overschrijding van de redelijke termijn de rechter de veroordeling bij eenvoudige schuldigverklaring of een straf uitspreekt die lager is dan de minimumstraf; wanneer de veroordeling bij eenvoudige schuldigverklaring wordt uitgesproken, wordt de betrokkene veroordeeld in de kosten en, zo daartoe aanleiding bestaat tot teruggave; ten slotte wordt ook de bijzondere verbeurdverklaring uitgesproken.
  9. Artikel 21ter Voorafgaande Titel Wetboek van Strafvordering houdt in beginsel in dat niet het onderzoeksgerecht, maar het vonnisgerecht beoordeelt welk van de mogelijke wettelijke gevolgen aan de overschrijding van de redelijke termijn moet wordt verleend. Bovendien is het vonnisgerecht overeenkomstig artikel 4 Voorafgaande Titel Wetboek van Strafvordering alleen bevoegd recht te doen over de op de telastlegging gestoelde burgerlijke rechtsvordering.
  10. Het onderzoeksgerecht dat beslist over de regeling van de rechtspleging, kan nochtans ook over de overschrijding van de redelijke termijn oordelen. Alleen wanneer het oordeelt dat de overschrijding van de redelijke termijn de bewijsvoering en het recht van verdediging van de verdachte ernstig en onherstelbaar heeft aangetast, zodat geen eerlijk strafproces en beoordeling van de burgerlijke rechtsvordering meer mogelijk is, kan het hem van rechtsvervolging ontslaan. Aldus wordt de verdachte overeenkomstig artikel 13 EVRM daadwerkelijke rechtshulp geboden om het vonnisgerecht en eventueel, onder de hierboven vermelde beperking, door het onderzoeksgerecht een miskenning van zijn recht op een proces binnen redelijke termijn te doen vaststellen.
  11. Het onderzoeksgerecht heeft evenwel niet de bevoegdheid om louter omwille van de overschrijding van de redelijke termijn het verval van de strafvordering uit te spreken waarbij dan nog de burgerlijke rechtsvordering zonder meer wordt ter zijde geschoven. Wanneer het onderzoeksgerecht oordeelt dat de overschrijding van de redelijke termijn de bewijsvoering en het recht van verdediging van de verdachte ernstig en onherstelbaar heeft aangetast, zodat geen eerlijk strafproces en beoordeling van de burgerlijke rechtsvordering meer mogelijk is en hij van rechtsvervolging wordt ontslagen, moet het preciseren tegen welke bewijsmiddelen en waarom de verdachte zich niet meer behoorlijk zou kunnen verdedigen. Deze motivering moet het Hof toelaten te toetsen of de kamer van inbeschuldigingstelling wettig heeft kunnen oordelen, zoals zij dat heeft gedaan.
  12. Het bestreden arrest kan niet wettig oordelen over de mogelijkheid voor de verweerder om een loyaal debat te voeren zowel naar de elementen ten laste, als ten ontlaste, zonder te preciseren welke bewijsmiddelen het bedoelt en waarom het verweer daartegen totaal onmogelijk zou zijn geworden, en kan vervolgens niet wettig de strafvordering niet langer toelaatbaar verklaren, de stopzetting ervan te gelasten en zich onbevoegd verklaren op burgerlijk gebied. Middelen van de eiser
  13. De middelen van de eiser die niet tot ruimere cassatie kunnen leiden behoeven geen verder antwoord. Er is in dit verband evenmin aanleiding tot het stellen van enige prejudiciële vraag aan het Grondwettelijk Hof. Dictum Het Hof, Vernietigt op het cassatieberoep van de eiser I het bestreden arrest. Verwerpt het cassatieberoep van de eisers II. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het vernietigde arrest. Laat de kosten ten laste van de Staat. Verwijst de zaak naar het hof van beroep te Gent, kamer van inbeschuldigingstelling, anders samengesteld. Begroot de kosten in het geheel op 230,67 euro waarvan op het cassatieberoep I 294,32 euro verschuldigd is en op het cassatieberoep II 39,18 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Edward Forrier, als voorzitter, afdelingsvoorzitter Luc Huybrechts, en de raadsheren Paul Maffei, Luc Van hoogenbemt en Geert Jocqué, en op de openbare rechtszitting van 24 november 2009 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Edward Forrier, in aanwezigheid van advocaat-generaal Patrick Duisnlaeger, met bijstand van afgevaardigd griffier Conny Van de Mergel. PDF document ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20091124.9 Gerelateerde publicatie(s) Conclusie O.M.: ECLI:BE:CASS:2009:CONC.20091124.9 geciteerd door: ECLI:BE:CASS:2010:CONC.20100915.2 ECLI:BE:CASS:2010:CONC.20101006.4 ECLI:BE:CASS:2010:CONC.20101027.3 ECLI:BE:CASS:2011:CONC.20111130.5 ECLI:BE:CASS:2012:CONC.20121113.1 ECLI:BE:CASS:2012:CONC.20121212.7 ECLI:BE:CASS:2017:CONC.20170719.7 ECLI:BE:CASS:2020:CONC.20200407.2N.1 ECLI:BE:CASS:2023:CONC.20230117.2N.3 ECLI:BE:GHCC:2010:ARR.016 ECLI:BE:GHCC:2010:ARR.051 ECLI:BE:GHCC:2010:ARR.092 ECLI:BE:HBGNT:2010:ARR.20100503.6 precedenten: ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20091027.3 zie ook recenter: ECLI:BE:CASS:2012:ARR.20120605.6 ECLI:BE:CASS:2012:ARR.20120626.10 ECLI:BE:CASS:2016:ARR.20160301.1 ECLI:BE:CASS:2024:ARR.20240918.2F.11 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.