← België

ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20091208.5

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 08 december 2009 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20091208.5 Rolnummer: P.09.1139.N Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Strafrecht Invoerdatum: 2009-12-22 Raadplegingen: 186 - laatst gezien 2026-07-02 20:45 Versie(s): Vertaling FR Fiche De stuiting van de verjaring heeft betrekking op de zaak zelf en geldt voor alle daders van hetzelfde feit, al waren ze in feite vreemd aan de daad van onderzoek of van vervolging en al worden ze pas later en zelfs afzonderlijk vervolgd

(1).
(1)R. DECLERCQ, Beginselen van strafrechtspleging, Kluwer, Mechelen, 2007, nr.
  1. Thesaurus CAS: VERJARING - STRAFZAKEN - Strafvordering - Stuiting UTU-thesaurus: STRAFRECHT - VOORAFGAANDE TITEL Sv. - Verval van de strafvordering - Verjaring - Stuiting Tekst van de beslissing Nr. P.09.1139.N J. C. F. C. H. beklaagde, eiser, met als raadsman mr. Ewoud De Vidts, advocaat bij de balie te Dendermonde. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis in hoger beroep van de correctionele rechtbank te Dendermonde van 23 juni
  2. De eiser voert in een verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, drie middelen aan. Afdelingsvoorzitter Edward Forrier heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Marc Timperman heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Eerste middel
  3. Het middel voert schending aan van artikel 68 Wegverkeerswet en artikel 22 Voorafgaande Titel Wetboek van Strafvordering: de appelrechters oordelen onterecht dat de dagvaarding van N. H. op 19 augustus 2008 een akte is die verjaring ten aanzien van de eiser stuit.
  4. De stuiting van de verjaring heeft betrekking op de zaak zelf. Ze geldt voor alle daders van hetzelfde feit, al waren ze in feite vreemd aan de daad van onderzoek of van vervolging en al worden ze pas later en zelfs afzonderlijk vervolgd. Het middel dat van een andere rechtsopvatting uitgaat, faalt naar recht. Tweede middel
  5. Het middel voert schending aan van artikel 14.5 IVBPR, alsmede miskenning van het recht op een eerlijk proces en van het recht van verdediging: de eiser is nooit ondervraagd en werd nooit in kennis gesteld van het aanvankelijk proces-verbaal met inlichtingenformulier.
  6. Het middel vraagt een onderzoek van feiten waarvoor het Hof niet bevoegd is. Het middel is niet ontvankelijk. Derde middel
  7. Het middel voert schending aan van artikel 5, tweede lid, Strafwetboek: de eiser wordt ten laste gelegd wetens en willens te hebben gehandeld zonder dat hij ooit werd ondervraagd en zonder dat dit op objectieve gronden is af te leiden uit het strafdossier.
  8. Het middel komt op tegen de beoordeling van de feiten door de rechter of het vraagt een onderzoek van feiten, waarvoor het Hof niet bevoegd is. Het middel is niet ontvankelijk. Ambtshalve onderzoek van de beslissing op de strafvordering
  9. De sub¬stan¬tiële of op straffe van nietigheid voor¬ge¬schre¬ven rechts¬vormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser in de kosten. Begroot de kosten op 69,66 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Edward Forrier, als voorzitter, afdelingsvoorzitter Luc Huybrechts, en de raadsheren Etienne Goethals, Jean-Pierre Frère en Paul Maffei, en op de openbare rechtszitting van 8 december 2009 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Edward Forrier, in aanwezigheid van advocaat-generaal Marc Timperman, met bijstand van griffier Frank Adriaensen. PDF document ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20091208.5 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.