← België

ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20091229.1

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 29 december 2009 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20091229.1 Rolnummer: P.09.1830.N Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Strafrecht Invoerdatum: 2010-01-12 Raadplegingen: 189 - laatst gezien 2026-07-02 20:54 Versie(s): Vertaling FR Fiches 1 - 2 De uiteenzetting van de Nederlandse Officier van justitie, waaruit blijkt dat de voorlopige hechtenis naar Nederlands recht en rekening houdend met de specifieke omstandigheden van de zaak verlengd werd op basis van het vonnis van de arrondissementsrechtbank, is een uitvoerbare titel van voorlopige hechtenis die deel uitmaakt van het genoemde vonnis, zodat het Europees aanhoudingsbevel hierop wordt gesteund. Thesaurus CAS: UITLEVERING UTU-thesaurus: STRAFRECHT - AANHOUDINGSBEVEL - EUROPEES Vrije woorden: Europees aanhoudingsbevel - Tenuitvoerlegging van een Europees aanhoudingsbevel, uitgaande van een andere Lidstaat - Uitvoerbare titel Wettelijke bepalingen: Wet - 19-12-2003 - Art. 2, § 4, 3° - 32 ELI link Pub nr 2003009950 Thesaurus CAS: EUROPEES AANHOUDINGSBEVEL UTU-thesaurus: STRAFRECHT - AANHOUDINGSBEVEL - EUROPEES Vrije woorden: Tenuitvoerlegging van een Europees aanhoudingsbevel, uitgaande van een andere Lidstaat - Uitvoerbare titel Wettelijke bepalingen: Wet - 19-12-2003 - Art. 2, § 4, 3° - 32 ELI link Pub nr 2003009950 Tekst van de beslissing Nr. P.09.1830.N G G M, gedetineerd krachtens een Europees aanhoudingsbevel, eiser, met als raadsman mr. John Maes, advocaat bij de balie te Antwerpen. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Antwerpen, kamer van inbeschuldigingstelling, van 15 december

  1. De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan. Raadsheer Luc Van hoogenbemt heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Jean-Marie Genicot heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Middel
  2. Het middel voert schending aan van artikel 2, § 4, 3°, Wet Europees Aanhoudingsbevel en artikel 149 Grondwet, evenals miskenning van het recht van verdediging: het veroordelend vonnis waarvan opgave wordt gedaan in het Europees aanhoudingsbevel van 12 mei 2008, is niet uitvoerbaar gelet op de schorsende werking van het door de eiser ingestelde hoger beroep; de kamer van inbeschuldigingstelling oordeelt ten onrechte dat het haar niet toekomt de praktische gevolgen van het ingestelde rechtsmiddel in de uitvaardigende Staat te beoordelen; er wordt verder geen opgave gedaan van een aanhoudingsbevel of van enige andere uitvoerbare rechterlijke beslissing met dezelfde rechtskracht.
  3. In zoverre het middel schending aanvoert van artikel 149 Grondwet zonder te vermelden waarin het motiveringsgebrek bestaat, is het wegens onnauwkeurigheid niet ontvankelijk.
  4. Artikel 2, § 4, 3°, Wet Europees Aanhoudingsbevel bepaalt dat het Europees aanhoudingsbevel de opgave bevat van het bestaan van een uitvoerbaar vonnis, van een aanhoudingsbevel of van enige andere uitvoerbare rechterlijke beslissing met dezelfde rechtskracht in het kader van het toepassingsgebied van deze bepaling.
  5. De appelrechters stellen vast dat: - het Europees aanhoudingsbevel uitgevaardigd werd op grond van een vonnis van de arrondissementsrechtbank te Amsterdam van 15 april 2008 dat de eiser veroordeelt tot een gevangenisstraf van zeven jaar; - tegen dit vonnis door de eiser hoger beroep werd ingesteld; - de eiser in Nederland ontsnapt is uit het huis van bewaring op 12 mei 2008; - tegen de eiser "nog steeds een uitvoerbare titel van hechtenis [bestaat], zoals blijkt uit de door het openbaar ministerie bijgebrachte stukken, meer bepaald de uiteenzetting van de Officier van Justitie, Mevrouw J.F. de Boer, d.d. 10 december 2010 (lees: 2009). Naar Nederlands recht werd lastens (de eiser) de voorlopige hechtenis verlengd op basis van genoemd vonnis van de arrondissementsrechtbank van Amsterdam van 15 april 2008 en dit voor de duur van 60 dagen overeenkomstig artikel 66 lid 2 van het Nederlands Wetboek van Strafvordering. Die termijn blijft van kracht tot dat 60 dagen na de dag van de einduitspraak zijn verstreken. Bovendien wordt die termijn geschorst gedurende de tijd dat betrokkene zich aan de verdere tenuitvoerlegging onttrekt of uit anderen hoofde rechtens van zijn vrijheid is beroofd". Zij oordelen dat die uitvoerbare titel van voorlopige hechtenis deel uitmaakt van het genoemde vonnis van 15 april 2008 zodat het Europees aanhoudingsbevel hierop wordt gesteund.
  6. In zoverre het middel aanvoert dat er geen opgave gedaan wordt van een aanhoudingsbevel of van enige andere uitvoerbare rechterlijke beslissing met dezelfde rechtskracht, mist het feitelijke grondslag.
  7. Die grond draagt de beslissing dat het Europees aanhoudingsbevel voldoet aan de vormvoorwaarden van artikel 2, § 4, 3°, Wet Europees Aanhoudingsbevel. Op grond hiervan bevelen de appelrechters wettig dat het Europees aanhoudingsbevel ten uitvoer wordt gelegd. Het middel kan in zoverre niet worden aangenomen. Ambtshalve onderzoek
  8. De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser in de kosten. Begroot de kosten op 72,80 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Edward Forrier, als voorzitter, afdelingsvoorzitters Luc Huybrechts en Frédéric Close, en de raadsheren Luc Van hoogenbemt en Benoît Dejemeppe, en op de openbare rechtszitting van 29 december 2009 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Edward Forrier, in aanwezigheid van advocaat-generaal Jean-Marie Genicot, met bijstand van griffier Frank Adriaensen. PDF document ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20091229.1 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.