← België

ECLI:BE:CASS:2009:CONC.20090119.1

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Conclusie van het Openbaar Ministerie van 19 januari 2009 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2009:CONC.20090119.1 Rolnummer: C.07.0575.N Kamer: 3N - derde kamer Rechtsgebied: Burgerlijk recht - Overige Invoerdatum: 2009-02-04 Raadplegingen: 296 - laatst gezien 2026-07-03 01:17 Vonnis/arrest: ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20090119.1 Fiches 1 - 3 De verrijking is niet zonder oorzaak, wanneer de vermogensverschuiving haar oorsprong vindt in de eigen wil van de verarmde

(1).
(1)Zie de conclusie van het O.M. Thesaurus CAS: VERRIJKING ZONDER OORZAAK UTU-thesaurus: BURGERLIJK RECHT - VERBINTENISSENRECHT- ALGEMENE BEGINSELEN - Oneigenlijke contracten - Verrijking zonder oorzaak Vrije woorden: Vordering de in rem verso - Verrijking zonder oorzaak - Eigen wil van de verarmde Wettelijke bepalingen: Algemeen rechtsbeginsel oud Burgerlijk Wetboek - Art. 1236 Vrije woorden: Eigen wil van de verarmde Wettelijke bepalingen: Algemeen rechtsbeginsel oud Burgerlijk Wetboek - Art. 1236 Thesaurus CAS: VORDERING IN RECHTE UTU-thesaurus: BURGERLIJK RECHT - VERBINTENISSENRECHT- ALGEMENE BEGINSELEN - Oneigenlijke contracten - Verrijking zonder oorzaak Vrije woorden: Actio de in rem verso - Vermogensverschuiving zonder oorzaak - Eigen wil van de verarmde Wettelijke bepalingen: Algemeen rechtsbeginsel oud Burgerlijk Wetboek - Art. 1236 Fiches 4 - 6 Conclusie van advocaat-generaal MORTIER. Thesaurus CAS: VERRIJKING ZONDER OORZAAK UTU-thesaurus: BURGERLIJK RECHT - VERBINTENISSENRECHT- ALGEMENE BEGINSELEN - Oneigenlijke contracten - Verrijking zonder oorzaak Vrije woorden: Vordering de in rem verso - Verrijking zonder oorzaak - Eigen wil van de verarmde Eigen wil van de verarmde Thesaurus CAS: VORDERING IN RECHTE UTU-thesaurus: BURGERLIJK RECHT - VERBINTENISSENRECHT- ALGEMENE BEGINSELEN - Oneigenlijke contracten - Verrijking zonder oorzaak Vrije woorden: Actio de in rem verso - Vermogensverschuiving zonder oorzaak - Eigen wil van de verarmde Tekst van de conclusie C.07.0575.N Advocaat-generaal Mortier heeft in substantie gezegd:
  1. Situering Eiser was bestuurder van de NV Graphicolor. Op een bepaald ogenblik ging de NV over tot betaling van een persoonlijke belastingsschuld van eiser aan de belastingadministratie, dit teneinde de gedwongen verkoop van de inboedel van eiser te voorkomen. In 1998 werd eiser ontslagen wegens onregelmatigheden. Een aantal maanden later werd de NV failliet verklaard. De curatoren vorderden de terugbetaling van de door de NV betaalde bedragen op grond van vermogensverschuiving zonder oorzaak. De appelrechters stellen vast dat verweerders de bewijzen voorbrengen dat de NV de betalingen aan de gerechtsdeurwaarder heeft verricht ter ontlasting van de persoonlijke schuld van eiser en dit om de gedwongen verkoop die door de gerechtsdeurwaarder namens de fiscus werd gepland alsnog af te wenden. De appelrechters oordelen dat door deze terbeschikkingstelling van gelden de NV noch een eigen schuld heeft willen betalen, noch uit vrijgevigheid heeft gehandeld, maar slechts hulp heeft willen bieden aan eiser met de vanzelfsprekende gedachte dat deze de voorgeschoten gelden zou terugbetalen. De appelrechters nemen aan dat verweerders terecht beroep doen op de vermogensverschuiving zonder oorzaak aangezien aan de terbeschikkingstelling van deze gelden geen oorzaak ten grondslag lag, maar een loutere hulpvaardigheid vanwege de NV. Door deze terbeschikkingstelling werd de NV verarmd en de eiser verrijkt. Eiser voert in het enig middel aan dat de appelrechters niet wettig tot dit besluit konden komen, nu de verrijking zonder oorzaak de afwezigheid van iedere oorzaak onderstelt, niet enkel een juridische maar evenmin een economische, morele of andere oorzaak. Nu zij stellen dat de NV heeft gehandeld uit hulpvaardigheid, nemen zij aan dat er een oorzaak voorlag.
  2. Bespreking. Uit de door de appelrechters vastgestelde gegevens blijkt dat de NV Graphicolor op eigen initiatief de persoonlijke schuld die eiser had ten opzichte van de belastingsadministratie heeft betaald. De NV heeft dit ongevraagd en op eigen initiatief gedaan, met de uitdrukkelijke en niet betwiste reden om de gedwongen verkoop van de inboedel van eiser te voorkomen. De handelwijze van de NV vindt steun in het bepaalde in artikel 1236 B.W. volgens hetwelk een verbintenis kan voldaan worden door ieder die daarbij belang heeft, gelijk een medeschuldenaar of een borg. De verbintenis kan zelfs voldaan worden door een derde die daarbij geen belang heeft, mits die derde in naam en tot kwijting van de schuldenaar handelt of mits hij, handelend in eigen naam, niet in de rechten van de schuldeiser gesteld wordt. De NV die volledig vreemd is aan de verbintenis die eiser had ten opzichte van de belastingen kan beschouwd worden als een derde, die bij die verbintenis geen belang had en handelde in eigen naam. Verweerders doen,als curatoren van de NV, beroep op de "actio de in rem verso" of de "vermogensverschuiving zonder oorzaak" om terugbetaling van het door hen voorgeschoten bedrag te bekomen. De leer van de "vermogensverschuiving zonder oorzaak" steunt op de gedachte dat waardeverschuivingen tussen vermogens steeds een rechtvaardiging behoeven. Toevallige of gratuite wijzigingen moeten zoveel als mogelijk vermeden worden. Vermogensverschuivingen worden dan ook slechts aanvaard wanneer er een bestaansreden aan ten grondslag ligt (E. Dirix, "Ongerechtvaardigde verrijking in drie-partijen verhoudingen, TPR, 1981, 1023 en volgende; De Page, III, nr. 403- 407.). Om de actio de in rem verso te kunnen stellen moet de verrijking van de ene partij, die zowel kan bestaan in het verwerven van een voordeel als in de bevrijding van een last, correleren met de verarming van de andere partij, maar deze vermogensverschuiving moet zonder oorzaak zijn. Eiser wijst er in het middel terecht op dat deze oorzaak niet strikt beperkt blijft tot een juridische oorzaak, maar dat hiermee gedoeld wordt op welke oorzaak dan ook, weze het een contractuele, wettelijke of natuurlijke verbintenis of zelfs de eigen wil van de verarmde. In de meeste gevallen vindt de vermogensverschuiving plaats tussen twee partijen, de verrijkte en de verarmde, die tegenover elkaar staan. In voorliggende zaak is dit niet helemaal het geval. Hier vindt de vermogensverschuiving plaats via een derde vermogen om. Eiser was schuldenaar ten opzichte van de belastingsadministratie. Verweerder heeft evenwel de schuld van eiser betaald in handen van de belastingsadministratie ter voldoening van eisers schuld. Door deze betaling wordt eiser bevrijd van zijn schuld ten opzichte van de belastingsadministratie. Wat is het gevolg van deze operatie voor verweerder? Kan hij al dan niet tegen eiser terugbetaling vorderen op grond van vermogensverschuiving zonder oorzaak? Indien verweerder een belanghebbende derde zou zijn, kan hij op grond van artikel 1251,3° BW genieten van een wettelijke subrogatie. Ingevolge dit artikel geschiedt indeplaatsstelling van rechtswege ten voordele van hem die, met anderen of voor anderen tot betaling van een schuld gehouden zijnde, er belang bij had deze te voldoen. Maar aangenomen werd dat verweerder geen belanghebbende derde in voormelde zin was, zodat hij niet gesubrogeerd wordt in de rechten van de schuldeiser maar hem een eigen verhaalsrecht ten opzichte van eiser als oorspronkelijke schuldenaar toekomt. De aard en de strekking van dit recht op verhaal wordt bepaald door de relatie die er bestond tussen eiser en verweerder. Meer bepaald is het van belang te weten met welke wil verweerder is opgetreden. Indien verweerder de "animus donandi" had, de bedoeling had het geld aan eiser te schenken, als liberaliteit, dan is er voor verweerder geen verhaalsrecht. Indien verweerder presteerde met de "animus solvendi", dus enkel met de bedoeling te betalen, maar niet met de bedoeling te schenken als liberaliteit, kan verweerder zich steunen op de "actio de in rem verso" om terugbetaling te verkrijgen van eiser. In beide gevallen ligt dus een eigen initiatief, een eigen wil van de verarmde aan de basis van de betaling, maar slechts in het tweede geval zal beroep kunnen gedaan worden op de vermogensverschuiving zonder oorzaak. De appelrechters oordelen dat door de terbeschikkingstelling van gelden de NV noch een eigen schuld heeft willen betalen, noch uit vrijgevigheid heeft gehandeld, maar slechts hulp heeft willen bieden aan eiser met de vanzelfsprekende gedachte dat deze de voorgeschoten gelden zou terugbetalen. Zij nemen aan dat verweerders terecht beroep doen op de vermogensverschuiving zonder oorzaak aangezien aan de terbeschikkingstelling van deze gelden geen oorzaak ten grondslag lag, maar een loutere hulpvaardigheid vanwege de NV. Met deze overwegingen nemen zij aan dat geen donandi causa voorhanden was, maar verweerder enkel een animus solvendi had. Zij hebben dan ook hun beslissing dat verweerders hun vordering op de vermogensverschuiving zonder oorzaak konden steunen, naar recht verantwoord. Het middel kan niet aangenomen worden. Conclusie: VERWERPING ARREST Gerelateerde publicatie(s) Vonnis/arrest: ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20090119.1 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.