id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 11 februari 2010 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20100211.2 Rolnummer: C.08.0542.N Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Constitutioneel recht Invoerdatum: 2010-03-04 Raadplegingen: 653 - laatst gezien 2026-07-02 21:23 Versie(s): Vertaling FR Conclusie O.M.: ECLI:BE:CASS:2010:CONC.20100211.2 Fiche 1 De nieuwe wet is niet alleen van toepassing op toestanden die na haar inwerkingtreding ontstaan, maar ook op de toekomstige gevolgen van onder de vroegere wet ontstane toestanden, die zich voordoen of die voortduren onder vigeur van de nieuwe wet, voor zover die toepassing geen afbreuk doet aan reeds onherroepelijk vastgelegde rechten
(1).
(1)Zie de conclusie van het O.M. Thesaurus CAS: WETTEN. DECRETEN. ORDONNANTIES. BESLUITEN - WERKING IN DE TIJD EN IN DE RUIMTE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - WETTEN, DECRETEN, ORDONNANTIES, BESLUITEN - Werking in de tijd en in de ruimte Vrije woorden: Werking in de tijd - Draagwijdte Wettelijke bepalingen: oud Burgerlijk Wetboek - Art. 2 Fiche 2 Behoudens wanneer de toestand van de belastingplichtige definitief is geworden, is een nieuwe wet die de voorwaarden wijzigt waaronder het bestuur een vervangende of een subsidiaire aanslag kan vestigen, vanaf de datum van haar inwerkingtreding van toepassing op de aanslagen die na een vernietiging door het bestuur of door de rechter opnieuw kunnen worden gevestigd, zelfs indien de belastingschuld reeds ontstaan was voor de inwerkingtreding van de nieuwe wet
(1).
(1)Zie de conclusie van het O.M. Thesaurus CAS: WETTEN. DECRETEN. ORDONNANTIES. BESLUITEN - WERKING IN DE TIJD EN IN DE RUIMTE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - WETTEN, DECRETEN, ORDONNANTIES, BESLUITEN - Werking in de tijd en in de ruimte Vrije woorden: Fiscale wet - Wet die de voorwaarden wijzigt waaronder een vervangende of subsidiaire aanslag kan worden gevestigd - Werking in de tijd Wettelijke bepalingen: oud Burgerlijk Wetboek - Art. 2 Wet - 26-03-1971 - Art. 35quinquiesdecies, § 4 Fiches 3 - 4 Conclusie van advocaat-generaal THIJS. Thesaurus CAS: WETTEN. DECRETEN. ORDONNANTIES. BESLUITEN - WERKING IN DE TIJD EN IN DE RUIMTE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - WETTEN, DECRETEN, ORDONNANTIES, BESLUITEN - Werking in de tijd en in de ruimte Vrije woorden: Werking in de tijd - Draagwijdte Fiscale wet - Wet die de voorwaarden wijzigt waaronder een vervangende of subsidiaire aanslag kan worden gevestigd - Werking in de tijd Tekst van de beslissing Nr. C.08.0542.N EXPORTSLACHTHUIS TIELT, naamloze vennootschap, met zetel te 8700 Tielt, Hoogserleistraat 1/3, eiseres, vertegenwoordigd door mr. Bruno Maes, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1000 Brussel, Central Plaza, Loksumstraat 25, waar de eiseres woonplaats kiest, tegen VLAAMSE MILIEUMAATSCHAPPIJ, vertegenwoordigd door de ambtenaar van de dienst heffingen, belast met invordering van de heffing op de waterverontreiniging, met kantoor te 9320 Aalst, Alfons Van de Maelestraat 96, verweerster, vertegenwoordigd door mr. Huguette Geinger, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1000 Brussel, Quatre Brasstraat 6, waar de verweerster woonplaats kiest. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen een arrest, op 10 juni 2008 gewezen door het hof van beroep te Gent. Raadsheer Eric Stassijns heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Dirk Thijs heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDEL De eiseres voert in haar verzoekschrift een middel aan. Het verzoekschrift is aan dit arrest gehecht. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling
- Het arrest doet uitspraak over een geschil met betrekking tot de heffing inzake waterverontreiniging voor het heffingsjaar
- Het hof van beroep te Gent beval bij arrest van 15 februari 2005 de herberekening van de heffing. De verweerster ging daarop over tot de herberekening van de heffing en tot de invordering ervan.
- Het middel berust op de veronderstelling dat artikel 355 WIB92, zoals van kracht voor de inwerkingtreding van de wet van 15 maart 1999 betreffende de beslechting van fiscale geschillen, toepasselijk is op onderhavig geschil.
- Krachtens artikel 2 van het Burgerlijk Wetboek beschikt de wet alleen voor het toekomende en heeft zij geen terugwerkende kracht. De nieuwe wet is niet alleen van toepassing op toestanden die na haar inwerkingtreding ontstaan, maar ook op de toekomstige gevolgen van onder de vroegere wet ontstane toestanden, die zich voordoen of die voortduren onder vigeur van de nieuwe wet, voor zover die toepassing geen afbreuk doet aan reeds onherroepelijk vastgelegde rechten.
- Behoudens wanneer de toestand van de belastingplichtige definitief is geworden, is een nieuwe wet die de voorwaarden wijzigt waaronder het bestuur een vervangende of een subsidiaire aanslag kan vestigen, vanaf de datum van haar inwerkingtreding van toepassing op de aanslagen die na een vernietiging door het bestuur of door de rechter opnieuw kunnen worden gevestigd, zelfs indien de belastingschuld reeds ontstaan was voor de inwerkingtreding van de nieuwe wet.
- Op het ogenblik dat het hof van beroep van Gent op 15 februari 2005 besliste over de initiële aanslag, bepaalde artikel 35quinquiesdecies, §4, van de Oppervlaktewaterenwet, zoals vervangen door artikel 12 van het decreet van 22 december 2000 houdende bepalingen tot begeleiding van de begroting 2001, de voorwaarden waaronder het bestuur kon overgaan tot het vestigen van een subsidiaire aanslag. Krachtens het te dezen toepasselijke artikel 35quinquiesdecies, §4, eerste lid, van de Oppervlaktewaterenwet, kan de verweerster, zelfs buiten de termijn gesteld in artikel 35terdecies, §1 en §2 van die wet, wanneer tegen een beslissing van de in paragraaf 2 bedoelde ambtenaar beroep is aangetekend en het gerecht de aanslag geheel of ten dele nietig verklaart om een andere reden dan verjaring, een subsidiaire aanslag op naam van dezelfde heffingsplichtige en op grond van alle of een deel van dezelfde heffingselementen als de oorspronkelijke aanslag, ter beoordeling voorleggen aan het gerecht dat uitspraak doet over dat verzoek.
- Het middel dat berust op de veronderstelling dat artikel 355 WIB92 te dezen van toepassing is, faalt naar recht. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiseres in de kosten. De kosten zijn begroot op de som van 514,02 euro jegens de eisende partij en op de som van 314,74 euro jegens de verwerende partij. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit voorzitter Ivan Verougstraete, als voorzitter, en de raadsheren Paul Maffei, Eric Stassijns, Alain Smetryns en Geert Jocqué, en in openbare terechtzitting van 11 februari 2010 uitgesproken door voorzitter Ivan Verougstraete, in aanwezigheid van advocaat-generaal Dirk Thijs, met bijstand van griffier Johan Pafenols. PDF document ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20100211.2 Gerelateerde publicatie(s) Conclusie O.M.: ECLI:BE:CASS:2010:CONC.20100211.2 geciteerd door: ECLI:BE:CASS:2012:CONC.20120426.2 ECLI:BE:CASS:2013:CONC.20130503.1 ECLI:BE:CASS:2021:CONC.20210521.1N.4 ECLI:BE:CASS:2021:CONC.20210916.1N.4 ECLI:BE:CTBRL:2011:ARR.20110316.5 ECLI:BE:GHCC:2011:ARR.081 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div