← België

ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20100323.3

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 23 maart 2010 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2010

Artikel 6

.1 - Voorbereidend onderzoek - Verhoor - Eerste verhoor door de politie - Recht op bijstand van een advocaat - Miskenning - Bekentenis - Eerlijke behandeling van de zaak Thesaurus CAS: ONDERZOEK IN STRAFZAKEN UTU-thesaurus: GRENSOVERSCHRIJDEND RECHT - MENSENRECHTEN - EVRM - Algemeen (mensenrechten - EVRM) Vrije woorden: Verdrag Rechten van de Mens - Artikel 6.3,

Artikel 6

.1 - Voorbereidend onderzoek - Verhoor - Eerste verhoor door de politie - Recht op bijstand van een advocaat - Miskenning - Bekentenis - Eerlijke behandeling van de zaak Thesaurus CAS: ADVOCAAT UTU-thesaurus: GRENSOVERSCHRIJDEND RECHT - MENSENRECHTEN - EVRM - Algemeen (mensenrechten - EVRM) Vrije woorden: Onderzoek in strafzaken - Verdrag Rechten van de Mens - Artikel 6.3,

Artikel 6

.1 - Voorbereidend onderzoek - Verhoor - Eerste verhoor door de politie - Recht op bijstand van een advocaat - Miskenning - Bekentenis - Eerlijke behandeling van de zaak Fiches 4 - 6 Noch de artikelen 6.1 en 6.3, c E.V.R.M., noch artikel 235bis Wetboek van Strafvordering, ontnemen de onderzoeksgerechten die uitspraak moeten doen over de eventuele handhaving van de voorhechtenis, de rechtsmacht te onderzoeken of de aangevoerde schending van aard is het voeren van een eerlijk proces te verhinderen

(1).
(1)Cass., 29 dec. 2009, AR P.09.1826.F ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20091229.2, A.C., 2009, nr. ...; Cass., 13 jan. 2010, AR P.09.1908.F ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20100113.4, A.C., 2009, nr. ... met conclusie advocaat-generaal Vandermeersch; Cass., 24 feb. 2010, AR P.10.0298.F ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20100224.4, A.C., 2010, nr. ... Thesaurus CAS: RECHTEN VAN DE MENS - VERDRAG RECHTEN VAN DE MENS - Artikel 6 - Artikel 6.3 UTU-thesaurus: GRENSOVERSCHRIJDEND RECHT - MENSENRECHTEN - EVRM - Algemeen (mensenrechten - EVRM) Vrije woorden: Artikel 6.3,

Artikel 6

.1 - Voorbereidend onderzoek - Verhoor - Eerste verhoor door de politie - Recht op bijstand van een advocaat - Miskenning - Bekentenis - Voorlopige hechtenis - Eerlijke behandeling van de zaak - Onderzoeksgerechten - Beoordelingsbevoegdheid Thesaurus CAS: ONDERZOEKSGERECHTEN UTU-thesaurus: GRENSOVERSCHRIJDEND RECHT - MENSENRECHTEN - EVRM - Algemeen (mensenrechten - EVRM) Vrije woorden: Verdrag Rechten van de Mens - Artikel 6.3,

Artikel 6

.1 - Voorbereidend onderzoek - Verhoor - Eerste verhoor door de politie - Recht op bijstand van een advocaat - Miskenning - Bekentenis - Voorlopige hechtenis - Eerlijke behandeling van de zaak - Onderzoeksgerechten - Beoordelingsbevoegdheid Thesaurus CAS: VOORLOPIGE HECHTENIS - HANDHAVING UTU-thesaurus: GRENSOVERSCHRIJDEND RECHT - MENSENRECHTEN - EVRM - Algemeen (mensenrechten - EVRM) Vrije woorden: Verdrag Rechten van de Mens - Artikel 6.3,

Artikel 6

.1 - Voorbereidend onderzoek - Verhoor - Eerste verhoor door de politie - Recht op bijstand van een advocaat - Miskenning - Bekentenis - Voorlopige hechtenis - Eerlijke behandeling van de zaak - Onderzoeksgerechten - Beoordelingsbevoegdheid Fiches 7 - 8 Het interne recht voorziet nog altijd niet in de aanwezigheid van een advocaat bij het politieverhoor; de artikelen 28quinquies en 57, § 1, Wetboek van Strafvordering verplichten tot de geheimbewaring van het opsporingsonderzoek en van het gerechtelijk onderzoek

(1).
(1)Cass., 29 dec. 2009, AR P.09.1826.F ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20091229.2, A.C., 2009, nr. ...; Cass., 13 jan. 2010, AR P.09.1908.F ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20100113.4, A.C., 2009, nr. ... met conclusie advocaat-generaal Vandermeersch; Cass., 24 feb. 2010, AR P.10.0298.F ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20100224.4, A.C., 2010, nr. ... Thesaurus CAS: ONDERZOEK IN STRAFZAKEN UTU-thesaurus: GRENSOVERSCHRIJDEND RECHT - MENSENRECHTEN - EVRM - Algemeen (mensenrechten - EVRM) Vrije woorden: Aanwezigheid van een advocaat tijdens het politieverhoor - Geheim van het onderzoek Thesaurus CAS: ADVOCAAT UTU-thesaurus: GRENSOVERSCHRIJDEND RECHT - MENSENRECHTEN - EVRM - Algemeen (mensenrechten - EVRM) Vrije woorden: Onderzoek in strafzaken - Aanwezigheid tijdens het politieverhoor - Geheim van het onderzoek Tekst van de beslissing Nr. P.10.0474.N M. S., verdachte, gedetineerd, eiser, met als raadsman mr. Dries Pattyn, advocaat bij de balie van Brugge. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Gent, kamer van inbeschuldigingstelling, van 9 maart
  1. De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, vijf middelen aan. Afdelingsvoorzitter Etienne Goethals heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Marc Timperman heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Eerste middel Eerste onderdeel
  2. Het onderdeel voert schending aan van artikel 6 EVRM, de artikelen 10 en 11 Grondwet, artikel 235bis Wetboek van Strafvordering en artikel 30 Voorlopige Hechteniswet: in verband met de eventuele schuldaanwijzingen ter rechtvaardiging van de voorlopige hechtenis onderzoekt het bestreden arrest niet alleen prima facie maar ook ten gronde de regelmatigheid van de procedure, dit op grond van artikel 235bis Wetboek van Strafvordering zonder dat hierbij een medeverdachte werd gehoord en een debat op tegenspraak werd gevoerd.
  3. Anders dan het onderdeel aanvoert, oordelen de appelrechters niet met toepassing van artikel 235bis Wetboek van Strafvordering. Het onderdeel mist feitelijke grondslag. Tweede onderdeel
  4. Het onderdeel voert schending aan van artikel 5 EVRM, de artikelen 10 en 11 Grondwet, artikel 235bis Wetboek van Strafvordering en de artikelen 2, 16 en 30 Voorlopige Hechteniswet: de handelingen en stukken die zonder naleving van de vormvereisten van artikel 235bis Wetboek van Strafvordering regelmatig werden bevonden, kunnen geen ernstige aanwijzingen van schuld opleveren.
  5. Het onderdeel is geheel afgeleid uit het vergeefs aangevoerde eerste onderdeel dat het bestreden arrest artikel 235bis Wetboek van Strafvordering heeft geschonden. Het onderdeel is niet ontvankelijk. Tweede middel Tweede en derde onderdeel
  6. Het tweede onderdeel voert schending aan van artikel 6 EVRM, de artikelen 10, 11 en 149 Grondwet alsmede miskenning van het algemeen rechtsbeginsel van het recht van verdediging en het recht op een eerlijk proces: de appelrechters oordelen onterecht dat de verhoren zonder bijstand van een raadsman en zonder de eiser vooraf in te lichten van zijn rechten dienaangaande, regelmatig zijn. Het derde onderdeel voert schending aan van artikel 5 EVRM, de artikelen 10 en 11 Grondwet, artikel 235bis Wetboek van Strafvordering en de artikelen 2, 16 en 30 Voorlopige Hechteniswet: gelet op het onregelmatig verhoor van de eiser wegens afwezigheid van een raadsman, mochten de appelrechters daaruit geen ernstige schuldaanwijzingen afleiden om de voorlopige hechtenis van de eiser te handhaven.
  7. Anders dan de onderdelen aanvoeren, oordelen de appelrechters niet dat de verhoren van de politie en van de onderzoeksrechter regelmatig zijn. Zij oordelen alleen dat die verhoren niet uit het debat moeten worden geweerd daar te dezen de aangeklaagde onregelmatigheid niet voldoet aan de "Antigoon criteria" om deze bewijselementen uit te sluiten. In zoverre missen de onderdelen feitelijke grondslag.
  8. Overeenkomstig de thans geldende interpretatie van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens verplichten noch artikel 6.1 noch artikel 6.3.c EVRM de onderzoeksgerechten om op staande voet de opheffing te bevelen van de aanhouding van een persoon om de enkele reden dat nog vóór hij voor de onderzoeksrechter werd voorgeleid, hij door de politie werd verhoord en bekentenissen aflegde zonder dat hij vanaf zijn eerste verhoor de bijstand mocht krijgen van een advocaat. Voormelde verdragsbepalingen noch artikel 235bis Wetboek van Strafvordering ontnemen de onderzoeksgerechten die uitspraak moeten doen over de eventuele handhaving van de voorhechtenis, de rechtsmacht te onderzoeken of de aangevoerde schending van aard is het voeren van een eerlijk proces te verhinderen.
  9. De appelrechters oordelen dat in deze stand van de rechtspleging, het aangevoerde verzuim noch de regelmatigheid van het bewijs noch eisers recht op een eerlijk proces aantast. Zij oordelen eveneens dat het aanvankelijke proces-verbaal en de naar aanleiding van de rechtsgeldig bevonden huiszoeking aangetroffen zaken met betrekking tot die feiten in onderzoek, op zich reeds de ernstige aanwijzingen en schuldvermoedens vormen die, zelfs bij een stilzwijgen van de eiser, het afgeleverde aanhoudingsbevel wettigen. Met die redenen beantwoorden de appelrechters eisers conclusie en verantwoorden zij hun beslissing dat het aangevoerde verzuim eisers recht van verdediging noch recht op een eerlijk proces miskent, naar recht. In zoverre kunnen de onderdelen niet worden aangenomen. Eerste onderdeel Derde subonderdeel en vierde subonderdeel
  10. Het derde subonderdeel voert schending aan van artikel 6 EVRM, de artikelen 10 en 11 Grondwet, artikel 47bis Wetboek van Strafvordering, artikel 20, § 1, Voorlopige Hechteniswet, de artikelen 53 tot en met 70 van de basiswet van 12 januari 2005 betreffende het gevangeniswezen en de rechtspositie van de gedetineerden en artikel 92 van het koninklijk besluit van 21 mei 1965 houdende algemeen reglement van de strafinrichtingen: het bestreden arrest oordeelt onterecht dat de Belgische wetgever de bijstand van een advocaat bewust zou hebben uitgesloten. Het vierde subonderdeel voert schending aan van artikel 6 EVRM, de artikelen 10, 11 en 149 Grondwet alsmede miskenning van het recht van verdediging en van het recht op een eerlijk proces: bij hun beoordeling over de bewijsuitsluiting wegens de afwezigheid van een raadsman houden de appelrechters geen rekening met het opzettelijk onrechtmatig handelen van de overheid noch met de weerslag van deze onregelmatigheid op eisers zwijgrecht.
  11. Anders dan waarvan de subonderdelen uitgaan, voorziet het interne recht nog altijd niet in de aanwezigheid van een advocaat bij het politieverhoor. Dit volgt uit de artikelen 28quinquies en 57, § 1, Wetboek van Strafvordering die tot de geheimbewaring van het opsporingsonderzoek en van het gerechtelijk onderzoek verplichten. Een "opzettelijk onrechtmatig handelen" vanwege de verbalisanten of onderzoeksrechter is bijgevolg uitgesloten. De subonderdelen falen naar recht. Eerste subonderdeel en tweede subonderdeel
  12. Het eerste subonderdeel voert schending aan van artikel 6 EVRM, de artikelen 10 en 11 Grondwet, alsmede miskenning van de algemene rechtsbeginselen van het recht van verdediging en van het recht op een eerlijk proces: het bestreden arrest oordeelt onterecht dat de in België gangbare praktijk van politieverhoren zonder de bijstand van een raadsman ook na het Salduz-arrest van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens principieel in overeenstemming is met artikel 6 EVRM. Het tweede subonderdeel voert schending aan van artikel 6 EVRM, de artikelen 10 en 11 Grondwet, alsmede miskenning van de algemene rechtsbeginselen van het recht van verdediging en van het recht op een eerlijk proces: de dwingende redenen die het arrest aanhaalt om het recht van de eiser op de bijstand van een advocaat te beperken, zijn niet uitzonderlijk noch eigen aan de zaak; zij vormen bijgevolg geen "dwingende redenen" in de zin van artikel 6 EVRM; ongeacht het bezwarend karakter van de aldus verkregen verklaringen, is elke eerlijke procesgang definitief belemmerd.
  13. In zoverre de subonderdelen gericht zijn tegen overtollige redenen die niet tot cassatie kunnen leiden, zijn zij niet ontvankelijk. De subonderdelen zijn evenmin ontvankelijk in zoverre zij opkomen tegen de beoordeling in feite dat de aangevoerde onregelmatigheid eisers recht op een eerlijk proces niet belemmert. Derde middel in zijn geheel
  14. Het middel voert schending aan van de artikelen 5, 6, 8 en 13 EVRM, de artikelen 10, 11, 12, 15, 22 en 149 Grondwet, de artikelen 87 en 89bis Wetboek van Strafvordering, de artikelen 2, 16 en 30 Voorlopige Hechteniswet alsmede miskenning van het recht van verdediging en het recht op een eerlijk proces: het bestreden arrest dat beslist dat de onderzoekers niet verplicht zijn de bron van hun informatie vrij te geven, noch de wijze waarop, het tijdstip wanneer of de aanleiding waarom deze informatie werd verzameld, laat niet toe de regelmatigheid van deze informatievergaring, zelf grondslag tot het afleveren van het huiszoekingsbevel, te controleren (eerste onderdeel); de aldus onregelmatig uitgevoerde huiszoeking kan geen ernstige schuldaanwijzingen opleveren (tweede onderdeel).
  15. Verdachtmakingen zonder schijn van geloofwaardigheid behoeven geen openbaring van gegevens over de aanzet van een politieinformatie. De navolgende rechtsgang onder de leiding van een zelfstandige en onpartijdige rechter, wiens beslissingen enkel steunen op regelmatig overgelegde gegevens waarover de partijen tegenspraak hebben kunnen voeren, waarborgen voldoende het recht van verdediging van de verdachte en zijn recht op een eerlijk proces. In zoverre het middel van een andere rechtsopvatting uitgaat, faalt het naar recht.
  16. Met de redenen die ze vermelden (arrest, p. 7, ro 2), beantwoorden de appelrechters eisers conclusie en verantwoorden zij hun beslissing naar recht. Het middel kan in zoverre niet worden aangenomen. Vierde middel
  17. Het middel voert schending aan van artikel 5 EVRM, de artikelen 10, 11, 12 en 149 Grondwet en de artikelen 2, 16, 28 en 30 Voorlopige Hechteniswet: het bestreden arrest oordeelt onterecht dat het bevel tot aanhouding naar eis van recht gemotiveerd is; de motivering is stereotiep en niet geïndividualiseerd; bijgevolg mochten de appelrechters het bevel tot aanhouding niet verbeteren noch aanvullen.
  18. Met overname van de vordering van het openbaar ministerie oordelen de appelrechters dat uit het mandaat valt af te leiden op welke concrete feitelijke gronden de onderzoeksrechter het afleveren van een aanhoudingsmandaat noodzakelijk acht en dat deze gronden nog steeds bestaan. Het middel dat opkomt tegen deze beoordeling in feite, is niet ontvankelijk. Vijfde middel
  19. Het middel voert schending aan van de artikelen 5 en 6 EVRM; de artikelen 10, 11, 12 en 149 Grondwet, de artikelen 2, 16, 21, 22 en 30 Voorlopige Hechteniswet, alsmede het algemeen rechtsbeginsel van het recht van verdediging en van het recht op een eerlijk proces: het bestreden arrest ontzegt onterecht aan de eiser het recht tot inzage van het volledige dossier.
  20. In zoverre het middel aanvoert dat bepaalde stukken betreffende de aanhouding van een medeverdachte ontbreken alsook de daaropvolgend uitgevoerde onderzoeksdaden, verplicht het tot het onderzoek van feiten waarvoor het Hof niet bevoegd is. In zoverre is het middel niet ontvankelijk.
  21. Voor het overige ontzegt het bestreden arrest niet aan de eiser het recht om inzage van het volledig strafdossier, maar laat geen inzage toe in de onderzoeksopdrachten die de onderzoeksrechter uitschreef of in diens onderzoeksstrategie. Het middel mist in zoverre feitelijke grondslag. Ambtshalve onderzoek van de beslissing
  22. De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser in de kosten. Bepaalt de kosten op 79,07 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Edward Forrier, als voorzitter, afdelingsvoorzitter Etienne Goethals en de raadsheren Jean-Pierre Frère, Luc Van hoogenbemt en Filip Van Volsem, en op de openbare rechtszitting van 23 maart 2010 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Edward Forrier, in aanwezigheid van advocaat-generaal Marc Timperman, met bijstand van griffier Frank Adriaensen. PDF document ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20100323.3 Gerelateerde publicatie(s) geciteerd door: ECLI:BE:CASS:2010:CONC.20100505.1 ECLI:BE:CASS:2010:CONC.20100505.3 precedenten: ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20091229.2 ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20100113.4 ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20100224.4 zie ook recenter: ECLI:BE:CASS:2011:ARR.20110208.4 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.